Onderzoek ontkracht belangrijkste argumenten voor én tegen genetische modificatie

    Het eten van genetisch gemodificeerde gewassen is niet schadelijk. Het zorgt echter ook niet voor een grotere oogst en is daarmee niet de sleutel tot een efficiëntere voedselvoorziening. Dat zijn de bevindingen van een speciale commissie van de National Academies of Sciences (NAS). Daarmee zijn de belangrijkste argumenten van de voor- én tegenstanders van tafel.

    In Washington D.C. presenteerde een speciale commissie van de wetenschappelijke koepelorganisatie National Academies of Sciences  op 17 mei haar bevindingen inzake genetische modificatie. ‘Het was een lange weg,’ aldus voorzitter Fred Gould. De commissie had de opdracht om via een meta-onderzoek duidelijkheid te verkrijgen over mogelijke negatieve en gunstige effecten van ‘genetically modified crops’ (GMO’s) die nu in de handel zijn en van dergelijke gewassen die er nog aankomen. Het resulteerde in een lijvig rapport van bijna 400 pagina’s, bedoeld om de partijen in het gesprek rond de controversiële techniek van genetische modificatie van gewassen uit de loopgraven te trekken. Meteen werd duidelijk hoe diep de verdeeldheid is; Gould was zichtbaar geïrriteerd toen hij meteen verwijten uit het non-GMO-kamp kreeg. ‘Do you think you can play god?’ was de vraag. Was het niet overduidelijk dat de commissie vooringenomen was, gezien de referenties naar onderzoek van biotechbedrijf Monsanto? De organisatie waar veel van de kritiek van GMO-tegenstanders zich op richt.

    Was het niet overduidelijk dat de commissie vooringenomen was, gezien de referenties  naar onderzoek van Monsanto?

    Het onderzoek van de commissie concentreerde zich op gewassen die resistent zijn tegen herbiciden en insecten. Wereldwijd is 12 procent van de gewassen gemodificeerd, aldus de commissie. Dit zijn onder andere de maïsgewassen van Monsanto. De NAS heeft de data en onderzoeken genoemd in het rapport, die vanaf 1996 zijn onderzocht. Rond die tijd kwamen er met name in de Verenigde Staten steeds meer genetisch gemodificeerde gewassen bij.

    Heilige huisjes tegen de grond

    Het onderzoek ontkracht een claim van voorstanders van GMO door te stellen dat GMO’s per saldo geen hogere oogst opleveren.

    De voorstanders claimen namelijk dat door aanpassing van gewassen de voedselvoorziening veiliger en beter is. Dat is dus niet het geval. Maar ook haalt de commissie, waarvan veel leden medische experts zijn, de aantijging onderuit dat GMO’s op de lange termijn schadelijk zouden zijn voor de gezondheid. Er is daarvoor simpelweg geen overtuigend wetenschappelijk bewijs gevonden. De onderzoeken die dit wel hebben aangetoond, zijn volgens de commissie op te kleine schaal uitgevoerd. 

    Juist die twee argumenten zijn het meest gebruikt door de voor- en tegenkampen. Het is een debat waarin veel wetenschappelijke publicaties elkaar tegenspreken. De onderzoekers stellen dat van slechts de helft van alle studies naar genetische modificatie te achterhalen is hoe deze zijn gefinancierd. Daarmee probeert de commissie tot enige consensus te komen in het debat rond de controversiële technieken. De commissie heeft niet de nieuwste generatie GMO’s, bijvoorbeeld de gewassen die droogteresistent zijn, onderzocht omdat die nog relatief nieuw zijn.

    De onderzoekers stellen dat van slechts de helft van alle studies naar genetische modificatie te achterhalen is hoe deze zijn gefinancierd

    Ook doet het rapport geen uitspraken over de toekomstige effecten. ‘Wat we gedaan hebben is de gezondheidseffecten in de Verenigde Staten vergeleken met die van het Verenigd Koninkrijk en de Europese Unie, daar worden GMO’s namelijk niet tot nauwelijks gebruikt. We hebben over een periode van twintig jaar geen bewijs kunnen vinden voor de bewering dat GMO’s schadelijk zouden zijn in de toekomst. Dat wil niet zeggen dat die er niet zijn, wie weet ondervinden we de schade pas over veertig jaar.’ Daarmee blijft de deur voor de hardliners in dit debat op een kier.

    Verder was een belangrijke opmerking van de onderzoekers dat de manieren waarop de gewassen ontwikkeld worden, de biologische en de technologische methode, nauwelijks van elkaar verschillen: 'De klassieke veredeling en genetische modificatie lijken erg op elkaar. Het is goed mogelijk dat ze in de toekomst niet of nauwelijks van elkaar zijn te onderscheiden.' Daarom zou het beleid gericht moeten zijn op de eigenschappen van de plant, in plaats van de manier waarop de plant is veredeld als belangrijkste uitgangspunt te nemen. Het belangrijkste voordeel van GMO’s is dat ze minder bestrijdingsmiddelen vragen.

    Op de website van de commissie is niet alleen het rapport te lezen, maar kan er ook via fora gediscussieerd worden over specifieke opmerkingen en bevindingen van de commissie.

    Morgen publiceert FTM een Nederlands praktijkverhaal over de richtingenstrijd tussen genetisch gemodificeerde en biologische landbouw.

    Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

    Over de auteur

    Sem van den Brink

    Schrijft voor Follow the Money over Wageningen en alles wat daarmee te maken heeft.

    Volg Sem van den Brink
    Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
    Annuleren