De rampzalige illusie van één Europese arbeidsmarkt

De Europese Unie is een intergouvernementeel verband van lidstaten die wel en lidstaten die niet de euro voeren. De EU propageert één arbeidsmarkt voor iedereen, maar de onderlinge verschillen zijn immens. Kan dat ooit werken?

Voor aanhangers van de eenheidsideologie vormt één Europese staat de heilige graal. Dat geldt in het bijzonder voor al diegenen die onderdeel uitmaken van de Europese instituties. Wie ooit gewerkt heeft bij één van de Europese instellingen, zoals ondergetekende, kan erover mee praten. Voormalig Europarlementariër Derk-Jan Eppink lichtte dat toe in zijn boek 'Het rijk der kleine koningen', dat op 9 maart verschijnt: 'Niet de feiten die een parlementslid naar voren brengt zijn belangrijk, maar of het geachte lid wel of niet in Europa gelooft. Het gevolg is dat het Europees Parlement, net als het Volkscongres van de Chinese Communistische Partij, tot een applausmachine is verworden. Een "roeptoeter". Een "zichzelf feliciterende instelling".'

'Loyaliteit de opgelegde norm'

'Loyaliteit is de opgelegde norm bij de 751 Europarlementariërs,' voegde hij er nog aan toe. Ik kan dat slechts beamen. Wie kritiek uit op het Europese project, of vraagtekens durft te plaatsen bij het klimaat- of immigratiebeleid van de EU, kan steevast rekenen op hoon en minachting. Van een open en transparant debat kan geen sprake zijn; logica en ratio hebben plaatsgemaakt voor een heilig geloof in 'Europa'. Hetzelfde geldt voor de eenheidsmunt, de euro, ook daarover is geen kritisch geluid mogelijk. Overigens hebben de ambtenaren en de leden van de Europese Commissie, het dagelijks bestuur van de Europese Unie, geen hoge pet op van de Europarlementariërs. Eppink schrijft dat de leden van de Europese Commissie de Europarlementariërs aanduiden als ‘klaplopers die mooie voorstellen verprutsen met onkunde’.
Eppink: leden van de Europese Commissie duiden Euro-parlementariërs aan als ‘klaplopers die mooie voorstellen verprutsen met onkunde’.
In de verdragen van de Europese Unie is altijd het recht van 'vrij verkeer' opgenomen geweest. Dit recht zorgt ervoor dat voor de inwoners van lidstaten van de Unie de landsgrenzen zo open mogelijk zijn. De achterliggende gedachte hierbij was, dat daardoor onder andere de handel tussen de lidstaten en het werken in andere landen in Europa bevorderd wordt. Naast vrij verkeer van kapitaal, goederen en diensten kent de EU dus ook vrij verkeer van personen. In concreto betekent dit, dat bewoners van de EU zonder restricties mogen reizen naar en vanuit andere EU-lidstaten. Dit geldt ook voor bewoners van de landen die geen lid zijn van de EU, maar wel deel uitmaken van de Europese Economische Ruimte (EER), zoals Liechtenstein, Noorwegen en IJsland. Voor 'nieuwe kandidaat-lidstaten' geldt een overgangstermijn. Zelfstandig ondernemers kunnen zich altijd vrij vestigen in alle lidstaten.

Europese richtlijn bepaalt

Sinds 2006 is dat recht omschreven in één Europese richtlijn. Deze houdt in, dat een Europese burger drie maanden in een andere EU-lidstaat kan verblijven zonder een visum aan te vragen. De enige voorwaarde is slechts een geldig identiteitsbewijs. Daarmee kan een Europese staatsburger in andere EU-landen zowel reizen (ook op basis van het Schengenverdrag), als werken. Europeanen mogen zich zodoende binnen de Europese Unie overal vestigen waar zij willen. Ook als zij ziek, arbeidsongeschikt of werkloos raken mogen zij in een andere EU-lidstaat blijven wonen (die dan verplicht is de eventuele ziektekosten of werkloosheidsuitkering te betalen).
Volgens Europese wetgeving heeft elke inwoner het recht om in een ander EU-land te gaan werken
Volgens de Europese wetgeving heeft elke inwoner van een EU-land het recht om in een ander EU-land in loondienst of als zelfstandige te gaan werken, er werk te zoeken, of van zijn pensioen te genieten. De landen zijn dan verplicht om iedere 'gast' op dezelfde manier te behandelen als de burgers van het eigen land. Bovendien geldt een aantal rechten ook voor de huwelijkspartner en de gezinsleden. Om het vrij verkeer van personen eenvoudiger te maken, zijn in de EU ook regelingen getroffen om de erkenning van diploma's gemakkelijker te maken. Er is echter nog geen regel die voorschrijft, dat nationale diploma's één op één gelden in andere lidstaten, maar daar wordt intussen hard aan gewerkt, want de EU gelooft heilig in arbeidsmobiliteit binnen de landen van de EU. Daar zijn wel de nodige kanttekeningen bij te plaatsen. De vele verschillende talen die binnen de EU gesproken worden, om te beginnen: 28 landen met 24 verschillende talen. Iedereen weet dat het beheersen van de taal erg belangrijk is bij het vinden van een baan, kijk maar naar de moeizame integratie van slecht Nederlands sprekende allochtonen in ons land. In een rapport uit januari 2014 wees ook de Wetenschappelijke Raad voor het Regeringsbeleid (WRR) er op dat de arbeidsmigratie van Roemenen en Bulgaren voor nieuwe integratieproblemen kan zorgen, zoals decennia geleden bij de komst van Marokkanen en Turken naar Nederland.

Grote onderlinge verschillen

Wellicht nog belangrijker zijn de grote verschillen tussen de EU-lidstaten op het gebied van lonen. Het statistiekbureau van de Unie, Eurostat, heeft een lijst opgesteld met het gemiddelde uurloon in de diverse landen. De verschillen blijken enorm. Een voorbeeld. Het gemiddelde uurloon van een land als Bulgarije bedraagt 3,42 euro. Dat is vergeleken met ons land meer dan een factor negen (!) lager. Als een Bulgaar in Nederland werkloos of zelfs bijstandsgerechtigd zou worden, zou hij netto nog altijd bijna dubbel zoveel 'verdienen' als wanneer hij voltijds zou werken in eigen land. Geen wonder dat hiervan volop gebruik wordt gemaakt. Onze zuiderburen kunnen er van meepraten. Vaak gaat het dan over Oost-Europeanen (ook al duiken vaak Portugezen of Brazilianen op), die voor veel lagere uurlonen kunnen werken. En als zelfstandige betalen ze veel minder sociale bijdragen aan de Belgische Rijksdienst voor Sociale Zekerheid, of zelfs helemaal niets als ze onder de sociale zekerheid uit het thuisland vallen.
Begrijpen dat dit een aanzuigende werking kan hebben op landen met veel lagere uurlonen, vereist geen hogere wiskunde
Begrijpen dat dit een aanzuigende werking kan hebben op landen waar veel lagere uurlonen betaald worden, vereist geen hogere wiskunde. Zeker als de geboden secundaire faciliteiten, zoals goede zorg, hier veel beter geregeld zijn dan in de herkomstlanden. We herinneren ons allemaal de 'Bulgarenfraude' met de zorgtoeslagen. Maar het idee van minister Asscher om de lonen alhier nog verder op te krikken teneinde misbruik van arbeiders door werkgevers tegen te gaan, zal de 'wig' alleen maar vergroten. Het gevolg laat zich raden: een grotere toestroom, met nog meer verdringing van de autochtone werknemer, vooral aan de onderkant van de arbeidsmarkt. Over de kans op toename van kleine en grote criminaliteit zullen we het maar niet hebben.

Geen gelijk speelveld

Doordat er geen gelijk speelveld is op de Europese arbeidsmarkt staan deze enorme verschillen borg voor een destabilisatie van Europese samenlevingen. Niet alleen hier, maar ook in de herkomstlanden. Uit eigen ervaring weet ik dat in een land als Portugal veel hoogopgeleide jongeren verkassen naar elders, omdat er geen werk en geen toekomst voor hen is in het geboorteland. Men vertrekt naar Brazilië, Angola of naar Londen. Voor landen als Spanje, Italië en Griekenland geldt hetzelfde. Een ander gevolg van deze braindrain is nog, dat het toekomstig economisch potentieel van de emigratielanden navenant afneemt, waardoor herstel verder vertraagd wordt. Maar ook in de nog welvarende landen van de Eurozone is intussen sprake van toenemende werkloosheid en failliete bedrijven. Overal in Europa staat de middenklasse onder druk. Men kan zich derhalve afvragen hoe 'weldadig' die Europese open grenzen politiek uitpakt voor de eurozone als geheel. Extra banen worden nauwelijks geschapen - investeerders mijden de eurozone door het grote politieke risico - en verplaatsing van de werkloosheid legt de bijl aan de wortel van de opgebouwde verzorgingsstaat in de rijkere eurozone landen, zoals Nederland.
Zeer grote verschillen in sociale zekerheid hier en landen in Zuid- en Oost-Europa
Dit effect wordt nog versterkt door de zeer grote verschillen in sociale zekerheid tussen landen in Zuid- en Oost-Europa en hier. Ook op dit vlak zijn de verschillen gigantisch. Vreemd genoeg is de Europese Commissie weinig scheutig met informatie over genoemde verschillen, zoals blijkt uit deze link. En dat, terwijl de informatie over de voordelen van vrij verkeer van personen uitgebreid aan de orde worden gesteld. Deze Unie is mislukt. Niet alleen door het mislukte monetaire experiment met de euro, dat de samenlevingen van meerdere landen van de eurozone totaal ontwricht heeft en de nog gezonde landen bedreigt, maar ook met het ridicule beleid van vrij verkeer van personen, terwijl er nog geen begin is van enige convergentie tussen de deelnemende lidstaten. Ik schreef het al eerder: deze EU gaat veel en veel te snel. Dat moet wel uitlopen op een regelrechte ramp. Economisch, sociaal, politiek en - vooral - humanitair.

Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

Over de auteur

Jean Wanningen

Gevolgd door 233 leden

Jean Wanningen (Weert, 1957) is een veelkleurige persoonlijkheid. Ging na ‘verkeerde’ studies bij een gerenommeerde investmen...