De kromme spiegel van de Oekraïne

5 Connecties

Onderwerpen

Europa Oekraïne Oligarchen

Personen

Poetin

Organisaties

Europese Commissie

Gij die dacht in Londen, Brussel en Berlijn te wonen: hartelijk welkom in Charkov en Doñetsk! Anders dan de tv-commentatoren lijken te denken, is de Oekraïense crisis geen venster, maar een kromme spiegel. Waarin vooral de lelijke misgroeiingen van de Europese Unie zelf oplichten.

Terwijl pro-Russische milities flink hun best doen om de Russische expansie voorbij de grenzen te duwen die Poetin bij het begin van de crisis wellicht in gedachten had, blijkt dat ‘wij Europeanen’ ons lelijk op de sentimenten van onze Oosterburen hebben miskeken. In de flat world waarin wij dachten te leven, groeien de geopolitieke tegenstellingen opnieuw naar een niveau dat we sinds 1989 niet meer hebben ervaren. Rusland ontworstelt zich aan de ondergeschikte rol die de grootmacht in de nieuwe ‘multipolaire’ wereld was toebedeeld.

Continentaal verdienmodel

Ondertussen groeit ook bij de publieke opinie in Oost-Europa de ergernis over de eenzijdige Europese handels- en associatie-akkoorden (die vooral voor de Europese Unie zelf zeer voordelig zijn gebleken). En dat terwijl de eindeloos doorzeurende eurocrisis het aanzien van het EU-lidmaatschap in Centraal- en Oost-Europa sowieso al flink had aangetast. Maar erger dan dat alles zijn de pijnlijke tikken die het Europese zelfbeeld in deze Oekraïense crisis heeft opgelopen. In de moeizame zoektocht naar anti-Russische sancties blijkt opnieuw hoezeer ook Europa wordt geregeerd door (bancaire) oligarchen, die het afleiden van globale kapitaalstromen tot continentaal verdienmodel hebben verheven. Ze worden daarin gesteund door karakterloze EU-bureaucraten die misschien wel constitutioneler, maar niet per se legitiemer zijn dan de Russische apparatsjiks. Hoezo, accountability, hoezo liberale democratie?
De Russische bestuurlijke elites hebben Auschwitz en de Goelag nooit tot moreel-politiek nulpunt verheven
Natuurlijk blijven de ideologische tegenstellingen tussen de Europese Unie en de Russische Federatie bijzonder diep – en het is dan ook niet zo vreemd dat het hele foreign policy volkje de blik vooral op die tegenstellingen gefixeerd houdt. Zoals de Brits-Amerikaanse historicus Timothy ‘Bloodlands’ Snyder nu al maanden probeert duidelijk te maken aan zijn Europese vrienden, hebben de Russische elites radicaal afwijkende lessen getrokken uit de ‘totalitaire’ ontsporingen van de twintigste eeuw. De Russische bestuurlijke elites hebben Auschwitz en de Goelag nooit tot moreel-politiek nulpunt verheven, waartegen de liberaal-democratische successen van de welvaartstaat en de Europese Unie vervolgens voortdurend konden worden afgezet. Integendeel: in Rusland wordt de fascistische en de stalinistische erfenis intussen eenvoudig aanvaard als een bruikbare gereedschapskoffer, onontkoombaar voor wie de Russische grootmacht wil doen herrijzen uit twee decennia van geopolitieke vernedering en demografische ineenstorting. Wie die grootmacht in ere wil herstellen, kan de staatkundige en de ideologische condities waarop haar successen tijdens de twintigste eeuw waren gebouwd, niet zomaar in de vuilbak kieperen. In de woorden van de kleine KGB-officier Vladimir Poetin, die zichzelf in 1999 vanuit de marges van de macht naar de top van het Russische staatapparaat heeft gekatapulteerd: ‘Wie het communisme terug wil, die heeft geen verstand. Maar wie het communisme niet mist, die heeft geen hart’.

Ideologie voor de toekomst

Op dat inzicht heeft Poetin zijn persoonlijke en zijn politieke kapitaal gebouwd. Zijn propaganda surft op het diepe nationale revanchisme dat zich sinds het begin van de jaren 1990 als een virus door de gedemoraliseerde Russische samenleving heeft verspreid. Poetin knoopte tijdens die jaren zelf de eindjes aan mekaar als taxichauffeur in Moskou, verdreven uit zijn KGB-baantje in het Oost-Duitse Stasi-apparaat, dat sinds de val van de Muur had opgehouden te bestaan. Uit die jaren dateert zijn haat voor de binnenlandse verraders Gorbatsjov en Jeltsin (auteurs van ‘de grootste politieke catastrofe van de twintigste eeuw’) en voor de handige jongens die zich voor een habbekrats de mooiste brokken van de geprivatiseerde Russische staatseconomie toe-eigenden. Om op die manier de Russische economie tot een globale kampioen te maken in de crony capitalism index die elk jaar door de Financial Times wordt gepubliceerd. De sfeer van latente burgeroorlog tegen binnenlandse vijanden exporteert Poetin sinds 2006 (remember Georgië) naar Oost-Europa, in een open confrontatie met de diplomaten van de Nato en de EU die dachten de invloedssfeer van de voormalige Sovjetunie zomaar zonder slag of stoot in te kunnen lijven. En op die manier herrijst in de Russische samenleving het mythische Moederland, niet als een vage nostalgie naar voorbije tijden, maar als een vitalistische ideologie voor de toekomst.
De vraag van Snyder is dan ook of Europese, liberaal-democratische waarden wel effectief kunnen worden verdedigd
Ankerpunten in die droom zijn niet langer de planeconomie, wel de wereldhistorische zending van de Russische elite. Niet de gelijkschakeling van de sovjetcultuur, maar het stompe, krachtige, eerlijke karakter van de (gemythologiseerde) Centraal-Aziatische steppecultuur. Niet de lege inwisselbaarheid van de Nomenklatura, maar de mannelijke, paternalistische autoriteit van de Vojd. Met Poetin hebben Orthodox-christelijk traditionalisme, reinvented euraziatisch nationalisme en bolsjevistische officierentrots het Kremlin veroverd. En de pro-Russissche milities in de Oekraïne bewijzen hoe krachtig dat mengsel inwerkt op de geesten. Zoals Goethe dat al schreef: ‘die ich rief die Geister, die werde ich nun nicht los?

Bondgenoot van Russische oligarchen

De vraag van Snyder – die binnenskamers ook door steeds meer Europese bestuurders wordt gesteld – is dan ook of Europese, liberaal-democratische waarden wel effectief kunnen worden verdedigd tegen dat (ideologisch) geweld. En dan moet het ons toch echt wel verontrusten dat de Europese Unie zich de afgelopen twintig jaar de beste bondgenoot heeft getoond van de Russische oligarchen. Dat gebeurde bijzonder openlijk op de gas- en oliemarkten, zoals de langjarige vriendschapsbanden bewijzen tussen de Gazprom-familia en de Duitse ex-kanzler Gerhard Schröder. Tegelijk werden onder de waterlijn de kapitalen van de Russische elite massaal ondergebracht in de Londense City, in Luxemburg en op Cyprus, met massale medewerking van Europese fiscalisten, advocaten en bankiers.
Dat de stuivers in Europa boven principes gaan, dat begrijpen die heren maar al te best
Dat dat alles gebeurde onder het goedkeurende (of volslagen ongeïnteresseerde) oog van de Europese Commissie, voor wie ook de influx van Russische kapitalen wellicht een bijkomend argument was voor de vermeende effectiviteit van de Europese bancaire integratie, zal aan Russische zijde ook niet erg veel indruk hebben gemaakt. Misschien daarom dat die oligarchen gewoon extra buitenverblijven in Londen blijven kopen, en de huizenprijzen op die manier naar nieuwe hoogten stuwen, ondanks de aangekondigde sancties tegen Russisch kapitaal. Dat de stuivers in Europa boven principes gaan, dat begrijpen die heren maar al te best. Maar dat hun Europese gastheren tegelijkertijd, op andere fora en voor een ander publiek, uithalen naar de onaanvaardbare Russische schendingen van de internationale rechtsorde, dat moet de Russische expats in Londen toch enigszins bevreemden.

Welkom in Charkov

De eerste wet van de propaganda luidt dat zij de tegenstander moet imponeren. Terwijl ze tegelijk onduidelijkheid moet creëren over de precieze eigen aanvalsplannen. Overrompelen en verwarren, dat heeft het Poetin-regime de laatste jaren niet zo slecht gedaan. Omgekeerd is het een heel ander verhaal. Met het slecht voorbereide (en strategisch slecht ingeschatte) handelsakkoord dat de Europese Unie eind vorig jaar aan de Oekraïne aanbood, heeft ze de Russische tegenstander wellicht eerder geïrriteerd dan geïmponeerd. Terwijl de Russische oligarchen tegelijk vanop de eerste rij hebben meegemaakt hoe diep onze Europese economieën de laatste twee decennia ‘gefinancialiseerd’ zijn geraakt, eigen kapitaal voor vreemd kapitaal hebben ingeruild en de eigen industriële ontwikkeling en energievoorziening hebben laten vallen ten faveure van virtuele ‘behandelingen’ van internationale kapitaalstromen. Als de Europese propaganda de afgelopen jaren al verwarring heeft gesticht, dan heeft zij wellicht vooral onszelf in de luren gelegd. Welkom in Charkov – maar verwacht niet dat er iemand aan een stadsplan heeft gedacht.
Evert Peeters
Evert Peeters
Evert Peeters is wetenschapshistoricus. Hij publiceerde eerder over de maatschappelijke inbedding van medische en wetenschapp...
Gevolgd door 2 leden