• De PvdVVD-fractie stelt dit soort vragen voor de vorm om de indruk te wekken dat ze anders zijn dan de primaire VVD-fractie - sluw he?

Scheefhuurders die te maken hebben met een structurele inkomensdaling, hebben aan hun goede jaren een hoge huur overgehouden. Dat is een gevolg van de inkomensafhankelijke huurverhogingen die de minister heeft ingevoerd. Zulke huurders moeten niet terug naar een lager huurniveau zegt de minister. Is dat een houdbare stelling?

In het officiële wereldbeeld van de VVD zijn zo’n beetje alle kernproblemen in de sociale huursector terug te voeren op het fenomeen goedkoop scheefhuren. Het betreft de groep sociale huurders die eigenlijk teveel verdient voor een sociale huurwoning, maar  geen aanstalten maakt om buiten de corporatiesector iets te zoeken. Die groep heeft een aantal jaren achter elkaar een soort strafhuurverhogingen gekregen: inkomensafhankelijke huurverhogingen. Op deze manier wil Minister Stef Blok van Wonen en Rijksdienst hen een prikkel geven om een woning te zoeken buiten de corporatiesector.

Zzp’er

Een systeem van inkomensafhankelijke huurverhogingen zou veel beter in de jaren ’60 van de vorige eeuw hebben gepast. De jaren waarin mensen overwegend in vaste dienst waren en dat tot hun pensioen bleven, liggen nu heel ver ver achter ons. Nogal wat mensen zijn zzp’er en hebben een wisselend inkomen. Anderen hadden ooit een vast dienstverband, maar zijn hun baan kwijtgeraakt met alle financiële gevolgen van dien. De vraag die al een tijdje speelt, is wat corporaties moeten doen met de huur van bewoners die ooit scheefhuurder waren, maar door structurele inkomensdalingen weer bonafide sociale huurders zijn geworden. Haal je de extra huurverhogingen die ze als scheefhuurder kregen er weer af, of handhaaf je die?

Een systeem van inkomensafhankelijke huurverhogingen zou veel beter in de jaren ’60 van de vorige eeuw hebben gepast

De minister heeft op 31 mei tijdens overleg in de Kamer over de Staat van de Volkshuisvesting, zijn mening over dit vraagstuk gegeven. Dit in antwoord op vragen van de PvdA-fractie. De minister vindt het geen goed idee om bij een structurele inkomensdaling de huur daarop aan te passen. Hij stelt dat huurders in dat opzicht niet anders behandeld moeten worden dan kopers. Een koper kan, als het financieel even tegenzit, ook niet naar de bank lopen en een aanpassing van zijn hypotheeklasten eisen. De minister vindt dat sociale huurders die met zo’n inkomensdaling te maken hebben, naar hun overige bestedingen horen te kijken en via bezuinigen een houdbare financiële situatie moeten creëren.

Het is een mooie rechtlijnige redenering van het soort dat we kennen van minister Blok, maar er valt nogal wat op af te dingen.

Ondernemersrisico

Ten eerste gaat die vergelijking met de koopsector mank. Iemand die een huis koopt, heeft een redelijk financieel zelfvertrouwen. De koper verwacht 30 jaar lang de hypotheeklasten te kunnen opbrengen. Hij durft het ‘ondernemersrisico’ van een huis kopen te nemen. Als een koper geluk heeft, kan hij in de loop der jaren een forse vermogenswinst op zijn huis boeken en die op een bepaald moment verzilveren. Bovendien subsidieert de regering kopers vorstelijk via de hypotheekrenteaftrek. Bij die situatie hoort ook dat je altijd verantwoordelijk blijft voor je keuze, ook als het even tegenzit.

Als een koper geluk heeft, kan hij in de loop der jaren een forse vermogenswinst op zijn huis boeken

Een sociale huurder zit nooit in een corporatiewoning omdat het hem of haar financieel zo voor de wind gaat. Als het even neerwaarts gaat met de economie, dan zijn de sociale huurders vaak de mensen die de hardste klappen krijgen. Dat geldt ook voor scheefhuurders, die meestal bruto per jaar maar een paar duizend euro meer verdienen dan hun regulier hurende buren. Al die huurders zijn kwetsbaar, en als groep zijn ze veel kwetsbaarder dan de gemiddelde eigenaar van een woning. Bovendien hebben ze niet de voordelen van kopers, dus mag je ze ook niet opzadelen met de nadelen.

Acceptgirootje

Een tweede punt is dat die inkomensafhankelijke huurverhogingen nadrukkelijk bedoeld waren om mensen te stimuleren door te stromen en niet om extra inkomsten te genereren. Als je bent teruggevallen in inkomen en je niet meer ‘in overtreding’ bent, dan zijn het nut en de rechtvaardiging van die extra huurverhogingen verdwenen. Die verhoging instandhouden, is zoiets als iemand die één keer is bekeurd voor te hard rijden maar zich sindsdien perfect aan de snelheidslimieten houdt, toch iedere maand weer een acceptgirootje voor een boete toe te sturen.

De inkomensafhankelijke huurverhogingen waren nadrukkelijk bedoeld om mensen te stimuleren door te stromen en niet om extra inkomsten te genereren

We zijn bij punt drie aangeland. Iemand die terugvalt tot onder het bruto inkomen dat recht geeft op huurtoeslag (circa 30.000 euro) en die niet wordt gecompenseerd met een verlaging van zijn huur, wordt in feite twee keer geraakt. Omdat de huur op een te hoog niveau wordt gehandhaafd, loopt deze huurder namelijk ook de huurtoeslag mis. Zo’n huishouden is er dus veel slechter aan toe dan de buren die een vergelijkbaar inkomen hebben. In hoeverre de uitspraak van de minister tot doel heeft mensen buiten de huurtoeslag te houden, valt niet te zeggen. Maar bezuinigen op de huurtoeslag is wel een belangrijke beleidsdoelstelling.

Wat gebeurt er trouwen met mensen die terugvallen in inkomen van bijvoorbeeld 32.000 euro, dat is boven de huurtoeslaggrens, tot 28.0000 euro, een inkomen dat weer wel recht geeft op huurtoeslag. Zegt de regering dan ook dat als je eenmaal de huurtoeslaggrens bent gepasseerd, je bij een inkomensdaling niet weer opnieuw huurtoeslag kunt aanvragen? Dat zou wel consequent geredeneerd zijn.

Ontmoediging

Punt vier moet een liberaal als Blok aanspreken. Als liberaal wil je graag dat mensen gestimuleerd worden om hard te werken, maar dit nieuwe plannetje van de minister is voor zzp’ers met een sociale huurwoning juist een prikkel om het op een bepaald moment wat kalmer aan te doen. Een calculerende zzp’er weet dat hij maar beter kan zorgen per jaar niet meer dan de sociale huurgrens te verdienen. Daarboven loopt hij immers het risico op extra huurverhogingen, die hij ook in mindere jaren moet blijven betalen. De regel is een ontmoediging voor zzp’ers om alles uit de kast te halen.

Dit nieuwe plannetje van de minister is voor zzp’ers met een sociale huurwoning juist een prikkel om het wat kalmer aan te doen

Een interessante vraag is wat er gebeurt als zo’n voormalige scheefhuurder besluit te verhuizen naar een krimpgebied, waar hij reageert op een sociale huurwoning. Wordt hij dan beoordeeld op zijn huidige inkomen, of kijkt die nieuwe corporatie naar het salaris uit het verleden. Ik weet bijna zeker dat zo iemand gewoon de op de site genoemde huur betaalt. Dus als je overstapt naar een andere corporatie, vervalt de redenering van de minister opeens.

Tot slot zegt de minister dat het verlagen van huren van voormalige scheefhuurders tot een enorme onzekerheid bij de corporaties zou leiden. Dat is een wel zeer ironische uitspraak van een bewindsman die door de hele corporatiesector wordt gezien als de allergrootste veroorzaker van onzekerheid.

Over de auteur

Peter Hendriks

Gevolgd door 215 leden

Redacteur Woningmarkt. Signaleert en analyseert problemen waarmee Nederlanders op zoek naar woonruimte worden geconfronteerd.

Lees meer

Volg deze auteur
Dit artikel zit in het dossier

Woningmarkt

Gevolgd door 442 leden

In de afgelopen jaren kwam bij verschillende woningcorporaties het ene schandaal na het andere naar boven. Het bekendste geva...

Lees meer

Volg dossier

Dit artikel krijg je cadeau van Follow the Money.

Diepgravende onderzoeksjournalistiek kost tijd en geld. Steun ons en

word lid