© ANP / Bart Maat

    Al zes jaar is zorgminister Edith Schippers verantwoordelijk voor het grootste deel van de overheidsuitgaven van ons land, maar met de verkiezingen in aantocht zal haar werk er spoedig op zitten. Hoe wist het eens zo schuchtere paardenmeisje door te dringen tot het centrum van de macht? Maak kennis met de politica van prikkels en pegels, VVD-matriarch en overtuigd vrijemarktideoloog.

    Den Haag, 16 december 2014. In de kantoren die het centrum van de Nederlandse politiek omringen, kijken politici en ambtenaren reikhalzend uit naar het kerstreces. Het schijnsel van de kerstboom verlicht de eeuwenoude gangen terwijl het buiten zachtjes regent. Maar voordat de feestdagen kunnen beginnen, staat er in de Eerste Kamer nog een heikel dossier op de agenda: de stemming over een wetsvoorstel van minister Edith Schippers van Volksgezondheid. Het is een wet die de zorgverzekeraars grotere macht moet geven over de zorgverlening aan de patiënt. Centraal hierbij staat de afschaffing van de vrije artsenkeuze, die moet leiden tot een verlaging van de zorgkosten.

    Het wetsvoorstel typeert het grote belang dat minister Schippers hecht aan meer marktwerking, iets waarvan ze heilig gelooft dat het zal leiden tot betere en goedkopere zorg. Zorgverzekeraars moeten in de visie van de minister deze marktwerking aanjagen. Zij zijn het die bepalen welke medisch professionals een vergoeding ontvangen en welke niet, een keuze die ze maken door streng te selecteren op prijs en kwaliteit. Op die manier beperken de verzekeraars de keuzevrijheid van de patiënt, die er immers niet meer van kan uitgaan dat een behandeling bij de zorginstelling van zijn keuze vergoed wordt.

    Obstakel

    Het aannemen van haar wetsvoorstel zou een belangrijk succes betekenen voor Schippers, ook al omdat ze aan de Eerste Kamer geen al te goede herinneringen heeft. Tweemaal eerder hebben de senatoren haar plannen gedwarsboomd, waarvan de laatste keer zeer recent. Luttele weken eerder heeft ze haar wetsvoorstel over het invoeren van winstuitkering in de zorg — een maatregel die al jaren hoog op haar verlanglijstje staat — nog van de agenda van de Eerste Kamer gehaald. En in 2011, kort na haar aantreden, heeft ze het elektronisch patiëntendossier in de Eerste Kamer zien sneuvelen.

    Het lijkt een onbezorgde kerst te worden voor Edith Schippers

    Ditmaal lijken de sterren gunstiger te staan voor de bewindsvrouw. Een week voor de stemming schrijft de Volkskrant: ‘Na maandenlang verhit debat binnen en buiten het parlement, kan het niet meer misgaan voor minister Schippers: de Eerste Kamer zegt volgende week ja tegen haar plan om de artsenkeuze voor patiënten te beperken.’ Het lijkt erop dat Edith Schippers samen met haar man Sander en dochter Eva een onbezorgde kerst staat te wachten.

    Naderend onheil

    Maar hoewel de afschaffing van de vrije artsenkeuze voor de gemiddelde krantenlezer oogt als een hamerstuk, broeit er onverwacht verzet achter de muren van de senaat. Net als het zeker lijkt dat Schippers binnen de Eerste Kamer genoeg steun heeft voor haar voorstel, begint het te rommelen binnen de Eerste Kamerfractie van coalitiepartner PvdA. Aanvankelijk maakt zich één uitgesproken tegenstander van Schippers’ plannen kenbaar: Adri Duivesteijn. Later voegen PvdA-senatoren Marijke Linthorst en Guusje ter Horst zich bij hem. Het drietal geeft te kennen onmogelijk te kunnen instemmen met een wet die de macht van zorgverzekeraars vergroot. Staatssecretaris Martin van Rijn van Volksgezondheid, een partijgenoot van de drie dissidenten, ontvangt een notitie uit de PvdA-fractie waarin de bezwaren van het trio nader worden toegelicht. De zondag voor de stemming nodigt hij daarom Linthorst uit voor een gesprek. Hij probeert haar op andere gedachten te brengen, maar kan de dissidente senator niet overtuigen. Nu Linthorst en de andere twee voet bij stuk houden, vervalt de senaatsmeerderheid waar Schippers op heeft gerekend.

    Linthorst besluit de minister persoonlijk te waarschuwen. Ze neemt contact op met Schippers en adviseert om het wetsvoorstel niet in stemming te brengen. De bewindsvrouw weet op dat moment dat de vereiste meerderheid voor haar wetsvoorstel ontbreekt. Toch laat ze zich door de waarschuwing van Linthorst niet op andere gedachten brengen. Ze houdt voet bij stuk en komt volgens plan op 16 december naar de Eerste Kamer.

    Ramkoers

    Als de Eerste Kamer bijeen is om een oordeel te vellen, probeert de PvdA het moment van de stemming uit te stellen vanwege ‘technische vragen’ die opheldering van de minister zouden behoeven. De verbaasde voorzitter schenkt de coalitiepartij een half uur voor een laatste gesprek met Schippers. Ook dit overleg verandert niets aan de standpunten. De drie PvdA-senatoren blijven op ramkoers liggen met Schippers, maar geen van allen doet iets om de naderende confrontatie te voorkomen. De minister, die niet kan accepteren of simpelweg weigert te geloven dat ze een verpletterende nederlaag gaat leiden, brengt haar voorstel in stemming. De drie dissidenten doen exact wat ze hebben aangekondigd. Schippers’ wetsvoorstel, pronkstuk van haar zorgbeleid, wordt verworpen met 33 stemmen voor en 38 stemmen tegen. De minister heeft gegokt en verloren. Als de stemmen geteld zijn, staart Schippers aangeslagen naar de papieren die voor haar op tafel liggen. Ze sluit haar ogen om een moment afgesloten te zijn van de buitenwereld. Voor de derde maal weigert de Eerste Kamer haar beleid te steunen, en deze nederlaag is met afstand de gevoeligste van de drie.

    In de uren na de stemming worden alle mogelijke middelen aangewend om de dissidenten uit de PvdA-fractie onder druk te zetten. In de wandelgangen en achterkamertjes van het Binnenhof wordt koortsachtig overlegd. Premier Rutte en minister Schippers ontmoeten elkaar in het Torentje, zoekend naar een uitweg. De Nederlandse pers staat op scherp: de val van kabinet Rutte II is een reële mogelijkheid. Schippers voelt zich bedrogen, zo erg dat ze dreigt op te stappen. De laatste dagen van het jaar 2014 zullen de parlementaire geschiedenis ingaan als de Kerstcrisis, een crisis die had kunnen worden voorkomen als minister Schippers een eenvoudige taxatie van het politieke speelveld had gemaakt. Wie is deze dame, die in 2013 door het feministische tijdschrift Opzij nog wordt uitgeroepen tot machtigste vrouw van Nederland?

    Edith van Aardenne

    Edith Schippers komt op 25 augustus 1964 in Utrecht ter wereld als het eerste kind van Ada en Henk Schippers. Niet lang nadat op 23 april 1968 haar zusje Daniëlle wordt geboren, scheiden haar ouders. Edith is dan vijf jaar oud. Na de scheiding vertrekt haar vader naar Portugal. Moeder Ada ontmoet niet veel later de achtentwintig jaar oudere ingenieur Piet van Aardenne. Ze trouwt met hem en ze krijgen samen een zoon, Jos.

    Edith brengt een belangrijk deel van haar jeugd door op het platteland. Vanaf 1976 woont het gezin op een boerderij in het Drentse dorpje Wachtum, een plaats met nog geen driehonderd inwoners waar iedereen elkaar bij naam kent. Om de roddel en achterklap te voorkomen die gepaard kan gaan met het wonen in een klein dorp, besluit Ada dat haar dochters vanaf nu door het leven gaan als Edith en Daniëlle van Aardenne. Die naam zal Edith dragen tot het aanbreken van haar studententijd, als ze ervoor kiest om de naam van haar natuurlijke vader aan te nemen.

    Studeren in Leiden

    Edith’s jeugd staat in het teken van de paardensport. Zes dagen per week wordt ze door haar stiefvader getraind op een stuk land bij de boerderij. Ze droomt van een toekomst als paardrij-instructrice en stort zich vol enthousiasme op het verwezenlijken van die droom. Het blijkt echter moeilijk om haar grote passie voor paardensport te rijmen met goede schoolprestaties. Ze gaat van VWO naar HAVO en later weer terug naar VWO. Uiteindelijk brengt ze acht jaar door aan de Rijksscholengemeenschap in Coevorden, waar ze in 1985 haar VWO-diploma behaalt.

    Tegen die tijd heeft ze ingezien dat een carrière in de paardensport er niet in lijkt te zitten. Als alternatief kiest ze voor de studie diergeneeskunde, maar daarvoor wordt ze uitgeloot. Zodoende komt er een einde aan haar plannen voor een carrière met dieren. Edith kiest een totaal ander studiepad: het paardenmeisje gaat politicologie studeren in Leiden.

    Het blijkt moeilijk om haar grote passie voor paardensport te rijmen met goede schoolprestaties

    Vallend gesteente

    200 kilometer verwijderd van het dorpje waar ze een belangrijk deel van haar jeugd heeft doorgebracht, start er een nieuw leven voor Edith. In het eerste jaar van haar studie bewoont ze een kamer in een grauw uitziend studentencomplex gevestigd aan de Klikspaanweg. Een jaar later stroomt ze door naar een gemengd studentenhuis aan de Lammermarkt, dichtbij het centrum waar het studentenleven zich afspeelt. Bij de voordeur staan zo’n twintig namen.

    De studenten komen regelmatig samen in een gemeenschappelijke ruimte die is ingericht met oude leren banken en een koelkast die tot de nok toe is gevuld met bier. Evenals de overige bewoners, is Edith lid van studentenvereniging Quintus. Samen met een stel andere studentes staat ze aan de wieg van damesdispuut Caduta Massi, wat Italiaans is voor ‘vallend gesteente’. Naast de vele activiteiten in het Leidse studentenleven bekwaamt Edith zich in de internationale betrekkingen, tevens het onderwerp van haar scriptie.

     

    Als student in Leiden geeft Edith steeds vaker blijk van een onwrikbare persoonlijkheid. Een van haar toenmalige huisgenoten vertelt NRC over een incident met een paardenhoofd. De jonge studente is vastbesloten haar kamer op te leuken met een paardenschedel. Ze komt uit bij een slachter die bereid is haar een paardenhoofd te verkopen, maar voordat de schedel de wand van haar studentenkamer kan sieren, moet het hoofd uitgekookt worden. Edith laat het paardenhoofd drie dagen pruttelen in een grote pan. Een bijzondere ervaring voor haar medebewoners, die gewoonlijk uit die pan aten en er nu getuige van zijn hoe ze de laatste vleselijke resten van het dier uitkookt en de schedel schoonschraapt.

    Sander verovert het hart van Edith

    Het huis aan de Lammermarkt is een gewilde plek onder leden van studievereniging Quintus. Steeds als er een permanente of tijdelijke plek beschikbaar komt, melden zich vele kandidaten. Rond 1989 meldt de jonge psychologiestudent Sander Spijker zich voor een vrijgekomen kamer. Op dat moment woont hij aan de Agaathlaan, buiten het centrum van de stad. Hij mag de kamer voor een bepaalde tijd huren en trekt vanaf dat moment als een nomade door het huis: telkens als er een kamer vrijkomt, wordt die aan hem toebedeeld. Als Edith in het laatste jaar van haar studie voor een half jaar naar India vertrekt, wordt Sander de onderhuurder van haar kamer. Tot op dat moment heeft ze weinig interesse getoond in de jongere student, maar nu de twee door de relatie huurder-onderhuurder nader tot elkaar komen slaat de vonk over.

    Gedurende het halve jaar dat Edith in India verblijft, studeert ze aan de Jawaharlal Nehru university in New Delhi. Samen met een andere vrouwelijke student deelt ze maandenlang een spartaans ingericht kamertje, met niet meer dan een bed, bank, kast en bureau. In een overbevolkte stad met grote klassenverschillen, gebrekkige hygiëne en een chaotisch wegennetwerk, is het vooral de plichtmatige werkdrift van het land die Edith opvalt, en inspireert. Studenten in de Indiase stad zijn verwikkeld in een moordende concurrentie om de spaarzame banen.

    Als Edith terug is in Nederland, ervaart ze spoedig hoe moeilijk het is om als pas afgestudeerde aan een baan te komen. Niettemin gaat ze ijverig aan de slag. Twee jaar lang vult ze haar dagen met cursussen, bijbaantjes en vrijwilligerswerk. Zo helpt ze voor de stichting Vluchtelingenwerk een Iraaks vluchtelingengezin wortelen in de Nederlandse samenleving. Het schamele loon in die dagen vult ze aan met een bijstandsuitkering.

    Kennismaking met het politieke bedrijf

    Na haar studietijd wordt ze lid van de VVD. In 1993 — ze is dan 29 jaar — probeert ze bij die partij voet aan de grond te krijgen als buitenlandspecialist. Omdat de VVD al in ruime mate beschikt over specialisten in de buitenlandse politiek, zegt Erica Terpstra tegen haar: ‘Schippers, jij gaat volksgezondheid doen.’ Het is een vakgebied waar ze aanvankelijk niets mee heeft. Bij Kamerlid en oud-staatssecretaris Dick Dees zet ze als persoonlijk medewerker haar eerste stappen in de actieve politiek. ‘Door haar opleiding kwam ze betrekkelijk blanco binnen op het terrein van de gezondheidszorg,’ vertelt Dees. ‘Voor een groot deel bestond de functie uit eenvoudig secretarieel werk, zoals de telefoon aannemen en brieven beantwoorden of mijn vergaderingen voorbereiden. Daarnaast kreeg ze ook een beetje mee van de inhoud. Een persoonlijk medewerker is belangrijk — dat is je linker- en rechterhand. In al die jaren heb ik veel medewerkers gehad, en van al die mensen behoort Edith wel tot de beteren. Langzaam sorteert het talent zichzelf uit en dan zie je die mensen terug als beleidsmedewerker of Kamerlid. Bij Edith was dat ook zo: na een jaar voor mij gewerkt te hebben werd ze beleidsmedewerker Volksgezondheid.’

    Geert Wilders start in dezelfde periode bij de VVD zijn kennismaking met het politieke bedrijf

    Als beleidsmedewerker houdt Edith zich niet langer bezig met secretariële hand- en spandiensten. Deze functie is gericht op de inhoud: als beleidsmedewerker is ze in staat ideeën en middelen aan te leveren waarop het fundament van het VVD-zorgbeleid wordt gestoeld. Ook Geert Wilders start in die periode bij de VVD zijn kennismaking met het politieke bedrijf: hij werkt als beleidsmedewerker sociale zaken en sociaal-economisch beleid. Wilders maakt deel uit van het ‘klasje van Bolkestein’ waarin jonge medewerkers met fractieleider Frits Bolkestein brainstormen over onderwerpen die een plek op de agenda verdienen. Ook levert Wilders Bolkestein regelmatig scherpe toespraken aan.

    Wilders’ inspanningen worden in 1998 beloond met een Kamerlidmaatschap. De carrière van Edith Schippers vordert minder gestaag. Zij besluit de overstap te maken naar een andere VVD-kweekvijver: werkgeversorganisatie VNO-NCW. Een goede plek om haar kennis over de Nederlandse gezondheidszorg en haar netwerk binnen deze sector te vergroten.

    Werkgeverslobby

    Bij VNO-NCW geeft Schippers invulling aan de functie van secretaris gezondheidszorg. Het is de biotoop waarin haar denken over de gezondheidszorg tot rijping komt en waar ze leert handelen met de diffuse belangen in het veld. Ze wordt de protegé van Rob van der Plank: ‘Edith en ik waren directe collega’s,’ vertelt hij. ‘Ik werkte al vanaf 1992 als secretaris gezondheidszorg bij het Verbond van Nederlandse Ondernemingen. Door de fusie met de Nederlands Christelijke Werkgeversbond kwam er een tweede secretaris bij, en dat werd Edith. Ze heeft zich in het begin wel moeten invechten, want zij was helemaal nieuw en ik zat daar als een soort senior.’ Om haar entree bij de werkgeversorganisatie te vergemakkelijken bakent Schippers haar territorium af. ‘Edith had de behoefte om de taken duidelijk te verdelen,’ vertelt Van der Plank, ‘en dat hebben we ook gedaan. Ik heb haar een aantal van mijn dossiers overgedragen. Zij zat erg op de zorginhoudelijke kwesties en innovaties. Een vraag waar zij zich in die tijd erg mee bezig hield: moet alles wat op medisch vlak mogelijk is ook vergoed worden?’

    Als secretaris gezondheidszorg bij VNO-NCW levert Schippers een belangrijke bijdrage aan de totstandkoming van het huidige zorgstelsel. Van der Plank: ‘We waren buitengewoon actief in de gezondheidszorg, met name door de discussie over een nieuw verzekeringsstelsel. Voor ons was het een mijlpaal dat de Sociaal Economische Raad (SER) uiteindelijk tot een unaniem voorstel kwam over de ziektekostenverzekering.’ Als lid van de Werkgroep Ziektekostenverzekeringen schrijft Schippers mee aan dit advies.

    Marktwerking en concurrentie als remedie

    Frans van Drimmelen, op dat moment algemeen secretaris van jong management VNO-NCW, herinnert zich haar nog: ‘Bij VNO-NCW zag je al dat ze ambitieus was. In die tijd werd het werk van secretaris gezondheidszorg lastiger omdat voorheen alleen zorgverzekeraars lid waren, en ineens kwamen daar de zorginstellingen bij. Dan moet je dus met verschillende belangen leren omgaan.’ Jan-Willem van den Braak, destijds directeur sociale zaken bij de werkgeversorganisatie, vertelt: ‘Binnen VNO-NCW heeft Edith leren polderen. Door alle lobbyactiviteiten leer je de politiek goed kennen. Het unanieme SER-advies heeft een grote impact gehad. Dat betekende een doorbraak in de politiek. Al jaren werd er gesproken over de herziening van het zorgstelsel, volgens mij al vanaf begin jaren ’80. Kabinet Balkenende 2 heeft het advies bijna één-op-één overgenomen.’

    Als lid van de Werkgroep Ziektekostenverzekeringen schrijft Schippers mee aan het SER-advies

    Als lobbyist voor de werkgeversorganisatie adviseert Edith marktwerking en concurrentie als remedie voor de kwalen waar de gezondheidszorg mee kampt. De kern van het definitieve SER-advies luidt dat iedere Nederlander zich verplicht zou moeten verzekeren tegen een nominale premie. Ook beveelt de SER aan geleidelijk en zorgvuldig over te stappen van de huidige aanbod-, prijs- en budgetbeheersing naar vraagsturing, concurrentie en marktwerking. Want, zo stelt de raad: Dit zijn noodzakelijke en onlosmakelijk met elkaar verbonden maatregelen die de toegang tot de gezondheidszorg op korte en lange termijn voor iedereen kunnen garanderen en die de doelmatigheid en de prijs-kwaliteitverhouding in de zorgsector verbeteren.

    In feite was dit precies de oplossing die de Commissie Dekker eind jaren ’80 al voor ogen had. Deze commissie, onder leiding van succesvol ondernemer Wisse Dekker, adviseerde het kabinet Lubbers — onder het motto business knows best — over de reorganisatie van de gezondheidszorg.


    Rob van der Plank

    "Ze is een aantal keren verhuisd om haar verkiesbaarheid te vergroten"

    Op de drempel van het Binnenhof

    Nu de jaren noeste arbeid zijn bekroond met de blauwdruk voor een nieuw zorgstelsel, is voor het duo Schippers-Van der Plank het moment bereikt om afscheid te nemen van de gezondheidszorg.‘Edith werd secretaris ruimtelijke ordening en ik verliet VNO-NCW,’ vertelt Van der Plank. ‘Ruimtelijke ordening heeft ze bewust opgepakt om zich breder te profileren. Ik durf wel te zeggen dat haar persoonlijk leven in dienst stond van haar ambities. Ze is ook een aantal keren verhuisd, mede om haar verkiesbaarheid te vergroten. Politiek was echt haar hobby. Iedereen kende haar binnen de VVD, ze had er een heel innig netwerk. Die contacten bleef ze onderhouden in haar tijd binnen VNO-NCW.’

    In de hoop op de radar te blijven, vervult Schippers naast haar drukke baan verschillende partijpolitieke functies. Zo is ze secretaris van de commissie Volksgezondheid (1998-2000), lid van de commissie over respect (2002) en lid van het hoofdbestuur (2002). Haar oud-collega Van der Plank haalt ze over ook actief te worden voor de VVD. ‘Ze vroeg mij op een gegeven moment voorzitter te worden van de VVD-commissie Volksgezondheid, nadat zij daarmee was gestopt. Toen was ik nog niet eens lid van de partij! Ik besloot het te doen.’ Door haar voormalig collega te strikken voor de functie haalt ze een vertrouweling en geestverwant binnen op een plek die voor haar als Kamerlid later van belang zal zijn.

    Hunkering zonder bevrijding?

    Enkele maanden voor de Tweede Kamerverkiezingen van 2002 lijkt Schippers bevrijd te worden van de hunkering naar een politieke carrière. De partijtop belt en doet een beroep op haar: ‘Wil jij op de lijst, want we hebben goede vrouwen nodig en die kunnen we niet vinden.’ Ze is verontwaardigd door de wijze waarop de partijtop haar benadert. Wat bedoelt die daar precies mee? We kunnen geen goede vrouwen vinden en daarom komen we maar bij jou? Schippers zegt niettemin ja tegen een plek op de kandidatenlijst. Bij het verschijnen daarvan constateert ze echter tot haar grote ontsteltenis dat haar naam bijna onderaan de lijst staat: op plek 55. Daarmee is het Kamerlidmaatschap zo goed als onbereikbaar. ‘Ik voelde me zó besodemieterd: je komt een beroep op me doen en dan zet je me zo laag. Toen dacht ik: zak er lekker in,’ zegt ze in een interview met NRC uit augustus 2015. Al snel dient zich een nieuwe mogelijkheid aan. Door het voortijdig einde van kabinet Balkenende I zijn er in 2003 wederom Kamerverkiezingen, en ditmaal staat de naam van Edith Schippers genoteerd op plaats 30. Omdat de VVD deel mag nemen aan een nieuw kabinet-Balkenende verruilt een aantal VVD’ers hun zetel voor een kabinetspost. Edith mag één van de vrijgekomen zetels innemen. Op 3 juni 2003 wordt ze beëdigd tot lid van de Tweede Kamer. Ze gaat het woord voeren over volksgezondheid.

    Ook haar oud-collega haalt ze over om actief te worden voor de VVD

    Bibi de Vries, op dat moment vice-fractievoorzitter, heeft positieve herinneringen aan Schippers. ‘In de jaren dat ik haar heb meegemaakt (2003-2006) was ze een jong Kamerlid. Daarom toonde ze zich wat bescheiden. Ze was gedegen en goed voorbereid en liet zich met name horen wanneer het over de zorg ging.  In die tijd was ze heel actief en ging vaak het land in om aan haar netwerk te bouwen.’ Oud-Kamerlid Fadime Örgü onderschrijft die aanvankelijke bescheidenheid: ‘We hadden een goede relatie. Ik deed de jeugd-GGZ en zat in die periode ook in de partijcommissie voor VWS. Tot de periode waarin ze vicefractievoorzitter werd, was ze naar binnen gericht. Ze sprak zich alleen uit over de gezondheidszorg en hield zich nauwelijks bezig met andere onderwerpen. Ze was ook niet iemand die actief de pers op zocht.’

    Ruggesteun voor Hoogervorst

    Terwijl Schippers aan een politieke carrière bouwt, speelt op de achtergrond haar kinderwens. Omdat ze daar pas laat invulling aan geeft, is zwanger worden lastig. ‘Voor je het weet ben je over de helft van de dertig en dan speelt opeens een kinderwens en dan gaat het een stukje moeilijker. Gelukkig is het eenmaal gelukt,’ zo vertelt ze in het programma Linda’s Zomerweek. In 2004 wordt haar dochter Eva geboren.

    Als Kamerlid maakt Edith zich verdienstelijk door de minister van Volksgezondheid, partijgenoot Hans Hoogervorst, de benodigde ruggensteun te bieden voor zijn Zorgverzekeringswet. In haar hoedanigheid als secretaris bij VNO-NCW heeft ze belangrijk voorwerk geleverd voor die wet. Samen met Hoogervorst weet ze de stelselwijziging waar de VVD al tientallen jaren op aandringt, door de Kamer te loodsen. Op 1 januari 2006 wordt de wet van kracht. Hoogervorst spreekt van een goede samenwerking: ‘Ze kon goed onderhandelen met andere fracties en had een duidelijke mening,’ zo zegt hij tegen Vrij Nederland.

    De vaste Kamercommissie voor Volksgezondheid, Welzijn en Sport bestaat voor het leeuwendeel uit vrouwen. Wanneer er gevoelige medische onderwerpen op het programma staan, wil het fijnzinnige gemoed van de dames wel eens verstoord raken. ‘Edith vond het wel eens jammer dat het zo’n kippenhok was,’ herinnert De Vries zich. ‘Met name de relatie met Khadija Arib [tegenwoordig Kamervoorzitter, red.] was een spannende.’

    Een van de thema’s die op dat moment spelen, is het rookverbod. Als een van de weinige Kamerleden spreekt Schippers met mensen uit de tabaksindustrie. Bijvoorbeeld met Wiel Maessen, de man achter de website TabakJa. ‘Anders dan veel andere Kamerleden is zij wel bereid om naar de andere kant te luisteren,’ vertelt deze. ‘Verder hadden we wel eens contact over de mail. In die mails droeg ik dan informatie aan die ingebracht kon worden in een debat. Ook heb ik wel eens meegedacht over Kamervragen.’ De tabakskwestie komt opnieuw ter sprake als Schippers minister wordt.

    Een ontheemde fractie

    Binnen de VVD rommelt het. Na de verloren gemeenteraadsverkiezingen van 2006 stopt Jozias van Aartsen als fractievoorzitter. ‘Voor de raadsverkiezingen had Van Aartsen een ondergrens gesteld,’ zegt Frits Huffnagel, campagnestrateeg van Mark Rutte tijdens de verkiezingen voor het fractievoorzitterschap. ‘Van die grens was niemand op de hoogte behalve hijzelf. Toen de VVD een score behaalde net iets onder dat percentage, besloot hij te stoppen. Dat was redelijk onverwacht.’ Vice-fractievoorzitter Bibi de Vries verklaart zich solidair met Van Aartsen en vertrekt eveneens.

    De fractie is ontredderd door de onverwachte stuurloosheid. Een club jonge Kamerleden bestaande uit Edith Schippers, Paul de Krom, Arno Visser en Frans Weekers maakt behendig gebruik van het machtsvacuüm. Het viertal oppert de naam van Willibrord van Beek als tijdelijke fractievoorzitter, een man gespeend van iedere ambitie ooit lijsttrekker te worden — precies wat de jonge Kamerleden zoeken. De tijd is rijp voor een nieuwe generatie VVD’ers. Edith Schippers maakt een keuze die het verloop van haar carrière drastisch zal veranderen: zij werpt zich op als vice-fractievoorzitter.

    Vice-fractievoorzitter

    Op 9 maart 2006, om half 1 ’s nachts, wordt er in de fractiekamer een geïmproviseerde persconferentie gegeven. De Vries reikt Van Beek voor het oog van de verzamelde pers onhandig de voorzittershamer aan. Van Beek verklaart dat hij de nieuwe fractievoorzitter is. ‘Totdat de partij mij niet meer nodig heeft. Ik kleef niet aan het pluche.’ Naast de nieuwe fractieleider staat een trotse Edith Schippers, die is benoemd tot vice-fractievoorzitter. Op dat moment is de 41-jarige Schippers nog geen drie jaar Kamerlid. De Vries prijst achteraf haar timing: ‘Het belangrijkst is dat ze alert was en op het juiste moment instapte.’

    De tijd is rijp voor een nieuwe generatie VVD’ers

    Toenmalig VVD-persvoorlichter Eric Trinthamer maakt kennis met een ontketende Edith Schippers: uitgesprokener, zichtbaarder en gids van een ontheemde fractie. ‘Ze oogde nooit onzeker en straalde uit dat ze het kon,’ zegt hij. ‘Het was een Kamerlid dat altijd haar stukken las. Edith kwam altijd voorbereid ter tafel en vaak had ze wel een vraag of een opmerking bij de plannen van haar collega’s. Niet ieder Kamerlid doet dat en durft dat. Met name jonge Kamerleden zijn terughoudend als het erom gaat een ervaren collega te bevragen. Bij Edith pakte dat nooit verkeerd uit, want ze stelde vragen die ertoe deden. Ze is heel strategisch. Zo onderzocht ze altijd wat de standpunten van andere fracties waren en wat er eventueel voor nodig was om hun steun te vergaren. Aan collega’s stelde ze vragen als: heb je daarover al contact gehad met het CDA of weet je wel zeker dat de PvdA onze motie zal steunen? Ik was erg van haar onder de indruk.’

    Een partij aan gruzelementen

    Met het aanwijzen van een nieuwe fractievoorzitter en vice-fractievoorzitter is de rust binnen de VVD nog niet weergekeerd. Met de verkiezingen in aantocht heeft de VVD een nieuwe partijleider nodig, en voor het eerst mogen de leden daarover stemmen. Mark Rutte, op dat moment staatssecretaris van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, meldt zich vrij snel als kandidaat. Als tweede meldt zich Jelleke Veenendaal, die vooral meedoet omdat Rutte de enige kandidaat lijkt te worden. Vrij onverwacht dient een derde kandidaat zich aan: minister Rita Verdonk. Duidelijk is dat de partijtop Rutte steunt. Verdonk moet het hebben van haar populariteit onder gewone leden. Op 31 mei komt de strijd tot een hoogtepunt in het Amsterdamse Okura hotel. Peilingen voorspellen dat Verdonk zal winnen. Om half 8 komt partijvoorzitter Jan van Zanen het podium op. Hij opent de envelop en leest de uitslag voor, waarop het gezicht van minister Verdonk direct betrekt: Mark Rutte is gekozen tot lijsttrekker van de VVD. Verdonk toont zich die avond een sportief verliezer, maar zal er in de komende maanden alles aan doen de plaats van Rutte in te nemen.

    Bij de eerstvolgende verkiezingen voor de Tweede Kamer verliest de VVD zes zetels, en Verdonk — tweede op de kieslijst — krijgt meer stemmen dan partijleider Rutte. Aan vice-fractievoorzitter Edith Schippers de taak de rust binnen de partij te herstellen en slechtnieuwsgesprekken te voeren. ‘Ze was één van de belangrijke adviseurs van Rutte,’ vertelt Trinthamer. ‘Zij adviseerde om eerst al het mogelijke te proberen om Rita binnenboord te houden, omdat ze ook wel zag dat Rita een stemmenkanon was. Maar toen het echt niet meer ging, heeft ze Rutte geholpen om afscheid te nemen van Verdonk.’ Aan de vice-fractievoorzitter de taak om Verdonk vakkundig te elimineren. Ze stelt een lijstje op met incidenten en belt de hele fractie rond om zeker te weten dat Rutte voldoende steun heeft. Kamerlid Charlie Aptroot staat aanvankelijk aan de kant van Verdonk, maar ook hij kiest uiteindelijk voor Rutte. Verdonk moet vertrekken en Schippers houdt iedereen binnenboord.

    Aan Schippers de taak om Verdonk vakkundig te elimineren

    De grote schoonmaak

    ‘Door de Verdonk-kwestie steeg ze in de hiërarchie,’ aldus Van der Plank. ‘Edith mag Rita eigenlijk wel dankbaar zijn.’ Haar partij lijkt echter allesbehalve ongeschonden uit de strijd te zijn gekomen. In de eerste maanden na het vertrek van Verdonk gaat het ronduit slecht met de VVD. Mark Rutte vecht in de buitenwereld om zijn partij er weer bovenop te brengen terwijl Schippers intern een schoonmaak organiseert: alle dossiers worden afgestoft en langs de VVD-meetlat gelegd. Samen met Anouchka van Miltenburg doet Schippers dat voor de gezondheidszorg door het schrijven van een toekomstvisie met de titel ‘Dichtbij betere zorg’. Hierin omschrijft het tweetal hoe de zorg er in 2020 uit zou moeten zien:

    Het werken in de gezondheidszorg is een stuk leuker dan in 2008. Met vereende krachten is het gelukt om alle overbodige papierschuiverij uit te bannen.

    Uit de toekomstvisie spreekt wederom een duidelijk geloof in de werking van de vrije markt:

    Doordat de prijzen vrij zijn en ziekenhuizen winst kunnen uitkeren, is er veel dynamiek ontstaan. Zorgondernemerschap is geen vies woord meer, maar wordt gewaardeerd omdat is gebleken dat de meerwaarde voor de patiënt enorm is. De kwaliteit van zorg is omhoog geschoten.

    Tussen partijleider Rutte en zijn vice-fractievoorzitter Schippers bestaan echter wel duidelijke ideologische verschillen. Hij is afkomstig uit de linkervleugel van de partij en staat een sociaal-liberale koers voor. Haar opvattingen zijn duidelijk rechtser, en verraden duidelijk de invloed van de jaren die ze heeft doorgebracht als belangenbehartiger van de werkgevers en als lid van de werkgroep ziektenkostenverzekeringen binnen de SER. Rutte droomt als staatssecretaris nog hardop over een fusie met D66, Schippers omschrijft dat als haar ‘worst nightmare’.

    De ideologische verschillen tussen Rutte en Schippers staan een goede samenwerking echter niet in de weg. Die krijgt gestalte na de verkiezingen van 2010. De VVD beleeft bij die gelegenheid een historisch moment: voor het eerst in de geschiedenis wordt de partij de grootste van Nederland. Mark Rutte mag een kabinet formeren, en Schippers ondersteunt hem als medeonderhandelaar. Het is de beloning voor Schippers’ nimmer aflatende loyaliteit en haar kwaliteiten als politieke klusjesvrouw. De nieuwe premier biedt haar het partijleiderschap van de VVD, maar dat weigert ze: ‘Omdat ik een aantal dingen wilde realiseren in de volksgezondheid. Ik zie dat als mijn opdracht,’ zo vertelt ze aan Elsevier. Die wens wordt gehonoreerd: op 14 oktober 2010 wordt Edith Schippers beëdigd als minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.

    Minister van VWS

    Als minister van VWS rust er een grote verantwoordelijkheid op de schouders van Schippers. Haar departement is verantwoordelijk voor het grootste deel van de rijksuitgaven en die last dreigt de komende jaren fors te groeien. Het beteugelen van de zorgkosten wordt haar opdracht. Kort na haar aantreden begint de bewindsvrouw dan ook met snoeien. Allereerst neemt ze de subsidies voor leefstijlbeleid en patiëntenorganisaties onder handen. Daarna maakt de geestelijke gezondheidszorg (GGZ) kennis met haar snoeischaar. De minister voert een eigen bijdrage van 200 euro in voor psychiatrisch patiënten, bovenop het eigen risico. Ze vermindert het aantal bedden en haalt een aantal GGZ-behandelingen uit het basispakket. ‘Ik heb de aanpassingsstoornis uit het pakket gehaald. Als je na het verlies van je partner ontzettend in de rouw bent, hoor je niet naar de GGZ te gaan,’ geeft de minister als toelichting op haar ingreep tegenover Psy, een vaktijdschrift voor de geestelijke gezondheidszorg. Omdat het budget in de GGZ-sector fors is overschreden, vordert ze 222 miljoen euro aan overschrijdingen terug, een keiharde dreun voor veel instellingen. Schippers zegt de pijn te begrijpen, maar geeft aan dat ingrijpen toch noodzakelijk is. ‘We creëren ons eigen succes, maar tegelijk ook onze ondergang, want de zorg wordt onbetaalbaar.’ Woorden van gelijke strekking zal de minister vaker bezigen tijdens haar zes jaar durende bewindsperiode. Van haar opponenten zal geregeld het verwijt komen dat ze nietsontziend de botte bijl hanteert.

    Oud PvdA-Kamerlid Eeke van der Veen ziet Schippers veranderen nu ze minister is. Ooit sloten de twee een verbond om de kosten van de farmaceutische zorg terug te dringen. ‘Apothekers hielden heel veel geld over van de kortingen en bonussen die ze ontvingen. Daardoor bleef er enorm veel geld in die sector hangen. Daar maakte ik mij al flink kwaad over toen ik nog bij een zorgverzekeraar werkte. Toen ik Kamerlid werd, sloot ik een informeel verbond met Edith en met Kees Vendrik van GroenLinks. Toen hebben we lange tijd met zijn drieën samengewerkt — met succes overigens. Dat was niet altijd makkelijk voor Edith, want haar inspanningen werden stevig bekritiseerd vanuit apothekers in de achterban van de VVD. Maar ondanks die kritiek bleef ze koersvast. Dat was niet zozeer ideologisch gedreven als wel pragmatisch.’ Als minister is ze haar oude kameraad minder behulpzaam, vertelt Van der Veen. ‘Toen zij eenmaal minister werd, was er weinig bereidheid naar andere partijen te luisteren. Dat was bij haar voorganger Klink wel anders. Edith houdt vast aan haar principes. Weinig mensen geloven zo in de maakbare samenleving als zij.’

    Een ervaren bewindsvrouw

    Wat Schippers voor heeft op haar voorgangers Klink en Hoogervorst, is dat ze de sector door haar jarenlange ervaring in de Kamer en bij VNO-NCW uitstekend kent. ‘Door die ervaring kent ze het veld erg goed en dat helpt bij een carrière als minister. Ze weet wat er leeft en hoe de raderen lopen. Dat soort ministers, met die ervaring, zijn effectiever,’ zegt Frans van Drimmelen. Hij kent haar uit de VNO-NCW-tijd en lobbyt tegenwoordig bij haar ministerie voor opdrachtgevers als Achmea en de Vereniging van Ziekenhuizen. ‘Ik denk dat ze een goede bemiddelaar was door altijd te weten wat ieders belangen zijn en te zoeken waar het gemeenschappelijke zit.’ Een andere lobbyist die veel zaken doet met het ministerie van VWS is Marcel Gerritsen van het bureau BPRA. Ook Gerritsen ziet hoe de ervarenheid van Schippers in haar voordeel werkt: ‘Anders dan haar voorgangers, kent ze het veld uitstekend, waardoor ze niet hoeft te leunen op ambtenaren. Ze zegt vrijwel nooit: “daar kom ik op terug”. Bijna altijd handelt ze het direct af in de Kamer.’

     ‘Weinig mensen geloven zo in de maakbare samenleving als zij’

    Beide lobbyisten beschouwen het falen van de wet op de Elektronische Patiëntendossiers (EPD) als één van de grootste  mislukkingen van Edith Schippers’ bewindsperiode. Het is een erfenis van haar voorganger die ze tot een goed einde moet brengen, maar meteen aan het begin van haar loopbaan komt ze al in botsing met de Eerste Kamer. Extra pijnlijk is dat ze hier een draai om de oren krijgt van iemand uit haar eigen partij. Gerritsen: ‘Dat kwam door VVD-senator Heleen Dupuis. Die vond de wet broddelwerk omdat de privacy van patiënten onvoldoende was gewaarborgd.’ Van Drimmelen: ‘Schippers is erg van de innovaties, en dat ze dit er niet door kreeg is toch wel een groot verlies voor haar.’

    ‘De Eerste Kamer heeft twee hoorzittingen georganiseerd waarbij iedereen die er enig verstand van heeft is bevraagd,’ licht Dupuis toe. ‘Daar spraken experts elkaar tegen en was er nog veel onduidelijk. Ook bleek dat de minister aan de Kamer toezeggingen had gedaan die niet juist waren, bijvoorbeeld dat de patiënten te allen tijde het dossier konden raadplegen, terwijl de bouwers van het systeem aangaven dat dit niet mogelijk was. Uiteindelijk waren er zó veel bezwaren dat we onmogelijk konden instemmen met de wet.’

    Strijd tussen powerladies

    Schippers doet een poging haar wet in leven te houden door Dupuis te overtuigen. ‘We spraken af in het weekend, ergens buiten het Haagse,’ vertelt Dupuis. ‘Tijdens dat gesprek probeerde de minister vooral te onderzoeken wat ik nodig had om toch in te stemmen. Ik maakte mijn bezwaren kenbaar — door mijn achtergrond heb ik veel kennis van de inhoud — maar ik vond dat zij geen overtuigende tegenargumenten had. Uiteindelijk konden veel fracties niet met het plan instemmen. Ik heb toen nog wel op mijn donder gehad van de partijtop. Ook ambtenaren van VWS waren boos.’ Terugkijkend vindt Dupuis nog steeds dat zij de juist keuze heeft gemaakt: ‘Achteraf heb ik er geen spijt van, maar ik ben er ook niet blij om. Binnen de Eerste Kamer gaat het om de inhoud en dan kun je ons niet kwalijk nemen dat we zo’n wet afkeuren. Uit een latere evaluatie bleek ook dat het departement de regie had verloren, en het project te veel uit handen had gegeven.’

    Een erfenis uit haar tijd als Kamerlid bijt Schippers als een adder in de kuiten als op 21 oktober 2011 de documentaire ‘Minister van Tabak’ wordt uitgezonden. Haar contacten met de tabaksindustrie komen door de uitzending in een ander daglicht te staan. Kort na haar aantreden in 2010 draait Schippers het rookverbod voor kleine cafés terug en zet ze onder andere het mes in antirookcampagnes. ‘Edith ziet roken als een vrije keuze en daarom is zij van mening dat er voor de overheid geen rol is weggelegd op het terrein van preventie. Ik denk daar iets anders over,’ zegt VVD’er Dick Dees, die eind jaren ’80 als staatssecretaris het roken in openbare gebouwen juist beperkte.

    Als Schippers minister wordt, ontvangt ze een gelukwens van de Stichting Sigaretten Industrie en de Vereniging Nederlandse Kerftabakindustrie (shag). De twee belangenorganisaties schrijven:

    Voortbouwende op de plezierige en constructieve contacten die wij met u hadden in uw hoedanigheid als lid van de Tweede Kamer, spreken wij de wens uit om ook tijdens uw ministerschap te mogen rekenen op een open en constructieve dialoog.

    Als Schippers minister wordt, ontvangt ze een gelukwens van de tabaksindustrie

    Enige tijd later onthult dagblad Trouw dat de tabakssector in alle beslotenheid op het hoogste niveau meepraat over beleid, terwijl anti-tabakorganisaties geen voet aan de grond krijgen bij het ministerie. Oud-minister van Volksgezondheid Els Borst heeft enkele jaren eerder al gesteld dat Schippers in haar opvattingen sterk beïnvloed is door haar tijd bij VNO-NCW. ‘Als je voor zo’n organisatie hebt gewerkt, ga je snel door de bril van Philip Morris kijken. Dan ga je denken: die bedrijven moeten gewoon hun brood kunnen verdienen. In dat opzicht vind ik haar een echte werkgeversminister.’ Om de discussie te beëindigen neemt staatssecretaris Martin van Rijn het dossier van haar over.

    Machtigste vrouw van Nederland

    Toch krijgt Schippers ook lof toegezwaaid, vooral vanwege de manier waarop ze zich weet te handhaven op een zwaar departement. Geregeld wordt ze genoemd als eerste vrouwelijke premier. In 2014 lijkt ze er even dichtbij, als premier Mark Rutte in beeld komt als opvolger van ‘EU-president’ Herman van Rompuy. De VVD-top besluit dat Schippers het meest geschikt is om Rutte op te volgen. Vlak voor de benoeming wordt echter duidelijk dat de baan niet naar Rutte zal gaan, maar naar de Pool Donald Tusk.

    Ook oud-collega Van der Plank is nog altijd vol lof. ‘Edith weet heel goed om te gaan met verschillende belangen, volgens mij is dat echt een vrucht van haar tijd bij VNO-NCW. Ze doet het met een combinatie van principe en pragmatisme. Als minister doet ze dat nu ook heel goed, door akkoorden te sluiten met partijen in plaats van de moeilijke weg naar nieuwe wetgeving te bewandelen.’

    Zorgakkoorden

    Het sluiten van akkoorden is ook het strategische pad dat Schippers bewandelt om binnen korte tijd de zorgkosten te kunnen beteugelen. Zo maakt de bewindsvrouw afspraken met ziekenhuizen, artsen en verzekeraars over kostenbeheersing. Ziekenhuizen, huisartsen en GGZ-instellingen mogen in 2014 1,5 procent meer uitgeven dan in 2013 en vanaf 2015 is dat elk jaar 1 procent meer. Bij overschrijding kan de minister het geld terugvorderen.

    Met de farmaceutische industrie zit het ministerie ook om de tafel, om te onderhandelen over de prijzen van dure en innovatieve medicijnen. De kortingen die per medicijn zijn bedongen, blijven echter geheim op verzoek van de farmaceuten. In een brief aan de Kamer uit 2014 laat de minister weten over acht medicijnen prijsafspraken te hebben gemaakt met fabrikanten. Op een totale uitgave van 95,9 miljoen euro aan deze geneesmiddelen, is een korting bedongen van 13,9 miljoen euro. De minister zegt bovendien te verwachten dat de besparing in de komende jaren flink kan oplopen. Het gaat hierbij om ‘potentiële uitgavenverlagingen’. De hoogte van de voorspelde korting is gebaseerd op het scenario dat bij een medicijn het hoogst mogelijke geraamde aantal patiënten wordt behandeld. Dus hoe meer medicijnen de farmaceuten verkopen, hoe hoger de korting wordt.

    Heilig geloof

    Het invoeren van winstuitkeringen in de zorg en het afschaffen van de vrije artsenkeuze moeten de volgende maatregelen zijn in de verwezenlijking van Schippers’ grote zorgvisie. Maar daar het gaat in december 2014 mis. Eerst een beetje, als de minister zich genoodzaakt ziet om haar wetsvoorstel dat de invoering van winstuitkeringen in de zorg moet regelen, terug te trekken wegens gebrek aan steun. Een paar weken later gaat het goed fout, als ze de stemming over het afschaffen van de vrije artsenkeuze verliest en er een kabinetscrisis ontstaat.

    ‘Ik adviseerde haar het voorstel niet ter stemming te brengen,’ blikt de dissidente PvdA-senator Marijke Linthorst terug, ‘maar daar heeft ze niet naar geluisterd, waarschijnlijk omdat het vorige voorstel [dat over prestatiebeloning in de zorg, red.] ook al niet ter stemming kwam. Uiteindelijk had ze deze uitkomst kunnen voorzien. Dat wij tegen stemden was geen verrassing.’

    Linthorst ziet in Schippers iemand die heilig gelooft in de disciplinerende kracht van marktpartijen. ‘Zij vindt oprecht dat zorgverzekeraars meer macht verdienen zodat zij scherp kunnen inkopen op prijs en kwaliteit. Ik geloof daar helemaal niks van. Ik zie in de praktijk dat verzekeraars helemaal niet inkopen op prijs en kwaliteit. Zij onderhandelen alleen over het totale budget.’

    Blanco cheque

    Volgens Adri Duivesteijn, de PvdA-senator bij wie het verzet tegen de afschaffing van de vrije artsenkeuze begon, geloofde Schippers kort voor de stemming nog oprecht dat haar wetsvoorstel al in kannen en kruiken was. ‘Wat bij haar overheerste was vooral verwondering, zo van: ik dacht dat jullie dat intern geregeld hadden.’

    Zelfs nadat Schippers de stemming heeft verloren, blijft ze proberen de lakens uit te delen

    Zelfs nadat Schippers de stemming heeft verloren, blijft ze proberen de lakens uit te delen. Op het ministerie van Sociale Zaken vindt een inderhaast geregeld overleg plaats. De locatie, kilometers verwijderd van het Binnenhof, is gekozen in de hoop de pers op een afstand te houden. Schippers wordt door de achteringang naar binnen geleid. Aan tafel treft ze twee van de drie dissidenten, Linthorst en Ter Horst. De minister stelt voor om een paar aanpassingen in de wet aan te brengen, op één voorwaarde: de PvdA-senatoren moeten vooraf akkoord gaan. Linthorst: ‘Hoe kan ik nu met een gewijzigd voorstel instemmen zonder dat ik daarvan de inhoud ken? Dat is net zo vreemd als een wet op voorhand afwijzen.’ Tot Schippers’ woede tekent geen van de dissidenten haar blanco cheque. Dat betekent dat ze met haar plan weer terug moet naar de Tweede Kamer.

    Volgens Linthorst heeft het maar weinig gescheeld of Schippers was opgestapt na het sneuvelen van haar wetsvoorstel over het afschaffen van de vrije artsenkeuze. Ze zegt uit betrouwbare bron te weten dat het premier Rutte persoonlijk is geweest die haar heeft overgehaald te blijven.

    Terugblikkend op deze grootste tegenslag in Schippers’ carrière als minister van Volksgezondheid, zegt Adri Duivesteijn: ‘De nederlaag zat hem uiteindelijk niet in de besparing die ze met de wet verwachtte te realiseren. Hier gaat het over hoe je de gezondheidszorg organiseert. Over een zorgverzekeraar die als tussenhandelaar beslist uit welke artsen je kunt kiezen.’

    Volgens Van der Veen gebruikt Schippers zorgverzekeraars ‘om het marktdenken erdoor te krijgen’ en is ze op dit punt ‘strak in de leer’. Het voormalig PvdA-Kamerlid verwijt de minister op dat punt ook een gebrek aan pragmatisme. ‘Deze benadering zit haar in de vezels. Te lang is geroepen dat die marktwerking werkt — en als dat nu niet zo is, dan volgend jaar wel. Edith houdt vast aan haar ideologie en heeft te weinig oog voor de tekortkomingen van het systeem.’

    Kostenbewustzijn

    Schippers’ nederlaag in de Eerste Kamer in de stemming over afschaffing van de vrije artsenkeuze, betekent dat een van de belangrijkste doelstellingen van haar ministerschap niet gerealiseerd is. Zorgverzekeraars hadden door een grotere contractmacht hun rol als de regisseurs van de zorg moeten oppakken, en het afschaffen van de vrije artsenkeuze had daarin een essentiële rol moeten spelen. Nu dit niet gelukt is, blijft het de politiek die de kosten van de zorg moet beheersen via akkoorden en budgetplafonds. Dat is geen structurele oplossing.

    Edith Schippers zal vooral in de herinnering voortleven als de vrouw die het kostenbewustzijn realiseerde in de gezondheidszorg. Dat is belangrijk in een samenleving die innerlijk tegenstrijdig is: aan de ene kant willen mensen het liefst dat de beste zorg altijd toegankelijk is, en het liefst gratis, maar aan de andere kant wil men ook dat de premie voor de zorgverzekering zo laag mogelijk is. Het was de taak van Schippers om een balans te vinden tussen toegankelijkheid, kwaliteit en betaalbaarheid. De zorgkosten stijgen weliswaar nog steeds, maar de stijging neemt wel af en sinds haar aantreden in 2010 heeft de minister 12 miljard euro minder uitgegeven dan vooraf werd begroot. Daar staat tegenover dat sinds 2010 het eigen risico voor de patiënt meer dan verdubbeld is: van 165 naar 385 euro.

    Al met al zijn dankzij Schippers de zorguitgaven minder hard gegroeid, maar als een nieuwe minister andere afspraken maakt of de eisen versoepelt, kunnen deze weer flink stijgen. Binnen de mogelijkheden die Schippers tot haar beschikking had heeft ze alles gedaan wat ze kon, toch is het zeer goed mogelijk dat de effecten van haar beleid niet duurzaam zijn.

    Maar ook als dit wel zo is, moet er volgens oud-senator Heleen Dupuis nog veel werk verzet worden. ‘Het is een stevige dame,’ zegt ze over Schippers. ‘Ze houdt vol en zet ook door als anderen het niet met haar eens zijn. Ze heeft goed op de winkel gepast en de zaak redelijk in de hand gehouden, maar er zijn geen grote stappen gezet. Ik vind dat de grote vragen omtrent de alsmaar stijgende zorgkosten en de omvang van de verplichte basisverzekering nog niet zijn beantwoord.’

    Schippers zal de antwoorden op deze vragen waarschijnlijk zelf niet meer geven. Nog los van de vraag of de VVD na de aanstaande verkiezingen weer in het kabinet komt, is het zeer twijfelachtig of ze zin heeft in nog een termijn als zorgminister. Ze heeft wel aangegeven open te staan voor een ministerspost, maar haar naam wordt vooral genoemd in verband met Economische Zaken. Hoe de verkiezingen ook verlopen, in de Kamer zullen we haar niet meer terugzien: ze staat niet op de kandidatenlijst van de VVD.

    Missionaris van het liberale denken

    Er is veel gebeurd sinds Schippers als ambitieuze politicologiestudent begon aan haar reis door het politieke landschap. Het ooit wat schuchtere paardenmeisje is uitgegroeid tot een van de toonaangevende VVD’ers van de laatste tien jaar. Van de ideologische verschillen tussen haar en premier Rutte is weinig meer over. En dat komt niet omdat Schippers naar links is opgeschoven: haar principes zijn nog altijd even onwrikbaar en ononderhandelbaar als tien jaar geleden. Nee, het is onze premier geweest die is veranderd. Hem zal je niet meer horen over ‘groen rechts’ en een fusie met D66. Rutte heeft zich al jaren geleden bekeerd tot het evangelie van Edith. Van de apostel van Bolkestein is Schippers uitgegroeid tot de missionaris van het liberale denken. Een vrouw met een missie, een vrouw met een ijzeren wil. En wie weet, misschien op een dag de eerste vrouwelijke premier van Nederland.

    Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

    Over de auteur

    Jeffrey Stevens

    Gevolgd door 685 leden

    Jaagt op mensen en systemen die de Nederlandse zorg schade toebrengen.

    Volg Jeffrey Stevens
    Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
    Annuleren
    Dit artikel zit in het dossier

    De macht van de zorgverzekeraars

    Gevolgd door 839 leden

    Meer vrijheid was misschien wel de belangrijkste belofte bij de introductie van marktwerking in de zorg. Vrijheid voor nieuwe...

    Volg dossier