BP treft megaschikking van $7,8 miljard

2 Connecties

Relaties

Olieramp

Organisaties

BP
0 Bijdragen

Terwijl de olieramp al bijna twee jaar geleden gebeurd is, wordt er juridisch nog steeds uitgevochten wie er schade moet betalen en hoeveel.

BP is vrijdag overeengekomen om een schikking te treffen met private eisers. Het gaat om meer dan 100.000 vissers die hun baan hebben verloren, schoonmakers die ziek zijn geworden en anderen die menen schade te hebben ondervonden aan de olieramp van 2010 in de Golf van Mexico.

In totaal keert de oliemaatschappij 7,8 miljard dollar uit. Dat maakt het een van de hoogste schikkingsbedragen die ooit is gedaan, maar de claims van de Amerikaanse overheid, de Golfstaten en de partners van BP zijn hiermee nog niet voldaan. De verwachtingen is dat het Britse oliebedrijf voor de claims van deze partijen ook nog miljarden dollars moet vrijmaken.

Fonds
Gelukkig had BP na de olieramp een speciaal noodfonds van 20 miljard dollar opgezet om alle claims te kunnen betalen. Momenteel heeft het fonds 9,5 miljard onmiddellijk tot zijn beschikking. Door de ramp moest de toenmalige CEO, Tony Hayward, opstappen.

Bij de ontploffing op het boorplatform kwamen elf mensen om. Vervolgens ontstond er een lek in een pijplijn waardoor er drie maanden lang olie in zee sijpelde. De flora en fauna in de omgeving van de kusten werden aangetast en verschillende gebieden konden niet meer worden gebruikt voor commerciële visvangst.

Schuldigen
De verantwoordelijken voor de ramp zijn BP, Transocean, en de makers van het boorplatform Halliburton en Cameron International. BP huurde het boorcomplex  van Transocean. De pijlen van de aanklagers richtte zich vooral op BP, die als hoofdverantwoordelijke wordt gezien.

De bedrijven die betrokken waren bij het platform hebben ook elkaar aangeklaagd. Een aantal zaken werden het afgelopen jaar geschikt. Maar er staat nog een grote zaak in de wacht: BP heeft een schadeclaim van $40 miljard ingediend tegen Transocean.

Rapporten
In januari van 2011 oordeelde een commissie van de Amerikaanse overheid dat het lek was veroorzaakt door tijd- en geld besparende beslissingen van alledrie de partijen: BP, Halliburton en Transocean. De commissie concludeerde dat het vooral een fout van het systeem was, niet zozeer van individuen.

Even later in september van 2011 kwam de kustwacht tezamen met de federale toezichthouders met een rapport waarin de conclusie wordt getrokken dat BP wél voor de volle honderd procent verantwoordelijk was voor de ramp. In het dossier staat dat de oliemaatschappij verschillende regels heeft overtreden, waarschuwingssignalen negeerde en slechte beslissingen had genomen.

BP heeft herhaaldelijk er op aangedrongen dat het de verantwoordelijkheid neemt over zijn fouten, maar benadrukt ook dat de andere partijen een deel van de schade moeten betalen.


R