Boycott nieuwste iPhone

25mei 2010mei 2010
Arne van der Wal

Apple’s hofleverancier Foxconn kampt met een serie zelfmoorden. Pijnlijk voor Apple, nu een groep actievoerders uit Hong Kong oproept tot een wereldwijde boycott van de iPhone 4G, die binnenkort op de markt komt.

Na France Telecom enkele jaren geleden, kampt nu de Taiwanese iPhone-fabrikant Foxconn met een zelfmoordgolf onder zijn werknemers. Dinsdag werd een 19-jarige jongen dood aangetroffen nadat hij kennelijk van een dak was afgesprongen. Het was de tiende dode in vijf maanden tijd in een van de fabrieken in de Zuidchinese Guangdong en veroorzaakt de nodige onrust. De autoriteiten en Shenzen zijn begonnen met een onderzoek, een unicum in de provincie die ook wel de werkplaats van de wereld wordt genoemd.

 

Statistisch gezien is er op het eerste gezicht niet zoveel aan de hand. Foxconn telt 420.000 werknemers in de provincie Shenzen en hoewel Chinese statistieken op dit gebied niet erg betrouwbaar worden geacht, is het aantal doden door zelfdoding bij Foxconn nog onder het landelijke gemiddeld van 14 per 100.000 per jaar. Althans, tot nu toe.

 

Gesloten

Foxconn is een Taiwanees bedrijf dat in Shenzen onder meer iPods produceert voor Apple. Maar dat is niet het enige wereldmerk dat zijn producten door de Chinese arbeiders van Foxconn in elkaar laat solderen. Zo fabriceert het bedrijf ook laptops voor concurrenten van Apple, zoals Dell en Hewlett-Packard. Het is de grootste electronica-fabrikant ter wereld, waarvan de naam pas in brede kringen bekend werd toen activisten in 2008 opriepen tot een boycott van Apple’s iPod. Het Amerikaanse computermerk moest snel beterschap beloven. Het imago van het bedrijf als one of the good guys liep een deuk op. 

 

Foxconne is een behoorlijk gesloten bedrijf, heeft journalist Willem Offenberg gemerkt. Hij is een van de weinige journalisten die het bedrijf daadwerkelijk heeft bezocht. Voor zakenblad FEM Business schreef Offenberg enkele jaren geleden een reportage over Foxconn. De toegang  verliep uitermate moeizaam. Op publiciteit is men niet gesteld. De directie van het bedrijf niet, en de klanten al helemaal niet.

 

"Bij Foxconn zijn de afgelopen jaren tientallen incidenten geweest. In 2008 raakte het in in opspraak toen bleek dat in de iPod giftige stoffen werden gebruikt. Ook voedselvergiftigingen kwamen vaak voor", zegt Offenberg. "Na het Apple-incident heeft men geprobeerd schip te maken. Er is wel wat verbeterd, maar het is nog steeds geen pretje om er te werken. De lonen zijn er laag en de arbeiders slapen in grote slaapzalen." 

 

Volgens Offenberg doet de sfeer in de industriestad Guangdong door de enorme fabrieken van Foxconn denken aan het ‘Eindhoven van de jaren zestig’. Maar sociaal gezien konden de verschillen niet groter zijn. "De misstanden krijgen nu ook in de Chinese media meer aandacht dan voorheen. Ook een vakbondskrant volgt de zaak. Men komt niet meer overal mee weg."

 

Boycott

 

Volgens een bericht in de South China Morning Post, een dagblad uit Hong Kong, is een groep activisten uit Hong Kong naar aanleiding van de reeks zelfmoorden bezig met de organisatie van een wereldwijde boycott van Apple-producten. De actievoerders mikken specifiek op de vierde generatie iPhone. Die wordt op dit moment in hoog tempo geproduceerd en zal deze zomer op de markt verschijnen. 

 

 

 

Een organisatie tegen uitbuiting van werknemers in Hong Kong beschuldigt Foxconn van een militaristische management stijl. Lange uren, lage lonen en een hoge werkdruk zouden de norm zijn. De directie van Foxconn zou nu hekken met prikkeldraad plaatsen om te voorkomen dat zijn werknemers op daken kunnen klimmen waarvan ze af kunnen springen. 

 

Bedrijfscultuur

 

De recente berichten over aanslagen op kleuterscholen en zelfdoding in China tekenen de sociale problemen waar een land met een explosief groeiende economie op stuit. Toch is zelfmoord door werknemers niet specifiek een Chinees probleem. Vorig jaar kampte France Telecom bijvoorbeeld met zelfmoordgolf. 

 

Er werd toen een verband gelegd met de reorganisaties die de afgelopen jaren waren doorgevoerd. Hoewel het verschijnsel door de directie met statische argumenten werd gerelativeerd, sneuvelde uiteindelijk de ceo.

 

In Japan was suïcide een relatief normaal en geaccepteerd verschijnsel. De laatste jaren leek het aantal zelfmoorden bij bedrijven iets af te nemen, maar onlangs werd auto-fabrikant Toyota opgeschrikt door een reeks opmerkelijke gevallen. In maart werd een arbeider dood aangetroffen in een Prius die net van een loopband was afgerold. Hij bleek zichzelf te hebben vergast met het in Japan opmerkelijk populaire waterstof sulfide, een sterk naar rotte eieren ruikend gas dat in sterke concentraties zeer giftig is.

 

Ook in Japanse vakbondskringen wordt een verband gelegd met de cultuur van het bedrijf, dat fouten tot taboe heeft uitgeroepen. Daardoor zouden ook productiefouten bij de modellen Prius en Lexus onder de pet worden gehouden. Japanse vakbondsleiders hebben de leiding van Toyota ervan beschuldigd de reeks zelfmoorden te bagatelliseren

 

 

 

 

Het is tijd om in actie te komen. In een wereld waar alles om geld draait, kunnen we alleen samen het verschil maken