Het gitzwarte cynisme van Goldman Sachs en Paulson & Co.

18apr 2010april 2010
Eric Smit

De aanklacht van de SEC tegen Goldman Sachs is verbijsterend leesvoer. Het duivelse pact tussen de zakenbankiers en het hedgefund wordt in detail uit de doeken gedaan. Grootste slachtoffer: ABN Amro.

De wereldwijde financiële industrie werd afgelopen vrijdag wakker geschud door de dagvaarding van de Amerikaanse toezichthouder, the Securities and Exchange Commission (SEC), tegen Goldman Sachs en zijn Franse ster Fabrice Tourre.
In een zeer leesbare dagvaarding doet de SEC gedetailleerd verslag van de gebeurtenissen in de eerste maanden van 2007. Na lezing wordt duidelijk dat de SEC een stevig onderbouwde casus heeft en bepaald niet met rubber kogels de strijd met Goldman Sachs aangaat. 
 
Het extreme cynisme van de door de SEC onthulde constructies is vrijwel identiek aan de in de boeken ‘The Greatest Trade Ever’ van Gregory Zuckerman en ‘The Big Short’ van Michael Lewis beschreven deals. Het scenario van Tourre en hedgefund Paulson & Co. vertoont daarnaast grote gelijkenissen aan dat van Oliver Stone’s film Wallstreet uit 1987 waarin de jonge ambitieuze beurshandelaar Bud Fox (Charlie Sheen) samen met corporate raider Gordon Gekko (Michael Douglas) frauduleuze deals construeert en uiteindelijk door de SEC worden gepakt. 
In het werkelijke scenario dat de SEC afgelopen vrijdag openbaarde speelt de Fransman Fabrice Tourre de rol van de jonge zakenbankier. John Paulson, de oprichter van Paulson & Co., is de man die de fictieve Gordon Gekko tot een onaanzienlijke dwerg degradeert. Paulson verdiende met Paulson & Co. meer dan 20 miljard aan de kredietcrisis. 4 Miljard mocht Paulson aan zijn privé-vermogen toevoegen. Hoewel Paulson & Co. duidelijk het intellectuele genie achter de constructie is, blijft het hedgefund in de vervolging die de SEC heeft ingezet volledig buiten schot. Alle peilen zijn gericht op Goldman Sachs en zijn fabuleuze VP Fabrice Tourre.
In het SEC-plot speelt ook een bekende Nederlandse bank een nogal sombere bijrol: ABN Amro. Dé bank is veruit het grootste slachtoffer. 
 
Abacus
Alles draait om het product met de futuristische naam Abacus 2007-AC1 (Abacus). Een door Goldman Sachs opgezet product dat door Paulson werd ingestoken.
In 2006 is het John Paulson als een van de weinige hedgefundmanagers zonneklaar dat het met de vastgoedmarkt in Amerika nog meer één kant zal opgaan: neerwaarts. Paulson en zijn team van mensen zijn op alle mogelijke manieren geld aan het inzetten op de aanstaande kredietcrisis. Met als doel er heel erg veel geld aan te verdienen. Weten dat een markt een bepaalde richting op zal bewegen is één ding, om er ook posities in te nemen is een ander. Dat was nog niet zo eenvoudig en vergde het nodige aan immoreel vernuft. Althans, zo blijkt uit de eerder genoemde boeken en de dagvaarding van de SEC. 
 
In opdracht van Paulson arrangeerde Goldman Sachs de deal waarbij Paulson volgens de SEC grote invloed had op de samenstelling van de portfolio die in Abacus verwerkt zou worden. Het was Paulson namelijk die al besloten had om short te gaan op bepaalde Residential Mortgage Backed Securities (RMBS) die een lage creditrating hadden. De geldstromen uit de RMBS met een lage creditrating bestonden uit de maandelijkse afbetalingen van mensen die eigenlijk een veel te dure hypotheek bezaten. Het was Paulson duidelijk dat de mensen die deze hypotheken bezaten in de zeer nabije toekomst zich hun maandelijkse afbetalingen niet meer konden veroorloven. Maar om short te gaan moest er ook een tegenpartij worden gevonden die juist op lange termijn geloofde dat deze RMBS’s op langere termijn een hogere waarde zouden verkrijgen. Dit type kapitaalmarkttransacties zijn immers een zero sum game: waar de ene wint, verliest een ander. 
 
Fabulous Fab
Bij Goldman was de destijds 28-jarige Fransman Fabrice Tourre – aka ‘fabulous Fab – het brein achter opzetten van de transactie. Tourre was Vice President van de afdeling die zich concentreerde op het maken en vermarkten van gestructureerde producten – Collateralized Debt Obligations (CDO’s) – waarin verschillende typen RMBS’s werden verpakt. Op de keuze van die RMBS’s had Paulson & Co. grote invloed. Zij wilden immers met de medewerking van Goldman Sachs een ‘tegenpartij’ creëren voor hun shortpositie. Door deze te verpakken in de CDO Abacus 2007 kon die ‘tegenpartij’ ontstaan. 
Tourre liet intussen in emails aan bekenden zijn gedachten over de CDO-markt de vrije loop:
More and more leverage in the system,’ schreef hij in de derde persoonsvorm een email aan een vriend op 23 januari 2007. ‘The whole building is about to collapse anytime now…Only potential survivor, the fabulous Fab[rice Tourre]…standing in the middle of all these complex, highly leveraged, exotic trades he created without necessarily understanding all of the implications of those monstrosities!!!’ En een maand later: ‘The cdo biz is dead we don’t have a lot of time left’.
 
Kwaliteitsstempel
Abacus diende alleen nog aan klanten verkocht te worden. Voor de potentiële klant IKB Deutsche Industriebrank was het van eminent belang dat er op de CDO een goedkeurende stempel van een onafhankelijke beoordelaar stond. Het verkrijgen van dat stempel was eveneens de opdracht van Goldman’s Fabrice Tourre. Anders zou de deal niet slagen. Daarvoor had hij het goedkeurende stempel van ACA Management LLC (ACA) in gedachten, een bekende partij die de risico’s van de portfolio kon beoordelen. Tourre deed ACA en ook de latere investeerders in Abacus – met name IKB – geloven dat Paulson 200 miljoen dollar aan vermogen in de portfolio van Abacus had geïnvesteerd terwijl Paulson in werkelijkheid radicaal tegenstrijdige belangen had aan die van de investeerders. Paulson had namelijk geen cent in de Abacus zitten, integendeel, het had juist zijn geld op de neergang van grote delen van de portfolio gezet. Dit door middel van Credit Default Swaps (CDS) die Paulson later weer via Goldman Sachs zou verkrijgen. 
In het door Goldman later aan investeerders gepresenteerde marketingmateriaal stond dat het gereputeerde ACA de bestanddelen van de portfolio van Abacus had geselecteerd terwijl juist Paulson deze grotendeels had aangebracht. En niet voor niets. Enkele maanden nadat de Abacus-deal werd gedaan, waren de onderliggende waarden in de portfolio grotendeels waardeloos. Voor de mannen van Paulson begon toen het grote verdienen. In Duitsland werd er hardop geweend. IKB betaalde ongeveer 150 miljoen dollar via Goldman Sachs aan Paulson.
 
ABN Amro
Interessant is met name de schlemielige rol van het destijds nog onopgebroken ABN Amro. ACA voorzag ook in de verzekering van Abacus, dit in de veronderstelling dat Paulson een lange termijn belang had in de CDO en niet dat het speculeerde op de neergang van de portfolio die Paulson zelf had helpen opzetten. ACA verpakte het geheel in een CDS waarvan het uiteindelijke risico grotendeels bij ABN Amro werd geplaatst. Dit in ruil voor een jaarlijkse premie van slechts 17 basispunten. In het geval dat Abacus ten onder zou gaan en ACA niet kon betalen, zou ABN Amro het risico op zich nemen. Ook ABN Amro kreeg het door Tourre gefabriceerde marketingmateriaal van Abacus toegestuurd zonder dat daarbij aan de bijzondere rol van Paulson werd gerefereerd. ABN ging akkoord en dat zou de bank duur komen te staan.
Aca raakte eind 2007 in zware financiële problemen en was gedwongen om wereldwijd zijn posities in CDS’s terug te rollen. Daarbij moest het inmiddels door het consortium van Royal Bank of Scotland (RBS), Santander en Fortis overgenomen ABN Amro diep in de buidel tasten. Via Goldman Sachs werd er door RBS via Goldman Sachs 841 miljoen dollar aan Paulson betaald. 
 
Schade
De bankiers van Goldman verdienden volgens de SEC tussen de 15 en de 20 miljoen dollar aan het opzetten en vermarkten van Abacus 2007-AC1. Paulson & Co. boekte volgens de SEC uiteindelijk een winst van ongeveer 1 miljard dollar door short te gaan. De klanten van Goldman, waaronder verschillende pensioenfondsen en IKB, konden bij elkaar ongeveer een miljard dollar afschrijven. ABN Amro/RBS was met de schade van 841 miljoen dollar verreweg het grootste slachtoffer. 
Voor ABN Amro was het niet de eerste keer dat het door Goldman Sachs te pakken werd genomen. De Amerikaanse zakenbankiers lieten op 17 maart 2000 bij de beursgang van World Online hun Nederlandse collega’s aan hun lot over toen een professionele partij massaal de aandelen van het internetbedrijf begon te dumpen. ABN Amro steunde toen alleen de koers terwijl was afgesproken dat ook Goldman dat zou doen. Die manoeuvre van Goldman kostte ABN Amro destijds honderden miljoenen euro. 
ABN Amro is overigens niet de enige Nederlandse bank die met een voorgekookte deal zoals die door de SEC wordt beschreven, de bietenbrug op ging. Ook de Rabobank is met een zelfde soort transactie met Merrill Lynch de boot in gegaan. Zo bleek uit een serie publicaties van het Amerikaanse collectief voor onderzoeksjournalistiek Propublica dat recentelijk een Pulitzerprijs won. De Rabobank beschuldigt Merrill – net als de SEC – van fraude. 
 
Vallende Ster
Goldman Sachs ontkent intussen alle aantijgingen van de SEC. ‘Wij hebben geen portfolio ontwikkeld die erop gericht was geld te verliezen’, zei een woordvoerder afgelopen vrijdag. Het Franse financiële genie Fabrice Tourre werd in één middag wereldberoemd. De roem laat hem koud. Afgelopen vrijdag liet hij zijn profiel op Linkedin – waarna onder andere Bloomberg naar had gelinkt – direct verwijderen. Het zal niet veel uitmaken. Frankrijk heeft na Jérôme Kerviel een nieuwe vallende ster aan het kapitalistische firmament.