De schaamteloze incompetentie van bankiers

03dec 2011december 2011
Ewald Engelen
Ewald Engelen

Het verhoor van ING-bankier Maarten van Eden legde volgens Ewald Engelen iets schokkends bloot. Bankiers zijn niet alleen arrogant, maar vooral stupide.

Het was een onthutsend verhoor, dat zich daar, in dat ongezellige Haagse peeskamertje, op die prachtige woensdagmiddag in november afspeelde. En op oud-bankier Peter Verhaar (in zijn verslag van de verhoren op Follow The Money) na was er niemand die uit het verhoor de juiste conclusies trok. Namelijk dat we nooit, maar dan ook nooit meer bankiers hun eigen buffers mogen laten uitrekenen.

Op 16 november, om half vier in de namiddag, was het de beurt aan de heer Van Eden, hoofd Capital Management van ING, om verhoord te worden door de Parlementaire Enquêtecommissie Financieel Stelsel. D66-Kamerlid Koser Kaya zou het woord voeren en het gesprek zou vooral gaan over de zogenaamde ALT A-portefeuille waar ING bijna aan ten onder is gegaan; een lot waarvan de belastingbetaler de bank met kapitaalinjecties van tien miljard euro en staatsgaranties ter waarde van een veelvoud daarvan gered heeft.

"Bedrijfsongeval"
Het gesprek (hier te zien op commissiedewit.nl) was op zijn zachtst gezegd koeltjes. Van Eden (niet al te slim, zich wentelend in vakjargon, fraaie aardappel in de keel en getooid met de hoornen bril en de zwierige dirigentenkuif die hoogculturele aandriften verrieden – een typisch Nederlands bankier dus) toonde zich geheel en al zijn arrogante zelf. De staatsteun werd door hem doodleuk aangeduid als "bedrijfsongeval", zijn medebankiers noemde hij "heuse entrepreneurs", en de beschuldiging van Koser Kaya dat ING met haar dunne buffers te veel risico liep, wierp hij verre van zich: ING voldeed aan alle kapitaaleisen en was begin 2008 zelfs overgekapitaliseerd. Volgens Van Eden stond ING onder druk van activistische beleggers om het eigen vermogen op de balans, die op dat moment meer dan twee keer het Nederlandse binnenlands product bedroeg, juist te verkleinen.

 


  Spelen met ING Direct op het Amerikaanse groene laken

Het minachtende "bedrijfsongeval" haalde alle kranten. Maar wat onderbelicht is gebleven is eigenlijk nog veel schokkender. Dat wijst namelijk niet op arrogantie van bankiers, maar op stupiditeit. Koser Kaya begon het verhoor met de simpele vraag of ING niet eerder had moeten zien aankomen dat haar portefeuille aan Amerikaanse hypotheekobligaties in waarde zou gaan dalen. Was het niet zo, meneer Van Eden, dat eind 2006, begin 2007 de eerste tekenen van een zware huizencrisis zich in de Verenigde Staten reeds aankondigden? En hier moet u dan een flinke stilte laten vallen om vervolgens ademloos te luisteren naar wat deze man, deze bankier, deze financieel deskundige, dit hoofd-Capital Management, deze man van miljoenenbonussen, antwoordt: Nee, mevrouw Koser Kaya, dat wisten wij niet, dat zagen wij niet aankomen, zo keken wij er niet naar.

Onthutsende bekentenis
Je hoeft alleen maar naar de tijdlijn van de crisis op de website van de Federal Reserve Bank van St. Louis te gaan om te beseffen dat wat deze bankier hier tentoonspreidt een stuitend brevet van onvermogen is. Eind 2006 vonden in de VS de eerste afwaarderingen op hypotheekobligaties plaats. Begin 2007 gingen de eerste hypotheekbanken failliet. Midden 2007 moest zakenbank Bear Stearns een tweetal beleggingsfondsen op de balans nemen die hadden gewed op hypotheekobligaties en in zwaar weer terecht waren gekomen. En dan heb ik het nog niet eens over de nerds die Michael Lewis in zijn fenomenale The Big Short beschrijft (hier een interview met Lewis), of over hedge fund-manager John Paulson die centraal staat in Gregory Zuckermans al even indrukwekkende The Greatest Trade Ever, die al in 2004 naarstig op zoek gingen naar mogelijkheden om te kunnen speculeren op dalende huizenprijzen, hypotheekbanken, hypotheekverpakkers en kopers van hypotheekobligaties. Maar de duurbetaalde bankiers van ING, die zichzelf hele "ondernemers" wanen en de kapitaalinjectie van de Nederlandse staat luchtigjes wegwuiven als een bedrijfsongevalletje – die bankiers hebben helemaal niets in de gaten gehad. Nee, mevrouw Koser Kaya, "zo keken wij er niet naar".

Dit is een onthutsende bekentenis omdat het bancaire toezicht nog altijd steunt op vertrouwen in het vermogen van bankiers om zelf de risico’s van hun beleggingen te beoordelen. In het laatste Overzicht Financiële Stabiliteit van De Nederlandsche Bank (zie onderstaande grafiek) staan op pagina 27 twee verrukkelijke grafieken. De linker toont de hoogte van bancaire buffers na risicoweging, de rechter voor risicoweging. In de linker grafiek hebben Nederlandse banken buffers van ruim tien procent, in de rechter van amper vier. Tien is prudent, vier is lichtzinnig.

 

Grafiek 1: Kapitaalbuffers in Europa (Bron: DNB Overzicht Financiele Stabiliteit November)

Het is het interne risicomanagement van banken die de lichtzinnige vier in een prudente tien moet transformeren. Dat was voor de crisis zo, en dat is na de crisis zo. Afgaand op wat ING’er Van Eden op die 15de november aan schaamteloze incompetentie tentoonspreidde is dat een recept voor rampspoed. En dan heb ik het nog niet eens over die vijf miljard euro gehad, die ING drie maanden voor de val van Lehman Brothers aan haar aandeelhouders retourneerde. We waren overgekapitaliseerd, ja ja…

Het is tijd om in actie te komen. In een wereld waar alles om geld draait, kunnen we alleen samen het verschil maken