Nyenrode hoogleraar Paul Frentrop valt door de mand

02jul 2012juli 2012
Eric Smit

Corporate governance hoogleraar Paul Frentrop (Nyenrode) wordt gesponsord door een stichting die verbonden is aan een controversiële bron van geld

Het sponsoren van leerstoelen is op Nederlandse universiteiten een goed gebruik. Vooral de financiële wereld rammelt graag met de geldbuidel wanneer behoeftige universiteiten en lieden met professorale ambities op de koffie komen. Wie niet compleet naïef is, beseft dat dit gevolgen heeft voor de onafhankelijkheid van de wetenschap. Tal van hoogleraren, die vaak ongeclausuleerd door journalisten worden geciteerd, blijken in de praktijk praatjes te verkopen die vaak verdacht veel te maken hebben met de belangen van hun geldschieters. En niet zelden zijn leerstoelen op ondoorzichtige wijze tot stand gekomen en hebben ze een twijfelachtig nut. ‘Bedriegersstoelen‘, noemt FTM-columnist Ewald Engelen dit type zetels die met intellect narcotiserende injecties privaat geld worden geconstrueerd. Hier op Follow the Money hebben we er al enkele malen aandacht aan het onderwerp van de gesponsorde hoogleraren besteed (zie onder andere hier en hier). Het thema verdient echter veel meer journalistieke belangstelling.

‘Andermans geld’

Afgelopen zaterdag deed NRC Handelsblad-journalist Menno Tamminga een bijzondere duit in het zakje door heel nadrukkelijk zijn vinger op een wel heel pijnlijke plek te drukken. In een artikel schrijft hij kort iets over de inaugurele rede die Paul Frentop onlangs hield aan Universiteit Nyenrode, – getiteld ‘Andermans geld’. Frentrop aanvaardde vorig jaar een gesponsorde leerstoel corporate governance & capital markets aan de ‘Business Universiteit’.
In zijn oratie stelt Frentrop onder andere dat de instellingen die onze pensioenen beheren, – stichtingen, pensioenfondsen, verzekeraars, beleggingsinstellingen – zich  tegenover hun achterban moeten legitimeren door open te zijn over hun beleggingen. Het zijn in de woorden van Frentrop immers ‘beheerders van andermans geld’.

Frentrop heeft zijn leerstoel op zijn beurt te danken aan andermans geld; dat van zijn sponsor.

‘De stichting Topas dank ik voor het mogelijk maken van de instelling van de leerstoel die ik bekleed,’ schrijft Frentrop in zijn dankwoord. Stichting Topas? Van een hoogleraar corporate governance & capital markets verwacht je dan enige openheid over de achtergrond van deze stichting. Frentrop doet daar geen enkele moeite voor, Nyenrode evenmin. Bepaald geen sterk begin voor de nieuwbakken hoogleraar corporate governance en een universiteit die stelt dat dit vak een van de speerpunten wordt van zijn onderzoek- en onderwijsinspanningen.

 

Paul Frentrop (foto Nyenrode)

 

Rotterdamse havenarbeiders

Dat gegeven wekte de warme belangstelling van Tamminga die een oud collega is van de voormalige FD en NRC-journalist (en criticaster) Frentrop. Tamminga vond uit dat Stichting Topas gelieerd is aan de stichting Optas, een stichting die op controversiële wijze een kolossaal vermogen vergaarde.

‘Het geld van de stichting Optas is besmet’

Stichting Optas beheerde jarenlang de pensioenen voor de Rotterdamse havenarbeiders. In 2007 verkocht Optas het beheer van de pensioenen aan levensverzekeraar Aegon en incasseerde daarmee 1,5 miljard euro. Geld dat de Rotterdamse havenarbeiders toe had moeten komen, maar nu door een klein clubje van elitaire bestuurders naar eigen goeddunken wordt beheerd en wordt besteed aan sociale en culturele projecten. Dit tot groot ongenoegen van de havenarbeiders. Die gingen uiteindelijk in 2010 akkoord met een schikking waarbij er 500 miljoen euro in de pensioenpot werd teruggestort. Dit op voorwaarde dat de Rotterdammers hun mond hielden over de deal en het miljard dat de stichting nog steeds in beheer heeft. Geld dat volgens onder andere Kamerlid Pieter Omtzigt alsnog in de pensioenkas van de havenarbeiders terug zou moeten vloeien, zij hebben er immers voor gewerkt. Andermans geld dus.
‘Het geld van de stichting Optas is besmet’, zei Omtzigt (CDA) vorig jaar tegen FTM.

Een goede bekende

Dat de Fentrops geldschieter Topas gelieerd is aan het ‘besmette’ Optas blijkt uit het handelsregister van de Kamer van Koophandel. Beide stichtingen zijn op hetzelfde Haagse adres (Alexanderveld 91) ingeschreven en hebben dezelfde bestuursleden.

‘De stichting (Topas, ES) heeft ten doel werkzaam te zijn ten bate van of steun te verlenen, dan wel uit- voering te geven aan projecten en activiteiten van culturele en/of wetenschappelijke strekking en in het bijzonder uitkeringen te doen aan culturele en/of wetenschappelijke instellingen, alsmede het doen van uitkeringen zowel in Nederland als daarbuiten’, aldus het uittreksel. Waar het geld precies naar toe gaat, is niet duidelijk. Daar doen de stichtingen geen enkel verslag van. Een van de bestuurders van stichtingen Topas en Optas was een zeer goede bekende van Frentrop: de eind vorig jaar overleden Pierre Vinken, grondlegger van uitgeefconcern Elsevier. Frentrop schreef eerder een hagiografisch aandoende biografie over Vinken – ‘Tegen het idealisme’ – die in 2007 door Vinkenleerling Mai Spijkers (uitgeverij Prometheus) werd uitgegeven.

Frentrop is ook zo aardig om in zijn oratie het onderwerp van zijn biografie te danken. Overigens, zonder te vermelden dat Vinken bestuursfuncties bij Topas en Optas had:

‘Ten slotte Pierre Vinken, tien jaar geleden in Tilburg mijn andere paranimf. Hij leeft niet meer en zou het waarschijnlijk belachelijk vinden dat iemand een dankwoord uitspreekt jegens een dode die dat immers niet kan horen. Maar ik doe dat toch. Want niet alleen heeft hij mij op velerlei gebied meer geleerd dan ieder ander. Ook was zonder zijn inspanningen deze dag er niet geweest.’

Frentrop had er beter aan gedaan om Topas en ook Optas tot openheid te manen en de Rotterdamse Havenarbeiders te bedanken, zonder wier inspanningen er geen stichtingen Optas en Topas waren geweest en ook geen leerstoel corporate governance & capital markets. Nog beter: hij had – indien hij en de universiteit Nyenrode het vak ‘goed ondernemingsbestuurserieus hadden genomen – op zoek moeten gaan naar een andere sponsor.

 

Update (2 juli, 23.00 uur)

 

Op de website van HP / De Tijd geeft Frentrop antwoord op vragen die hem na aanleiding van bovenstaand artikel werden gesteld. Frentrop zegt onder andere niet te weten dat stichting Topas is verbonden aan stichting Optas. ‘Ik weet niet of beide stichtingen hetzelfde bestuur hebben of niet. Wat ik wel weet, is dat mijn leerstoel wordt mogelijk gemaakt door Topas.’ Dat het onderwerp van zijn biografie – Pierre Vinken – zowel in het bestuur van stichting Topas als Optas zat, is hem blijkbaar ontgaan. Van de oorsprong van het geld heeft oud-journalist Frentrop volgens eigen zeggen geen kennis.

Het is tijd om in actie te komen. In een wereld waar alles om geld draait, kunnen we alleen samen het verschil maken