De familie Ter Haar heeft zichzelf buitenspel gezet door zelf het faillissement van Oad aan te vragen, uit angst dat de familiebestuurders zelf claims aan hun broek zouden krijgen. Nu de reisgroep failliet is, mag alleen de curator nog een zaak aanspannen tegen Rabobank, zo oordeelde de rechter woensdag. Er is geen inhoudelijk oordeel geveld over de handelswijze van Rabo's afdeling Bijzonder Beheer.

    Dat heeft de rechtbank woensdagochtend beslist. Het is een pijnlijke nederlaag voor de familie Ter Haar, die de afgelopen twee jaar veelvuldig de media opzocht om de schuld van het faillissement in de schoenen van Rabobank te schuiven. Vanwege de omzet van vele honderden miljoenen euro's en de naamsbekendheid van Oad, werd de rechtszaak ook als prominentste voorbeeld gezien van het Bijzonder Beheer-dossier. Veel ondernemers klagen dat deze 'ziekenboeg' van de bank hen eerder richting de afgrond duwt, dan er bovenop helpt. Er werd dan ook met belangstelling gekeken hoe de rechter zou oordelen over het handelen van Rabobank in deze zaak, en of de rechter de bank op de vingers zou tikken, zoals in eerdere zaken is gebeurd.

    Angst voor bestuursaansprakelijkheid

    Maar nog voordat de rechter inhoudelijk op de zaak is ingegaan, is er al een streep gezet door de claim van 65 miljoen euro van de familie Ter Haar. Oad vroeg twee jaar geleden zelf het faillissement aan, omdat het dacht niet voldoende tijd te hebben om een deal met investeerders rond te krijgen, nadat Rabobank het krediet had opgezegd. De familie - die alle aandelen in handen had en veel belangrijke functies binnen het bedrijf bezette - dacht twee weken nodig te hebben om tot een akkoord te komen met een groep investeerders. De bank gaf echter maar een week extra de tijd: te kort, zo oordeelde de familie. Advocaten van de familie wezen er bovendien op dat de bestuurders - onder meer broer en zus Julius en Quirine ter Haar - mogelijk persoonlijk konden worden aangeklaagd als zij in die situatie klanten vakanties zouden laten boeken en betalen, terwijl hoogst onzeker was of die vakanties wel door konden gaan. Uit angst voor die bestuursaansprakelijkheid gooide Oad de handdoek in de ring.
    'Kredietopzegging is een verschrikkelijke situatie. Je kunt niets meer'
    Dat was onbegrijpelijk voor Rabobank, zo beweerde de bank tijdens de rechtszitting anderhalve maand geleden. Waarom is niet om een extra week tijd gevraagd, vroeg de advocaat van de bank. 'Rabobank doet nu net alsof ze niet begrijpen wat een kredietopzegging met je doet,' verweerde de advocaat van de familie zich. 'Dat je dan niets meer kunt doen. Het is een verschrikkelijke situatie. Vergelijk het met een gezin dat door een geblokkeerde bankrekening opeens niet meer kan pinnen, de huur niet meer kan betalen, of het gas, water en licht. Het water stond ze tot aan de lippen, ze zagen geen andere oplossing meer.'

    Onderscheid aandeelhouder en bedrijf

    Met de faillissementsaanvraag heeft de familie zich echter in de voet geschoten. Na een faillissement kan alleen een curator een claim indienen, zo oordeelde de rechter. Van te voren werd al gezegd dat het voor de familie een moeilijk te nemen horde zou worden om zélf te claimen. Rabobank mag dan misschien fout hebben gehandeld tegenover Oad, dat wil niet zeggen dat er tegenover de aandeelhouders van Oad verkeerd is gehandeld. Die kunnen alleen geld claimen als zij 'afgeleide schade' hebben, iets dat nauwelijks wordt toegewezen door de rechter. Zo ook in de Oad-zaak.
    Uit angst voor claims tegen henzelf, verspeelde de familie ook het recht om zelf nog te claimen
    De rechter stelt dat de familie alleen kan claimen als Rabobank de aandeelhouders op het verkeerde been heeft gezet. Maar Rabobank heeft nooit gecommuniceerd met de Stichting Administratiekantoor Oad Groep Holding, de stichting waar de aandelen van de familie in Oad in zaten. Brieven van de bank werden altijd keurig aan de bestuurders van Oad gericht. Dat die bestuurders tevens aandeelhouder waren, doet volgens de rechter niet ter zake. Uit angst dat de familie zélf het slachtoffer kon worden van claims, hebben zij dus ook de mogelijkheid verspeeld om zelf nog claims in te dienen tegen de huisbankier. Jan Driessen, de woordvoerder van de familie Ter Haar, laat weten het 'jammer te vinden dat de rechter deze kans heeft laten lopen.' Hij zegt dat de familie eerst met de curator om tafel wil zitten, om te kijken of zij de claim wil overnemen. 'Zo niet, dan gaan we in hoger beroep, want deze zaak is van te groot maatschappelijk belang,' zo verdedigt Driessen de particuliere claim van 65 miljoen van de familie Ter Haar. De curatoren van Oad hebben in eerdere faillissementsverslagen al aangegeven de rol van Rabobank te onderzoeken. Het is dus mogelijk dat de bank in een later stadium alsnog een claim aan zijn broek krijgt. Het is echter ook niet uitgesloten dat de curatoren ook hun pijlen zullen gaan richten op de familie, mocht een onderzoek van de curatoren daar aanleiding toe geven. Rabobank stelt in een schriftelijke verklaring over het vonnis dat zij 'van mening is dat zij zorgvuldig heeft gehandeld en de aan OAD verstrekte financieringen op passende gronden heeft beëindigd.' Lees hier een eerder artikel over de rechtszaak van de familie Ter Haar tegen Rabobank, of bekijk  hier het FTM-dossier over Bijzonder Beheer.

    Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

    Over de auteur

    Joris Heijn

    Joris Heijn (1985) studeerde Internationale Betrekkingen in Groningen, maar wilde eigenlijk liever journalist worden. Deed da...

    Lees meer

    Volg deze auteur en blijf op de hoogte via e-mail

    Volg Joris Heijn
    Verbeteringen of aanvullingen?   Tip de auteur Annuleren
    Dit artikel zit in het dossier

    Bijzonder Beheer

    Gevolgd door 243 leden

    Tienduizenden ondernemers zijn ondergebracht bij de gevreesde afdeling Bijzonder Beheer, de ziekenboeg van de bank waar slech...

    Lees meer

    Volg dit dossier en blijf op de hoogte via e-mail

    Volg dossier