Euro afschaffen om de euro in te voeren?

04jul 2012juli 2012
Edin Mujagic

Het kan, een blog over de euro schrijven zonder het woord ‘crisis’ te gebruiken. Een luchtig stukje over ons geld van econoom Edin Mujagic.

Terwijl velen twijfelen aan het voortbestaan van de eurozone zo niet de Europese Unie op de langere termijn, heeft ‘Brussel’ eind juni toetredingsonderhandelingen gestart met Montenegro. Het zal nog jaren duren voordat het kleine Balkanlandje – iets meer dan 600.000 inwoners – lid zal worden van de EU. Wanneer de gesprekken ook afgerond worden, deze toetredingsonderhandelingen worden een unicum voor ‘Brussel’. Dit is waarom. 
 
In 2000 heeft Montenegro besloten de Duitse mark als nationale munt te gebruiken. Toen de mark plaats maakte voor de euro, werd de?Europese munt ook de nationale munt van Montenegro. Zolang een niet-EU land unilateraal de euro invoert, kan de EU de andere kant op kijken en is er voor de EU niets aan de hand. De Unie en de Europese Centrale Bank (ECB) hebben geen enkele verplichting, bijvoorbeeld zo een land te helpen of er rekening mee te houden bij het formuleren van het beleid.
 
Verplicht
Bij een EU-land is dat heel anders. Elk EU-land, op Denemarken en Groot-Brittannië na, is verplicht de euro in te voeren zodra aan?enkele voorwaarden is voldaan. Die voorwaarden betreffen de stand van de langetermijnrente, inflatie, staatsschuld en begrotingstekort.
 
Op het moment dat Montenegro lid van de EU zal het niet voldoen aan de eisen. Zelfs als Montenegro op alle bovenstaande punten slaagt, kan het land aan het vijfde criterium niet voldoen. De vijfde voorwaarde is dat de nationale munt van een eurozone aspirant-lid twee jaar lang in het ERM II mechanisme, het Europese Wisselkoersmechanisme, doorgebracht heeft. Daarin moet de koers ten opzichte van de euro stabiel zijn geweest; devaluaties zijn uit den boze. Het ERM II mechanisme is daarmee een soort wachtkamer, waarin elk aspirant-lid aan moet tonen in staat te zijn de koers van de euro te volgen.
 
Uniek
Dit is waarom ‘Brussel’ met een unieke situatie te maken krijgt. Het toestaan van Montenegro om de euro te blijven gebruiken zou alle procedures en regels over lidmaatschap van de eurozone in de war schoppen. Een EU-land zou de euro gebruiken terwijl het daartoe het recht niet heeft. Bovendien zou de EU in dat geval een lidstaat hebben dat de euro gebruikt maar geen lid is van de?eurozone. Zelfs voor de onnavolgbare Europese logica zou dat te veel zijn.
 
Het alternatief is van Montenegro eisen dat het de euro afschaft en een eigen munt invoert. Maar dát zou voor heel veel economische?onzekerheid leiden, iets wat Brussel ook al niet wil. Die eis zou het landje ook opzadelen met zeer hoge kosten die het wisselen van een munt met zich mee brengt. Daarnaast is het waarschijnlijk dat Montenegro redelijk snel aan alle voorwaarden zal voldoen en dus de euro zal moeten invoeren. Het land zou dus voor de tweede keer in een erg korte tijd geldwisseloperatie, inclusief weer die hoge kosten, moeten uitvoeren.
 
Zweden
Al enige jaren heeft Brussel met een andere ontwikkeling te maken. Zweden is ook verplicht de euro in te voeren. Alleen kiest Stockholm ervoor met opzet niet aan alle voorwaarden te voldoen. ‘Brussel’ heeft al gezegd die opstelling alleen bij Zweden te gedogen en heeft andere EU-landen, zoals Tsjechië of Polen, gewaarschuwd dat bij hen niet te zullen doen. 
 
Met toetreding van Montenegro krijgt Brussel met de omgekeerde situatie te maken, namelijk een land dat zonder te voldoen aan de voorwaarden de euro gebruikt. Zal Brussel dat gedogen? Ik ben heel benieuwd hoe Brussel met dit vraagstuk om zal gaan.