Booming Birma verjaagt toeristen

1 Connectie

Onderwerpen

Toerisme
6 Bijdragen

Birma mag weer, maar kan de toestroom aan buitenlandse reizigers maar moeizaam aan.

Birma was jarenlang een no-go-area, voor toeristen, ondernemers en politici. De tijden lijken te veranderen. Het land is een gewilde bestemming, maar de toeristische sector heeft doorstartproblemen. Het land kent zelfs een nieuw soort economische vluchteling: de platzakke toerist.
Het militaire regime wekte lange tijd afschuw door grove en structurele mensenrechtenschendingen. Economische sancties maakten het vrijwel onmogelijk om zaken te doen met het land. Politieke en diplomatieke vertegenwoordiging uit het westen was veelal afwezig. En voor toeristen werd het onethisch geacht om naar dat land van burgeroorlog, politieke gevangen en mensenrechtenschendingen af te reizen.
Hervormingen Onder leiding van president Thein Sein, een voormalig generaal, zet het land de laatste paar jaar zeer voorzichtige stappen op weg naar democratie en vrijheid. Een deel van de legerleiding heeft in 2011 haar uniformen ingeruild voor burgerkleding en neemt belangrijke politieke posities in. Nobelprijswinnares Aung San Suu Kyi is vrijgelaten en met haar veel andere, maar nog lang niet alle, politieke gevangen. Suu Kyi zit nu zelf in het parlement, waar de militairen 25 procent van de zetels hebben.
Nu mag Birma weer. Van Nobelprijswinnares Aung San Suu Kyi mag het weer, nadat zij jarenlang in huisarrest verkeerde en de buitenlandse boycot van toerisme ondersteunde. Van de Verenigde Staten mag het ook weer. De sancties zijn deels versoepeld en deels geschrapt. Obama bracht in november 2012 zelfs een bliksembezoek aan voormalig hoofdstad Rangoon en sprak daar met Aung San Suu Kyi en voormalig legerleider en huidig president Thein Sein. Het internationale bedrijfsleven stort zich op de gewilde grondstoffen en de consumentenmarkt van het land.
Toeristische trekpleister Ook voor toeristen mag Birma gewoon weer. Vrijwel alle grote Nederlandse reisorganisaties gaan er naartoe en alle reisbladen staan er vol van. En geef ze eens ongelijk. Het is een prachtig land om te bezichtigen. Volgens velen is het Azië, zoals het vroeger was. Daar valt wel iets op af te dingen, maar als je nog iets van dit ongerepte land wilt zien, moet je nu gaan. Toeristische trekpleisters zijn er voldoende. Bagan, met een paar duizend eeuwenoude tempels op 30 vierkante kilometer. Het Inle meer, met drijvende tuinen, dorpjes op stokken in het water en de vissers die roeien met hun benen. Het mysterieuze Mrauk U, dat volgens kenners nog mooier is dan Angkor What. Ook heeft het land een kustlijn van bijna drieduizend kilometer, met verschillende zandwitte stranden.
Zonsondergang in Bagan. Het kan soms wat druk zijn. (foto: Krijn Schramade)
Het is echter nog geen pais en vree in het land. Sommige regio’s zijn afgesloten voor buitenlanders. Het leger van Birma is in gevecht met etnische bevolkingsgroepen, zoals de Kachin. En de kusstreek Rakhin, met het mooie Mrauk U, kom je als toerist ook niet binnen. Die regio is afgesloten, sinds hevige onlusten van afgelopen zomer, tussen boeddhisten en Rohingya’s, de lokale moslimbevolking die door de het land niet als staatsburgers gezien worden. Dorpen van de Rohingya’s gingen in vlammen op, en een geschat aantal van 180 mensen liet  het leven door geweld. 110 duizend Rohingya’s sloegen op de vlucht. Vele duizenden proberen het land met bootjes te ontvluchten, wat geen succes blijkt. Ze zijn vrijwel nergens welkom.
Booming bestemming De internationale bezoekers stromen toe. Volgens de Asia Development Bank (ADB) en Kasikorn Research Center nam in 2011 het aantal met 25 procent toe. Voor 2012 lopen de geschatte bezoekersaantallen uiteen. Kasikorn Research Center, het onderzoeksbureau van de Thaise bank Kasikorn, schat het aantal bezoekers op een half miljoen. ADB verwachtte in 2012 mogelijk al een miljoen bezoekers. Naung Naung Han, van de Union of Myanmar Travel Association verwacht dat het nog wel een paar jaar duurt voordat het miljoen wordt aangetikt. 
Volgens de onderzoekers van Kasikorn leveren 500 duizend bezoekers het land zo’n 400 miljoen dollar aan buitenlandse valuta en 50.000 banen op.  In vergelijking met buurland Thailand is Birma echter nog geen groot vakantieland. Thailand zag in 2012 19 miljoen toeristen.
Het bezoekersaantal en de omzet groeien
*Bezoekersaantallen zijn via internationale luchthavens (Rangoon, Bagan en Mandalay). Grensovergang over land is mogelijk maar beperkt (Bron: Kasikorn Research Center) 
Niet alleen meer toeristen gaan naar Birma, ook luchtvaartmaatschappijen zien hun kans schoon. Maatschappijen uit Thailand, Duitsland, China, Japan, Vietnam, India en Maleisië zijn van plan om vluchten naar Rangoon te hervatten, of hebben dit al gedaan. Met het Duitse Condor vlieg je sinds kort al vanaf 800 euro van Frankfurt naar de voormalig hoofdstad van Birma. 
Het is de vraag of het vliegveld van Rangoon met een maximale capaciteit van drie miljoen reizigers deze drukte kan verwerken. De vlucht in het aantal luchtvaarmaatschappijen dat Birma aandoet, zorgt er op haar beurt voor dat er meer toeristen en zakenmensen naar Birma kunnen.
Birma kan dit groeiende aantal toeristen maar met moeite aan. Naast eventuele gevolgen voor milieu, beperkte capaciteit van luchthavens en beperkt beschikbaar transport over land blijken veel bezoekers moeite te hebben met het vinden van een overnachtingsplek. Uit onderzoek van Kasikorn blijkt dat het land in totaal maar 25.000 kamers beschikbaar heeft voor buitenlanders. Voormalig hoofdstad Rangoon heeft nog geen zevenduizend kamers. Mandalay en het bijzondere Bagan hebben elk slechts tweeduizend kamers. Overnachten bij de mensen thuis mag niet in verband met een strikt registratiesysteem.
Vanaf 2012 leidt dit onder zelfstandige reizigers, van toerist tot zakenman, tot een ware run op kamers. Online boeken van kamers blijkt buiten Rangoon schier onmogelijk, vooral vlak voor aankomst. Ter plekke telefonisch reserveren leidt vaak tot het antwoord: “Fully booked”. Ook de Asia Development Bank krijgt berichten van reisorganisaties en hotels dat er een groot gebrek aan kamers en geschikte medewerkers is. Internationale reisorganisaties, zoals Asian Trails uit Bangkok, geven aan dat ze door de beperkte beschikbaarheid van accommodatie en transport niet kunnen groeien in Birma, terwijl er wel veel vraag is naar reizen in Birma.
Verschillende Nederlandse reisorganisaties op de Vakantiebeurs laten weten dat ook zij horen van het gebrek aan kamers, maar dat zij geen problemen ervaren met accommodatie. Zij leggen deze lang van te voren vast. Een vertegenwoordigster van Koning Aap vertelt: “Het kan gebeuren dat er iets misgaat met boekingen, maar wij garanderen onze klanten accommodatie met een bepaalde standaard. Dat regelt onze lokale agent, die niet van de regering is. Hij heeft ter plekke aardig wat in de melk te brokkelen.”
Exploderende prijzen Door de run op kamers explodeert de prijs van accommodatie. Het vraag- en aanbodmechanisme stuwt de prijzen op naar het dubbele tot viervoudige van een paar maanden tot een jaar eerder. Volgens reizigers en internationale reisorganisaties stijgt de kwaliteit van de accommodatie niet mee met de prijs.
En niet alleen de kamers zijn duur. Ook een lunch in toeristische gebieden kan even duur zijn als een tosti in Amsterdam. Een reisleider van Koning Aap geeft op de Vakantiebeurs nog een voorbeeld: “Een beeldje van de gouden Boeddha in Mandalay kostte drie jaar geleden omgerekend nog 3 euro. Nu betaal je daar 20 euro voor". De prijs-kwaliteitverhouding lijkt zoek.
Volgens verschillende lokale en internationale betrokkenen is dit niet goed voor het land. De arme Birmese bevolking wordt het wel gegund, maar het zijn vooral ondernemers die er goed aan verdienen en niet hun werknemers. Daarnaast schrikken de prijzen toekomstige toeristen af. 
Economische vluchtelingen Door de onverwacht hoge prijzen worden toeristen gedwongen het land te verlaten. Zij ontvluchten Birma omdat hun geldbuidel letterlijk leeg is. Dit lijkt niet problematisch, maar buitenlandse reizigers kunnen hun pinpas en creditcard niet gebruiken in Birma. Als je naar Birma gaat, moet je al je geld in contanten meenemen. Clean, zonder scheurtjes en zonder vouwen. 
Hoeveel neem je mee aan contant geld? Dat is afhankelijk van het prijspeil en de gepercipieerde veiligheidssituatie. Hoeveel denk je uit te geven en hoe veilig is het om vijfhonderd tot een paar duizend euro op zak te hebben? Het hangt af van hoeveel lokaal geld je precies voor je prachtige dollars of euro’s krijgt. De koers fluctueert over de tijd en is afhankelijk van waar je je geld wisselt. In papieren reisgidsen wordt afgeraden op het vliegveld in Rangoon te wisselen. Maar in november van het afgelopen jaar was juist daar de beste wisselkoers te krijgen. 
Dit maakt een begroting van een reis naar budgetbestemming lastig voor de (budget-)reizigers, als ze al op de hoogte zijn van de situatie. Het gebeurt dan ook regelmatig dat individuele reizigers het land moeten ontvluchten. Birma kent dus een nieuw soort vluchteling, de platzakke toerist.
Deze situatie staat echter in schril contrast met die van de Rohingya's, één van de meest vervolgde minderheden ter wereld. De westerse toerist die Birma ontvlucht, kan thuis weer pinnen.

Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

Over de auteur

Krijn Schramade

Gevolgd door 288 leden

Krijn Schramade (1980) krijgt een jaar na de val van Lehman Brothers (2008) de tegenwoordigheid van geest om zijn veilige lev...