Dag van de Arbeid pas crisisvrij in 2016

01mei 2012mei 2012
Redactie Follow the Money

‘Een dag is het van vreugde’, aldus het socialistische strijdlied “De eerste mei.” `Maar de Internationale Arbeidsorganisatie (ILO) is allesbehalve vrolijk: tot 2016 is de wereld in de ban van een banencrisis.

Goedemorgen, vandaag is het de dag van de arbeid of zoals de eerste strofen van een oud socialistisch strijdlied "De eerste mei"  luiden: Een dag is het van vreugde, een dag is het van strijd.

 

En dus heeft de beroepsbevolking in veel industriële landen vrij sinds jaar en dag. Gek genoeg geldt dat niet voor de doorsnee werknemer in Nederland. Alleen een selecte groep van ambtenaren heeft vandaag betaald verlof.

 

Wie nu kampt met een kater op de werkvloer daags na Koninginnedag, moet zich wel realiseren dat hij zich bevindt in een tamelijk bevoorrechte positie anno 2012. Dat geldt zeker in internationaal perspectief, zo blijkt uit het afgelopen weekeinde gepresenteerde ‘World of Work Report 2012′ van de Internationale Arbeidsorganisatie (ILO).

 

Alarmerende situatie

Alle bezuinigingen en harde arbeidshervormingen in vooral de Westerse landen ten spijt, is er geen sprake geweest van het scheppen van extra werkgelegenheid, constateert de ILO, die in het rapport rept van een ‘alarmerende’ situatie. De ILO gaat er vooralsnog vanuit dat de werkgelegenheid pas in 2016 hetzelfde niveau heeft bereikt als voor de financieel-economische crisis. Eerder voorspelde de ILO dat de werkgelegenheid op pre-recessie niveau zou komen in 2014, maar door vertragingen in de wereldwijde productie is dit moment naar vier jaar later verschoven.

 

Het spook van de werkloosheid zal nog wel even razen in alle uithoeken van de industriële werelddelen, zo verwacht de ILO. Stond mondiaal de teller van mensen zonder werk op 196 miljoen in 2011, in 2012 zal deze score oplopen naar 2012 miljoen ofwel een stijging met 6,1 procent.

 

ILO-topman ontpopt zich als een Keynesiaan

Tijdens de presentatie van het ILO-report ontpopte Raymond Torres, directeur van het ILO instituut, zich als een onvervalste Keyenesiaan. Niet voor niets deelde ILO-topman een zware onvoldoende uit aan landen, die met harde bezuinigingen en sociaal-economische hervormingen zich proberen te ontworstelen aan de economische malaise.

 

‘Bezuinigingen hebben niet gezorgd voor meer economische groei. De vaak slecht in elkaar stekende hervormingen op de arbeidsmarkt sorteren evenmin effect op de korte termijn. Sterker nog, in deze tijden van crisis, leiden deze hervormingen juist niet tot creëren van banen maar tot verlies van werkgelegenheid.’

 

Vooral de generatie jonger dan de Babyboomers worden zwaar getroffen in de ontwikkelde landen, zo blijkt uit het ILO-rapport. Volgens de bevindingen van de ILO-onderzoekers hebben werkzoekenden in de leeftijd van 25-49 vaak al langer dan een jaar geen baan, meldt het rapport. Eveneens in de lift zit het percentage jongeren zonder baan. En dat vergroot weer het risico tot sociale onrust.

 

Smalle focus Eurozone

Vooral over Europa is ILO-topman Torres somber gestemd. ‘De algemene arbeidsmarkt is de afgelopen zes maanden verslechterd met een aanzienlijke vertraging in Europese landen. De smalle focus van veel landen van de eurozone op de fiscale bezuinigingen verergert eigenlijk de banencrisis en kan zelfs leiden tot een nieuwe recessie in Europa.’

 

In vergelijking met andere westerse continenten, pakt Europa sowieso niet door, voegt Torres hieraan toe. ‘Bovendien is er minder vooruitgang geboekt in andere delen van de wereld, bijvoorbeeld in de Verenigde Staten waar de vooruitgang bij het terugdringen van de werkloosheid lijkt te vertragen. En dat lijkt een trend.’

 

De ramingen van het kersverse ILO-rapport worden deels onderschreven door de meest recente cijfers van het Centraal Bureau Statistiek (CBS) over de beroepsbevolking in ons land. In maart is de werkloosheid in Nederland licht gestegen naar 5,9 procent van de beroepsbevolking ofwel 465 duizend personen. Een jaar geleden was het werkloosheidspercentage nog 5,1 procent. Net als de  ILO signaleert het CBS een snelle stijging van de jeugdwerkloosheid. In maart 2011 was 9,2 procent van de jongeren werkloos, eervorige maand was dat 11,8 procent.