Blunderende expertise

    Wat heb je aan economisch experts als ze er constant naast zitten? Het CPB en Sweder van Wijnbergen missen op cruciale onderwerpen de boot.

    De expert is iemand van statuur, het liefst met een academische titel, die betrouwbare analyses kan geven over een onderwerp. Experts spelen een belangrijke rol in het publieke debat. Ze vormen niet alleen een belangrijke bron voor journalisten, maar worden ook dikwijls geraadpleegd door beleidsmakers. Er is maar al te vaak een kennis gat dat moet worden opgevuld met de technische know-how van de expert. 

     

    Maar wat als de expert het mis heeft? In de aanloop naar het klappen van de Amerikaanse huizenbubbel was de meest geraadpleegde bron in de Amerikaanse media over de woningmarkt David Lereah, de hoofdeconoom van de Amerikaanse vereniging van makelaars. In 2006 schreef Lereah een boek getiteld ‘Why the Real Estate Boom Will Not Bust—And How You Can Profit from It’. De grootdenker van de makelaars had eerder zijn expertise bewezen door in 2000, vlak voor het klappen van de internetbubbel, een boek uit te geven getiteld ‘The Rules for Growing Rich: Making Money in the New Information Economy’. Deze eerdere miscalculatie mocht niet verhinderen dat hij in de media alle ruimte kreeg om uit te leggen waarom de Amerikaanse woningmarkt een nieuw financieel perpetuum mobile zou worden. 
     
    Het wilde Amerikaanse medialandschap is lang niet de enige plek waar experts blunder op blunder stapelen zonder van hun voetstuk te vallen. In de regel zijn voorspellend vermogen en verstand van zaken geen vereisten om te kwalificeren als expert, verbale kwaliteiten, een bekwame uitstraling en een hoge titel zijn vaak meer dan genoeg.
     
    Sweder van Wijnbergen
    Sweder van Wijnbergen, oud secretaris-generaal bij het ministerie van economische zaken en hoofdeconoom van de Wereldbank, is één van de meest geraadpleegde economen in de Nederlandse media. Of het nou om Griekenland gaat of de bezuinigingen in eigen land, Sweder weet er altijd leuke oneliners uit te gooien over de onbekwaamheid van politici en de kunde van economen die het allemaal veel beter hebben begrepen.
     
     
    De paniek op de beurs eind 2007 was ‘pure hysterie’ zei van Wijnbergen in een artikel in het AD. “Het is een mooie tijd om goedkoop aandelen te kopen. Dat zou ik nu doen,” zo adviseerde Van Wijnbergen zelfs. Eigenlijk was woningmarktcrisis in de VS maar een beperkt probleem. “Nederlandse banken bezitten bijna geen hypotheekleningen uit de VS of daarvan afgeleide financiële producten,” zo wist van Wijnbergen. 
     
    Behalve natuurlijk die kleine €27 miljard aan ALT-A hypotheken van ING, Goldman’s Abacus securitisaties die bij ABN/AMRO over de schutting werden gegooid en de vastgoedbeleggingen van SNS Property Finance in Florida. Niet gevreesd, gaat u maar rustig slapen bezweerde Van Wijnbergen desondanks aan de vooravond van de meest ernstige financiële crisis sinds de jaren ’30. 
     
    In maart 2010 verscheen van Wijnbergen in een uitzending van RTLZ om zijn verhaal te doen over de Griekse schuldensituatie. ‘Elk beetje ontwikkelingsland dat in dit soort problemen komt wordt naar het IMF gestuurd en staat twee jaar later weer helemaal op de rails,’ verhaalde Van Wijnbergen. ‘Waarom zou dat niet in Griekenland werken?’ Toen in mei 2010 het IMF in actie kwam was Van Wijnbergen in de Volkskrant dan ook enthousiast. ‘Het hangt er nu vanaf of de Griekse bevolking wil meewerken,’ zei hij. ‘Gaan er een miljoen mensen de straat op of gaan ze aan het werk?’ Het IMF plan bleek weinig succesvol, de wild optimistische groeiprognoses werden door de realiteit bijgehaald, terwijl ook de begrotingsdoelen niet werden gehaald. Van Wijnbergen gaf echter geen krimp: ‘Zoiets als kapot bezuinigen bestaat niet.’
     
    Van Wijnbergen ging voor de hattrick met zijn voorspelling opgetekend in NRC Handelsblad  dat de rente zou gaan stijgen. “Paniek over de dekkingsgraad van pensioenfondsen is niet nodig,” aldus Van Wijnbergen. “De rente zal stijgen en dus de dekkingsgraad.” In augustus 2010, na een jaar van rentedalingen, kreeg Wijnbergen van NRC nog eens de kans om zijn boodschap te herhalen. Niets doen aan die pensioentekorten, de rente zal stijgen. Joanne Kellermann, de DNB-directrice verantwoordelijk voor pensioentoezicht, kreeg een jaar later –nog steeds geen rentestijgingen– in het Parool een veeg uit de pan van Van Wijnbergen. Kellermann demonstreert ‘dagelijks dat ze nul besef heeft van financiële markten en financiën’, omdat ze van mening is dat pensioenfondsen zich moeten voorbereiden op jaren van lage rente. 
     
    Grafiek 1: 25 jarige termijnrente (Bron: DNB) 
     
    Economische prognoses
    Elke zoveel maanden volgt het vreemde ritueel waarbij de koffiedikkijkers van het CPB hun bevindingen presenteren en de media en politiek er als strontvliegen op duiken met commentaar over koopkrachtplaatjes en bezuinigingen. Dat het CPB er in haar prognoses dikwijls naast zit en haar onderzoek niet deugt mag de ceremonie niet verstoren. 
     
    “De prognose voor volgend jaar is met een groei van 1,25 procent gematigd,” zo prognosticeerde het CPB in september 2008. Het CPB kende echter ook criticasters binnen het gezelschap van Nederlandse topeconomen. ‘Professor Sylvester Eijffinger vindt [de CPB cijfers] veel te optimistisch,’tekende het Parool in reactie op de cijfers op. ‘[Eijffinger] gaat ervan uit dat de groei volgend jaar hooguit één procent zal bedragen.’ In de twee maanden na september (en de val van Lehman Brothers) verslechterden de economische omstandigheden. ‘Naar verwachting loopt de economische groei terug van 2,1% in 2008 naar –0,5 procent in 2009,’ schreef DNB in december al in haar kwartaalbericht. Alle prestigieuze instituten, van het IMF tot het CPB, bleken er volkomen naast te zitten. De economie kromp met maar liefst 3,5 procent in 2009.  
     
    Grafiek 2: Prognoses van economische onderzoeksinstituten over bbp groei in 2009 (Bron: CPB) 
     
    Het was niet de enige blunder van het planbureau dat jaar. Het CPB had begin 2008 een onderzoek gepubliceerd over de mogelijke overwaardering van de Nederlandse woningmarkt. In dat onderzoek concludeerde het CPB: “Uit empirisch onderzoek blijkt dat de overwaardering van circa 10% in 2003 geslonken is tot circa 0% in 2007.” Kortom, volgens het CPB was er geen sprake meer van overwaardering. Het onderzoek werd indertijd dankbaar aangegrepen door de vastgoedlobby van makelaars, banken en bouw. 
     
    Merijn Knibbe van de Universiteit van Wageningen noemde de theoretische basis van het onderzoek ‘gebroeders Grimm economie’. Niet alleen was het onderzoek theoretisch niet gegrond, vier jaar later kunnen we ook vaststellen dat de feiten niet rijmen met de resultaten van het CPB. In de afgelopen jaren zijn de prijzen met meer dan 11 procent gedaald. 
     
    Conclusie
    Wanneer moeten experts die er keer op keer aantoonbaar naast hebben gezeten niet meer serieus worden genomen? Het oordeel van economisch experts als het CPB en Van Wijnbergen heeft op cruciale onderwerpen telkens gefaald. Het falen houdt bovendien nog niet op, zoals de consequent verkeerde groeiprognoses door de Europese Commissie over Griekenland laten zien.
     
    Afgaan op het oordeel van de expert mag dan misschien de norm zijn in de media, het heeft niet direct iets te maken met waarheidsvinding. Hetzelfde geldt voor politici die Sweder ‘nu aandelen kopen’ van Wijnbergen zonder blikken of blozen uitnodigen voor een Kamercommissie om uit te komen leggen wat er nu eigenlijk gebeurde tijdens de kredietcrisis. Fouten maken mag natuurlijk, maar wie verkondigt de waarheid in pacht te hebben moet kritisch benaderd worden.  

    Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

    Over de auteur

    Jesse Frederik

    In de zomer van 2011 ontvingen we per email een open sollicitatie van de 22-jarige Jesse Frederik uit Nijmegen die zichzelf o...

    Volg Jesse Frederik
    Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
    Annuleren