De Europese fraude-opsporingsdienst OLAF trok een paar putdeksels open in de handel in Amerikaanse biodiesel. En jawel, het begon flink te stinken. Zo zijn er tientallen miljoenen euro’s aan Europese invoerrechten ontweken door een gigantische omweg via India te maken. Een déjà vu.

Om Europese importheffingen op Amerikaanse biodiesel te omzeilen moesten schepen letterlijk een flinke afstand afleggen, een omweg van zeker 18 duizend zeemijlen – omgerekend zo’n 33 duizend kilometer. Gesubsidieerde biodiesel werd in 2010 en 2011 vanuit de Verenigde Staten niet rechtstreeks naar de haven van Antwerpen gevaren, maar stoomde eerst helemaal door naar India (!) om vervolgens rechtsomkeert te maken en via het Suezkanaal naar Antwerpen te varen.

Toch was deze enorme omweg – tot vijfmaal toe – profijtelijk. Met het volgen van deze route kon bijna 22 miljoen euro aan importbelastingen worden ontweken in België en 10 miljoen euro in Spanje, onthulde de Europese fraude-opsporingsdienst OLAF vorige week tijdens een persconferentie waarbij de dienst aandacht  besteedde aan deze onfrisse handelspraktijken. De ontdekking van de India-route was overigens opgewarmd nieuws, die was al in 2012 door het Belgische dagblad Het Laatste Nieuws beschreven. Bovendien waren er destijds Kamervragen gesteld in de Belgische senaat. Niettemin zijn de nu bekendgemaakte details opmerkelijk.

Ontduiken importheffingen

Het OLAF-onderzoek spitste zich toe op deze omvangrijke biodieselfraude vanuit de Verenigde Staten via de Indiaroute. De fraudeurs maakten gebruik van het feit dat Indiase biodiesel een preferentiële status heeft, waardoor géén importheffingen worden opgelegd bij invoer in de Europese Unie. Biodiesel afkomstig uit de Verenigde Staten daarentegen krijgt te maken met zeer hoge importheffingen.

OLAF-woordvoerder Alina Burea gaf Follow the Money een toelichting op details van het onderzoek, dat tot stand kwam in samenwerking met de Belgische douane. Zo begon de fraude in augustus 2009 toen een internationaal handelsbedrijf met kantoren in de VS, Canada, Zwitserland en België contact opnam met een Indiase biodieselproducent om te gaan handelen in de 'driehoek' USA-India-EU. ‘Het was een frauduleuze route waarbij Amerikaanse biodiesel geëxporteerd werd naar India om daarna als Indiase biodiesel weer geëxporteerd te worden naar de Europese Unie. Door het gebruik van deze methode ontdook de Belgische importeur Europese importheffingen op Amerikaanse biodiesel.’

De OLAF-woordvoerder gaf verder aan dat de opgespoorde biodieselfraude betrekking had op 73.181 ton Amerikaanse biodiesel (circa 73 miljoen liter), in de periode 2010-2011 vanuit India verscheept naar de EU-landen Spanje en België. De frauduleuze handel werd gecoördineerd vanuit het Zwitserse kantoor van het handelsbedrijf. OLAF openbaart hierbij niet de naam van het betrokken handelsbedrijf, maar volgens een goed ingevoerde bron van Follow the Money betreft het Astra Oil Trading (AOT), dat tot voor kort ook vanuit Rotterdam opereerde. Inmiddels worden de internationale handelsactiviteiten van het bedrijf voortgezet vanuit AOT Energy, gevestigd in Zug, Zwitserland. AOT Energy is gevraagd om een reactie maar geeft aan ‘geen commentaar’ te geven.

 

Omkatten

De crux van de frauduleuze handelspraktijken zat in het veranderen van de aanduidingen van de originele herkomst van de lading biodiesel: Voorzien van het stempel 'Verenigde Staten' als land van herkomst worden er stevige importheffingen op de lading in rekening gebracht. Wanneer die herkomstaanduiding op slinkse wijze omgezet kan worden naar 'India', wordt de lading gewoon doorgelaten zonder betaling. Deze truc leidde tot een opmerkelijke stroom ladingen van, tezamen, 73 duizend ton duurzame biodiesel van de Verenigde Staten naar India.

'Goederen werden daar al dan niet opgeslagen', aldus woordvoerder Francis Adyns van de Belgische Federale Overheidsdienst Financiën (FOD) die betrokken was bij het OLAF-onderzoek, 'maar in elk geval overgeladen in andere vrachtschepen en dan vervoerd naar Europa waar ze ter verbruik werden aangegeven’. 

Er werden zeker 18 duizend extra zeemijlen gemaakt

Met andere woorden, er werden zeker 18 duizend extra zeemijlen gemaakt. Het betrof volgens Adyns in totaal vijf zendingen waarvan er één gedeeltelijk in Spanje werd aangegeven. De rest kwam aan in de haven van Antwerpen.

Het gezamenlijke onderzoek van OLAF en de Belgische douane zorgde ervoor dat alsnog voor bijna 22 miljoen aan importheffingen werd opgevoerd plus een boete van eveneens 22 miljoen euro (specifiek: 1,8 miljoen aan invoerrechten, 8,4 miljoen aan antidumpingrechten en 11,6 miljoen aan compenserende rechten). In Spanje kreeg het handelsbedrijf ook nog eens voor bijna 11 miljoen euro aan (douane)naheffingen opgelegd.

Subsidie wordt winstmarge

De Indiaroute is allesbehalve uniek. Biodieselhandelaren hebben al vaker ontdekkingstochten uitgevoerd om importheffingen te omzeilen. Bekende omwegen gaan langs Noorwegen en Canada. De gemene deler: de betreffende biodiesel is steeds afkomstig uit de Verenigde Staten, want biodiesel wordt daar sinds 2004 zwaar gesubsidieerd. Ruim 25 dollarcent per liter. Doel is Amerikaanse pomphouders te stimuleren om duurzamere biodiesel aan te bieden langs, pakweg, Route 66.

Maar gewiekste handelaren grepen het kwartje subsidie vooral aan als winstmarge bij export. Ze verkochten en masse de goedkope Amerikaanse biodiesel aan afzetmarkten in de Europese Unie vanwege de grote vraag daar naar biobrandstoffen. Lidstaten moeten sinds 2005 het gebruik van biobrandstoffen verplicht stellen. In de praktijk leidden Europese richtlijnen ertoe dat brandstofleveranciers zoals Shell, BP, Total, Gulf en familiepompen de door hen aangeboden benzine en/of diesel bijmengen met een paar procent biobrandstoffen zoals biodiesel en ethanol.

Genoemde handelaren haakten in op deze vraag en overspoelden de Europese markt met gesubsidieerde Amerikaanse biodiesel. Het gevolg: Europese biodieselproducenten werden kapotgeconcurreerd. De belangenvereniging European Biodiesel Board trok daarop aan de bel en bereikten daarmee dat de Europese Commissie in 2009 een barrière opwierp in de vorm van hoge importheffingen op Amerikaanse biodiesel. Deze zogeheten antidumpingrechten en compenserende rechten konden al snel 30 cent per liter betekenen op Amerikaanse biodiesel. Daardoor was de directe route Amerika – Europese Unie niet lucratief meer.
 

"De gemene deler is biodiesel afkomstig uit de Verenigde Staten. Die wordt zwaar gesubsidieerd"

Ontduikingsreizen

Desondanks bleven de potentieel hoge marges loeren. Handelaren zochten naar omwegen. Zo ging het Rotterdamse handelshuis Nidera de importheffingen omzeilen door de Amerikaanse biodiesel eerst helemaal naar Canada te transporteren om daarna het zónder importheffing in te voeren in de Europese Unie. ‘Dat is een heel simpel trucje om het land van herkomst te verbloemen,’ legde een voormalig medewerker van Inspectorate, een bedrijf dat onder meer ladingen biodiesel controleert, vorig jaar aan FTM uit. ‘Als je in een ander land bijlaadt danwel bijmengt dan verander je het product aan boord. In het land van bijmengen wordt de Bill of Lading opnieuw uitgegeven en verandert de origin naar bijvoorbeeld Canada,’ aldus de medewerker over de praktijk die re-BL-en wordt genoemd. De Canadese sluiproute van Nidera werd ook al doorgeprikt door OLAF.  Follow the Money achterhaalde in deze longread dat Nidera voor deze frauduleuze handelsroute een naheffing kreeg opgelegd van 25 miljoen euro.

De Europese Commissie is anno 2016 nog steeds beducht op de malafide handelspraktijken van biodieselhandelaren. Vorig jaar september zijn de antidumping-maatregelen op Amerikaanse biodiesel met nog eens vijf jaar verlengd.

Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

Dennis Mijnheer
Dennis Mijnheer
Ontspoorde bedrijfskundige die alles wil weten van mannen en vrouwen met witte boorden. Tags: fraude, witwassen, omkoping.
Gevolgd door 1708 leden
Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
Annuleren