Europapark

16aug 2012augustus 2012
Ewald Engelen
Ewald Engelen

Ewald Engelen kwam voor de achtbanen, maar vond een verdisneyfieerde versie van de Europese geschiedenis. Een perfecte illustratie van de malaise in de Eurozone.

Het bestaat echt en ligt in Rust (lees: Roest), in Duitsland. Ik kwam er deze zomer toevallig langs: een gigantisch pretpark met elf achtbanen, veertien thematische paviljoens en drie Europahotels. Met jaarlijks rond de vier miljoen bezoekers is ’t het grootste pretpark van Duitsland. Het waren de achtbanen die mijn aandacht trokken.

 

Disneygeschiedenis
Maar toen ik, thuisgekomen, het park op internet opzocht, bleken de themapaviljoens de echte verrassing. Ze bevatten namelijk ‘verdisneyfieerde’ versies van de nationale geschiedenissen van de Europese lidstaten.

Zo bestaat het Duitse paviljoen uit nagebootste specimina van Duitse architectuur – volgens de website reikend van ‘Brandenburgse baksteengotiek, Frankische vakwerkhuizen, Saksische barokke stijl, Weimar neoclassicisme’ tot aan ‘Zuid-Duitse bouwstijlen’ – en kunnen bezoekers daarnaast genieten van een oud-Duitse kerstmarkt en andere typisch Duitse attracties (‘Elfenfahrt’?), om na afloop een drankje te drinken op het terras van ‘Schloss Balthasar’ – uit 1517, zo meldt de website onzeker. De gruwelijke twintigste eeuw moet het doen met twee betonplaten van de Berlijnse Muur en een replica van het station Berlin-Alexanderplatz.

Het Franse paviljoen is van hetzelfde synthetische laken een pak. ‘Tussen de in Elzasser stijl nagebouwde straten en de “Filmkulissenstraße” bevindt zich het “Quartier Français” met haar typisch Franse flair. De geur van warme baguettes en lekkere crêpes hangt in de lucht. Verschillende bistro’s en restaurants nodigen u uit om te ontspannen’, heet het op de website. Met twee keer per dag een ‘fascinerende show’ met zang (Nelly Patty), dans en acrobatiek rond het thema ‘Bienvenue Paris’. Oftewel seks, film en vreten – dat is Frankrijk.

Het Nederlandse paviljoen ontstijgt de clichés al evenmin. Veel molens, veel Edammer kaas, veel Delfts blauw. Of de attractie ‘Piraten in Batavia’ Haagse goedkeuring kan wegdragen, waag ik te betwijfelen. Balkenende’s VOC-helden worden hier weggezet als bloeddorstige kapers die een brute overval plegen op een ‘vreedzame kolonie’ – het staat er echt. En om bij te komen van de vermoeienissen is er na afloop de dorpskroeg met koffie, snacks en ijs.

 

Nie wieder
Met zijn lullige kleinburgerlijkheid, Amerikaans consumentisme en geanesthetiseerd historisme illustreert Europapark perfect de malaise van de eurozone. Gelegen in een landstrook waar sinds het verscheiden van Karel de Grote vrijwel constant om is gevochten en die sinds de Duitse eenwording in 1870 alleen al maar liefst vijf keer van eigenaar is gewisseld, hoort Europapark thuis in hetzelfde rijtje waar ook Straatsburg als zetel van het Europese gerechtshof, de Raad van Europa en van het Europees Parlement in thuishoort. Het ‘nie-wieder-krieg’-rijtje, waaronder dan vooral oorlog tussen Frankrijk en Duitsland wordt verstaan.

De nachtmerrie van de Europese burgeroorlogen van de twintigste eeuw als motor van Europese integratie is echter ook in het Rijndal stilgevallen. In plaats daarvan, zo verbeeldt het Europapark te Roest, is het euro­consumentisme van de interne markt en de euro gekomen. Europeanen zijn van onderdanen die nog als willoze schapen naar de slachtbanken van de Somme konden worden gesommeerd stilletjes gepromoveerd tot koninklijke klanten die trotse bedrijven naar hun pijpen laten dansen. Tenminste, dat was de droom van al die gemankeerde marxisten – Delors, Kok, Schmidt – die in de jaren tachtig het geo­politieke integratieproject van Schuman, Monnet en Adenauer in een financieel-economische sleutel hebben gezet.

 

Negatieve integratie
In werkelijkheid is de interne markt vooral aardig gebleken voor het grootbedrijf en de grootbanken. Wat heb je als consument aan concurrerende beltarieven, gestandaardiseerde bananen en pretparken als de verzorgingsstaat wordt uitgehold, de cultuurverschillen levensgroot blijven en je baan naar Polen verhuist? Wat de burger is verkocht als consumptie­paradijs is een voertuig van verzorgingsstatelijke erosie gebleken.

 

‘Negatieve integratie’, noemt de Duitse politicoloog Scharpf het: een geïntegreerde markt die vanzelf onttakeling van nationale beschermingsarrangementen afdwingt. Toen het goed ging, kon niemand dat veel schelen. Nu zakkenvullende bankiers, zelfgenoegzame toezichthouders en domme politici onze welvaart naar de ratsmodee hebben geholpen, ligt dat anders. Het sociale en democratische gehalte van de EU heeft nooit veel voorgesteld. Maar nu er door de eurocrisis een volgende stap naar Europese integratie moet worden gezet, ligt er een gouden kans dat te veranderen.

 

Vergeet het smakeloze consumentisme van Europapark – de koopgoot van de euro is een hersenschim gebleken. Vergeet ook de nostalgische lokroep van het nationalisme – daarvoor is de Europese geschiedenis echt te bloederig geweest. Eis in plaats daarvan een sociaal en democratisch Europa – niet voor bedrijven en consumenten maar voor burgers.

En laten ze anders die euro in hun u-weet-wel-waar steken.