De grote euro verdwijntruc

06jul 2012juli 2012
Roel Janssen
Roel Janssen

Gekke lui, die Britten. Altijd dol op prijsvragen om originele oplossingen voor ingewikkelde vraagstukken te vinden. Soms met verbluffend resultaat. Soms grappig. En soms pijnlijk.

Neem nou de euro. Een spraakmakend deel van Groot-Brittannië ziet daar niets in en voert via invloedrijke Britse financiële instellingen en media een guerrilla tegen de Europese munt.

 
Simon Wolfson is zo’n tegenstander van de euro. Hij is de eigenaar van de keten van de hippe kledingwinkels Next en hij heeft een prijsvraag uitgeschreven voor de beste manier om de eurozone op te breken. Deze ‘Lord Charles Wolfson Award’, vernoemd naar zijn grootvader, wordt aangeprezen als de belangrijkste prijs voor economen na de Nobelprijs voor economie. De prijs is deze week toegekend aan Roger Bootle, directeur van Capital Economics, een economisch onderzoeksbureau in Londen. Capital Economics is vergelijkbaar met Lombard Street Research, de consultancy firma die begin dit jaar het rapport schreef voor de PVV over de voordelen van uittreding van Nederland uit de eurozone. Dat rapport werd weggehoond
 
Het voorstel van Roger Bootle (link) is kinderlijk eenvoudig: na enkele maanden van voorbereidingen in het diepste geheim kondigt een land op een vrijdagavond aan uit de eurozone te stappen. Op maandagochtend 00.01 uur worden alle schulden, vorderingen, leningen, banktegoeden, lonen, prijzen, pensioen, kortom alles, één op één omgezet in de nieuwe munteenheid. Na enkele weken zijn de euro’s uit circulatie. De nieuwe munt keldert in koers ten opzichte van de euro. Buitenlandse crediteuren (overheden van de andere eurolanden) moeten een drastische afwaardering van hun vorderingen accepteren. Kapitaalcontroles om kapitaalvlucht en speculatiewinsten tegen te gaan zijn niet nodig, want het gebeurt allemaal razendsnel en in een weekeind.
 
Simpel, toch? 
 
Waar doet dit voorstel, waar Bootle 250.00 pond mee heeft gewonnen, aan denken? Aan de wijze waarop toenmalig bondskanselier Helmut Kohl in 1991 besloot dat de waardeloze Ostmarken van de DDR één op één in harde D-Marken omgezet werden. Dat had het omgekeerde perverse effect: de DDR verloor in één klap ieder concurrentievermogen en Duitsland zat jarenlang aan overdrachten van het rijke westen aan de arme Ossies vast. 
 
Roger Bootle
 
 
 
Het voorstel doet ook denken aan de wijze waarop Zuid-Amerikaanse landen in het verleden hun financiële problemen oplosten door de ene munt na de andere in te voeren. Hoge inflatie verdween als bij toverslag door nieuwe bankbiljetten uit te geven met minder nullen. Of met de opdruk ‘nieuwe peso’ op een oud bankbiljet. Of met een naamsverandering. In Brazilië volgden de cruzeiro, cruzeiro novo, cruzado, cruzado novo, opnieuw cruzeiro en cruzeiro real elkaar op. Pas met de invoering van de real kwam vanaf 1994 muntstabiliteit. Argentinië had de peso moneda, de peso ley, peso Argentina, austral, peso dollar en opnieuw de peso. Vanaf 1970 zijn dertien nullen van de munteenheid afgehaald.
 
In Duitsland noemt men voorstellen om de eurocrisis met simpele oplossingen aan te pakken Stammtisch-Ökonomie. In het Nederlands: borreltafelpraat.
 
Eurosceptici in Engeland of Nederland halen er hun gelijk mee binnen, maar zelfs Mark Rutte weet tegenwoordig dat het niet zo eenvoudig ligt. De oplossing van de eurocrisis vergt geen simpele verdwijntruc, maar bloed, zweet en tranen, om de historische woorden van een andere Brit, Winston Churchill, aan te halen.
 
Met voorstellen voor moeizame besluitvorming en gestage hervormingen win je alleen geen prijsvraag.