© ANP / Martijn Beekman

    Er circuleren meerdere ideeën voor hervorming van de huurtoeslag, een regeling waarop regeringspartij VVD graag zou bezuinigen. Het is een heikel onderwerp in de formatieonderhandelingen. Dit zijn de plannen waarvoor de gesprekspartners hun messen slijpen.

    De huurtoeslag is een regeling waarover volop wordt nagedacht. Begrijpelijk, want sinds 2010 — toen de recessie echt pijn begon te doen — is het aantal ontvangers ervan met ruim 20 procent gestegen. Meer dan een miljoen huishoudens maken er nu gebruik van. In 2015 werd het begrote bedrag met 333 miljoen euro overschreden. De VVD vreesde dat de regeling onbeheersbaar werd en wilde 625 miljoen euro van het budget afhalen, maar coalitiepartner PvdA ging daar voor liggen.

    Hoewel hervorming van de huurtoeslag geen topprioriteit was in de verkiezingsprogramma’s, kun je er vergif op innemen dat het onderwerp een strijdpunt wordt bij de formatieonderhandelingen. De VVD vindt vast nog altijd dat het wel een onsje minder kan en GroenLinks zal juist strijden voor het in stand houden van het huidige niveau. D66 en het CDA staan daar ergens tussenin. 

    De speelruimte is echter beperkt. Bij het huidige huurtoeslagniveau loopt al 18 procent van de sociale huurders het risico om binnenkort een maandhuur te missen. Alle partijen weten dat bij een grote ingreep in de huurtoeslag nog eens honderdduizenden huishoudens extra in de gevarenzone terecht kunnen komen. De chaos en maatschappelijke onrust die dat met zich mee zou brengen, wil geen partij op zijn geweten hebben.

    Ambtenarenoverleg

    Omdat ook in het landsbestuur alles met alles samenhangt, houden ambtenaren van verschillende ministeries af en toe een Interdepartementaal Beleidsonderzoek (IBO) over een belangrijk onderwerp. Zo kunnen ze belangrijke thema's eens goed vanuit alle invalshoeken bekijken. In december 2016 was er zo’n ambtenarenoverleg over de huurtoeslag. De uitkomsten van dat overleg spelen nu ongetwijfeld een belangrijke rol bij de onderhandelingen.

    Professor Johan Conijn, verbonden aan het onderzoeksinstituut Ortec Finance, was bij het IBO over de huurtoeslag aanwezig als extern deskundige. Op 5 april deed hij tijdens een SOM-seminar  uit de doeken wat daar zoal besproken is. Die informatie geeft enig inzicht in de plannen die bij de formatie op tafel liggen. Een paar interessante ideeën die aan bod zijn gekomen, worden hier besproken.

    Een belangrijke conclusie van de IBO-werkgroep was dat de huurtoeslag een zeer succesvolle regeling is. Problemen treden vooral op bij mensen die een inkomen onder het minimumloon hebben. Van die eerder genoemde 18 procent met een betaalrisico behoort namelijk 16 procent tot de groep met een inkomen onder het minimum. Op die groep is de regeling eigenlijk niet ingericht. Technisch gezien werkt de regeling volgens de ambtenaren dus goed.

    Een geruststellende conclusie was dat de regeling ook op de lange termijn houdbaar blijft. Dat de kosten van de huurtoeslag tussen 2010 en 2015 stegen met 1,4 miljard euro tot ruim 3,6 miljard euro, doet daar niets aan af. Volgens de werkgroep is die stijging voor twee derde toe te schrijven aan de gevolgen van de recessie en aan overheidsingrijpen. De kosten van de regeling zullen normaal gesproken dalen, naarmate de economie aan kracht wint.

    Inkomensgrens

    Een onderwerp van gesprek was de abrupte manier waarop het recht op huurtoeslag opeens stopt in het huidige systeem. Als iemand één euro boven de gestelde inkomensgrens verdient, wordt de toeslag stopgezet. Voor een huishouden met meerdere leden ligt die grens bij 30.150 euro per jaar, voor een alleenstaande bij 22.200 euro. Dat plotselinge stopzetten kan mensen in een vervelende financiële situatie brengen. Na een loonsverhoging gaan ze er niet op vooruit, maar hebben ze opeens juist minder te besteden.

    Naast dit ongewenste effect op de bestedingsruimte van huishoudens is er ook nog een economisch bezwaar. Mensen die het inkomen naderen waarop het recht op huurtoeslag vervalt, kunnen gaan proberen om hun inkomen te drukken. In die gevallen werkt de huurtoeslag belemmerend op de ontplooiing van de ontvanger.

    Een mogelijke oplossing is om een deel van de toeslag geleidelijk te laten aflopen

    Een mogelijk oplossing is volgens de IBO-werkgroep om een deel van de toeslag geleidelijk te laten aflopen. Volgens dit systeem ontvangt iedereen met recht op huurtoeslag een vast bedrag. Daar bovenop ontvangt de huurder nog een inkomensafhankelijk deel. Dat laatste deel neemt af naarmate het inkomen stijgt. Bij de inkomensgrens waar het recht op huurtoeslag ophoudt, staat dat variabele deel op nul. Zo groeit een huurder meer geleidelijk richting het einde van de huurtoeslag toe.

    Oude droom

    Tijdens het beraad hebben de ambtenaren zich ook gebogen over de vraag of de centrale overheid wel de beste instantie is om de huurtoeslag uit te keren? Waarom zou de gemeente dat niet kunnen doen? Die variant werd volgens Conijn niet erg positief beoordeeld. De huurtoeslag is erg gecompliceerd en de meeste gemeenten zijn niet toegerust voor zo’n klus.

    Een ander plan werd veel serieuzer genomen. Daarin wordt de verantwoordelijkheid voor de huurtoeslag verschoven van de centrale overheid naar de woningcorporaties. Zo zou de oude droom van een corporatiesector die zich helemaal zelf kan bedruipen, een stuk dichterbij komen. Het plan zingt overigens al een tijdje rond.

    Dit plan zou wel een zeer ingrijpende verandering inhouden en lijkt financieel op het eerste gezicht onhaalbaar. De operationele inkomsten van een corporatie bestaan uiteindelijk uit de door de huurders opgebrachte huren. Je kunt moeilijk overwegend onder modaal verdienende huurders laten opdraaien voor elkaars huurtoeslag.

    Onderdeel van het plan is echter ook het schrappen van de verhuurderheffing. Daarmee valt 1,5 miljard euro vrij bij de corporaties, maar de huurtoeslag kost de overheid op het moment 3,6 miljard euro. Mogelijk kan dat terug naar 2,7 miljard euro, maar dan moet de conjunctuur wel meezitten. Hoe dan ook, als de corporaties verantwoordelijk worden voor de huurtoeslag, resteert er dus minimaal een jaarlijks tekort van circa 1,2 miljard euro.

    Prijs-kwaliteitverhouding

    Zo beschouwd kunnen de corporaties alleen de huurtoeslag opbrengen als de centrale overheid er geld bij doet. Dat is volgens Johan Conijn ook de bedoeling: ‘In het IBO-rapport wordt voorgesteld om het negatieve verschil op te vangen met een subsidie voor betaalbaarheid aan de corporaties.’

    De vraag is wel wat de overheid er dan per saldo mee opschiet. Ze raakt de verhuurderheffing kwijt en moet geld bijpassen zodat de corporaties de huurtoeslag kunnen betalen. Conijn ziet wel degelijk voordelen. Hij wijst erop dat de corporaties de kosten van de hoge kwaliteit van hun woningen die ze nastreven, altijd hebben kunnen afwentelen op de overheid. Die kwaliteit leidde tot hogere huren, die door de huurtoeslag betaalbaar werden gehouden. Conijn verwacht dat corporaties die hun huurders deels met hun eigen geld moeten bijspijkeren, meer realistische afwegingen zullen maken over de prijs-kwaliteitverhouding van de woningen die ze bouwen.

    Conijn ziet nog een voordeel aan het overhevelen van de huurtoeslag naar de corporaties: ‘De grote betaalbaarheidsproblemen die er nu zijn – 18 procent van de huurders kampt met een betaalrisico – zijn wellicht beter op te pakken als corporaties verantwoordelijk worden voor de huurtoeslag.’

    "Moeten we de corporaties nu wel opzadelen met zo'n majeure verandering?"

    Afknijpen

    Mocht de huurtoeslag inderdaad op het bordje van de corporaties komen, dan krijgt Den Haag meteen een wapen in handen om het beleid van individuele corporaties te beïnvloeden. Door de subsidie voor betaalbaarheid af te knijpen, kan de minister de corporaties dwingen om bijvoorbeeld de doelmatigheid op te voeren.

    Het mooie is wel dat de corporaties zelf veel scherper zullen zijn op de exploitatie van woningen met een hoge kwaliteit. Die verkoop je waarschijnlijk liever dan dat je hem verhuurt aan een iemand met recht op huurtoeslag. Dan moet je de woning ten eerste verhuren voor een huur die volledig recht geeft op huurtoeslag en de huurder vervolgens ook nog de volle mep aan huurtoeslag betalen. Dan krab je je als directeur-bestuurder toch even achter de oren en vraag je je af of die woning je niet te veel kost.

    Het zou een interessante hervorming zijn. De vraag is wel of je de corporaties na jaren van ingrijpende maatregelen, nu weer moet opzadelen met nog zo’n majeure verandering. Misschien is het nu vooral tijd om ze zich weer te laten concentreren op woningen bouwen en alles na te laten dat ze van die taak af kan houden.      

    Dit artikel krijg je cadeau van Follow the Money.

    Diepgravende onderzoeksjournalistiek kost tijd en geld. Steun ons en

    word lid