Chinese belastingbetaler helpt Wageningen met aardappel waar je niet dik van wordt

    Nu in ontwikkeling: een aardappel die je helpt afvallen. China betaalde mee aan het fundamentele onderzoek daarnaar. In Europa wilde niemand dat: te riskant. Ook onze overheid niet. Die doet pas mee als eerst het bedrijfsleven toehapt.

    Onderzoekers van Wageningen University & Research hebben stoffen ontdekt die ervoor zorgen dat niet alle voedingsstoffen uit een aardappel door het lichaam worden opgenomen. Een bedrijf dat nieuwe aardappelrassen ontwikkelt, wil deze kennis nu gebruiken om straks bijvoorbeeld dieetaardappels op de markt te brengen. Veel kan de onderzoeksleider, de Portugese Luisa Trindade, nog niet zeggen over het daarvoor benodigde vervolgonderzoek en de bekostiging ervan. ‘We zijn nog in onderhandeling en de details zijn nog niet bekend.’

    Eigen agenda

    Wel kan ze vertellen dat het bedrijfsleven eerst helemaal niet wilde investeren. ‘Toen we met dit onderzoek wilden beginnen, waren bedrijven nog niet overtuigd dat het ons zou lukken. Ze durfden daarom geen geld in te leggen.’ Trindade vindt dat geen enkel probleem. ‘Ik zie inmenging van de industrie over het algemeen als een kans om beter onderzoek te doen, maar die betrokkenheid moet voor beiden wel een win-winsituatie opleveren. Als dat een keer niet kan, prima. Dan kun je beter even alleen verder. We moeten als universiteit toch vooral onze eigen agenda blijven bepalen.’

    Wat hebben de onderzoekers precies ontdekt?

    Aardappels groeien dankzij tal van meststoffen, één belangrijke daarvan is fosfaat. Aardappelzetmeel dat meer fosfaatmoleculen vasthoudt dan normaal, wordt minder gemakkelijk door het lichaam opgenomen. Het zetmeel uit zo’n aardappel eet je dus wel, maar je lichaam neemt de calorieën niet op. De onderzoekers ontdekten welke stoffen, het gaat hierbij om enzymen, er nu precies voor zorgen dat het zetmeel meer fosfaat vasthoudt.

    Door aardappelplanten te selecteren die veel van deze enzymen aanmaken, kan straks waarschijnlijk een dieetaardappel gemaakt worden. ‘Maar je kunt het ook omdraaien en aardappels selecteren die weinig van deze enzymen hebben. De aardappel wordt dan beter verteerbaar en kan bijvoorbeeld gegeten worden door ouderen die moeite hebben om voldoende voedingsstoffen binnen te krijgen’, aldus onderzoeker Luisa Trindade.

    Meer over dit onderzoek lees je hier.

    Lees verder Inklappen

    Maar precies dat laatste wordt volgens Trindade steeds lastiger. ‘De meeste nationale en Europese onderzoekssubsidies kun je alleen nog aanvragen als ook bedrijven een bijdrage leveren,’ zegt ze. ‘Het wordt daarom steeds moeilijker om vernieuwend onderzoek te doen waar de industrie niet meteen belang bij heeft.’

    Onwillige overheid verzwakt onderhandelingspositie

    Dat vormt een risico, vindt Trindade. ‘Samenwerken met bedrijven is altijd een compromis. Een publicatie een paar maanden uitstellen omdat een bedrijf bijvoorbeeld eerst octrooi wil aanvragen, vind ik acceptabel. Maar uiteindelijk willen wij wel alle resultaten kunnen publiceren, ook wanneer dit voor een bedrijf niet gunstig is. Als de overheid ons alleen geld geeft wanneer het bedrijfsleven ook actief meedoet, verzwakt dat onze onderhandelingspositie. Dat wil ik niet. Uiteindelijk zijn we toch een semi-overheidsinstelling. Onze resultaten zijn er voor de hele maatschappij.’ 


    Luisa Trindade

    "Ik zie inmenging van de industrie over het algemeen als een kans om beter onderzoek te doen"

    De Wageningse onderzoeksschool Experimental Plant Sciences (EPS) – een interne organisatie die de kwaliteit van dit onderzoeksveld bewaakt – hoort meer klachten van onderzoekers. ‘Het is begonnen rond 2010, toen Maxime Verhagen minister van Economische Zaken was. Hij wilde dat het bedrijfsleven meer betrokken raakte bij de wetenschappelijke onderzoeksprogramma’s,’ vertelt beleidsmedewerker Ingrid Vleghels.

    Dat onderzoekers daarmee aan de leiband van de industrie lopen, wil ze niet zeggen. ‘Het ligt genuanceerder. Er zijn nog steeds vrije financieringsprogramma’s waar je, zonder enige steun van het bedrijfsleven, kunt aankloppen, maar het toekenningspercentage van deze programma’s is wel gezakt omdat de aanvraagdruk groot is. Dat terwijl iedereen in de sector, dus ook het bedrijfsleven zelf, eigenlijk vindt dat juist dit vrije onderzoek uiteindelijk zeer belangrijk is voor de vooruitgang. We proberen de situatie nu te verbeteren, en dat lukt ook met bepaalde programma’s. Maar, je moet onze invloed ook weer niet overschatten.’

    'Maxime Verhagen wilde dat het bedrijfsleven meer betrokken raakte bij de wetenschappelijke onderzoeksprogramma’s’

    Chinees geld

    In China werkt het volgens onderzoeker Trindade anders. ‘Daar krijg je als goede onderzoeker met een goed onderzoeksvoorstel ook gewoon geld als het bedrijfsleven niet mee wil doen.’ En zo gebeurde het dat het Wageningse onderzoek naar de dieetaardappel deels betaald werd door de Chinese overheid. ‘Een Chinese student heeft samen met mij een beurs aangevraagd. Twee jaar van haar salaris werden nu door de Chinese Agriculture Academy of Sciences (CAAS) betaald, de rest konden we als universiteit zelf betalen.’

    Trindade is lang niet de enige die haar onderzoek deels op deze manier bekostigt. Zo’n 10 procent van de Wageningse promovendi (onderzoekers in opleiding) wordt op dit moment direct met geld van buitenlandse overheden of organisaties gesteund. Eigenlijk zijn deze constructies bedoeld om getalenteerde buitenlandse onderzoekers in Wageningen op te laten leiden. Het is een soort investering van overheden in hun eigen talent. ‘Dat geldt nog steeds,’ merkt Trindade op. Wel is er nu een extra component aan toegevoegd, want juist deze beurzen bieden de universiteit extra vrijheid om een onafhankelijke koers te kunnen blijven varen.

    Over de auteur

    Stijn van Gils

    Voedsel wordt verbouwd in een veranderende wereld vol belangen. Ik wil weten wat dit betekent voor ons eten van nu en straks.

    Lees meer

    Volg deze auteur

    Dit artikel krijg je cadeau van Follow the Money.

    Diepgravende onderzoeksjournalistiek kost tijd en geld. Steun ons en

    word lid