© ASML

ASML-ceo Peter Wennink: ‘Langetermijnvisie is het enige dat telt’

  • het hangt er een beetje vanaf hoeveel expats er werken bij asml.

De ceo van de grootste vermogensbeheerder ter wereld, Larry Fink, stuurt al enkele jaren een Nieuwjaarsbrief naar de bedrijven in zijn portfolio. Hij roept ze op sociale en duurzaamheidsdoelen te definiëren en niet alleen kortetermijnwinsten na te streven. FTM besloot daarover met een aantal Nederlandse bedrijven te praten waarin Fink belegt.

De hoofdvestiging van ASML staat op een industrieterrein net buiten Veldhoven. Vrachtwagens rijden af en aan. ASML zet ’s werelds meest complexe machines in elkaar: daarmee maken chipfabrikanten de microscopisch kleine bouwstenen voor onze elektronica. De onderdelen voor die machines worden uit binnen- en buitenland aangeleverd, van robotische armen tot laserlichten en enorme lenzen. De assemblage vindt plaats in Veldhoven. Onder steriele omstandigheden, want er mag geen enkel stofdeeltje in de machines terechtkomen; een operatiekamer wordt bij ASML als smerig omschreven.

Op de negentiende verdieping van het hoofdgebouw lopen geen mensen in witte pakken, maar bevindt zich het kantoorgedeelte. Een etage onder de bestuurskamer van ceo Peter Wennink kijk je door een groot raam uit over het bedrijfsterrein. ‘Hier ontvingen we in 2016 premier Mark Rutte en bondskanselier Angela Merkel,’ vertelt woordvoerder Monique Mols. ‘Maar de getallen over de omvang van het bedrijf die op het raam zijn geplakt, kloppen niet meer. We groeien met 150 werknemers per maand. Ze komen van over de hele wereld naar Veldhoven.’

ASML groeit razendsnel. In 2017 boekte het succesvolste technologiebedrijf van Nederland een recordwinst van ruim 2 miljard euro op een omzet van 9 miljard; voor 2018 stevent ASML af op een omzet van 11 miljard. Het bedrijf heeft momenteel een beurswaarde van 56 miljard en is na Shell en Unilever het hoogst gewaardeerde bedrijf op de Nederlandse aandelenbeurs. Ter vergelijking: de beurswaarde van ASML is het dubbele van Philips, het bedrijf waaruit ASML ooit ontstond.  

De rol van de aandeelhouder: BlackRock

De een na grootste aandeelhouder van ASML is het Amerikaanse BlackRock, de grootste vermogensbeheerder ter wereld, die liefst 6,3 biljoen dollar beheert. De ceo van BlackRock, Larry Fink, stuurt al enkele jaren een Nieuwjaarsbrief naar de bedrijven in zijn portfolio. Fink roept ze daarin op sociale en duurzaamheidsdoelen te definiëren en niet alleen kortetermijnwinsten na te streven. Die brief wordt elk jaar dringender in zijn bewoordingen. Fink eiste in 2018 dat langetermijnvisie de volle aandacht krijgt van elk bestuur en een duidelijke invulling in de bedrijfsstrategieën.

Geen van hun bestuurders kon dit jaar een uurtje vrijmaken voor een gesprek over duurzaamheid en de toekomst van het kapitalisme

De grootste vermogensbeheerder ter wereld zet dus in op de lange termijn. Luidt BlackRock daarmee het einde in van het kortetermijn-rendementsdenken waar het aandeelhouderskapitalisme berucht om is? Wat vinden de topmannen van Nederlands grootste bedrijven eigenlijk van de brief van Fink en wat betekent zijn focus op duurzaamheid voor hun bedrijfsstrategie?

Met die vragen in de hand, en in het kader van ons onderzoek naar BlackRock, benaderde Follow the Money in maart de Nederlandse bedrijven waar BlackRock grootaandeelhouder is. Wat bleek: FTM heeft niet echt toegang tot de bestuurskamers van Nederland. Bijna alle benaderde bedrijven lieten weten dat geen van hun bestuurders dit jaar een uurtje kon vrijmaken voor een gesprek over duurzaamheid en de toekomst van het kapitalisme. Slechts twee bestuurders waren zo dapper om op ons verzoek in te gaan: Maarten Edixhoven, ceo van Aegon Nederland, en Peter Wennink, ceo van ASML. Bij ASML geen nieuwe bedrijfsstrategieën, bestuurswissels, overnames, splitsingen, (afgeblazen) verhuizingen, of andere redenen om niet over duurzaamheid te hoeven praten. Wennink nodigde ons uit voor een goed gesprek over de maatschappelijke rol van ASML.

Cijfers

Peter Wennink (1957) begon zijn carrière als accountant bij Deloitte. Daar klom hij op tot partner en begeleidde in die hoedanigheid in 1995 de beursgang van ASML. Vier jaar later maakte hij de overstap: hij trad in 1999 aan als cfo van ASML, en werd in 2013 ceo.

Wie Wenninks kantoor ziet, weet meteen waar de belangrijkste klanten van ASML vandaan komen. Aan de muren hangen grote satellietfoto’s van Hong Kong, Korea en Taiwan. Op een kast prijkt een legertje ‘tombstones’, blokjes van plexiglas met logo’s van bedrijven die betrokken waren bij een succesvolle overname of deal; de blokjes worden in de financiële wereld als herinnering uitgedeeld.

Zijn financiële mensen betere bestuurders?

Uiteindelijk gaat het om de samenstelling van het team. Meer dan 80 procent van de mensen hier is ingenieur. Die hebben de neiging om de diepte in te gaan, waardoor ze het overzicht verliezen. Cijfers helpen om de connectie te maken tussen de verschillende bedrijfssilo’s. Cijfers zijn een soort blueprint van wat er gebeurt binnen het bedrijf.’

Je kunt toch niet alles in cijfers uitdrukken?

‘Sommige dingen zijn heel goed in cijfers uit te drukken. Wat ik prettig vind aan de financiële rapportage is dat er een set van regels en procedures in is uitgediept.  Daar zit consistentie in. Ik kan met mijn societal P&L een prachtig verhaal vertellen: dat ASML een impact van honderden miljarden heeft op de wereldeconomie en het welzijn van mensen. In the end is dat allemaal bullshit wanneer ik dat niet kan toetsen, als ik geen set van objectieve criteria heb waar ik dat langs kan leggen.’

Wat zijn die criteria dan?

Die vind ik heel moeilijk te definiëren. Als wij de volgende generatie EUV-machines op de markt brengen, kunnen we uitrekenen hoeveel energie en CO2-uitstoot daarmee wordt gereduceerd. Dan kun je zeggen: we besparen 25 kolencentrales. Maar wat zijn de negatieve effecten ervan? Het grootste probleem van de toekomst is inclusion. Welke mensen gaan nog meedoen en welke mensen niet?’

Heeft u de brieven van Fink gelezen?

Afgelopen jaar niet, het jaar daarvoor wel. Die kwam per post binnen bij de cfo. Hij schreef: stop het geld in je bedrijf en doe er wat leuks mee. Wij zeiden toen tegen elkaar: dat doen we al.’

Dus u heeft de prikkel van Fink niet nodig?

We zien de effecten van onverstandig omgaan met milieu terug in vervuiling, in hogere medische kosten en in grote maatschappelijke lasten

De aandeelhouder is één van de stakeholders en daar moeten we naar luisteren. Maar die is niet de enige stakeholder. Het gaat in principe om het bewaken van de balans tussen vijf groepen stakeholders: als ik teveel op mijn klanten focus, komen bijvoorbeeld mijn leveranciers in de knel. Als ik teveel op de aandeelhouders focus, komen mijn mensen, mijn klanten of de samenleving tekort. Als bestuurder van een public company ben je een stakeholder manager, een goedbetaalde stakeholder manager. Het gaat om de balans.’

Wennink vertelt dat de normen en waarden van alle vijf die stakeholders in beweging zijn. ‘Duurzaamheid vertaal ik in verantwoorde continuïteit. We zien de effecten van onverstandig omgaan met milieu terug in vervuiling, in hogere medische kosten en in grote maatschappelijke lasten. Bedrijven kunnen daar iets aan doen, maar ook de samenleving kan dat.’

Wat betekent dat concreet voor ASML?

‘Wij proberen aansluiting te vinden bij de sustainable development goals (SDG’s) van de Verenigde Naties (VN). Niet allemaal, maar de meest relevante, rekening houdend met onze functie in de samenleving: een technologiebedrijf dat zorgt voor continue exponentiële groei van reken- en opslagkracht. Met onze technologie kun je miljarden chips maken die veel energie-efficiënter zijn.

Daarnaast moeten we ook onze eigen machines energie-efficiënter maken. Dat betekent dat we veel uitgeven aan onderzoek, ontwikkeling en innovatie. Niet alleen binnen ASML: 50 procent van ons R&D-budget – 1,5 miljard dit jaar – gaat naar buiten toe, naar onderzoeksinstituten, leveranciers; de keten in.’

Langetermijnvisie en concurrentie

Voelen jullie geen druk om op de korte termijn winst te maken?

‘Nee. We zijn 10 jaar geleden begonnen met het vertellen van het langetermijnverhaal. We zetten alleen stippen op de horizon, van 5 jaar vooruit. Zo praten we er ook over met onze investeerders. De kwartaalberichten zijn wel belangrijk, want het zijn meetpunten.’ Wennink werkt een denkbeeldige lijst af, alsof hij een pen in zijn hand heeft: ‘Check the box, check the box, check the box.’

Het bedrijf draait momenteel goed. Gaat u extra investeren in duurzaamheid?

‘Langetermijnvisie is het enige dat telt. Geld moet je ophalen wanneer je het wordt aangeboden, niet wanneer je het nodig hebt. Dat heb ik al bij de economieles in de vierde klas geleerd.

In 2009 kregen we 9 maanden lang geen orders binnen, maar onze R&D ging gewoon door: we bleven vasthouden aan de technologie-roadmap. Dat kon omdat we 1,6 miljard op de bank hadden staan.’

Die luxe heeft natuurlijk niet iedereen. Bovendien heeft u weinig last van concurrentie.  

‘Je moet oorzaak en gevolg wel uit elkaar houden. Ik zie die luxepositie niet. Wij zijn in de crisis blijven investeren, daardoor ontwikkelden we sneller en kwamen we er met een hoger marktaandeel uit.’

Dus het is uw eigen prestatie?

Natuurlijk is het ook de omstandigheid. De ontwikkelingstijden zijn in onze industrie zo lang dat onze klanten samen met ons in een symbiotische relatie zitten. Wij zijn de systeemarchitect. We brengen het allemaal bij elkaar, maar doen dat samen met onze klanten en leveranciers, denk aan VDL en Carl Zeiss. Daar hebben we een groot voordeel.’

Maar u wordt nooit uitgedaagd door een concurrent die hetzelfde product aanbiedt.

‘Dat is ook niet nodig. De wet van Moore is onze concurrent. Onze drive voor innovatie is onze 15-jarige roadmap. Als we daaraan vasthouden creëren we waarde voor onze klanten, en de keten creëert waarde voor de samenleving.

De complexiteit neemt alleen maar toe. Ik zeg altijd: ik heb geen concurrenten nodig. Who needs competition if you have a customer like Samsung. Die zijn zo op de executie gefocust en op het managen van complexiteit. Ze drijven je tot het uiterste.’

Is er een andere partij die klaarstaat als jullie een steek laten vallen, of niet aan de wet van Moore voldoen?

‘Nee, die is er niet.’ Wennink grijpt opnieuw naar een Engelse oneliner: ‘Onze grote klanten zeggen: “You have to execute because there is no plan B.”’

Groot, groter, grootst

ASML heeft vestigingen in 60 plaatsen en 16 landen. Er werken meer dan 22 duizend mensen, waarvan ongeveer de helft op het hoofdkantoor in Veldhoven. Het bedrijf maakt machines waarmee microchips worden gemaakt. ASML heeft een marktaandeel van rond de 85 procent. Bijna driekwart van de omzet wordt in Azië gerealiseerd, minder dan 10 procent in Europa. ASML heeft een minderheidsbelang in belangrijke leveranciers zoals lenzenbouwer Carl Zeiss. Ongeveer 80 procent van de kosten van de machines worden gemaakt in de keten, voordat ASML de onderdelen in elkaar zet.

BlackRock is na Capital Group de grootste institutionele belegger in ASML, met een aandeel van meer dan 6 procent. In 2017 verkocht ASML bijna 200 machines voor 9 miljard euro en boekte een recordwinst van 2,12 miljard euro.

Lees verder Inklappen

Kortetermijn-rendement

Met een marktaandeel van 85 procent heeft ASML bijna een monopolie. Volgens Wennink belemmert die machtspositie de drang om te innoveren niet, en kan ASML zo juist focussen op de lange termijn. De geconcentreerde markt voor chipmachines is wat dat betreft uitzonderlijk. In de meeste andere sectoren is de markt meer gefragmenteerd en dicteert keiharde competitie de regels. We vragen hem naar zijn visie op andere sectoren.

De bedrijfssituatie van ASML is uniek en wijkt sterk af van die van andere multinationals. Kan een bedrijf als Unilever op dezelfde manier met de lange termijn bezig zijn?

‘Ik kijk zelf nooit naar de aandelenkoers’

‘In zekere zin kun je zeggen dat wij het makkelijker hebben. Unilever werkt, net als een chemiebedrijf zoals DSM, veel directer met de grondstoffen van de aarde. Ze kopen globaal in en hebben concurrenten die ze op de huid zitten, waardoor efficiëntie belangrijker wordt. De marges zijn ook smaller.’

Ligt de nadruk bij hen daardoor meer op de korte termijn?

‘Dat geloof ik wel, ja. Op het moment dat je veel concurrenten hebt en je toegevoegde waarde zit in kostenreductie, dan krijg je kortetermijn-gedachtegoed mee als erfgoed.’

Helpt het zulke bedrijven wanneer BlackRock ze aanspoort om voorbij de kortetermijnbelangen van aandeelhouders te kijken?

‘Ja, dat is absoluut goed, zeker omdat BlackRock een van de grootste institutionele beleggers ter wereld is. Je ziet overigens dat ze bij pensioenfonds ABP, waar ik extern lid ben van de beleggingscommissie, dezelfde mening zijn toegedaan. Normen en waarden zijn verschuivende panelen en de druk moet op een bepaalde manier zodanig hoog worden dat die panelen gaan schuiven. Dat is op dit moment gaande.

Duurzaamheid en winst zijn geen vijanden. Als wij energie-efficiënter zijn, levert dat ons ook geld op.’

Dus lange termijn en duurzaamheid zijn de toekomst?

‘Ik ben niet naïef: dat kortetermijndenken blijft, want de financiële wereld is niet homogeen. Ze zijn niet allemaal als meneer Fink. Er zijn ook duizenden fondsen die sturen op de kortetermijnberichten en sentiment. De vraag is: ben je daar gevoelig voor? Ik kijk zelf nooit naar de aandelenkoers.’

De rol van de overheid

Is het huidige kapitalistische model geschikt om de langetermijnvisie te stimuleren, of moet de overheid een grotere rol nemen?

‘Protectionisme is van alle tijden. Ik vind dat er niets mis mee is om de samenleving als investeerder in een bedrijf te zien. Dankzij de innovatiebox-regeling hebben wij een significant belastingvoordeel. Als je dat over de jaren bij elkaar optelt, is dat een miljardeninvestering van de samenleving. Wanneer een buitenlandse partij dan langskomt en zegt: ik neem dat bedrijf over want de wetten van het kapitalisme gelden, dan vind ik het niet vreemd dat de samenleving, de klanten of de ondernemingsraad zeggen: ik dacht het niet.’

Hoe moet de samenleving in zo’n geval protesteren?

‘Als de samenleving een risico neemt, is zij een investeerder, en dan heeft zij wel degelijk wat te zeggen’

‘Kijk naar de VS, Duitsland of Frankrijk, daar zegt een overheidsinstantie gewoon: dit gaat niet gebeuren. Ik vind het niet raar als Economische Zaken in zo’n situatie meekijkt, coördineert en bepaalt wat wij als samenleving hiervan vinden.’

Dus u zegt: de samenleving heeft geïnvesteerd via allerlei regelingen. Ook al staan daar geen aandelen tegenover, de samenleving komt dan wel degelijk een stem toe in een potentiële overname?

‘Als je risico neemt, ben je als samenleving een investeerder. Dat kun je gewoon aantonen en dan heb je wel degelijk wat te zeggen. Als je het specifiek op ASML betrekt: wij zouden hier zonder de overheid niet zitten. Begin jaren ’90 heeft de overheid dit bedrijf met ontwikkelingskredieten overeind gehouden. Dat geld was onze levenslijn. Het waren leningen afhankelijk van het resultaat; als je succesvol werd, moest je ze aflossen. Die kredieten zijn allemaal netjes terugbetaald met 7 procent rente.’

Had dat risico niet beter beloond kunnen worden met een aandelenpakket met een langetermijnrendement?

‘Dat was een keuze: 7 procent samengestelde rente was de afspraak.’

Maar een marktpartij had voor dat risico misschien wel 14 procent aan ASML gevraagd.

‘Als overheid moet je je afvragen of je je puur als marktpartij wilt gedragen, of ook andere verantwoordelijkheden hebt wanneer de markt een te hoge prijs rekent. Ik denk dat laatste: de overheid werkt faciliterend en voorwaardenscheppend – tegen een decentreturn. Of je nu aandeelhouder wordt of immateriële aandeelhouder. De indirecte return voor de overheid op die ontwikkelingskredieten is dat er nu 10.000 mensen hoogwaardig aan het werk zijn in de regio. En ASML pompt 4 miljard per jaar de keten in, waarvan 3 miljard hier in Nederland. Dat is ook een return.’

Samenwerking: kennisinstellingen, overheid en bedrijfsleven

Dus u bent geen typische kapitalist die vindt dat alles via marktprijzen moet lopen?  

Moet dat dan? Nee, dat ben ik niet. Misschien omdat ik wat ouder en wijzer ben. Zo werkt dat niet. Het is een samenwerking tussen kennisinstellingen, de overheid en het bedrijfsleven. Dat is een driehoek en dat doen we hier in deze regio heel goed.'

Wordt fundamenteel onderzoek niet het kind van de rekening wanneer het bedrijfsleven te nauw samenwerkt met kennisinstellingen?

Ik pleit continu voor fundamenteel onderzoek. Wij gebruiken resultaten van onderzoek van de Nederlandse Nobelprijswinnaar Zeeman voor onze EUV-machines. Dat is 100 jaar oud. Het is een pijplijn die een enorm lange payback time heeft, maar essentieel is. Een overheid kan voor 30 jaar zo’n visie neerleggen. In China en Taiwan doen ze dat goed. Dat zouden we hier ook moeten doen. Maar we hebben natuurlijk een probleem: elke 4 jaar hebben we een nieuwe regering. In het eerste en laatste jaar durven ze niks, dus in 2 jaar moeten ze beleid maken.’

Wennink staat op en loopt naar de satellietfoto van Taiwan die aan de wand hangt. ‘In  Taiwan zei men 30 jaar geleden: bedrijfsleven en overheid, wat is ons plan? Hoe gaan we de semi-conductorindustrie leven inblazen? Ze hebben toen van Hsinchu Science Park een vrijhandelszone gemaakt, onder het motto: je betaalt hier 25 jaar lang geen belasting, maar dan moet je wel hier en hier en hierin investeren. Dat is dus een investering in de samenleving. 20 procent van het bruto nationaal product van Taiwan komt nu daar vandaan. Er is een gigantische waarde gecreëerd.’

Als je een enorme omzet creëert maar daar geen belasting over heft, vloeit die waarde dan wel evenredig terug naar de samenleving?

‘Het creëert hoogwaardige banen. Hetzelfde hier: toen ik hier 20 jaar geleden begon, werkten er 600 mensen, nu 10 duizend. Die mensen worden bovengemiddeld goed betaald en de inkomstenbelasting vloeit de schatkist in. Wij pompen het geld niet hier rond, maar halen het van buiten. Dat is heel slim. Het komt uit de zakken van de Aziaten en Amerikanen; daar betalen we de salarissen mee, en dat gaat de schatkist in.’

Wennink ziet de samenleving als een belangrijke stakeholder in het bedrijfsleven; eentje die in de vorm van goedkope leningen, fundamenteel onderzoek en belastingvoordelen, miljarden heeft geïnvesteerd. De samenleving heeft zich volgens Wennink daarmee het recht verworven te profiteren van de bedrijfssuccessen. Binnen het kapitalistische kader betekent dat normaal gesproken meedelen in de financiële winsten, maar juist op dat punt is Wennink een andere mening toegedaan. Hij ziet het direct belasten van bedrijven niet als vereiste om iets aan de samenleving terug te geven. De investeringen en waardecreatie in het land of de regio zijn zelf al voldoende. Zijn redenering is dat bedrijven werkgelegenheid creëren en via de inkomstenbelasting van werknemers een deel naar de schatkist vloeit.

Zou je zelf iets tegen Larry Fink van BlackRock willen zeggen?

'Keep on going, Larry. Veel beleggingsexperts zitten nog in hun eigen wereld; het zijn vrij traditionele denkers. De fund managers zitten helemaal in de modus van value creation door het uitrekenen van cash flow multiples. Je ziet wel verandering: fund managers worden gevoed vanuit andere takken van het bedrijf.

Je moet alleen niet vergeten: bij APB praat je over een belegd vermogen van 400 miljard euro. By far the majority is belegd in de traditionele economie. Om de omslag naar duurzame bedrijven te maken heb je een allocatieprobleem. Waar zitten al die bedrijven die super sustainable zijn? Er is niet genoeg value om in te investeren. Het is een kwestie van tijd.’

Gaat die ontwikkeling snel genoeg?

‘De discussie over duurzaamheid die we nu voeren hoorde je 5 jaar geleden niet. De integratie is nog niet voltooid op het niveau van de mensen die de uiteindelijke beslissingen nemen, maar de trend is onomkeerbaar. Het is een olietanker en die krijg je niet van de ene op de andere dag om; dat gaat schoksgewijs. De Larry Finks en de ABP’s van deze wereld zijn daarin bepalend.’

Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

Over de auteur

Thomas Bollen

Gevolgd door 1642 leden

Onderzoekt als financieel econoom de 'economische religie' om nuttige inzichten van dogma's te scheiden.

Volg Thomas Bollen
Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
Annuleren