Beeld © JanJaap Rypkema

Waarom advocaten niet deugen als onafhankelijke fraude-onderzoekers

Advocaten worden steeds vaker ingehuurd door partijen die bij fraude betrokken zijn, om onafhankelijk onderzoek te doen. Het Openbaar Ministerie stelt daar zelfs prijs op. Dit type dienstverlening is een nieuw en lucratief bedrijfsmodel voor advocatenkantoren, maar biedt tegelijkertijd veel mogelijkheden voor misbruik. Hoe eerder we van deze ‘publiek-private-samenwerking’ worden verlost, hoe beter het is.

Frederique vraagt door

Op slechts enkele honderden meters van de brug waar in 1944 het belangrijkste deel van de slag om Arnhem werd geleverd, bevindt zich het rechthoekige betonnen Paleis van Justitie. Het is woensdagmiddag 23 september en de stad hangt vol met herdenkingsvlaggen die de door de Geallieerden verloren slag markeren.

In het gerechtsgebouw staat een zitting tussen de vroegere geliefden Brigitte van Egten en zakenman Gerard Sanderink op de rol. Sinds de Twentse eigenaar van automatiseringsconcern Centric en bouwbedrijf Strukton in de ban is geraakt van de zelfverklaarde ‘cyberexpert’ Rian van Rijbroek, vecht hij een bizar en verbeten conflict uit met zijn vroegere vriendin, die ook jarenlang zijn zakenpartner was. De zitting in Arnhem is de dertiende rechtszaak binnen een tijdsbestek van anderhalf jaar.

Verbruggen maakt op potsierlijke wijze duidelijk dat van zijn zelfverklaarde ‘onafhankelijkheid’ niet eens een laagje vernis resteert

In de zaal zitten tal van journalisten en betrokkenen, plus een grijsharige man in een blauw pak die als enige niet wil zeggen wie hij is. Het blijkt Aldo Verbruggen te zijn, de financieel-economisch strafrechtadvocaat die door Sanderink is ingehuurd om onafhankelijk onderzoek te doen naar de vermeende fraude bij zijn bedrijven Dutch Solar Systems (DSS) en het Duitse Wagner Solar GMBH. Sanderink beweert voor de zoveelste keer met schrille stem dat zijn ex hem heeft bestolen, een claim die hij in eerdere zaken niet kon bewijzen. Verbruggen maakt dezelfde middag op potsierlijke wijze duidelijk dat van zijn zelfverklaarde ‘onafhankelijkheid’ niet eens een laagje vernis resteert.

Geen snipper bewijs

Van Egten kreeg in 2003 de leiding over het zonnepanelenbedrijf DSS en later ook over Wagner Solar GMBH. Ze deed dat op succesvolle wijze: van zowel DSS als Wagner wist ze winstgevende bedrijven te maken. Sinds november 2018 beschuldigt Sanderink haar echter openlijk van diefstal, het opzetten van illegale transporten naar Gambia, seksuele contacten met criminele Afrikaanse mannen en van commerciële activiteiten in de porno-industrie. Ook verwijt Sanderink haar dat zij, door informatie aan de AIVD toe te spelen, heeft veroorzaakt dat de FIOD in februari 2019 een inval bij zijn bouwbedrijf Strukton heeft gedaan.

Voor geen van deze beschuldigingen – die voor een belangrijk deel uit het brein van Van Rijbroek zijn ontsproten – kon de vermogende ondernemer ook maar een snipper bewijs aandragen. 

Sanderink wist via DSS de hand te leggen op persoonlijke e-mails en documenten van Van Egten, die hij voorzag van ernstige beschuldigingen en aan verschillende journalisten doorstuurde, ook aan Follow the Money. De Amsterdamse rechtbank veroordeelde Sanderink in 2019 voor zijn smadelijke uitlatingen en verbood hem ten strengste de e-mails en documenten te doorzoeken en met anderen te delen.

De rechtbank formuleerde één uitzondering: Sanderink mag een onafhankelijk onderzoeker naar het verzamelde materiaal laten kijken. En dat is wat de zakenman doet. Hoewel er al vier onderzoeksrapporten liggen die aantonen dat Van Egten geen fraude heeft gepleegd, en ook de Amsterdamse rechtbank dit vorig jaar concludeerde, is Sanderink nog steeds van het tegendeel overtuigd.

De advocaat-onderzoeker laat weten dat de richting van zijn onderzoek al door zijn opdrachtgever Sanderink is bepaald

De man die hij voor het onderzoek aantrekt, is voormalig officier van justitie Aldo Verbruggen. Op 18 februari van dit jaar maakt de advocaat-onderzoeker zich per mail bij Van Egten bekend. In de mail laat hij weten dat de richting van het onderzoek al door opdrachtgever Sanderink is bepaald: ‘de (vermoedelijke) wederrechtelijke onttrekking van goederen aan DSS’.

Ook maakt hij alvast zijn voorlopige bevindingen bekend: ‘Naast de wederrechtelijk onttrekking van goederen aan de activa van de onderneming zal ook het uitoefenen van niet-gemelde nevenfuncties die schadelijk kunnen zijn voor de reputatie van de onderneming en het gebruik van uw zakelijke account ten behoeve van (voor de reputatie van de onderneming schadelijke) nevenactiviteiten aan de orde komen.’ Hij sluit af met de vraag of Van Egten wil meewerken aan een interview.

De toon is gezet.

‘Akelig klein hondje’

Van Egten twijfelt vanaf die eerste kennismaking aan de onafhankelijkheid van Verbruggen. Daar heeft ze nog een andere zwaarwegende reden voor: de advocaat is dan al werkzaam voor Sanderinks bouwbedrijf Strukton, dat door de FIOD verdacht wordt van corruptie en valsheid in geschrifte bij het binnenhalen van een grote opdracht in Saoedi-Arabië.

Van Egten vindt het niet erg als een onafhankelijk advocaat onderzoek naar de zaak doet, ze weet dat haar niets valt te verwijten, maar Verbruggen voldoet volgens haar niet aan dat criterium. Nadat hij zijn voorlopige bevindingen bovendien voortijdig deelt met een andere advocaat van Sanderink – die daar vervolgens weer nieuwe beschuldigingen uit filtert – is het voor Van Egten helder: Verbruggen zit volledig in het kamp van Sanderink. Dat blijkt ook rond de zitting in Arnhem.

Deze rechtszaak heeft betrekking op het arbeidsconflict dat ontstond nadat Sanderink Van Egten als bestuurder van DSS ontsloeg. Wanneer de rechter de zitting schorst en de arbeidsrechtadvocaat van Van Egten achter Verbruggen aanloopt om hem te vragen wie hij is, ontstaat er een verbale schermutseling. Verbruggen noemt de raadsman van Van Egten een ‘keffertje’ zonder hem antwoord te geven. ‘Dit is mijn vriend,’ zegt Sanderink, die eveneens weigert toe te lichten wie de man is die hij bij de arm neemt en zijn gevolg in trekt.

"Het weinig integere optreden van Aldo Verbruggen als ‘onafhankelijk advocaat-onderzoeker’ zou een incident kunnen zijn, maar is dat helaas niet"

Van Egtens advocaat hoort van andere aanwezigen wie de ‘vriend’ van Sanderink is en maakt bij de hervatting van de zitting melding van het incident. Hij stuurt Verbruggen later een mail waarin hij de gebeurtenissen nog eens beschrijft. Verbruggen reageert per mail: ‘Op die bewuste dag heb ik u niet toegevoegd dat u op een klein keffertje leek, omdat u optreedt voor mevrouw Van Egten, maar omdat u zich onbehouwen gedroeg en daarvan verbaal blijk gaf op een manier die mij deed denken aan een akelig, klein hondje dat in je pijpen blijft hangen, terwijl deze een onaangenaam geluid maakt.’

‘Het is inmiddels wat opzichtig dat u en anderen pogen incidenten te creëren die er vervolgens toe zouden moeten leiden dat het partij Van Egten in staat stelt mijn onpartijdigheid in twijfel te trekken,’ voegt Verbruggen eraan toe.

De twijfel over de partijdigheid van Verbruggen wordt op 3 november gegrond verklaard. Dan oordeelt het Arnhemse hof – in een arrest in een andere procedure tussen Van Egten en Sanderink – dat de advocaat-onderzoeker zijn onafhankelijkheid onvoldoende heeft kunnen aantonen. Hij staat Sanderink al bij in het strafrechtelijke onderzoek van de FIOD naar omkoping in Saoedi-Arabië en heeft duidelijk onder één hoedje gespeeld met een andere advocaat van Sanderink, door zijn voorlopige bevindingen in het onderzoek met hem te delen.

Meer dan een incident

Het weinig integere optreden van Aldo Verbruggen als ‘onafhankelijk advocaat-onderzoeker’ zou een incident kunnen zijn, maar is dat helaas niet. Er gaat vaker iets mis wanneer advocaten worden ingehuurd om onafhankelijk onderzoek te doen, met name wanneer dat een fraude-onderzoek bij hun eigen cliënten betreft.

Het Financieele Dagblad beschreef in maart van dit jaar hoe de fiscale adviseurs van kantoor Baker Tilly een klant ‘onder de bus’ gooiden met een ‘onafhankelijk’ onderzoek van advocatenkantoor NautaDutilh. Dit in een poging om zichzelf vrij te pleiten bij het opzetten van frauduleuze fiscale routes via Cyprus. De gedupeerde klant liet de krant zien dat het rapport van NautaDutilh aan alle kanten rammelde en een ‘loopje nam met de waarheid’. De advocaten van NautaDutilh hadden meerdere petten op in hetzelfde dossier: ze waren 'onafhankelijk onderzoeker', adviseur en strafpleiter. Een reconstructie van de Volkskrant liet in 2018 al zien dat de rol van onafhankelijk onderzoeker bepaald verre van serieus werd genomen*

Minister Grapperhaus vindt het een goed idee om de overtreffende trap van zelfregulering te omarmen: zelfonderzoek

Vorig jaar lieten de advocaten van NautaDutilh in het Financieele Dagblad al hun bijval horen toen ze vernamen dat het Openbaar Ministerie vaker gebruik wil maken van advocaat-onderzoekers die door de verdachte bedrijven zelf zijn ingehuurd. Voor het OM is de rationale simpel: wanneer advocaten zelf onderzoek naar witteboordencriminelen doen, is er minder inzet nodig van de opsporingsambtenaren van de FIOD. Ook minister Ferd Grapperhaus, zelf voormalig Zuidas-advocaat, vindt het een goed idee om de overtreffende trap van zelfregulering te omarmen: zelfonderzoek. Voor de Zuidas-advocaten is het een aantrekkelijke optie: ze boren er een nieuwe, lucratieve dienst mee aan.

Voor een witteboordencrimineel biedt het inhuren van een advocatenkantoor grote voordelen ten opzichte van een forensisch onderzoeksbureau: advocaten mogen zich beroepen op hun verschoningsrecht en zijn in staat om de criminele feiten van hun goedbetalende clientèle te verhullen. Omgekeerd kunnen ze desgewenst frauduleuze handelingen construeren, zoals de zaak-Baker Tilly aantoont en Verbruggen in de zaak-Van Egten laat zien.

Misleidend onderzoek

Afgelopen zomer wezen de wakkere Kamerleden Maarten Groothuizen (D66) en Michiel van Nispen (SP) in een ingezonden stuk in Het Financieele Dagblad op dit gevaar. ‘Het risico [ligt] op de loer dat het OM zich baseert op partijdig en zelfs misleidend onderzoek,’ schreef het tweetal. Groothuizen en Van Nispen snappen goed waar het schuurt: advocaten zijn ‘bij wet verplicht om te handelen in het belang van hun cliënt en dienen daarom partijdig te zijn. Dit maakt hun rol moeilijk verenigbaar met die van onafhankelijk, objectief onderzoeker. Als de bedrijfstop wetenschap had van fraude, kan van een advocaat niet worden verwacht dat hij hierop de nadruk legt in het zelfonderzoeksrapport.’

Het is pure ironie dat juist advocaat Aldo Verbruggen – die zelf ijverig aan de weg timmert met zijn ‘onafhankelijke’ onderzoekspraktijk – beide Kamerleden een week later in dezelfde krant van repliek dient. Op een wankele manier betoogt hij dat advocaten uit meerdere lagen van de organisatie de opdracht kunnen krijgen van ‘onverdachte vertegenwoordigers’ en dat het heus niet zo makkelijk is om het Openbaar Ministerie te misleiden.

De zaak-Keolis

Helaas wijst de praktijk anders uit. De misleiding door de advocaten kan om te beginnen al plaatsvinden voordat het OM of de FIOD überhaupt in beeld komt. Dat bleek uit de aanbestedingsfraude die bij openbaar vervoersbedrijf Keolis plaatsvond. In mei onthulde Follow the Money deze fraude, waarbij side letters werden ingezet om heimelijke afspraken te maken met de leveranciers van elektrische bussen. Dit met als doel om de concessie IJssel-Vecht ter waarde van 900 miljoen euro binnen te halen.

Dat lukte Keolis in 2019; er stond toen net een nieuwe topman aan het roer, Frank Janssen. Die had vanzelfsprekend alle belang om de belangrijke concessie binnen te slepen. ‘Als we IJssel-Vecht hadden verloren, waren we circa een kwart van onze omzet kwijt geweest – nu groeien we juist,’ zei Janssen in maart in een interview op de website van Keolis.

Janssen koos voor de advocaten omdat hij wist dat die zich op hun verschoningsrecht kunnen beroepen

Toen diezelfde maand door een oplopend conflict met een leverancier een van de frauduleuze side letters kwam bovendrijven, realiseerde Janssen zich onmiddellijk dat er stront aan de knikker was. Een van de eerste dingen die Janssen deed, was het Amsterdamse advocatenkantoor Kennedy Van der Laan inhuren om het ‘onafhankelijke’ fraude-onderzoek te laten doen. Hij koos bewust niet voor de forensische route, vernam FTM uit bronnen die dicht bij de topman zaten. Janssen koos voor de advocaten omdat hij wist dat die zich op hun verschoningsrecht kunnen beroepen. Ongeveer zo sprak hij dat ook ten overstaan van het management uit. Wie zoiets zegt, heeft vaak iets te verhullen.

De feiten uit de geheime rapporten – die in handen zijn van FTM – wijzen daar ook op. Alle inspanningen van de advocaat-onderzoekers zijn erop gericht om de schuld van de fraude zo laag mogelijk in de organisatie neer te leggen. ‘Het is een incident geweest, geïnitieerd door één persoon,’ stellen de advocaten Frits van der Woude en Richard-Jan Roks van Kennedy Van der Laan. Als hoofddader wordt een lagere manager geïdentificeerd. Ook wordt willens en wetens een vermoedelijk onschuldig directielid publiekelijk geslachtofferd, zonder hem later weer te rehabiliteren.

Tegelijkertijd wordt de manager die verantwoordelijk was voor het binnenhalen van de concessie de hand boven het hoofd gehouden. Deze manager, wiens handtekening onder een van de side letters stond, werd op freelance basis ingehuurd. Direct betrokkenen en mensen die bekend zijn met grote aanbestedingen achten het ondenkbaar dat hij zijn opdrachtgever Frank Janssen niet heeft ingelicht over het zetten van deze frauduleuze krabbel.

De patronen zijn herkenbaar. Het zijn handelingen die vergelijkbaar zijn met de acties van de ernstig in opspraak geraakte fiscalisten van Baker Tilly.

"Het onderzoeksdossier van Kennedy Van der Laan is voor niemand buiten het slechts drie koppen tellende crisisteam toegankelijk"

De advocaten van Kennedy Van der Laan kregen bovendien ruim zes weken de tijd om hun werk te doen, voordat Janssen zijn opdrachtgevers – de provincies Overijssel, Gelderland en Flevoland – informeerde over de misstanden binnen zijn organisatie. Gedurende die hele periode waren de advocaten zowel fraude-onderzoekers als adviseurs van de raad van bestuur van Keolis, die Janssen voor het gemak ook nog flink had uitgedund. Het onderzoeksdossier dat Kennedy Van der Laan heeft geproduceerd, is voor voor niemand buiten het slechts drie koppen tellende crisisteam toegankelijk, zo lieten bronnen eerder aan FTM weten, maar mogelijk dat dit spoedig zal veranderen. De grote instigator van de aanpak bij Keolis – ceo Frank Janssen – verliet vorige maand het OV-bedrijf. In het begeleidende persbericht werden ‘privé-omstandigheden’ als reden voor zijn vertrek aangevoerd.

Hoe de zaak bij Keolis ook afloopt, uit het FTM-onderzoek blijkt dat er veel is aan te merken op de wijze waarop de ‘onafhankelijke’ advocaat-onderzoekers in samenwerking met de topman hebben geopereerd. Aldo Verbruggen heeft in de zaak-Van Egten inmiddels afgedaan als ‘onafhankelijk’ onderzoeks-advocaat, voor zover hij dat ooit was.

Beide kwesties laten zien dat het inzetten van een advocatenkantoor bij een fraude-onderzoek geen goede keuze is wanneer het publieke belang van waarheidsvinding voorop moet staan. Het kan het slechtste in advocaten naar boven halen. Het is dan ook geen goed idee van minister van Justitie Grapperhaus om uit capaciteitsgebrek bij het OM advocatenkantoren hiervoor ruimte te bieden. Hoe eerder we van deze ‘publiek-private-samenwerking’ worden verlost, hoe beter het is.