Steenkoolcentrale op de Maasvlakte.

Steenkoolcentrale op de Maasvlakte. © Peter Hilz

De kostbare ondergang van Nederlandse kolencentrales

6 Connecties

Relaties

CCS

Personen

Ivo Opstelten

Organisaties

Riverstone Holdings Uniper Engie

Locaties

Rotterdam
24 Bijdragen

Vorige week werd bekend dat Nederland 212,5 miljoen euro subsidie overmaakt aan investeringsmaatschappij Riverstone om een kolencentrale op de Rotterdamse Maasvlakte te sluiten. Nu gaat de stekker eruit, maar deze energiecentrale was vanaf dag één een mislukking.

Je zou het de deal van de eeuw kunnen noemen. In 2019 kocht de Amerikaanse investeringsmaatschappij Riverstone vier kolencentrales van het Franse energiebedrijf Engie: drie in Duitsland en een in Nederland. Riverstone betaalde 190 miljoen euro voor de centrales, waarna die in Nederland voor 96 miljoen euro op de balans werd gewaardeerd.

Vervolgens ging de Nederlandse centrale stuk; de technologische problemen zijn nog altijd niet opgelost. Toch betaalt Nederland nu ruim 200 miljoen om de centrale definitief te sluiten. Riverstone maakt hiermee binnen twee jaar een rendement van 221 procent.

Hoe kan dit? Hoe kunnen anonieme Amerikaanse investeerders, middenin een klimaatcrisis, honderden miljoenen euro’s belastinggeld krijgen om in Rotterdam een steenkoolcentrale te sluiten die al kapot is? Follow the Money reconstrueert het steenkooldrama.

Bill Clinton looft Ivo Opstelten

Op 7 december 2006 loopt Bill Clinton de trappen van Paleis Soestdijk op. Het regent, maar de sfeer is uitgelaten. De voormalige Amerikaanse president is hier op uitnodiging van de Nationale Postcode Loterij, die een miljoen euro in zijn foundation gestort heeft, op voorwaarde dat hij in Nederland een lezing komt houden over klimaatbescherming.

De zaal zit vol notabelen uit de Nederlandse politiek en de entertainmentindustrie. Boudewijn Poelmann, de oprichter van de Postcode Loterij, zit op de eerste rij met premier Jan Peter Balkenende, eurocommissaris Neelie Smit-Kroes, staatssecretaris Pieter van Geel en oud-burgemeester van Amsterdam Schelto Patijn. Achter hen zitten onder meer Ruud Gullit, Martijn Krabbé en Caroline Tensen.

Speciale gast die middag is Ivo Opstelten, de burgemeester van Rotterdam. Zijn stad zal toetreden tot het Clinton Climate Initiative, een samenwerkingsverband van veertig wereldsteden die de strijd met klimaatverandering aanbinden. Rotterdam schaart zich naast Berlijn, Londen, Parijs, Rome, Madrid, New York, Chicago, Johannesburg en Moskou. ‘Meneer de burgemeester,’ spreekt Clinton hem toe, ‘dank voor uw uitmuntende leiderschap en bedankt dat u meedoet aan ons klimaatinitiatief’.

Rotterdam moet ‘the world capital of CO2 free energy’ worden

Enkele maanden later maakt Rotterdam zijn doelen concreet. In 2025 zal de stad, inclusief de haven, haar uitstoot van broeikasgassen met minimaal de helft hebben teruggedrongen ten opzichte van 1990. Het is een enorme opgave. Het industriële complex in de haven verstookt dagelijks gigantische hoeveelheden fossiele brandstof, nergens in Nederland worden meer broeikasgassen uitgestoten. Als het Rotterdam lukt om die uitstoot terug te dringen, dan maakt de stad een enorme slag in de strijd tegen klimaatverandering.

Vol goede moed zetten vier partijen hun handtekening onder de afspraak: de gemeente Rotterdam, milieudienst DCMR, het Havenbedrijf en Deltalinqs, dat de industrie- en energiebedrijven in de haven vertegenwoordigt. Het Rotterdam Climate Initiative is geboren. Het doel: Rotterdam moet ‘the world capital of CO2 free energy’ worden.

Loze beloftes

Een paar maanden later is het spannend in de Rotterdamse gemeenteraad. Iedereen is doodmoe. Het is de laatste raadsvergadering voor het kerstreces en de agenda is lang. Het is bijna middernacht wanneer Opstelten punt 19 ter sprake brengt: de kolencentrale die energiebedrijf Electrabel op de Maasvlakte wil bouwen.

De Nederlandse energie-intensieve industrie dringt aan op de bouw ervan. Al jaren klaagt de sector over de elektriciteitsprijzen, die hier veel hoger zouden zijn dan in het buitenland. Om de concurrentiepositie van de BV Nederland te versterken, moet de energieprijs voor grootverbruikers omlaag, zo zegt belangenvereniging VEMW.

Sinds 2004 werkt het ministerie van Economische Zaken onder leiding van Laurens Jan Brinkhorst (D66) daarom aan plannen voor een aantal nieuwe energiecentrales. De nieuwe centrales mogen zelfs steenkool verstoken. Deze fossiele brandstof is stukken goedkoper dan aardgas en bovendien kan de Nederlandse energiemix erdoor ‘diversifiëren’, wat de Nederlandse energievoorziening schokbestendiger zou maken.

Het is een majeure beleidswijziging. Tien jaar eerder waren plannen voor een nieuwe steenkoolcentrale in de Rotterdamse haven al gesneuveld. De risico’s van klimaatverandering kwamen sindsdien alleen maar nadrukkelijker op de agenda. Het is duidelijk dat de Europese Unie een voortrekkersrol wil spelen in de strijd tegen klimaatverandering. Nederland formuleert al sinds 1989 doelen en ambities om de uitstoot van broeikasgassen terug te dringen en het is glashelder dat steenkool veel meer klimaatschade veroorzaakt dan andere (fossiele) energiebronnen.

Toch gaat Brinkhorst op zoek naar energiebedrijven die een steenkoolcentrale willen bouwen. De klimaatschade wil hij compenseren door in Oost-Europa emissierechten op te kopen. Dan gaat hier de uitstoot omhoog, en daar omlaag, is het idee. Uiteindelijk vindt het ministerie vier partijen die bereid zijn om in Nederland een kolencentrale te bouwen: Electrabel en E.On op de Maasvlakte, Nuon (dat zich uiteindelijk terugtrekt) en RWE in de Groningse Eemshaven.

In de Tweede Kamer klinkt kritiek op de steenkoolplannen van Brinkhorst. Wijnand Duyvendak van GroenLinks noemt het ‘even schokkend als zorgwekkend’. Tineke Huizinga-Heringa van de ChristenUnie zegt dat het ‘onacceptabel zou zijn als een nieuwe centrale kolen als brandstof zou gebruiken’. Diederik Samsom van de PvdA hekelt vooral het emissiesysteem, dat ‘de bouw van een kolencentrale op de tweede Maasvlakte geen strobreed in de weg legt’.

Buiten hangt Greenpeace een spandoek aan het stadhuis. De tekst: ‘Help ons klimaat niet naar de kolen’

Desondanks blijkt een Kamermeerderheid voorstander van de komst van de nieuwe steenkoolcentrales in Nederland. Maar niet alleen de Tweede Kamer gaat hierover. Het bestemmingsplan moet worden gewijzigd en daarover beslist de Rotterdamse gemeenteraad een paar dagen voor kerst, even voor middernacht.

Aanvankelijk lijken de steenkoolplannen die nacht te zullen sneuvelen. Van meet af aan is immers duidelijk dat de centrales botsen met de Rotterdamse klimaatambities. Die ochtend nog heeft de gemeente in het kader van het Rotterdam Climate Initiative alle bewoners van de stad een gratis spaarlamp opgestuurd, om energie te besparen en het klimaat te redden. Opstelten maakt er nog een grapje over, vlak voordat hij de vergadering over de bouw van een nieuwe steenkoolcentrale opent. Buiten hangt Greenpeace een spandoek aan het stadhuis. De tekst: ‘Help ons klimaat niet naar de kolen.’

In de Rotterdamse raad lijkt alleen de VVD een uitgesproken voorstander van de kolencentrales. Die partij is met slechts drie van de 45 fractieleden echter klein. De grootste coalitiepartij PvdA twijfelt, de coalitiepartijen CDA en GroenLinks zijn tegen, net als de grootste oppositiepartij, Leefbaar Rotterdam.

Als de broeikasgassen later gewoon de lucht in gaan, heeft Rotterdam geen poot om op te staan

Dat verandert daags voor het debat. Electrabel stuurt de gemeenteraad een brief van drie kantjes, waarin het belooft dat het zich zal inspannen om de broeikasgassen, die bij het verbranden van de steenkool vrijkomen, af te vangen en ondergronds op te slaan. Deze techniek heet Carbon Capture and Storage (CCS) en moet ervoor zorgen dat de komst van de steenkoolcentrale het Rotterdam Climate Initiative niet in de wielen rijdt. Fractieleden van onder meer GroenLinks en de SP werpen tegen dat het een brief is zonder harde toezeggingen of concrete beloftes. Het energiebedrijf belooft zijn best te doen, meer niet. Als de broeikasgassen later gewoon de lucht in gaan, heeft Rotterdam geen poot om op te staan.

Toch maakt de brief indruk op een deel van de raad. Het CDA interpreteert de brief als ‘een harde toezegging’. Ook de weifelende PvdA, met 18 van de 45 zetels veruit de grootste fractie, waardeert de ‘garanties’ van Electrabel. Daarmee slaat de stemverhouding om. In de vroege ochtend van 21 december 2007 stemt een meerderheid van 25 raadsleden voor de wijziging van het bestemmingsplan.

Daarmee zijn de laatste juridische hobbels weggenomen. In het voorjaar van 2008 valt bij Electrabel de finale investeringsbeslissing en gaan de eerste spades de grond in. Het bedrijf trekt 1,7 miljard euro uit voor de bouw van de kolencentrale.

ROAD naar nergens

Vanaf dat moment regent het waarschuwingen van onderzoekers en milieuclubs. Het succes van het Rotterdam Climate Initiative is volledig afhankelijk van de bereidheid van de energiebedrijven om hun uitstoot onder de grond op te slaan. Zonder CCS zal de uitstoot in Rotterdam in 2025 niet gehalveerd zal zijn, maar juist meer dan verdubbelen, berekent Energieonderzoek Centrum Nederland. Onderzoeksbureau DRIFT, onderdeel van de Erasmus Universiteit, monitort het Rotterdam Climate Initiative en waarschuwt in 2009 al voor het risico dat tweederde van de reductie van broeikasgassen gehaald moet worden via CCS.

CCS was toen een veelbelovende, maar weinig gebruikte overgangstechniek om de uitstoot van koolstofdioxide te verminderen. Fossiele bedrijven kunnen hun uitstoot met CCS fors verlagen, zonder hun productieproces drastisch aan te passen. De koolstofdioxide verdwijnt gewoon in lege gasvelden onder de grond. Zo win je tijd om de overstap naar echt duurzame productieprocessen te maken.

In veel klimaatscenario’s speelt CCS om die reden een prominente rol. Het IPCC, de klimaatwerkgroep van de Verenigde Naties, heeft diverse scenario’s uitgewerkt waarbij de opwarming van de aarde binnen de perken blijft, en in de meeste daarvan wordt CCS toegepast. Uit sommige modellen volgt dat in 2050 liefst 23 miljard ton koolstofdioxide per jaar onder de grond moet worden gestopt. Ter verduidelijking: dat is meer dan 40 procent van alle broeikasgassen die nu wereldwijd jaarlijks de lucht in gaan.

De Rotterdamse gemeenteraad stuurt de energiebedrijven in 2012 een ‘ultimatum’ en doet dat in 2014 opnieuw

De schaal waarop CCS daadwerkelijk wordt toegepast, blijft ver achter bij die modellen. Het CCS-project van de steenkoolcentrales, dat het Rotterdam Op- en Afvang Demonstratieproject (ROAD) wordt gedoopt, moet een van de grootste in zijn soort worden. In Europa wordt het project met belangstelling gevolgd. Overheden beloven grote subsidies om ROAD te realiseren. De Europese Unie reserveert 180 miljoen euro, Nederland zegt 150 miljoen euro toe en zelfs de Noorse overheid wil zo’n 15 miljoen investeren, omdat haar eigen CCS-projecten vertraging oplopen.

Het mag allemaal niet baten. Ondanks de honderden miljoenen euro’s subsidie die klaarliggen, vinden de Rotterdamse kolencentrales ROAD te duur. Ze hebben moeite met de tientallen miljoenen die zij zelf moeten investeren. Daarnaast blijkt uit een vertrouwelijke brief die via Het Financieele Dagblad naar buiten komt, dat de energiebedrijven bang zijn voor imagoschade indien zij de verantwoordelijkheid nemen voor zoveel publiek geld, terwijl volgens hen ‘de kans bestaat dat het [CCS-project] helemaal niet gaat draaien’.

Terwijl de bouw van de kolencentrales zijn voltooiing nadert, stellen de energiebedrijven de investeringsbeslissing met betrekking tot ROAD daarom telkens uit. De Rotterdamse gemeenteraad is verbolgen. Ze stuurt de energiebedrijven in 2012 een ‘ultimatum’ en doet dat in 2014 opnieuw. De energiebedrijven antwoorden telkens dat ze nog altijd van plan zijn om de broeikasgassen op te vangen en op te slaan. In 2014 laten ze wethouder Alexandra van Huffelen (D66) weten dat ze ‘er alles aan willen doen om het project te realiseren’. Met die toezegging moet Rotterdam het doen. De gemeente heeft geen poot om op te staan – precies zoals enkele raadsleden tijdens het nachtelijke kolendebat in 2007 al voorspelden.

"Er zijn wat plannen op papier gezet, maar verder dan dat is het CCS-project nooit gekomen"

De bouw van de centrales gaat intussen gewoon door. In 2015 wordt de centrale van Electrabel, dat inmiddels GDF/Suez is gaan heten en later omgedoopt zal worden in Engie, op het stroomnet aangesloten. Een jaar later volgt die van E.On, dat inmiddels Uniper heet.

ROAD is dan nog steeds een zieltogend kantoortje langs de snelweg bij Rotterdam. Er zijn wat plannen op papier gezet, maar verder dan dat is het CCS-project nooit gekomen. In 2017 maken Engie en Uniper bekend definitief met ROAD te stoppen.

Het is de doodsteek voor het Rotterdam Climate Initiative; het nieuwe stadsbestuur heeft de doelstelling om de uitstoot van broeikasgassen te halveren, inmiddels al losgelaten. De energiecentrales verstoken miljoenen tonnen steenkool per jaar, de energie-intensieve industrie heeft haar goedkope stroom, en de broeikasgassen gaan als vanouds de lucht in

Rot in de business case

Geen land in Europa bouwde zo recent zoveel kolencentrales als Nederland. Dat andere landen daar vanaf zagen, is niet zonder reden. Wil je de strijd aangaan met klimaatverandering, op een continent dat daarin een voortrekkersrol wil spelen, dan is de bouw van energiecentrales die de meest klimaatschadelijke fossiele brandstof van allemaal verstoken, simpelweg geen goed idee. 

Terwijl de centrales op de Maasvlakte massaal steenkool verbranden, blijkt dat de onderliggende business case rot aan de fundamenten vertoont. Eerder schreef Follow the Money al over de aannames van een van de energiebedrijven. De stroomprijs daalt veel sterker dan de energiebedrijven verwachtten; de inkomsten zijn dus lager. Daarnaast krijgen ze veel minder gratis CO2-emissierechten dan waarop ze hoopten; de uitgaven zijn dus hoger.

De kolencentrale verdient haar investering bij lange na niet terug en er moet fors worden afgeschreven

Tegelijkertijd blijken zon en wind (die na realisatie gratis stroom aan het net leveren) veel sneller concurrerend te worden dan de kolenstokers dachten, terwijl ook gas jarenlang tegen spotgoedkope tarieven wordt aangeboden. Het is duidelijk dat Engie zichzelf lelijk heeft misrekend. De kolencentrale verdient haar investering bij lange na niet terug en op de waarde van de centrale moet fors worden afgeschreven.

Uit alle macht proberen de energiebedrijven nieuwe verdienmodellen op te tuigen. Engie vraagt – en krijgt – een subsidiebeschikking om biomassa te mogen bijstoken. Maar juist dan laait het debat over de duurzaamheid van biomassa op. Follow the Money beschreef eerder onder welke voorwaarden biomassa duurzaam kan zijn, en concludeerde dat de massale bijstook van houtsnippers in een steenkoolcentrale onverstandig is. Engie besluit zijn ketel niet voor de bijstook van biomassa aan te passen, waardoor de subsidiebeschikking ongebruikt blijft.

Ook overweegt Engie de steenkoolcentrale op het warmtenet van Rotterdam aan te sluiten. Het energiebedrijf zou er dan een verdienmodel bij krijgen. Hoewel warmtenetten zinvol kunnen zijn in de strijd tegen klimaatverandering, zo schreef Follow the Money, is het hoogst onverstandig ze aan te sluiten op een energiebron die je liefst zo snel mogelijk wilt afschaffen. Diverse Rotterdamse milieuclubs ageren dan ook tegen de koppeling van het warmtenet aan de steenkoolcentrales, waarna de plannen in de ijskast verdwijnen.

Zo blijft de steenkoolcentrale verlieslatend en nieuwe verdienmodellen worden niet gevonden. Zelf wil de Franse energiegigant ook een nieuwe weg inslaan. In 2015 besloot het bedrijf niet langer in nieuwe kolencentrales te investeren, in 2017 zei het zelfs zijn bestaande afhankelijkheid van steenkool versneld te willen afbouwen. 

Ondertussen veranderde ook in de Nederlandse politiek het sentiment ten aanzien van steenkool. In maart 2019 wordt in de Tweede Kamer de Wet verbod op kolen bij elektriciteitsproductie ingediend: de oudste centrales mogen per 2025 geen steenkool meer verbranden, de nieuwe moeten uiterlijk in 2030 sluiten, of overschakelen op andere brandstof.

De directeur van de Uniper-centrale zegt dat hij ‘onteigend‘ wordt, en eist een vergoeding

Dat verandert de situatie voor de energiebedrijven. Ze hebben een vergunning voor het decennialang opwekken van energie, maar de nieuwe wet maakt het hen onmogelijk die vergunning te gebruiken. De directeur van de Uniper-centrale zegt dat hij ‘onteigend‘ wordt, en eist een vergoeding. 

Engie besluit het daar niet op te laten aankomen. In april 2019, anderhalve maand na de indiening van de wet in de Tweede Kamer, maakt het bekend dat het vier steenkoolcentrales verkocht heeft aan Riverstone, een Amerikaans investeringsfonds opgericht door bankiers van Goldman Sachs. Ook de centrale op de Maasvlakte wordt verkocht. Engie ontvangt ongeveer 190 miljoen euro, waarvan iets minder de helft voor de centrale in Rotterdam. Engie sluit zijn steenkoolhoofdstuk in de Rotterdamse haven af, een episode die het bedrijf meer dan een miljard euro kostte. 

Subsidie om te stoppen

Met de deal verkrijgt Riverstone ook de mogelijke claim op de Nederlandse overheid wegens de vervroegde sluiting van de centrale op grond van de Steenkoolwet. Daar komt bij dat Nederland in het najaar van 2019 voor de derde keer verliest in de klimaatrechtszaak die Urgenda tegen de staat heeft aangespannen. De verplichting die de rechter oplegde – de uitstoot van broeikasgassen moet in 2020 met minimaal 25 procent zijn teruggedrongen – is onherroepelijk.

Veel opties om die uitstootreductie te bereiken, zijn er niet. Nederland lijkt het doel in 2020 te zullen missen, totdat de coronapandemie uitbreekt. De Nederlandse economie krimpt in korte tijd fors; ook de uitstoot van broeikasgassen valt terug.

Maar een echte oplossing is dat natuurlijk niet. Omdat de meeste klimaatmaatregelen tijd vergen, is er eigenlijk maar één maatregel die kan zorgen voor een permanente, rappe daling van de uitstoot van broeikasgassen: het versneld sluiten van de steenkoolcentrales. Daarop besluit minister Wiebes (VVD) in de zomer van 2020 om een subsidieregeling op te tuigen voor energiebedrijven die hun steenkoolcentrale versneld willen sluiten. De regeling staat slechts open voor één van de drie moderne steenkoolcentrales en kent een maximum bedrag van 328.000 euro per MW. Het bedrijf dat de minste subsidie per MW vraagt, wint.

"Riverstone besluit op de stopsubsidie in te tekenen. Het vraagt bijna het maximale bedrag; er is toch geen concurrentie"

RWE en Uniper halen hun neus ervoor op. Ze zijn boos over de Steenkoolwet en menen op basis van het Energiehandvestverdrag (Energy Charter Treaty: ECT) recht te hebben op een veel hogere vergoeding. RWE dient een claim in tegen Nederland van 1,4 miljard euro, terwijl Uniper een claim voorbereidt van 850 miljoen.

Bij Riverstone liggen de zaken anders. Begin 2020 is de steenkoolcentrale namelijk stuk gegaan. Er zijn wat reparaties uitgevoerd, maar de ketel blijft met technische mankementen kampen. Uit de opstelling van RWE en Uniper, die meer zien in een claim op basis van het ECT, leidt Riverstone af dat er voor de subsidieregeling geen kapers op de kust zijn.

Dus besluit Riverstone op de subsidie in te tekenen. Het vraagt bijna het maximale bedrag; er is toch geen concurrentie. Voor 326.000 euro per MW verklaart de inversteringsmaatschappij zich bereid de centrale te sluiten. Het ministerie van Economische Zaken en Klimaat brengt een korting in rekening (2,2 miljoen euro per maand dat de centrale sinds januari 2021 open is geweest), zodat het definitieve subsidiebedrag uitkomt op 212,5 miljoen euro. 

Een peperdure les

Riverstone wordt zo de enige partij die zijn vingers niet aan de kolencentrale heeft gebrand. De investeringsmaatschappij maakt een rendement van 221 procent op een centrale die alleen maar voor problemen heeft gezorgd. De ontwikkeling van de CCS-techniek in de Rotterdamse haven liep jaren vertraging op, het Rotterdam Climate Initiative ging de prullenbak in, Engie verloor meer dan een miljard euro op de centrale. Anonieme Amerikaanse investeerders, nog geen twee jaar eigenaar van de centrale, weten er echter een maximaal subsidiebedrag uit te peuren. 

Eerder zette minister Brinkhorst op aandringen van de energie-intensieve industrie in op de komst van de steenkoolcentrales, met steun van de Tweede Kamer. Nu moeten er juist honderden miljoenen worden uitgetrokken om een centrale te ontmantelen. Het is het lelijke slotakkoord van het steenkooldebacle.

Van meet af aan is door een brede coalitie tegen de komst van de steenkoolcentrales geprotesteerd. Greenpeace beklom de gevel van het stadhuis, onderzoekers waarschuwden voor de klimaatgevolgen, en lokale milieuclubs voorkwamen dat de kolencentrale aan het Rotterdamse warmtenet werd gekoppeld. Zij begrepen allemaal dat het verbranden van steenkool onverenigbaar is met de ambitie om de opwarming van de aarde te beteugelen. Hun boodschap drong alleen niet door tot politici en bestuurders, waardoor de samenleving als geheel nu enkele honderden miljoenen euro's kwijt is.