Het Landgericht Bonn / https://commons.wikimedia.org/wiki/File:Bonn,_Wilhelmstraße_21-20160830-002.jpg
© Tilman2007 @ Wikimedia,

    Precies een jaar geleden publiceerde Follow the Money het eerste artikel in de zogeheten CumEx Files, een internationaal journalistiek samenwerkingsproject over een van de grootste belastingfraudes die Europa ooit heeft gekend. Hoe staat het er nu voor?

    Dit stuk in 1 minuut
    • Het Duitse Openbaar Ministerie heeft in 2011 de jacht geopend op de lieden die de Duitse staatskas voor minstens 10 miljard hebben benadeeld. 

    • In het Landgericht Bonn begon in september 2019 het eerste proces, waarvoor in totaal 32 zittingsdagen zijn uitgetrokken. De uitspraak wordt op 9 januari verwacht.

    • Om de complexe materie van de CumEx-handel te kunnen doorgronden, hebben de rechters een intensieve training gevolgd.

    • In totaal duiken in het uitgebreide strafdossier circa honderd banken en andere financiële instellingen op, plus vierhonderd verdachte personen. De CumEx-zaak kan uitdraaien op een bloedbad binnen de financiële wereld.

    • Intussen is de eerste CumEx-gerelateerde veroordeling een feit: ‘Jürgen A. Schmidt’ kreeg elf maanden cel wegens afpersing.

    Lees verder

    Het zit de oud-medewerker en afperser van de Zwitserse bank Sarasin, een voormalige dochter van de Rabobank, deze septemberdag niet mee. In plaats van te genieten van het geld dat hij door afpersing had verkregen, zit hij nu in de ruime en lichte zaal van van de grote strafkamer van het Landgericht in Bonn. ‘Herr Schmidt’ heeft de twijfelachtige eer als eerste in dit megaproces zijn vonnis te mogen horen: een gevangenisstraf van elf maanden. Volgens de Duitse zakenkrant Handelsblatt een ‘ongewoon milde straf’, die de veroordeelde dankt aan het feit dat hij de afpersing ruiterlijk heeft bekend en het afgeperste geld heeft terugbetaald; niet aan Sarasin, maar aan de Duitse staat.

    Een tweede afperser, eveneens een oud-medewerker van Sarasin, woont in Zwitserland en is buiten bereik van de Duitse justitie. Hij beschikt nog steeds over een deel van de buit. Op vragen van Handelsblatt of Sarasin hem dat geld wil terugvragen en waarom de bank ooit op de eis van de afpersers is ingegaan, wilde de voormalige Rabobank-dochter niet reageren.

    In april 2011 besloten Schmidt en zijn kompaan een graantje mee te pikken van de lucratieve CumEx-handel waarmee Sarasin zich sinds begin 2009 inliet

    In april 2011 besloten Schmidt en zijn kompaan een graantje mee te pikken van de uiterst lucratieve CumEx-handel waarmee Sarasin zich sinds begin 2009 inliet: een complexe handel in aandelen met (cum) en zonder (ex) dividend rondom de datum waarop het dividend zou worden uitbetaald. De aandelen werden dusdanig vaak verhandeld dat de belastingdiensten niet meer wisten wie wel en wie geen recht had op teruggave van de al afgedragen dividendbelasting. 

    Het gevolg was dat partijen bij de Europese belastingdiensten vervolgens dividenden terug vroegen, soms zelfs herhaaldelijk, die ze nooit zelf hadden afgedragen. Deze handel leverde de Duitse schatkist een schade op van minstens 10 miljard euro. In heel Europa wordt de schade geraamd op ruim 55 miljard euro, zo bleek vorig jaar toen het internationale samenwerkingsproject The CumEx Filesnaar buiten trad. De Nederlandse fiscus werd voor minimaal 152 miljoen euro benadeeld door de Amerikaanse zakenbank Morgan Stanley. Bankiers, advocaten en fiscalisten in de financiële hoofdsteden van Europa zetten de transacties op voor hun cliënten en streken daarbij riante commissies op. Ook vanuit Amsterdam werd deze handel bedreven. Een vroegere afdeling van de huidige ABN Amro, die grotendeels in staatshanden is, excelleerde er aan het begin van deze eeuw zelfs in.

    Duimschroeven voor de meester en de baas

    Van deze uiterst lucratieve, maar omstreden handel wilden ook de twee voormalige Sarasin-medewerkers profiteren. Op 12 april schreef een van hen onder het alias Jürgen A. Schmidt een concept mail met de aanhef: ‘Sehr geehrter Herr Dr. Fettsack’. De ‘vetzak’ die ze adresseerden, was de Duitse advocaat Hanno Berger. Deze in 1951 als zoon van een dominee geboren topfiscalist stapte na een glansrijke ambtelijke carrière in het bestuur van de deelstaat Hessen over naar het bedrijfsleven. Hij begon een advocatenkantoor dat de top van het Duitse bedrijfsleven bijstond. Daaronder viel ook het bedenken, opzetten en uitvoeren van CumEx-transacties met geld van Duitse ondernemers aan wie Berger had verteld dat dit een uiterst goede investering was. Berger was zo bedreven in deze handel dat zijn klanten en collega’s hem ‘Der Meister’ noemden.

    Nadat Schmidt en zijn kompaan diverse ontwerpen van hun afpersingsmail naar elkaar hadden gestuurd, besloten ze op 14 april 2011 tot de definitieve tekst. Ze veranderden de aanhef ‘Herr Dr. Fettsack’ in ‘Dr. Berger’ en drukten op de verzendknop. Hun boodschap? Of Berger maar even 1,5 miljoen euro wilde dokken. Deed hij dat niet, dan zou Schmidt de betreffende toezichthouders en getroffen instanties inlichten.

    Hij eiste wederom 1,5 miljoen euro, nu als ‘provisie’ voor het aanbrengen van een vermogende Duitse klant

    Na enig heen en weer mailen kwamen Berger en beide afpersers een bedrag van één miljoen euro overeen. Voor Kerst 2011 was dat bedrag betaald.

    Maar Schmidt en zijn kompaan waren uit op meer. Op de dag waarop de eerste mail naar Berger ging, verstuurde Jürgen A. Schmidt ook een mail naar zijn meerderen bij Sarasin. Hij eiste wederom 1,5 miljoen euro, ditmaal als ‘bemiddelingsprovisie’ voor het aanbrengen van een vermogende Duitse klant die 30 miljoen euro had geïnvesteerd in CumEx-transacies. Als Sarasin niet zou betalen, dreigde Schmidt niet alleen de Duitse Belastingdienst en de Duitse toezichthouder maar ook Sarasins raad van commissarissen tot in detail in te lichten over de CumEx-handel van de Zwitserse bank.

    Net als Berger besloot het bestuur van Sarasin om geen aangifte te doen maar op de wensen van de afperser in te gaan. In termijnen maakte de bank de geëiste 1,5 miljoen euro over naar de door Schmidt opgegeven bankrekening in Zwitserland.

    Ofschoon deze bankrekening inmiddels een aardig saldo vertoonde, besloot Schmidt dat er nog wel wat bij kon. In november 2011 meldde hij zich per mail bij het Duitse ministerie van Financiën in Bonn. Hij had informatie dat de Duitse staat voor miljarden was benadeeld. Had het ministerie interesse? Nee, maar het ministerie wees hem door naar de collega’s in de deelstaat Hessen. Aan hen schreven Schmidt en zijn kompaan dat hun informatie 300 miljoen euro waard was. In ruil wilden zij een provisie van 1,5 miljoen euro. Hessen ging niet op dit aanbod in: de bestuurders waren te bang dat ze zich (mede)schuldig zouden maken aan een strafbaar feit.

    Riante winsten werden vette verliezen

    Schmidt en zijn kompaan zouden met de buitgemaakte 2,5 miljoen euro zijn weggekomen, ware het niet dat in 2013 het CumEx-schandaal losbarstte. Terwijl Schmidt nog druk bezig is met zijn afpersingspraktijken, stuit een jonge ambtenaar van de centrale Duitse fiscus in Keulen in 2011 op transacties die haar opmerkelijk voorkomen. Ze duikt dieper in de cijfers en stuurt vragenlijsten naar de betrokken partijen. Zo komt de CumEx-zaak aan het rollen. Pas in 2013 krijgen de media lucht van de zaak.

    In september 2018 oordeelde een rechtbank in Stuttgart dat Sarasin Müller 45 miljoen euro moet terugbetalen

    Terwijl inmiddels de Duitse fiscus en ook het Openbaar Ministerie achter de schermen actief zijn, begint een aantal vermogende klanten van Berger en Sarasin civiele procedures. In plaats van de beloofde miljoenenwinsten hadden hun investeringen in CumEx-deals hun een miljoenenverlies opgeleverd.

    Een van die rijke klanten is de Duitse drogisterijkoning Erwin Müller. De 89-jarige miljardair investeerde in totaal 50 miljoen euro in CumEx-transacties. Hij beweert nooit te hebben geweten van de frauduleuze opzet van de transacties waarmee de handelaren de staatskassen plunderden. Met zijn advocaat Eckart Seith procedeert Müller tegen Sarasin; inmiddels had de Rabobank begin 2012 haar belang in Sarasin verkocht aan de Braziliaanse Safra Group. In september 2018 oordeelde een rechtbank in Stuttgart dat Sarasin Müller 45 miljoen euro moet terugbetalen.

    Gesprek met Eckart Seth

    Eckart Seith: aangeklaagd voor verraad en spionage

    Drieënhalf jaar gevangenisstraf hing advocaat Eckart Seith boven het hoofd. Hij stond in april van dit jaar samen met twee vroegere medewerkers van Sarasin voor het hekje van rechtbank in Zürich om zich te verdedigen tegen enkele forse aanklachten van de Zwitserse openbaar aanklager. Die betichtte hem van bedrijfsspionage, het verraad van bankgeheimen en enkele andere delicten.

    Seith had namens zijn cliënt – de miljardair Erwin Müller – relaties aangeknoopt met twee oud-medewerkers van Sarasin. Dankzij de hulp van deze klokkenluiders wist Seith de hand te leggen op interne documenten van de Zwitserse bank, die licht wierpen op de frauduleuze CumEx-transacties en het bancaire bedrijfsmodel daarachter. Ook werden er namen van klanten van Sarasin door de klokkenluiders vrijgegeven. Seith deelde deze documenten ook met de Duitse justitie. Hoewel de Zwitserse schatkist in het verleden ook door CumEx-handelaren lichter was gemaakt, onder andere door die van de toenmalige Fortis-afdeling GSLA, koos de Zwitserse aanklager ervoor om de advocaat en de klokkenluiders te vervolgen en de banken met rust te laten.

    Seith werd vrijgesproken van bedrijfsspionage, vanwege het simpele gegeven dat zijn opdrachtgever geen bedrijf is, maar een natuurlijk persoon met een andere nationaliteit. Die kan volgens het Zwitserse recht niet voor bedrijfsspionage worden vervolgd. Hij werd wel schuldig bevonden aan het verraden van bancaire geheimen en kreeg een zes-cijferige boete opgelegd. De klokkenluiders werden veroordeeld tot een celstraf van 13 maanden en een geldboete. 

    Seith noemde het vonnis een ‘vies oordeel na een smerige rechtszaak’. Volgens Seith heeft het Zwitserse openbaar ministerie vijf jaar lang in de verkeerde hoek gezocht. ‘Het beschermde financiële criminaliteit en wilde die zelfs preserveren.’ Seith vond het rechterlijke oordeel, ondanks de vrijspraak van spionage, onverteerbaar en liet onmiddellijk na de uitspraak weten in hoger beroep te gaan. Seith liet FTM weten eventueel tot het Europese Hof voor de rechten van de Mens (EHRM) door te zullen strijden.

    Lees verder Inklappen

    Mammoetproces

    In 2012 begonnen in vier deelstaten strafrechtelijke onderzoeken, maar het epicentrum van de zaak ligt in Keulen, waar officier van justitie Anne Brorhilker zich buiten het zicht van de schijnwerpers ontpopt als CumEx-crimefighter. Ze gaat te werk met de finesse van een chirurg en de vasthoudendheid van een boer op een trekker. Zij en haar omvangrijke team bouwen een immens dossier op, dat deels in handen is van het internationale journalistencollectief dat The CumEx Files onderzoekt.

    Terwijl het onderzoek doorgaat, begon het Landgericht Bonn op 4 september 2019 met het eerste proces, waarvoor tot begin januari volgend jaar 32 zittingsdagen zijn uitgetrokken. Om de complexe materie van de CumEx-handel te kunnen doorgronden, hebben de rechters een training gevolgd.

    Ze gaat te werk met de finesse van een chirurg en de vasthoudendheid van een boer op een trekker

    De centrale vraag in dit mammoetproces: is de CumEx-handel – behalve moreel verwerpelijk – ook strafrechtelijk laakbaar, zoals het openbaar ministerie stelt, of was die handel volslagen legaal, zoals onder andere Hanno Berger, een van de hoofdverdachten, tot op de dag van vandaag beweert? Berger cum suis stellen dat hij en anderen in die jaren slim gebruik maakten van de mazen die de wet toen nog volop bood.

    De eerste verdachten zijn twee Britse aandelenhandelaren. Martin S. (41) en Nicholas D. (38). Zij zouden tussen 2006 en 2011 bijna 450 miljoen euro uit de Duitse staatskas hebben geroofd. Ze werkten in die periode bij de Londense vestiging van de Duitse Hypovereinsbank. Martin S. zou aan die roof persoonlijk 12 miljoen euro hebben verdiend. Met het voorlezen van de aanklacht was officier van justitie Anne Brorhilker twee uur bezig. Volgens haar hebben de twee handelaren op bedrieglijke wijze belastinggeld teruggevraagd.

    Tijdens de openbare zittingen vertellen Marin S. en Nicholas D. openhartig over hun werkwijze, die volgens S. een schier ‘industrieel karakter’ had aangenomen. Soms werden zoveel aandelen verhandeld dat dit tot problemen leidde bij Clearstream, de dochter van Deutsche Börse, die al die transacties moest verwerken. 

    Om hun werkwijze te schetsen, toont S. de rechters powerpointpresentaties en uitgebreide excelsheets. Beide verdachten vinden dat ze niets te verbergen hebben, en schuldig voelen ze zich niet. Ze beschouwen zichzelf slechts als pionnen in een spel dat door velen werd gespeeld.

    Achter de verdachten zit een rij advocaten. Zij vertegenwoordigen de vijf financiële instellingen die zijn gedagvaard. Het gaat om de bank M.M. Warburg en haar investeringsmaatschappij Warburg Invest, de Hamburgse investeerder Hansainvest, de Amerikaanse bank BNY Mellon en een fonds van het Franse Société Générale. Volgens Brorhilker hebben zij van de CumEx-handel geprofiteerd.

    Voor de Britse handelaren dreigt een gevangenisstraf van maximaal tien jaar. Omdat ze zo uitvoerig getuigen, bestaat de kans dat die straf lager uitvalt, mocht de rechtbank tot een bewezenverklaring komen. De uitspraak staat gepland op 9 januari 2020.

    Binnen de hele financiële sector in Europa kijkt men met spanning uit naar de afloop van deze eerste zaken. De veroordeling van ‘Jürgen A. Schmidt’ is gebaseerd op afpersing – een zaak die makkelijk te bewijzen was. Maar krijgen de aanklagers rond dat banken, handelshuizen, tussenpersonen, fiscalisten en adviseurs schuldig zijn aan criminele handelingen? Het Duitse Openbaar Ministerie vindt van wel, maar hoe kijken de rechters naar de feiten? In totaal duiken in het uitgebreide strafdossier circa honderd banken en andere financiële instellingen op, plus vierhonderd verdachte personen. De CumEx-zaak kan uitdraaien op een bloedbad binnen de financiële wereld.

    Nederlandse CumEx-banden

    Zoals FTM eerder schreef, duiken in het strafrechtelijke dossier ook Nederlandse handelaren, banken, tussenpersonen en adviseurs op. Zo werkte Sarasin met vier fondsen die volgens het Duitse Openbaar Ministerie maar één doel hadden: CumEx-transacties. Een ervan was het GSA Feeder Fund, een fonds opgezet naar Nederlands recht. Achter dat fonds zat het Amsterdamse bedrijf GSFS Asset Management dat in handen was van Frank Vogel, die al jaren tot de absolute top van CumEx-handelaren behoort.

    Dit GSA Feeder Fund kreeg volgens interne documenten adviezen van de Amsterdamse kantoren Lexence NV en Clifford Chance. Controlerend accountant van het fonds was het Rotterdamse Mazars Paardekooper Hoffman (tegenwoordig Mazars). Geen van deze partijen is tot nu toe als verdachte aangemerkt, maar het onderzoek gaat door. Wat niet is kan nog komen. 

    In april van dit jaar ‘bezocht’ de Duitse financiële recherche opnieuw het kantoor van ABN Amro in Frankfurt

    Eerder liet Vogels advocaat Jasper Hagers weten dat de activiteiten van zijn cliënt ‘legaal’ zijn geweest. Clifford Chance en Mazars beriepen zich op hun geheimhoudingsplicht en Lexence zei dat het kantoor nooit fiscale of andere adviezen over CumEx-transacties heeft gegeven.

    Een instelling die in het CumEx-dossier veelvuldig voorkomt is ABN Amro. De Duitse Justitie heeft vooral veel aandacht voor het onderdeel Clearing Bank dat volgens het strafdossier betrokken is geweest bij CumEx-transacties.

    In april van dit jaar ‘bezocht’ de Duitse financiële recherche opnieuw het kantoor van ABN Amro in Frankfurt om informatie op te vragen. Die dag deden in totaal 180 rechercheurs invallen in woningen en financiële instellingen in het gehele land. 

    Terwijl een deel van het Openbaar Ministerie zich richt op de eerste rechtszaken in Bonn, is een ander deel nog volop met het onderzoek bezig. Zo vond op 27 augustus 2019 een inval plaats bij Clearstream, een dochter van Deutsche Börse. En op 10 september – het CumEx-proces was toen net zes dagen bezig – werden doorzoekingen bij verschillende locaties van Commerzbank uitgevoerd.

    Op Europees niveau heeft vooral de ESMA, de Europese waakhond van de financiële markten, zijn tanden in het dossier gezet. Op 12 juli 2019 publiceerde de ESMA haar eerste rapport. Haar conclusie: de omstreden handel in aandelen met (cum) en zonder (ex) dividend gaat binnen Europa – ook in Nederland – vermoedelijk nog steeds door.

    Dat rapport is slechts een tussenstap. De waakhond vervolgt het onderzoek naar frauduleuze belastingpraktijken, omdat die een groot gevaar kunnen opleveren voor de integriteit van de financiële markten.

    Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

    Over de auteur

    Eric Smit

    Gevolgd door 2882 leden

    Mede-oprichter van FTM. Als voormalig professioneel squasher gewend om klappen te incasseren en uit te delen.

    Volg Eric Smit
    Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
    Annuleren
    Over de auteur

    Siem Eikelenboom

    Gevolgd door 779 leden

    Werkte eerder als onderzoeksjournalist bij Zembla, Nova en Het Financieele Dagblad, waar hij meewerkte aan de Panama Papers.

    Volg Siem Eikelenboom
    Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
    Annuleren
    Dit artikel zit in het dossier

    The CumEx Files

    Gevolgd door 2875 leden

    FTM maakt sinds aanvang 2018 deelt uit van een netwerk van 19 mediapartners uit 12 landen, gecoördineerd door het Duitse non-...

    Volg dossier