Worden nutsbedrijven en publieke diensten onder TTIP beschermd? De voorstanders beweren van wel, maar de vraag is of die claim wel overeind blijft staan wanneer de feiten in ogenschouw worden genomen.

    Publieke diensten zouden worden uitgezonderd van TTIP. De kleine letters in het vergelijkbare CETA-verdrag tussen de EU en Canada laten echter zien dat dit nog maar zeer de vraag is. Volgens de onderhandelaars hoeven we ons geen zorgen te maken dat onze publieke diensten worden geprivatiseerd onder TTIP. Er is een zogenaamde carve-out (uitzonderingsbepaling) opgenomen, die ervoor zou moeten zorgen dat publieke diensten, zoals water, gezondheidszorg en onderwijs, beschermd blijven. Als we echter kijken naar het investeringshoofdstuk van CETA, dat als voorbeeld dient voor TTIP, blijkt deze uitzonderingspositie lang niet voldoende om publieke diensten te ontzien.

    Onduidelijkheid

    Liberalisering van overheidsdiensten is een belangrijk onderdeel van de TTIP-onderhandelingen, maar er is nog maar weinig over bekend (zie claim 7 over transparantie). Mochten publieke diensten onderdeel worden van TTIP, dan kan dit er bijvoorbeeld voor zorgen dat er in de gezondheidszorg meer openbare aanbestedingen komen. Dat betekent dat er in de zorg meer ruimte komt voor de commerciële Amerikaanse en Europese zorgaanbieders. Wat we wel zeker weten is dat CETA, waarvan de tekst al klaar is, als leidraad dient voor TTIP. In een uitzonderingsbepaling in het investeringshoofdstuk van dit verdrag wordt alleen een uitzondering gemaakt voor diensten die voor de volle 100 procent publiek zijn. Aanvullende voorwaarde is dat de specifieke dienst waar het om gaat op geen enkele manier tegen betaling mag worden geleverd, of in competitie kan zijn met een andere aanbieder. Citaat Michael Froman Het probleem is dat dit soort publieke diensten bijna niet meer bestaat. In vrijwel alle publieke diensten wordt tegenwoordig samengewerkt met het bedrijfsleven. En vaak is er sprake van competitie tussen publieke en private aanbieders. Neem bijvoorbeeld de betaling van collegegeld. Zorgt dit ervoor dat de universiteit niet meer wordt gezien als een publieke instelling? Als dat zo is, dan moet concurrentie door buitenlandse commerciële instellingen worden toegestaan. Dit moet gebeuren onder het principe van gelijke behandeling. Zodra diensten worden opengesteld voor buitenlandse aanbieders, genieten zij onder de bepalingen van vrijhandelsverdragen namelijk bescherming die ze het recht geeft op dezelfde behandeling als nationale investeerders (of overheidsbedrijven). Er mag geen discriminatie plaatsvinden, ook niet in naam van het publieke belang. Terugkomend op onderwijs betekent dit dat alle subsidies waarmee we onze niet-commerciële onderwijsinstellingen toegankelijk en betaalbaar houden, ook moeten gelden voor commerciële instellingen. Daarnaast worden publieke diensten steeds vaker door overheden in samenwerking met commerciële partijen aangeboden, de zogenaamde publiek-private partnerschappen. Hierdoor vallen deze diensten niet onder de uitzonderingspositie. In CETA is weliswaar een speciaal voorbehoud gemaakt voor het publiek houden van de drinkwatervoorziening, maar er wordt niets gezegd over waterzuivering. Hierdoor is het onduidelijk of bedrijven die deze diensten allebei leveren, zoals bijvoorbeeld het Nederlandse Waternet, wel beschermd worden tegen privatisering. Wat voor zorg, onderwijs en watervoorziening geldt, gaat ook op voor andere publieke diensten. Door de onduidelijkheid over wanneer iets een publieke dienst is, komt hun uitzonderingspositie op losse schroeven te staan.

    Terugdraaien privatisering onmogelijk

    Een ander essentieel onderdeel van handelsverdragen als CETA en TTIP is dat ze het een regering praktisch onmogelijk maken om privatisering van publieke diensten terug te draaien. De EU zegt dat overheden alle vrijheid houden om dit te doen, maar in de praktijk kan zo’n ingreep voor buitenlandse investeerders een reden zijn om een ISDS-zaak aan te spannen. Zo zijn er de laatste jaren verschillende ISDS-zaken aangespannen tegen (lokale) overheden die de privatisering van drinkwater (zie kader) wilden herroepen, omdat deze te duur of niet effectief bleek.

    Het is absoluut niet duidelijk of onze publieke diensten onder druk komen te staan door TTIP

    In tegenstelling tot wat de Europese Commissie zegt, is het absoluut niet duidelijk of onze publieke diensten onder druk komen te staan door TTIP. De uitzonderingen in het CETA-hoofdstuk beloven in elk geval niet veel goeds. De enige manier om onze watervoorziening, gezondheidszorg en onderwijs echt te beschermen tegen privatisering of de dreiging van ISDS-zaken, is deze volledig uit te sluiten van de onderhandelingen over TTIP.
    United Utilities versus Estland In oktober 2014 begon het waterbedrijf AS Tallinna Vesi een rechtszaak tegen Estland. Dit deed zij samen met haar grootste aandeelhouder United Utilities BV, een Brits bedrijf met een kantoor in Nederland. Nadat Estland in 2010 de watervoorziening had geprivatiseerd wilde United Utilities namelijk de prijs van water fors verhogen en hier had de overheid een stokje voor gestoken. Vanwege het publieke belang van betaalbaar water mocht de prijs ervan tot het einde van de looptijd van het contract niet worden verhoogd. Gebruikmakend van het investerings- verdrag tussen Nederland en Estland diende United Utilities vervolgens een ISDS-claim in ter waarde van € 90 miljoen, waarmee ze hun ‘verliezen’ wilden compenseren.
    Deze publicatie kwam tot stand door de samenwerking tussen de journalisten Sophia Beunder, Bas van Beek en Jilles Mast van Platform Authentieke Journalistiek (PAJ), Roos van Os van Stichting Onderzoek Multinationale Ondernemingen (SOMO) en Hilde van der Pas van het Transnational Institute (TNI) en Roeline Knottnerus (SOMO/TNI). Illustraties: Milo.
    1. bron: Malmström, C and Froman, M. Joint Statement on Public Services, 20 March 2015

    Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

    Over de auteur

    Platform Authentieke Journalistiek

    Gevolgd door 422 leden

    Het Platform Authentieke Journalistiek wil met kritische berichtgeving een bijdrage leveren aan een eerlijkere samenleving.

    Volg Platform Authentieke Journalistiek
    Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
    Annuleren
    Dit artikel zit in het dossier

    Internationale vrijhandelsverdragen

    Gevolgd door 461 leden

    Tegen vrije handel tussen burgers, landen en continenten valt weinig in te brengen. Grote internationale vrijhandelsverdragen...

    Volg dossier