"Het gaat goed in Nederland"

2 Connecties

Personen

Alexander Rinnooy Kan

Locaties

New York

Columnist Jacob Gelt Dekker bezocht de Nederlandse Club in New York City en sprak onder het genot van een glas water met de optimistische Alexander Rinnooy Kan.

Twee weken nadat orkaan Sandy over New York City raasde, smeulen de verkoolde resten van een honderdtal woningen op Breezy Point in Queens nog na. Op het verduisterde Staten Island verkleumen vele honderden mensen in lange rijen om vervolgens een uurtje op te warmen in een bus.  Ondertussen zijn bakken met water uit de ondergrondse metrotunnels gepompt en zijn de pakken sneeuw op de landingsbanen van John F Kennedy-airport geruimd. De City maakt zich - zij het wat onthand - op voor year-end parties.
De Nederlandse gemeenschap in New York bereid zich voor op het grote jaarlijkse Peter Stuyvesant Ball. Het gala is helaas wel verplaatst van overstroomd Downtown (Wallstreet en Schermerhorn Row) naar het Hyatt hotel in Midtown.

Borrelen met Alexander
In de wijnrode salon van de Nederlandse Club (The Netherland Club of New York) spreken we met Alexander Rinnooy Kan, de oud-voorzitter van werkgeversorganisatie VNO en de Sociaal-Economische Raad.
“Haha, nee, ik ben geen onderkoning in Nederland geworden door een rol voor mijn partij (D66) in het kabinet,” zegt Alexander, die is gezegend met een blijde uitstraling. Dat maakt het gesprek makkelijker, hij is een gezellige babbelaar. “Het gaat goed in Nederland. In Europa heeft geen land zoveel profijt gehad van  de EU en de globalisering, als Nederland. Het World Economic Forum publiceert de Global Competitiveness Index van 139 landen en Nederland is daar van plaats 10 in 2009-2010, naar plaats 8 in 2010-2011, plaats 7 in 2011-2012 en waarschijnlijk naar plaats 5 in 2012-2013 gestegen. Alleen Zwitserland, Zweden, Finland, Singapore en Duitsland doen het net iets beter of zijn nek-aan-nek.”
De Global Competitiveness Index wordt door het WEF gemeten aan de hand van  12 parameters waaronder onderwijs, gezondheid, infrastructuur, instituties, wetenschappelijk onderzoek, financiële,- goederen, – en arbeidsmarkten, marktgrootte en technologisch potentieel.


“Finland is ons lichtend voorbeeld wat betreft onderwijs. In Nederland wordt nu helaas bezuinigd op onderzoek, maar we doen het nog steeds indrukwekkend goed. Op een wereldwijd totaal van 10 duizend, behoren de dertien Nederlandse universiteiten tot ‘s werelds beste honderd,” zegt Alexander die wiskunde in Leiden studeerde. Hij werd vervolgens rector magnificus van de Erasmus Universiteit Rotterdam. Sinds september is hij universiteitshoogleraar aan de Universiteit van Amsterdam en hij hoopt nog op een aanstelling aan Colombia University in New York City.


Loonslaaf Rinnooy Kan
“Nivelleren is volstrekt niet nodig, want Nederland is al genivelleerd. De VS is nota bene aan het denivelleren. U moet dat maar zien als symboolpolitiek van de PvdA,” aldus Rinnooy Kan. Het heeft me altijd verbaasd dat deze vriendelijke kamergeleerde-wiskundige de voorzitter werd van werkgeversorganisatie VNO-NCW, want Rinnooy Kan heeft in zijn leven nog nooit als werkgever ook maar één loonlijst aan het einde van de maand hoeven te voldoen. Hij was altijd een loonslaaf, maar blijkbaar was dat niet nodig en was de post min of meer een opstap naar het stuurmanschap van de SER, dat overigens de laatste jaren onder zijn beleid bijna doodbloedde.
“Nederland heeft heel fatsoenlijke en verstandige vakbonden. Wij zijn in de wereld, waar 80 landen een vergelijkbare organisatie hebben als de SER, de oudste en meest gerespecteerde. Dat komt vooral doordat de samenwerking tussen werkgevers en werknemers in grote harmonie gaat. Bovendien is en blijft de SER een adviesorgaan. Adviezen kan men naast zich neerleggen. De SER was, en is, in geen geval de Derde Kamer zoals weleens spottend gezegd werd.”


Rinnooy Kan over…
“Het valt te betreuren dat er binnen de VVD een Eurofobie heerst. Dat komt onze Minister President nu slecht uit. Euro sceptici  willen terug-naar-hoe-het-was, maar dat is geen alternatief. De globalisering is niet meer te stoppen. Het sentiment, vooral nationalisme tegenover kosmopolitisme, is wel te begrijpen in een klimaat van onzekerheid. Maar tegen irrationele argumenten is in het openbaar debat weinig tegen in te brengen. Het is nu zaak om de aandacht voor irrelevante verschillen te minimaliseren. Het is irrelevant waar een persoon geboren is, waar hij vandaan komt of tot welk ras of religie hij behoort. Het bestuur moet in haar aandacht juist alle relevante verschillen maximaliseren en daaraan werken zoals onderwijs, gezondheid en infrastructuur. De diagnose moet dan natuurlijk wel correct zijn.”


“Als we kunnen vasthouden aan de voortgang in de EU dan zou dat de komende jaren goed kunnen uitpakken voor Nederland. De Bankenunie van de Centrale banken van de lidstaten moet nog wat meer gestalte krijgen, en dat kan alleen door het inleveren van soevereiniteit.  De interne markt van de EU ontwikkelt zich geweldig.”


“Het belasten van de reiskostenvergoeding werkt de economische ontwikkeling tegen.  Nederland lijdt al jaren aan een gebrek aan mobiliteit.  De renteaftrek, die al jaren speelt, helpt de vastgoedmarkt niet. En een zakenkabinet komt er nooit. Het voordeel zou zijn geweest dat je per onderwerp een coalitie kunt smeden.”
 

En dan is het eindelijk hoog tijd voor een glas rode wijn, immers Alexander dronk uitsluitend water en dat doe je dan ook maar voor je goede fatsoen.