De extreem scheve vermogensverdeling in Nederland

    In Nederland is het vermogen zeer ongelijk verdeeld. De top-1% bezit zo’n 23% procent van al het Nederlandse vermogen. De top 10% heeft meer dan 60% van het vermogen.

    Enige tijd geleden publiceerde het CBS cijfers over de vermogensongelijkheid in Nederland. Ik heb de CBS data gebruikt om ook een beeld te krijgen van de Nederlandse vermogensverdeling. Dat resulteert in onderstaande figuur. Vermogensverdeling Nederland   Daaruit blijkt dat in 2012 de top-1% vermogenden 23,4% heeft van al het vermogen in Nederland (exclusief pensioen). De top-5% heeft 45,8%, de top-10% heeft 61,2% en de 50-90% groep heeft 41,0% van het totale vrije vermogen. De onderste 50% heeft helemaal geen vermogen, maar een (kleine) netto schuld van 2,2% van het totale vermogen. Met andere woorden, alle vrije vermogen in Nederland is geconcentreerd in de rijkste helft van de bevolking en 60% daarvan zit bij de top-10%.
    'De onderste 50% heeft helemaal geen vermogen, maar een netto schuld van 2,2%'
    De Nederlandse vermogensverdeling is dus extreem scheef. Deze scheve verdeling is volledig in lijn met de gegevens die in het boek van Piketty (voor de fijnproevers: p. 248, Tabel 7.2) worden gerapporteerd voor continentaal Europese landen. Dit zal voor een groot deel te verklaren zijn door de pensioenvoorziening in Nederland. Het CBS heeft in de cijfers geen rekening gehouden met het pensioenvermogen ter grootte van bijna 2 maal het BBP. Veel Nederlanders hebben pensioen opgebouwd en dat vertekent de internationale vergelijking. De totale vermogensongelijkheid is waarschijnlijk veel kleiner als ook rekening wordt gehouden met de pensioenen. De vermogensverdeling in Nederland is over de periode 2006-2012 zeer stabiel. Gedurende die periode is een zeer lichte toename waarneembaar bij de top-1%, top-5% en top-10% van de vermogensverdeling. Tegelijkertijd is er een lichte daling in het vermogensaandeel van de rijkste 50-90%-groepen en de 0-50%-groepen. Dat zal te maken hebben gehad met de dalende huizenprijzen. De zeer vermogenden hebben daar vermoedelijk minder last van aangezien huizenbezit voor hen een minder groot vermogensbestanddeel is dan voor het merendeel van de bevolking.

    Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

    Over de auteur

    Bas Jacobs

    Gevolgd door 127 leden

    Hoogleraar economie en overheidsfinanciën aan de Erasmus School of Economics.

    Volg Bas Jacobs
    Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
    Annuleren