Elke Europarlementariër kan jaarlijks ruim honderd bezoekers gesubsidieerd het Europees Parlement laten bezoeken. Zij leren vervolgens over een Europese federatie die helemaal niet bestaat, zo blijkt als we de EU-voorlichting eens van dichtbij bekijken.

    De EU staat meer dan ooit ter discussie. Om een geïnformeerd debat over de toekomst van het Europese project mogelijk te maken, moeten burgers weten hoe de EU en de Europese instellingen werken. Het Europees Parlement draagt hier een behoorlijk steentje aan bij. Jaarlijks komen ongeveer 7000 groepen met in totaal 300.000 burgers op bezoek in Brussel en Straatsburg. Die bezoeken zijn niet helemaal spontaan: vaak vinden ze plaats op uitnodiging van Europarlementariërs die daar allen een eigen budget voor hebben.

    Iedere Europarlementariër mag jaarlijks 110 bezoekers met subsidie uitnodigen

    Iedere Europarlementariër mag jaarlijks 110 bezoekers met subsidie uitnodigen. Het Europees Parlement compenseert voor deze bezoekers de reis en een maaltijd. Burgers die op meer dan 200 kilometer afstand wonen krijgen tevens een hotelovernachting. Het Europees Parlement is van mening dat de kosten burgers niet mogen weerhouden van een bezoek, ook niet als ze ver weg wonen.

    Tonnen subsidie

    Niet alle bezoeken aan het Europees Parlement worden gesubsidieerd omdat sommige Europarlementariërs veel meer bezoekers krijgen dan er gesubsidieerd kunnen worden. De uitnodigingen kunnen gelden voor zowel de lokale achterban als de mensen uit hun partij, terwijl er ook Europarlementariërs zijn die verzoeken van buitenaf honoreren. De cijfers over Britse Europarlementariërs laten zien dat de kosten van alle bezoeken al snel in de tonnen lopen.

    De vraag is: als bezoekers met subsidie naar het Europees Parlement komen, welk verhaal krijgen ze dan te horen? Krijgen ze de juiste informatie? We nemen de proef op de som op een willekeurige woensdagochtend in het Europees Parlement in Brussel. Een klas Haagse VMBO-scholieren krijgt hier voorlichting over de EU en het Europees Parlement. Ze komen uit Moerwijk en hebben uiteenlopende culturele achtergronden. De voorlichter, een man van middelbare leeftijd, heet hen welkom. Hij zal eerst uitleg geven, waarna de leerlingen de plenaire zaal bekijken en praten met PvdA-Europarlementariër Paul Tang. Dit bezoek is uit zijn budget gefinancierd. 

    Overal samenwerking

    De EU draait om samenwerking tussen de lidstaten, vertelt de voorlichter. Het idee om samen te werken is volgens hem niet bijzonder, want ook in andere delen van de wereld gebeurt dit. In Zuidoost-Azië bijvoorbeeld, bij de Mercosur-landen en rond de Perzische Golf. Het verschil is vooral dat men elders niet zo ver is gegaan met de samenwerking als hier. Elders maken landen onderling afspraken en daarna komen ze allemaal met een eigen wet waar die afspraak in terugkomt. In Europa worden juist op Europees niveau wetten gemaakt die in alle landen gelden.

    Het verschil is vooral dat men elders niet zo ver is gegaan met de samenwerking als hier

    De EU is gestoeld op samenwerking tussen voormalige vijanden, die elkaar steeds meer zijn gaan vertrouwen en daardoor ook meer zijn gaan samenwerken, meldt de voorlichter. Langzaam hebben steeds meer landen zich aangesloten. Er is volgens de voorlichter inmiddels discussie of de samenwerking niet te ver is gegaan. Er zitten zowel voor- als nadelen aan Europese samenwerking. Als voordeel noemt hij de afschaffing van de grenscontroles. Nadelen noemt hij niet, maar hij meldt wel dat er inmiddels meer EU-wetten dan Nederlandse wetten zijn.

    Rol van Europees Parlement

    Het Europees Parlement kijkt naar die Europese wetten, vertelt de voorlichter. In de plenaire zaal vinden debatten plaats waarbij iedereen zijn eigen taal spreekt. Er zijn dus veel tolken nodig. Veel werk gebeurt in commissies. Eigenlijk is een parlement een beschaafde manier om ruzie met elkaar te maken. Er zijn hier ook politieke partijen met ieder een eigen visie op Europa. De wetten in Europa komen van ‘de Europese regering,’ meldt de voorlichter, die direct daaraan toevoegt dat je dat ‘zo zou kunnen noemen’. 

    "De voorlichter weet dus hoe het zit: de Europese Commissie is helemaal geen ‘Europese regering’"

    De voorlichter weet dus hoe het zit: de Europese Commissie is helemaal geen ‘Europese regering’: de samenstelling van de Commissie heeft geen directe relatie met de uitslag van de Europese verkiezingen, de Commissarissen hebben geen mandaat dat uit verkiezingen volgt, er is geen Europese regeringscoalitie, er is geen oppositie en ook geen regeerakkoord. De wil van de stemmer wordt nooit direct in een politiek programma vertaald dat de Commissie kan uitvoeren zoals dat op nationaal niveau gebeurt. De uitvoering moet vooral door de lidstaten gebeuren.

    Federalistische voorlichting

    ‘Een Europese regering’ is een metafoor om begrijpelijk te maken hoe Europese instellingen eruit zien en functioneren. Het uitgangspunt voor burgers — en dus ook voor deze scholieren — is nog steeds de nationale politiek. De verhouding tussen de Tweede Kamer en het kabinet wordt in deze voorlichtingssessie bekend verondersteld en vervolgens op de EU geprojecteerd. Dat heeft twee gevolgen: de Europese Commissie is opeens een Europese regering geworden en het Europees Parlement is opeens doorslaggevend voor alle beslissingen. Dat is de Tweede Kamer in Den Haag immers ook.

    In deze voorlichting ontbreekt de belangrijkste partij in het hele proces: de 28 lidstaten

    In deze voorlichting ontbreekt de belangrijkste partij in het hele proces: de 28 lidstaten die het altijd — al dan niet unaniem — eens moeten zijn over Europese wetgeving. Een ‘ja’ van het Europees Parlement is nooit genoeg. Zie bijvoorbeeld de eindeloze discussie om het pendelen van het Europees Parlement tussen Brussel en Straatsburg af te schaffen: een meerderheid van de Europarlementariërs wil dat allang, maar de lidstaten zijn het onderling oneens.

    Zo maakt het Europees Parlement zichzelf met subsidie belangrijker dan het is en wekt het doelbewust de suggestie dat er al een Europese politieke federatie is die helemaal niet bestaat en er wellicht ook nooit komt. Dat laatste is pas echt goed te merken als Paul Tang binnenkomt. De leerlingen stellen hem allerlei vragen… over de Nederlandse politiek. Zonder subsidie komen zij niet naar Brussel.

    Dit artikel krijg je cadeau van Follow the Money.

    Diepgravende onderzoeksjournalistiek kost tijd en geld. Steun ons en

    word lid