• Nu blijkt het drinkwater van Flint niet alleen met lood te zijn vervuild, maar ook met o.m. PFOA, https://theintercept.com/2016/02/17/flint
  • Chemours heeft nu een speciaal telefoonnummer in het leven geroepen voor verontruste omwonenden
  • De bekende advocate en mileu-actviste Erin Brockovich houdt zich met deze zaak bezig

De onrust over de mogelijke verontreiniging met PFOA rond de teflonfabriek van Chemours (voorheen DuPont) in Dordrecht is verder toegenomen. Niet alleen blijkt het grondwater op het terrein van het belendende waterbedrijf Evides vervuild te zijn met de toxische stof, ook werd vorige week bekend dat een installatie van DuPont in het verleden zonder vergunning PFOA in de lucht heeft uitgestoten. De omgevingsdienst van Zuid-Holland zegt aangifte te zullen doen.


‘Iedereen is op zijn eigen vierkante meter bezig, maar het totaaloverzicht ontbreekt. Kom nou eens met het hele verhaal, zeg ik. Maar dat komt er maar niet,’ verzucht Willem Minderhout, PvdA-statenlid van de provincie Zuid-Holland. Net als duizenden inwoners van Zuid-Holland maakt hij zich grote zorgen over de mogelijke PFOA (perfluoroctaanzuur)-vervuiling rond Dordrecht en Sliedrecht. 

Beantwoording van de grote knagende vragen – hoe ernstig is de verontreiniging en wat zijn de gevolgen voor de gezondheid? – laat op zich wachten. De betrokken gemeenten hebben geen compleet beeld , de gezondheidsdiensten weten het niet, de provincie en de provinciale diensten weten het ook niet, Rijkswaterstaat evenmin. De RIVM is bezig met een onderzoek, maar dat is pas in maart gereed, misschien zelfs pas in april. Een integraal beeld ontbreekt, iedere betrokken organisatie heeft een stukje van de puzzel in handen. Alleen Chemours, rechtsopvolger van DuPont, geeft een duidelijk antwoord: er is niets aan de hand, het bedrijf zegt zich aan de regels te hebben gehouden en mee te werken aan elk onderzoek. 

'Het komt angstaanjagend dichtbij,' zegt Minderhout

Minderhout voelt zich machteloos. ‘Het komt angstaanjagend dichtbij, nu de stof ook blijkt te zitten in het grondwater onder het terrein van waterbedrijf Evides. We stellen vragen, maar krijgen geen antwoorden. En nu las ik in het Algemeen Dagblad dat er ook nog aangifte is gedaan tegen Chemours wegens illegale uitstoot van PFOA. Ik maak me zorgen, maar wil niet onnodig paniek zaaien.’ 

Amerikaans scenario?

De frustratie zit diep bij Minderhout. Net als de inwoners van Dordrecht en Sliedrecht wil hij duidelijkheid over de mogelijke PFOA-vervuiling. Dat er jarenlang PFOA is geloosd in rivierwater en uitgestoten is in de lucht staat vast. De vraag is echter hoeveel en de beloofde duidelijkheid over de impact van de PFOA-vervuiling op milieu en volksgezondheid blijft uit. Perfluoroctaanzuur (PFOA) is een hulpstof die tot 2012 is gebruikt bij de productie van teflon in de fabriek van DuPont in Dordrecht. Tegenwoordig zijn deze chemische activiteiten eigendom van Chemours, een verzelfstandigde spinoff van DuPont. Over de mogelijke PFOA-vervuiling rond de teflonfabriek in Dordrecht publiceerde Follow the Money in september dit artikel.

Hoewel de gezondheidsrisico’s van PFOA rond 2000 alom bekend waren, ondernamen de verantwoordelijk Nederlandse milieu-autoriteiten en toezichthouders geen actie 


Aanleiding toen was de vervuiling die een vrijwel identieke fabriek van DuPont in het Amerikaanse stadje Parkersburg heeft veroorzaakt en de juridische claims waartoe dat heeft geleid. Tegen DuPont zijn meer dan 3500 schadeclaims wegens gezondheidsschade ingediend, met een gezamelijke waarde van drie tot vijf miljard dollar. De eerste zaak is vorig jaar oktober in het voordeel van de klaagster beslecht.

Merkwaardig genoeg is het in Nederland altijd stil gebleven rond de mogelijke vervuiling die met de productie van teflon gepaard gaat. Hoewel de gezondheidsrisico’s van PFOA rond 2000 alom bekend waren, ondernamen de verantwoordelijke Nederlandse milieu-autoriteiten en toezichthouders geen actie. Gericht onderzoek, bijvoorbeeld naar werknemers van DuPont of de waterwingebieden in Zuid-Holland bleef uit. Bij de beantwoording van Kamervragen van onder meer Lutz Jacobi (PvdA) naar aanleiding van het FTM-artikel gaf het ministerie van Infrastructuur en Milieu het RIVM in november opdracht een onderzoek in te stellen. Dat is volgens een RIVM-woordvoerder pas in maart, mogelijk zelfs april, klaar. 

In de periode 1985-2001 heeft de Viton-fabriek van DuPont jaarlijks 500 kilo PFOA in de lucht uitgestoten zonder dat daarvoor toestemming was verleend

Voor dat onderzoek, en het mogelijk vervolg erop, is het van groot belang om vast te stellen hoeveel van de stof er de afgelopen decennia – de teflon productie begon in 1967 – precies is geloosd in het water en uitgestoten in de lucht. Voor dat deel van het onderzoek is het RIVM afhankelijk van de Onderzoeksdienst Zuid-Holland Zuid (OZHZ), die als toezichthouder verantwoordelijk is voor de naleving van de vergunningen voor uitstoot van vervuilende stoffen.

Eind vorige week stelde die dienst bij het verifiëren van de emissiedata vast dat in een andere fabriek van DuPont (waar het synthetische rubbermateriaal Viton wordt geproduceerd) in de periode 1985-2001 PFOA is uitgestoten in de lucht zonder dat daarvoor toestemming was gevraagd en verleend. 'Tijdens het verifiëren van de emissiedata is uit nader onderzoek bij Chemours gebleken dat er mogelijk sprake is van een derde bron, naast de PTFE- en FEP-fabriek, waar PFOA naar de lucht is geëmitteerd. Het betreft de Viton installatie. Voor deze installatie is emissie van PFOA naar de lucht niet vergund. Tot 2001 is mogelijk 0,5 ton per jaar PFOA naar de lucht geëmitteerd. Het RIVM is hierover geïnformeerd en neemt deze mogelijke emissiebron mee in het eerder genoemde onderzoek naar de mogelijke gezondheidseffecten.'

 Na 2001 zou de Viton-fabriek geen PFOA meer hebben gebruikt. De Provincie en OZHZ hebben aangekondigd tegen Chemours aangifte te zullen doen. Of er daadwerkelijk tot vervolging wordt overgegaan is aan het Openbaar Ministerie. Rond de Viton-fabriek hangt toch al een slechte reuk: er is jarenlang sprake geweest van lekkage van onder meer hexafluorpropeen.

Grond- en drinkwater

Het is verontrustend nieuws voor de bewoners van Dordrecht en Sliedrecht, die vaak al tientallen jaren letterlijk onder de rook van de DuPont/Chemours-fabrieken wonen. Begin februari kwam ook nog eens in het nieuws dat het grondwater van het terrein van waterbedrijf Evides vervuild is met ondermeer PFOA afkomstig van de vlakbij gelegen Chemours-fabrieken. Die grondwatervervuiling is al sinds 2005 bekend en PFOA is slechts een van de stoffen waarmee de bodem en het grondwater zijn vervuild. Samen met DuPont heeft OZHZ een beheersplan opgesteld dat lekkage naar andere waterlagen moet voorkomen. 

Volgens waterbedrijf Evides zijn er geen redenen voor zorgen over de kwaliteit van het drinkwater:  ‘Het grondwater dat wij in Dordrecht voor de drinkwatervoorziening gebruiken, bevindt zich in diepe bronnen (tussen de 80 en 140 meter diep) verderop: Jeugdland, Polder de Biesbosch en de Kop van het Land. Zij zijn goed beschermd door een dikke kleilaag en qua ligging kan er geen afstromend water van DuPont/Chemours in terecht zijn gekomen of komen. Het oppervlaktewater dat we voor de drinkwatervoorziening gebruiken is niet afkomstig uit de buurt van Dordrecht, maar komt uit de Maas. Evides monitort de kwaliteit van bron tot kraan om te zorgen dat het drinkwater altijd van hoge, betrouwbare kwaliteit is.’

Maar over wat die monitoring voor concrete informatie over het gehalte aan PFOA in het drinkwater heeft opgeleverd, kon Evides geen uitsluitsel geven. 

De kans dat Nederlands drinkwater vervuild is met PFOA, ook in andere regio’s, is echter minder denkbeeldig dan Evides suggereert. PFOA en verwante stoffen zoals PFOS zijn zeer persistent, ze breken nauwelijks af en accumuleren in mens en dier. Over de mate waarin de stoffen zich in het milieu hebben verspreid wordt langzamerhand pas sinds enkele jaren meer bekend. In de VS is vorig jaar vastgesteld dat PFOA voorkomt in 94 drinkwatersystemen in 27 staten.

 ‘Dit is een opkomend, landelijk probleem. Er moet krachtige actie worden ondernomen om de aanwezigheid van PFOA in drink- en grondwater aan te pakken'

Sindsdien komen er echter steeds meer meldingen van met PFOA verontreinigde drinkwaterbronnen. Recent bleek bijvoorbeeld dat het drinkwater van het dorpje Hoosick Falls in de staat New York vervuild is met PFOA. Maandag is de staat begonnen met het uitvoeren van bloedtesten op ruim 900 inwoners die zich daarvoor vrijwillig hebben opgegeven. Bron van de vervuiling is deze keer de plasticfabriek Saint-Gobain Performance Plastics and Honeywell. Gouverneur Andrew Cuomo heeft 10 miljoen dollar ter beschikking gesteld voor een alternatieve watervoorziening en stelt Saint-Gobain Performance Plastics and Honeywell verantwoordelijk. Maandag meldde ook het naburige stadje Petersburg dat het drinkwater is vervuild met PFOA en ook in de staat New Jersey zijn twaalf drinkwatersystemen met een verhoogd PFOA-gehalte aangetroffen. De ernst daarvan wordt nu onderzocht.

Om die reden hebben de New York Department of Environmental Conservation en het Department of Health er bij de federale milieudienst Evironmental Protection Agency (EPA) op aangedrongen om snel met een nationale normering voor PFOA voor drinkwater te komen. ‘Dit is een opkomend, landelijk probleem,’ stellen ze. ‘Er moet krachtige actie worden ondernomen om de aanwezigheid van PFOA in drink- en grondwater aan te pakken.’ 

De instanties pleiten ervoor dat EPA een wettelijk te handhaven maximale vervuilingshoeveelheid in de Safe Drinking Water Act vastlegt. De EPA is echter nog niet zover: de dienst stelt dat er nog twijfels zijn over de exacte mate van schadelijkheid wat het juridisch gezien onmogelijk zou maken om normen vast te stellen. Wel is er een voorlopig advies uit 2009 dat uitgaat van maximaal 0,4 delen per miljard (PPB). Omgerekend gaat het daarbij om niet veel meer dan een vingerhoedje in een Olympisch zwembad. Dat lijkt bizar weinig, maar onder wetenschappers is er de nodige discussie over die adviesnorm. Sommigen, zoals de Deense hoogleraar Philippe Grandjean, stellen dat de norm een factor 1300 strenger zou moeten zijn. 

Wie is verantwoordelijk? 

De waterwinning in de VS laat zich niet een op een vergelijken met die in Nederland. Maar gezien de groter dan vermoede verspreiding van vervuiling met fluorkoolstoffen in de VS in grond- en drinkwater, is er ook hier voldoende reden tot zorg. Nederland loopt als het gaat om het bewustzijn van de vervuiling met PFOA en andere flurokoolstoffen zoals PFOS achterop, stelt Martijn van Houten, verbonden aan het Expertisecentrum PFOS, een initiatief van ingenieursbureaus Witteveen & Bos en TTE. In haar antwoord op de Kamervragen van PvdA-Kamerlid Jacobi ontkende voormalig staatssecretaris I&M Wilma Mansveld dat Nederland achterop zou lopen. Integendeel, vond ze. Maar Van Houten zegt dat het beeld dat Mansveld schetst te rooskleurig is. 

'Wat ontbreekt voor deze stofgroep, en waaraan in Nederland tot op heden nauwelijks aandacht aan wordt besteed, is een goed curatief beleid gericht op de PFAS stoffen die al in het milieu, bodem, water, sediment, stortplaatsen etcetera, aanwezig zijn. In het kader van de Kaderrichtlijn Water gelden vanaf 2018 normen voor PFOS, waaraan getoetst kan worden of het watersysteem voldoet. Voor herstel van de bodem ontbreekt het vooralsnog aan generieke normen en specifieke beleidsinstrumenten. Ook dient hiervoor de kennis bij decentrale overheden voldoende en adequaat te zijn om te kunnen handelen.' 

'Hoe ga je als overheid om met aansprakelijkheden voor situaties waarvoor je zelf een vergunning hebt afgegeven en waar nu blijkt dat er mogelijk risico's door zijn ontstaan?'

'Onze Nederlandse wetgeving zorgt in dit verband voor extra juridische, en dus ook financiële, complicaties. De Wet bodembescherming maakt onderscheid tussen 'historische' en 'recente' verontreinigingen. De sanering van historische gevallen, grofweg ontstaan voor 1987, is gericht op het wegnemen van risico's. Omdat het destijds vaak niet bekend was dat bepaalde activiteiten een bodemverontreiniging konden veroorzaken, is de Rijksoverheid bereid bij te dragen aan de saneringskosten. Voor verontreinigingen ontstaan na 1987 geldt herstelplicht conform art 13 Wbb en is de Wet Milieubeheer het wettelijke kader. Dat betekent dat de vervuiler op eigen kosten moet zorgdragen voor het saneren van de verontreiniging. Beide wetten gaan in dat geval uit van het "de vervuiler betaalt"-principe.' 

Ten aanzien van dat punt ziet Van Houten twee vragen opdoemen. Mogen of moeten stoffen als PFAS in dit kader als 'recente verontreiniging' worden beschouwd? Immers, tot lang na 1987 was het schadelijke effect niet bekend. 'En hoe ga je als overheid om met aansprakelijkheden voor situaties waarvoor je zelf een vergunning hebt afgegeven en waar nu blijkt dat er mogelijk risico's door zijn ontstaan?'  De case-Dordrecht is daar een van, maar ook het verplichte gebruik van PFOS in bepaalde type blusschuimen, die volgens de vergunning verplicht gebruikt werden om mee te oefenen. De brandweer heeft op die manier – daartoe dus verplicht door de overheid – meegewerkt aan verontreiniging van het grondwater rond testterreinen. Over de omvang daarvan is maar weinig bekend. 

De provinciale overheid en Chemours 'hebben iets goed te maken', vindt Tweedekamerlid Jacobi 

 

Verschillende lokale politici vragen zich nu af of de verantwoordelijke autoriteiten ten aanzien van het onderzoeken van de gevolgen van de vervuiling met PFOA niet te passief optreden. Ze stellen ook vraagtekens bij de rol die de provincie Zuid-Holland speelt. De provincie is immers gebaat bij de vestiging van grote bedrijven. Milieudiensten zoals OZHZ controleren eigenlijk alleen of aan de voorwaarden van de verleende lozingsvergunningen is voldaan. Ze zijn daarvoor afhankelijk van de gegevens die ze krijgen van de betrokken ondernemingen. Daarvan is gebleken dat ze niet altijd kloppen. En ongewenste uitstoot kunnen ze niet voorkomen. De normering wordt niet door de landelijke overheid bepaald. Die is afhankelijk van Europese regelgeving. Ten aanzien van fluorkoolstoffen hebben met name de Scandinavische landen voor een versnelling van de regelgeving gezorgd, maar die is nog niet gereed. 

Tweede Kamer-lid Jacobi, die onder meer drinkwater in haar portefeuille heeft, zegt binnenkort nieuwe vragen te zullen stellen aan het ministerie van Infrastructuur en Milieu. Ze vindt dat Chemours en de provincie 'iets goed te maken hebben' en pleit voor een bevolkingsonderzoek. Ook statenlid Minderhout vindt dat zo'n onderzoek er snel moet komen. Duidelijkheid zou juist onrust weg kunnen nemen, denkt hij. Hij vindt dat de provincie veel krachtiger de regie zou moeten voeren. 

Maar gedeputeerde Rik Janssen (SP) van de provincie Zuid-Holland, onder meer verantwoordelijk voor bodem, water, toezicht en handhaving, heeft laten weten weinig te voelen voor een bevolkingsonderzoek. Hij wil eerst het RIVM-onderzoek afwachten, en laat weten ervan uit te gaan dat dit medio maart gereed is. Afgezien van de kosten die aan zo'n onderzoek zijn verbonden, zou het volgens Janssen juist leiden tot onnodige onrust. 'Mochten de conclusies van het onderzoek daar aanleiding toe geven, dan zal de provincie in overleg met de rijksoverheid en de betrokken gemeenten zich beraden op passende vervolgstappen. Het is te vroeg om nu al vooruit te lopen op het onderzoek van het RIVM.'

Op het verwijt van statenlid Minderhout dat Janssen niet de regierol vervuld die hij zou moeten vervullen, antwoordt de gedeputeerde dit: 

'Verschillende overheden zijn bevoegd gezag voor Chemours. De provincie Zuid-Holland voor de omgevingsvergunning en het toezicht daarop, de gemeente Dordrecht voor de Wet bodembescherming. Deze wettelijke taken van de provincie en de gemeente worden door de Omgevingsdienst Zuid-Holland Zuid uitgevoerd. Rijkswaterstaat is bevoegd gezag voor de directe lozingen op de rivier. De Inspectie Sociale Zaken en Werkgelegenheid is bevoegd gezag voor het toezicht veiligheid van werknemers. Tot eind 2009 was het waterschap Hollandse Delta bevoegd gezag voor indirecte lozingen (lozingen op het riool). Daarna is de bevoegde taak overgedragen aan de provincie.' 

Kortom, de verantwoordelijkheid is versnipperd. Als iedereen verantwoordelijk is voor een deeltje, voelt niemand zich verantwoordelijk voor het geheel. En daar ligt wellicht de kern van het probleem van het milieutoezicht en de handhaving van milieuregelgeving in het algemeen. Hoe dan ook leidt het gebrek aan werkelijk 'bevoegd gezag' niet tot de doortastende aanpak waaraan in Dordrecht e.o. nu zo'n grote behoefte is. 

Lees hier de andere artikelen die Follow the Money over deze zaak heeft gepubliceerd. 

 

kader

Welk effect hebben de lozingen in de lucht gehad?

Toxicoloog Martin van den Berg was zaterdag te gast bij Drechtstad FM naar aanleiding van het nieuws over de illegale uitstoot van DuPont. In het interview zegt hij dat de gevolgen moeilijk zijn in te schatten. Hij vermoedt dat de concentratie PFOA door de wind behoorlijk is verdund, maar erkent dat hij daarover geen absolute zekerheid heeft. De zorgen van de inwoners zijn begrijpelijk, maar waarschijnlijk overdreven, vindt hij. Meer zorgen maakt hij zich over (ex-)werknemers:  'De werknemers zijn aan concentraties blootgesteld die 1000 keer hoger zijn dan normaal.' Van den Berg bevestigt dat hoge concentraties PFOA effecten kunnen hebben op de hormoon- en cholesterolhuishouding en dat er een verband is met sommige kankersoorten.

Het probleem voor de werknemers is dat het wel tien tot twintig jaar kan duren voordat de aanwezigheid van de stof tot normalere hoeveelheden is gedaald. PFOA wordt vrijwel niet afgebroken en via voedsel en lucht komen er steeds kleine hoeveelheden bij. Over de achtergrondwaarden maak Van den Berg zich niet zoveel zorgen, maar voor risicogroepen zoals zwangere vrouwen en zuigelingen maakt hij een uitzondering. Een groot bevolkingsonderzoek is volgens hem niet nodig. Een beperkt bloedonderzoek voor (ex-)werknemers en de kinderen van vrouwen die zwanger waren of zoogden in de tijd dat de uitstoot plaatshad is volgens Van den Berg voorlopig voldoende. 

Beluister hieronder het interview. 

Lees verder Inklappen

Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

Over de auteur

Arne van der Wal

Gevolgd door 433 leden

Mede-oprichter van FTM. Is gek op digitale technologie, maar koestert analoge techniek. Beoefent wing chun kungfu.

Volg Arne van der Wal
Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
Annuleren
Dit artikel zit in het dossier

Chemours & DuPont

Gevolgd door 155 leden

In de Verenigde Staten wordt de PFOA-vervuiling door het Amerikaanse chemiebedrijf DuPont omschreven als een van de grootste...

Volg dossier