Bouwen op blind personeel

    Van sociaal ondernemerschap hadden voormalig bankiers Sandra Ballij en Bas de Ruiter nog nooit gehoord toen ze de deuren van hun restaurant Ctaste openden. ‘Je moet er ook echt de business in zien, anders is het eindig’


    Follow the Money besteedt veel aandacht aan de misstanden en uitwassen van ons economische systeem. Dat het ook anders kan willen we onder andere laten zien in een portrettenreeks van maatschappelijk ondernemers. Vandaag het tweede deel over Sandra Ballij en Bas de Ruiter van restaurant Ctaste.
    Op de tast dineren, dat hadden ze nog nooit eerder gedaan. De geuren, de smaken, de geluiden en niet in het minst het blinde personeel, maakten in het Parijse restaurant Dans le Noir? grote indruk op het bankiersstel Sandra Ballij en Bas de Ruiter. Ballij werkte voor ING in Parijs en De Ruiter werkte op de marketingafdeling van vermogensbeheerder Alex. Maar dat zou niet lang meer zo blijven. Die eerste ervaring in dat verduisterde Franse restaurant zou grote invloed hebben op hun gezamenlijke carrièrepad. ‘Je maakt tegenwoordig niet zo snel iets mee dat je zo raakt,’ zegt Ballij. ‘We vonden het tegelijkertijd heel bijzonder dat er blinde mensen in hun volle kracht aan het werk waren. De mensen achter dat restaurant hadden de zwakten van deze mensen om weten te zetten in iets positiefs en daar een bedrijf van gemaakt. Dat was heel inspirerend’.

    Gewoon een bedrijf

    Als ondernemende personen hadden ze wel vaker wilde plannen besproken aan de bar, maar dit was het eerste idee waarbij alles klopte, aldus Ballij. ‘Juist iets waar het sociale en het commerciële helemaal mooi samen komt.’ En dus begonnen Ballij en De Ruiter in 2007 zelf een restaurant waar in het donker kan worden gedineerd: Ctaste in Amsterdam. Een restaurant dat winst probeert te maken, maar waarbij ook banen worden gecreëerd voor een achtergestelde groep… ofwel, blinden een plek geven om te werken, die er in andere bedrijven vaak niet is, dat wekte aanvankelijk verbazing op. Ballij: ‘Het hele idee van; wat ben je nou, een bedrijf, of doe je iets in de zorg? De buitenwereld begreep het nog niet helemaal. Zeker bij stichtingen en zorginstanties merkten we dat. Die dachten van…(Ballij vormt met haar wijsvingers een kruis)…oehh, jullie zijn een BV, dat kan nooit goed zijn! Tegelijkertijd zagen ze dat we ook veel mensen hielpen. “Maar hoe dan? En heb je daar een opleiding voor gehad?”, vroegen ze zich af.’ Een specifieke opleiding om mensen te helpen hadden ze niet genoten. Ze waren uit de financiële wereld afkomstig, ze wisten beide het nodige van marketing en hadden een plan.
    'Wij hebben onszelf altijd neergezet als een gewoon bedrijf en dat zijn we ook'
    De Ruiter: ‘Wij hebben onszelf altijd neergezet als een gewoon bedrijf en dat zijn we ook. We hebben nooit subsidie ontvangen of aangevraagd en medewerkers krijgen hier gewoon een salaris. Het is dus geen vrijwilligerswerk, wat mensen weleens denken. Nee, het is gewoon werk. Mensen betalen hier ook gewoon de normale prijs voor een avondje uit.’ Hoewel Ballij en De Ruiter vaak genoemd worden als pioniers in het sociaal ondernemen, zien ze zichzelf niet zo. Ze zijn dan ook niet uit overtuiging sociaal ondernemer geworden. Ze leerden dat begrip jaren later pas kennen. Ze zagen in 2007 een concept dat hen raakte, wat ze vernieuwend vonden, en daar zijn ze mee aan de slag gegaan. ‘Ik was niet bezig met een zoektocht naar zingeving, ik wilde gewoon een nieuwe uitdaging,’ zegt De Ruiter.

    Impact steeds groter

    ‘We hadden op dat moment wel gelijk zoiets van, dit is een bedrijfsmodel dat klopt, en tegelijkertijd help je mensen uit de uitkering aan een baan,’ aldus Ballij. Toen het bedrijf draaide, toen kwamen ze er achter wat ze eigenlijk aan het realiseren waren. ‘Dan zie je in een keer, jeetje, wat belachelijk, wat bizar, al die mensen zaten dus thuis, die deden niks, moet je eens kijken wat voor talenten er zijn! En dan wordt die impact voor jezelf ook steeds groter en steeds duidelijker en wil je daar dus meer in betekenen.’ Meer betekenen resulteerde in meer bedrijven. In november 2013 richtten ze Ctalents op, waarin ze het bedrijfsleven helpen om vacatures te vullen met mensen die zintuiglijk beperkt zijn. Zo hebben ze momenteel twintig dove mensen geplaatst bij textielketen Zeeman. Hun ruimtelijk inzicht is beter ontwikkeld, waardoor ze bijvoorbeeld in een distributiecentrum beter presteren dan horende mensen.
    'Ik was niet bezig met een zoektocht naar zingeving, ik wilde gewoon een nieuwe uitdaging'
    Begin augustus hebben ze naast Ctaste nog een nieuw bedrijf geopend, Cthecity. Je krijgt hier in het donker een rondleiding door een nagebouwd Amsterdam, compleet met geuren en geluiden. Wederom zijn de medewerkers blind. Voor hen is Cthecity niet alleen werk. ‘Mensen betalen een kaartje, maar daarmee betalen ze dus ook voor de opleiding van de werknemers.’

    Ambitie prikkelen

    Die opleiding duurt volgens Ballij en De Ruiter ongeveer acht weken. Het is niet alleen opleiden tot gids, maar ook vooral het opbouwen van zelfvertrouwen, want dat ontbreekt in eerste instantie bij hun medewerkers, zo zegt De Ruiter. Blinde en dove mensen is te vaak verteld dat ze niet gewoon zullen kunnen werken. Een groot deel van de opleiding is dan ook om deze gedachte om te draaien, zeggen beide. ‘Na een paar maanden bij ons werken, draaien dat ze wel om en prikkel je het. Je ziet dat mensen rechter op gaan lopen en zelfverzekerder zijn. In alles merk je het. Maar vooral ambitie, gewoon nadenken over de toekomst, dat de toekomst iets voor hen in petto heeft.’ De uiteindelijke missie van Ballij en De Ruiter is dan ook om het werkeloosheidscijfer van deze groep fors te verlagen. Van 70 procent naar 20 procent. ‘En dan zeggen mensen; “belachelijk, dat gaat nooit lukken”. Nou dat dachten ze eerst ook van Ctaste en dat gaat hartstikke goed.’

    Gezonde balans

    Hoewel veel sociale ondernemingen een beperkte rendementseis hebben, is bij Ctaste daar niets over vastgelegd. ‘Maar you have to practice what you preach. Als je kijkt naar wat wij doen, wij starten weer nieuwe bedrijven op, wij zorgen dat die impact groot is. Wij leven ervoor om van die 70 procent werkeloosheid 20 procent te maken. Dus wij hebben daar automatisch een gezonde balans in. Maar ik vind niet dat iemand anders een recht van spreken heeft of moet bepalen hoeveel. Ik vind dat regeltjes maken heel Nederlands: als het x is, is het goed of anders...’ ‘We zijn geen geitenwollensokken types,’ aldus Ballij. Volgens hen is dat juist een pre bij een sociale onderneming. ‘Je moet wel ook echt de business erin zien. Anders is het een enorm leuk project en zal je er natuurlijk goed mee doen, maar is het eindig. Op het moment dat je het niet kan koppelen aan een gezond bedrijfsmodel, dan red je het uiteindelijk niet, maak je niet structureel een verschil.’

    Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

    Over de auteur

    Paulien Sewuster

    Paulien Sewuster Is niet meer voor Follow the Money actief.

    Volg Paulien Sewuster
    Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
    Annuleren