De bankencrisis; wat als Dijsselbloem en Knot niet bij machte zijn?

    De lange geschiedenis van Nederlandse bankschandalen laat zien dat De Nederlandsche Bank (DNB) en het ministerie van Financiën eerder onderdeel van het probleem zijn en niet van de oplossing. Daar moet verandering in komen, betoogt politicoloog/ondernemer Rolf Heynen.

    De bancaire crisis van 2008 is niets nieuws onder de zon. Alleen al de afgelopen 100 jaar kende Nederland diverse faillissementen en overnames van banken. Denk bijvoorbeeld aan: Robaver in 1924, Mendelssohn&Co in 1939, Teixeira de Mattos in 1966, de Slavenburg Bank eind jaren zeventig, Van der Hoop bankiers in 2005, DSB in 2009 en diverse banken die met staatssteun overeind gehouden moesten worden vanaf 2008: ABN AMRO, ING, SNS en Aegon. Allemaal met zeer negatieve lange termijn gevolgen voor de economie en de spaarders. Toch lijkt na iedere crisis slechts voornamelijk de samenleving te bloeden en niet de banken. Immers, spaarders en de samenleving als geheel vangen de klappen op bij een bank-faillissement. DNB, de Regering en Kamerleden lijken deze cyclus niet te kunnen doorbreken. Na menig crisis zoals hierboven opgesomd, wordt gewezen naar DNB en het ministerie van Financiën door gebrekkig toezicht, maar steevast wassen zij hun handen in onschuld en gaan terug naar de orde van de dag na enkele holle beloftes die zij over de bühne brengen.

    Bail-in?

    Sinds de crisis van 2008 zijn banken niet alleen maar groter geworden dan ervoor, ook de reserves die deze banken hanteren zijn er niet of nauwelijks op vooruit gegaan. Met de miljarden aan publiek geld die de staat in de banken heeft gepompt, met harde bezuinigingen als gevolg hiervan, hebben ertoe geleid dat de staatskas leeg is. Een nieuwe reddingsoperatie zou een fiasco betekenen voor onze economie.
    Toch lijkt na iedere crisis slechts voornamelijk de samenleving te bloeden en niet de banken
    In 1878 ging de City of Glasgow Bank failliet. Spaarders verloren daar niets, maar 80% van de aandeelhouders ging persoonlijk failliet. De trend werd hierna snel ingezet om de risico’s van bankeigenaren te verleggen naar de samenleving. Ook in 2008 werden na decennia grove winsten in de bancaire sector, ineens de risico’s en schulden volledig bij de samenleving gelegd. Als oplossing daartegen suggereert Dijsselbloem een zogenaamde ‘bail-in’. Dit is een hele povere maatregel die nog steeds grotendeels de risico’s legt bij de samenleving. Als Dijsselbloem serieus is met zijn aanpak, dan dwingt hij banken tot een ‘pre-bail-in, dat wil zeggen door aandeelhouders veel meer eigen vermogen dan nu in te laten brengen. Laten de aandeelhouders, als ze zoveel vertrouwen hebben in de sector, nu veel extra geld in de banken steken, waardoor zij veel meer dan nu drager worden van de risico’s. Bij een crisis is het kwaad immers reeds geschied. Vertrouwen, de smeerolie van onze economie, is op dit moment niet alleen heel pril, maar bij een crisis is dit direct weg. Je kunt aandeelhouders tijdens een crisis heel moeilijk dwingen op dat moment geld in te gaan leggen. De ´bail-in’ van Dijsselbloem is nog steeds een reactieve maatregel en niet voldoende om een nieuwe crisis af te wenden. Bij een ‘pre-bail-in’ worden aandeelhouders veel meer onderdeel van ‘het probleem’ en zullen management dwingen veel minder risico te nemen. Naarmate aandeelhouders percentueel gezien meer kapitaal inbrengen, wat ze ook uit kunnen lenen, kunnen buffers naar beneden tot een acceptabel niveau. En dat is niet de maximale 3% van nu.

    Bankbuffers

    In het begin van de twintigste eeuw was het normaal om bankreserves te hebben van 25%. Dit daalde begin jaren negentig in de VS naar 6-8% en in Nederland uiteindelijk bij veel banken tot onder de 3%. Ook nu nog leunen volgens het Centraal Planbureau ‘de grote, systeemrelevante banken in Nederland zwaar op de impliciete garantie van de overheid dat zij niet failliet zullen gaan. Dat vormt een risico voor de Nederlandse economie.’ DNB en Financiën vereisen op dit moment ‘extra kapitaalbuffers’ van 3% voor de vier Nederlandse systeembanken. U leest het goed. Na de gigantische crisis van 2008 vereisen ze op dit moment een buffer van maar 3%. Deze buffer mogen ze opbouwen tot 2019. Veel banken hebben nu dus buffers van onder de 3%. In 2008 zijn banken failliet gegaan met reserves van 3 %. DNB en het ministerie lijken de crisis en risico’s niet echt serieus te nemen. Een persoonlijk risico lopen de betrokkenen, lees aandeelhouders en bestuurders, immers geen van allen. Zij speculeren veelal met geld van anderen. Dat geldt overigens niet alleen voor banken, maar ook bij andere (semi) publieke instellingen waar het de laatste jaren is misgegaan zoals: woningbouwcorporaties, onderwijs- en zorginstellingen, slibverwerkingsbedrijven, verzekeraars, accountantsinstellingen en vervoerders. De lijst is eindeloos en bij veel casussen hebben banken een meer dan dubieuze rol gespeeld. Het gebrek aan het vervolgen van topbestuurders en instellingen is tegelijkertijd een belangrijke reden voor het toenemend publiek cynisme richting de (semi-) overheid en politieke partijen. Bestuurders verantwoordelijk voor wanbeleid of gebrek aan toezicht worden in Nederland immers niet berecht. Politieke partijen hebben daarbij een monopolie op de baantjes in de (semi) publieke sector. Betrokkenen lijken elkaar de bal toe te blijven spelen. De financiële sector is op dit moment 4 tot 4,6 keer het Nederlandse Bruto Nationaal Product. Dan hebben we het over een balans van 2.469 miljard euro. Zelfs een fractie daarvan kan de Nederlandse staat niet redden bij een nieuwe crisis en zal leiden tot een economische depressie waarbij 2008 ‘spielerei’ was.

    Transparantie

    De Algemene Rekenkamer moet namens de Tweede Kamer boekhoudkundige controle uitoefenen op o.a. toezichthouders. Volgens Kees Vendrik, lid van de Algemene Rekenkamer, kunnen zij al jaren niet voldoende controle uitoefenen op De Nederlandsche Bank. Toegang tot de toezicht dossiers is tot op heden geweigerd en zij hebben daarmee geen zicht op hoe het er bij individuele banken aan toe gaat. De cruciale toezicht dossiers zijn zelfs voor de Minister van Financiën niet toegankelijk, aldus Vendrik. Dit heeft allemaal te maken met een geheimhoudingsbepaling in de Europese wetgeving. Met het 1700 lobbyisten en 120 miljoen euro budget weet de financiële sector zich veruit beter vertegenwoordigd dan welke andere sector ook.
    Met een geschiedenis van falend beleid bij de DNB is het des te schokkender dat cruciale toezichtdossiers worden onthouden
    Met een geschiedenis van falend beleid bij de DNB, toezichthouder van een vitaal onderdeel van onze economie, is het des te schokkender dat cruciale toezichtdossiers worden onthouden aan niet alleen de Algemene Rekenkamer, maar zelfs aan de Minister van Financiën. Dat is toch niets minder dan een ontwerpfout van ons bankensysteem. Dit zijn fouten die mede geleid hebben tot de crisis van 2008. Banken vormen een vitaal onderdeel van onze economie. Dat is precies de reden waarom daar strak en transparant toezicht op nodig is. Uit recent onderzoek van 50 wetenschappers bleek nog maar eens dat banken niets bijdragen aan de economie en zelfs teren op subsidies. Een faciliterende rol voor de banken. Niets meer. Laten we ten minste één staatsbank houden. Een hele saaie door ambtenaren gerunde klassieke bank met grijze muizen, geen bonussen, de staat als enige aandeelhouder, geen hoge salarissen en geen avonturen. Dan breng ik daar direct mijn rekening naartoe.

    Groeiend cynisme

    Banken zijn zelfs zo bepalend van het Nederlands financiële beleid, dat zelfs inkomsten uit boetes terugvloeien naar de sector zelf. Als burger slaat mijn woede hierover om in politiek cynisme. En dat geldt niet alleen voor mij. Door gebrek aan daadkracht en cohones in Den Haag en bij DNB, zijn de risico’s alleen maar groter geworden en ben ik als consument vooral geneigd te sparen en niet om te investeren. Daar ligt een belangrijke crux voor onze huidige stagnatie; we vertrouwen het systeem, de toezichthouder én de volksvertegenwoordigers niet meer met ons geld.
    De crux voor onze huidige stagnatie; we vertrouwen het systeem, de toezichthouder én de volksvertegenwoordigers niet meer met ons geld
    Dijsselbloem, DNB en Kamerleden word wakker! Maak allereerst een transparant bancair systeem, laat de Algemene Rekenkamer banken jaarlijks controleren, dwing aandeelhouders meer eigen vermogen te storten, verplicht hogere buffers van banken en laten we alsjeblieft één staatsbank behouden. Het too big to fail principe is nu actueler dan ooit. Een sector enkele malen groter dan de Nederlandse staat bedreigt iedere dag onze economie. Geen onderwerp raakt meer aan het algemeen belang. Als politici zich hiervoor niet opwerpen, zijn zij hun zetel niet waard. Nobelprijswinnaar Joseph Stiglitz vatte het probleem mooi samen: ‘als niemand verantwoordelijk gehouden kan worden, als niemand hiervoor berecht kan worden, betekent dit dat het probleem ligt bij het economische en politieke stelsel.’ ‘Ik herken mij niet in deze kritiek’, zal binnen de kantelen van DNB en het ministerie klinken. Alle hoofdrolspelers van de crisis van 2008 hoor ik elkaar nog steeds na-praten: ‘Deze crisis was écht uniek en niemand zag deze crisis aankomen’. Je reinste flauwekul. Wat ik de meest beangstigende gedachte vind, is de mogelijkheid dat de zowel de minister als DNB niet echt bij machte zijn deze wijzigingen door te voeren. Wat dan? Rolf Heynen is politicoloog en duurzaam ondernemer bij Good!. Heynen schrijft geregeld als columnist voor kranten en vakbladen over democratie, (duurzame) energie en de algehele staat van de samenleving. Kortom, een beroepsdruktemaker.

    Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

    Over de auteur

    Gastauteur

    Gevolgd door 289 leden

    FTM.nl biedt opiniemakers de gelegenheid om – op uitnodiging – een bijdrage aan maatschappelijke discussies te leveren.

    Volg Gastauteur
    Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
    Annuleren