VVD-partijvoorzitter Henry Keizer werd in 2012 voor een schijntje mede-eigenaar van een florerend miljoenenbedrijf. Met drie partners nam hij de aandelen in deze onderneming over van een vereniging waaraan hij zelf als adviseur verbonden was. Ook andere VVD-prominenten, onder wie Loek Hermans, speelden een bedenkelijke rol bij deze transactie, waarmee de vereniging en haar leden voor tientallen miljoenen euro’s werden benadeeld.

‘Je denkt vast: die Henry Keizer heeft het allemaal voor een prikkie gekocht. Maar zo is het niet. Het is allemaal heel prudent gegaan.’ De voorzitter van de Koninklijke Vereniging voor Facultatieve Crematie belt zelf naar de journaliste die ‘gedetailleerde vragen’ stelt aan ‘lieve mensen van de vereniging’ over een aandelentransactie. Keizer weet dat Follow the Money een profiel over hem maakt, want hij is ook voorzitter van de grootste en machtigste partij van Nederland; de VVD. ‘Maar om dan als journalist zeer actief rond te bellen over waardebepalingen van aandelen...’ Keizer is duidelijk niet gecharmeerd van de aandacht voor de transactie die hem eind 2012 in één klap multimiljonair maakt.

Wereldmarktleider

Keizer weet met zijn drie zakenpartners voor enkele tienduizenden euro’s een bedrijf te verwerven dat met 800 medewerkers een omzet genereert van 106 miljoen euro. Keizer zelf verwerft 51 procent. In 2012 is het bedrijfsresultaat 6 miljoen euro en blijft daar netto 2,9 miljoen van over, maar liefst 46 procent meer dan het jaar ervoor. De omzetten groeien ook over de jaren.

Volgens de accountant is het bedrijf minstens 31,5 miljoen euro waard, maar de waarde kan ook makkelijk het dubbele zijn

Deze internationaal opererende onderneming heet ‘de Facultatieve’. Het bedrijf exploiteert onder andere crematoria en begraafplaatsen, verzorgt internationaal rouwtransport, heeft een verzekeringsbedrijf, is gespecialiseerd in het bouwen van crematoria en is zelfs wereldmarktleider met ‘state of the art oplossingen op het gebied van verbrandings- en milieutechniek’. Onder de B.V. Beheermaatschappij ‘de Facultatieve’ vallen 44 vennootschappen en stichtingen in tien landen, die bij elkaar een balanstotaal van 113 miljoen euro opleveren, zo blijkt uit het jaarverslag. Het bedrijf is ook eigenaar van Crematorium Westerveld in het Noord-Hollandse Driehuis, dat behalve een reeks monumentale gebouwen ook een landgoed van 31 hectare omvat. Volgens de accountant van Keizer is dat alles minstens 31,5 miljoen euro waard, maar financieel deskundigen zeggen tegen Follow the Money dat de waarde van het bedrijf ook makkelijk het dubbele kan zijn. Keizer en zijn zakenpartners weten het succesvolle bedrijf echter te verwerven met een investering van slechts 30.000 euro en een lening van 470.000 euro. Kassa!

Deze feiten blijken onder meer uit het jaarverslag (2012) van de Facultatieve Groep B.V., het bedrijf waar Henry Keizer sinds 20 december 2012 directeur-grootaandeelhouder van is. De groep wordt op die dag eigenaar van B.V. Beheermaatschappij ‘de Facultatieve’ door alle aandelen van het bedrijf te kopen van de Koninklijke Vereniging voor Facultatieve Crematie, die eind 2012 65.970 leden telt. Keizer is op het moment van verkoop al jaren adviseur van het bestuur van die vereniging, en kan dus directe invloed uitoefenen op de verkoop van de aandelen van de beheermaatschappij — waar hij dan al sinds 1998 bestuursvoorzitter is — aan hemzelf en zijn zakenpartners. Op dit moment is Keizer voorzitter van de vereniging, en floreert zijn in 2012 opgerichte Facultatieve Groep als nooit tevoren.

Nog geen lid? Probeer ons één maand gratis uit

Vind je dit een goed artikel en wil je meer van dit soort stukken lezen? Word nu één maand gratis lid van FTM en draag bij aan onafhankelijke onderzoeksjournalistiek. Je registratie stopt automatisch: je zit nergens aan vast.

Inhaligheid en hebzucht

Uit de gedeponeerde cijfers blijkt dat Keizer en zijn drie mede-directieleden in 2012 minimaal 19 miljoen euro aan waarde hebben weten te verwerven zonder daar iets voor te hebben moeten betalen. Financieel deskundigen aan wie wij de transactie uitgebreid voorleggen, zijn met stomheid geslagen.

Fiscalist Christiaan Vos ziet ‘een ogenschijnlijke viertrapsraket van zelfverrijking’ waar de schijn van ‘belangenverstrengeling’ tot een ‘opvallend lage koopprijs’ heeft geleid. Voor gepensioneerd analist Roel Gooskens is het lezen van jaarverslagen een hobby waar hij zijn beroep van wist te maken. Hij oordeelt hard over de informatie die hij in de verschillende jaarrekeningen aantreft: ‘Wanneer je deze transactie positief bekijkt, is er sprake van risicoloos ondernemen. Kijk je er met een neutrale blik naar, dan is dit regelrechte diefstal.’ Advocaat financieel recht Hester Bais: ‘Dit is geen liefdadigheid, dit is inhaligheid en hebzucht. Een treffend voorbeeld van de graaicultuur.’

‘Dit is een treffend voorbeeld van de graaicultuur’

Follow the Money wil weten hoe deze voor Keizer uiterst lucratieve deal tot stand is gekomen en belt met direct betrokkenen, inclusief de bestuurders van de vereniging en de leden van de raad van commissarissen die de transactie hebben goedgekeurd. Onder hen bevinden zich ook VVD-coryfee Loek Hermans en VVD-senator Anne-Wil Duthler. Betrokkenen antwoorden dat ze even na moeten denken, weigeren eenvoudigweg commentaar te geven of verwijzen naar de persvoorlichter van De Facultatieve Groep, het bedrijf van Keizer. Dan hangt Keizer zelf aan de lijn. ‘Er is echt niets geks aan de hand,’ zegt hij. ‘Hier is sprake van een nette overname.’

Gedwongen ondernemer

Voor de oorsprong van het bedrijf dat Keizer en zijn compagnons eind 2012 voor een schijntje weten te verwerven, moeten we terug naar 1874. In dat jaar werd de Vereeniging tot invoering der Lijkverbranding in Nederland opgericht met een eenvoudig doel: crematie wettelijk mogelijk maken. Het was een liberale beweging, waarin vooral veel artsen en wetenschappers zetelden die cremeren een schonere manier vonden om je van dode lichamen te ontdoen dan ze te begraven. Dit gold zeker in het geval van de massagraven voor de armen. ‘Vijftig mensen gingen in een open graf totdat het vol was,’ vertelt Keizer in een gesprek met Follow the Money. ‘In het midden van het dorp, want daar stond de kerk met eromheen het kerkhof. Aan de andere kant van de muur stond een pomp waar iedereen zijn drinkwater uit haalde.’

De vereniging, later omgedoopt tot ‘de Facultatieve,’ groeide snel. Een lid kon zich er voor 200 gulden van verzekeren te worden verast in het Duitse Gotha, waar cremeren wel legaal was, aldus het rijkelijk geïllustreerde naslagwerk Vuurproef voor een Grondrecht. Een van de eerste Nederlanders — volgens sommige bronnen zelfs de allereerste — die in Gotha werden gecremeerd, op 23 februari 1887, was verenigingslid Eduard Douwes Dekker, beter bekend onder zijn schrijversnaam Multatuli.

Het aantal leden van de vereniging nam in de jaren die volgden snel toe. In 1913 bouwde de vereniging het eerste crematorium in Nederland: Westerveld in Driehuis bij Velsen. Een jaar later, op 1 april 1914 om 16.50 uur, werd het lichaam van dr. C.J. Vaillant, een van de oprichters van de vereniging, in de oven geschoven. Hij kreeg nummer 1 in het crematieregister. Een proefproces wees uit dat cremeren weliswaar bij wet verboden was, maar dat het bevoegd gezag er niet zo heel zwaar aan tilde. Cremeren werd voortaan gedoogd: op elke crematie stond 1 gulden boete.

Een van de eerste Nederlanders die werden gecremeerd was Multatuli

In 1955 werd cremeren legaal, maar alleen als mensen een speciaal codicil hadden dat was uitgegeven door de vereniging. Die plicht verdween in 1968, maar toch duurde het nog tot 1991 voordat cremeren echt helemaal gelijk werd gesteld aan begraven. In 1974 ontving de vereniging bij haar 100-jarige bestaan het predicaat ‘Koninklijk’.

In de tussentijd bleef de vereniging gestaag groeien, en op het hoogtepunt telde ze meer dan 100.000 leden. Er kwamen steeds meer crematoria bij, en de vereniging ging haar leden levensverzekeringen aanbieden. Ook werden er ovens ontwikkeld. Keizer: ‘De vereniging werd min of meer gedwongen ondernemer.’

Het ondernemerschap kreeg ook in juridische zin steeds meer structuur. De vereniging besloot alle bedrijfsactiviteiten in een beheermaatschappij onder te brengen. Met dat doel werd in mei 1990 de B.V. Beheermaatschappij ‘de Facultatieve’ opgericht. De vereniging werd voor 100 procent aandeelhouder, en ging zich steeds meer richten op het geven van geld aan goede doelen. Doordat ze geen dividenden vroeg, konden niet uitgekeerde winsten onder andere worden gebruikt voor de ontwikkeling van crematieovens, de technologie waarmee het bedrijf nog steeds voorop loopt. Volgens Keizer is het verbranden van lijken namelijk een kunst op zich: ‘Het is geen pizza-oven waar je zomaar even iets naar binnen rolt.’

Lovende woorden

Zoals gezegd krijgt Keizer in 1998 de leiding van de beheermaatschappij. Een zeer verantwoordelijke taak, zo blijkt onder andere uit de salarissen die Keizer en zijn mede-directieleden toucheren. In het jaar van de overname verdient het viertal gezamenlijk 1,7 miljoen euro, 425.000 per persoon. Tegelijkertijd wordt Keizer met zijn benoeming ‘gecommitteerd adviseur’ van het bestuur van de vereniging.


Henry Keizer

"Even heel eerlijk: er is hier niemand genaaid, er is niemand tekort gedaan"

‘Henry was er elke vergadering bij,’ zegt de heer Driessen uit Haren, een verenigingslid. ‘Hij is echt geweldig.’ Driessen werd ‘ooit eens door een tante’ bij de vereniging ingeschreven en zetelde rond 2006 in de ledenraad. ‘Hij kon mensen goed bijsturen,’ zegt Driessen over Henry Keizer, ‘en hij zorgde ervoor dat alles goed liep bij de vereniging; dat is echt heel belangrijk.’

Driessen is lang niet de enige die lovende woorden over Keizer spreekt. Maar al deze tevredenheid ten spijt, is het ledental van de vereniging de laatste jaren scherp teruggelopen. De leden die Follow the Money weet op te sporen, zijn erg oud of hebben inmiddels zelf al van de uitvaartdiensten van de Facultatieve gebruik gemaakt. ‘Ach, meneer Keizer is zo’n fijne man,’ zegt Annemarie Gerretsen uit Delfzijl, weduwe van een verenigingslid. Ze is een paar keer met haar man mee geweest. ‘Dan toonde Henry Keizer cijfers. Hij kon vooral op een boeiende manier vertellen over de manier waarop de ovens werden gebouwd. Echt een man met charisma.’

‘Ach, meneer Keizer is zo’n fijne man’

Ook in de tijd dat Keizer nog geen voorzitter van de vereniging is, geldt hij voor veel van de leden als dé man. ‘Hij was adviseur van de vereniging en dat deed hij echt met verve,’ zegt Jan van Maarschalkerweerd (79). Hij is al meer dan 30 jaar lid en zat tot vorig jaar in de ledenraad.

‘Henry is een heel goede bestuurder,’ zegt Arnold Daane (90) die al 33 jaar lid is. Hij zat tijdens de transactie in het bestuur en is nu lid van de ledenraad. ‘Daadkrachtig, en dat doet hij alweer een jaar of twintig bij de Facultatieve. Hij kan de dingen goed onder woorden brengen, en met humor. Hij noemt iedereen bij de voornaam, en het personeel van het bedrijf loopt weg met hem.’

Schijnvertoning

Voormalig bestuurslid Bas Cartigny (82) heeft zo zijn eigen gedachten. Hij zegt dat Keizer vooral op macht uit was. ‘Er gebeurde precies wat hij wilde,’ zegt Cartigny, die van juni 2005 tot april 2007 in het bestuur van de vereniging zat. ‘De vereniging zelf, die stelde niet veel meer voor. Op de jaarlijkse ledenvergadering kwamen nog hooguit 25 man af, allemaal ouderen, minstens 65, die het vooral geweldig vonden om weer eens bij elkaar te komen. Voor de rest was het allemaal een schijnvertoning. Bij de bestuursvergaderingen werd er wat over koetjes en kalfjes gesproken, en over de Groep die onder leiding stond van Keizer. Daar ging het overigens fantastisch mee.’ Er werd wat geld besteed aan het opknappen van begraafplaatsen. ‘Maar bijna alle initiatieven die werden ingebracht haalden het niet. Het bestuur bleef vooral op het geld zitten en dividenden vloeiden terug in de beheermaatschappij. Ik weet nog dat er in het balsemen van lijken werd geïnvesteerd, daar kon in het buitenland veel geld mee worden verdiend.’

Hij schreef een notitie om de ‘circa 6 miljoen’ euro die in de kas zat, goed te besteden. ‘Ik wilde de vereniging opheffen en het geld verdelen onder de crematoria. Die hebben geen uitstraling, en met dat geld konden we mooie plekken achterlaten om te rouwen.’ Zijn idee, slechts nog een notitie, viel niet bepaald in goede aarde. ‘De voorzitter zei dat ik tegen de vereniging was en ik werd eruit gezet.’

Die voorzitter was Wiel Hillebrandt. Hij zat eerst in de ledenraad (vanaf 1992), maakte in 2000 een overstap als secretaris naar het bestuur en is sinds 2006 voorzitter van de vereniging. ‘Maar de baas was hij niet,’ zegt Cartigny. ‘Hij was volledig ingebed in het kamp-Keizer.’ Die was volgens Cartigny als gecommitteerd adviseur van het bestuur bij alle bestuursvergaderingen aanwezig. ‘Wiel Hillebrandt vertegenwoordigde wat door Keizer werd gewenst.’

‘De voorzitter zei dat ik tegen de vereniging was en ik werd eruit gezet’

De verkoop

In 2012 breekt een historisch moment aan voor de dan 136 jaar oude Koninklijke Vereniging voor Facultatieve Crematie, als wordt besloten om alle bedrijfsactiviteiten van de hand te doen. Het is, zegt Keizer, een idee van de vereniging geweest om alle aandelen van de beheermaatschappij te verkopen. ‘Dat idee is in een gesprek geboren.’ In een gesprek, wel te verstaan, tussen de leden en het verenigingsbestuur waarvan hij dan zelf de adviseur is. ‘Maar,’ zegt Keizer, ‘het is niet zo dat ik er bewust naartoe heb gewerkt. Het ledenaantal holde achteruit en een heel groot deel van die verzekerden — die ook lid waren — wist niet eens dat ze lid waren van de vereniging en dat interesseerde ze ook helemaal niet. Daarnaast waren de ideële doelen van de vereniging wel bereikt: cremeren kun je tegenwoordig bijna op elke straathoek. De leden waren tot de conclusie gekomen dat er een goededoelenfonds moest komen. En ja, dan wilden ze er ook wel voor zorgen dat daar centjes in zaten.’

De vereniging opheffen is echter geen optie. Keizer: ‘Ik moet je heel eerlijk zeggen, er zullen weinig bestuurders te vinden zijn die onder hun watch een vereniging opheffen uit 1874, met het predicaat Koninklijk.’ Voormalig lid van de ledenraad Van Maarschalkerweerd: ‘Ik heb wel eens geroepen: hef die club maar op, waar doen we het nog voor? Maar die toevoeging Koninklijk was bij Henry zeer welkom — dat kon hij bij zijn groep ook af en toe laten vallen.’

Wat voor het zittende management van de beheermaatschappij ook aangenaam blijkt, is dat de vereniging bij de verkoop van de aandelen geen biedingsproces wenst aan te gaan. Daardoor wordt een prijsopdrijvend effect bij voorbaat uitgesloten. Keizer: ‘De vereniging had zichzelf beperkingen opgelegd. Het bedrijf mocht niet opgesplitst worden, niet aan een buitenlandse partij worden verkocht en ook niet aan een concurrent. De overweging was het veiligstellen van het erfgoed, en dat kon beter met het zittende management’.

Die lezing wordt door enkele leden gestaafd. ‘Henry, die gaat goed op onze centjes letten. Ja, hij gaat er mooie en goede dingen mee doen,’ zegt Van Maarschalkerweerd. Bestuurslid Arnold Daane: ‘We hebben de zaak overgedaan aan Henry Keizer. De vereniging liep toch al leeg.’

Over het bedrag dat met de overname is gemoeid, zwijgen alle betrokkenen. Keizer zegt in het eerste interview met Follow the Money: ‘In de contracten is opgenomen dat we daar geen mededelingen over doen, ook uit concurrentieoverwegingen.’

Wat wordt er nu precies op 20 december 2012 bij de verkoop van de Beheermaatschappij  besloten? Voor welk bedrag weet de huidige VVD-voorzitter het succesvolle crematieconcern naar zich toe te trekken? Keizer schermt de financiële details gedecideerd af, maar deze staan keurig gepubliceerd in de jaarrekening van zijn eigen bedrijf — kennelijk zonder dat hij zich daarvan bewust is.

Keizer schermt de financiële details gedecideerd af, maar deze staan keurig gepubliceerd in de jaarrekening

De 136ste Algemene Jaarvergadering waarin het historische besluit zal worden genomen, vindt plaats op 10 november 2012 in hotel Crowne Plaza in Den Haag. Een paar belangrijke punten staan echter niet in de statutair verplichte advertentie met de oproep aan de leden vermeld: de voorgenomen verkoop van de aandelen van de Beheermaatschappij en de verkoop van het verzekeringsbedrijf, waarmee in één klap van meer dan 63.000 verenigingsleden afscheid wordt genomen.

Goede bekenden

Wat er zich precies bij de bewuste vergadering heeft afgespeeld, blijft onduidelijk. Wiel Hillebrandt en Frans Jacobs, op dat moment respectievelijk voorzitter en penningmeester van de vereniging, weigeren vragen te beantwoorden en wijzen naar de huidige voorzitter: Henry Keizer. Notulen zijn er wel, maar die zijn volgens Keizer ‘vertrouwelijk’ en kunnen niet worden ingezien. Dat zou ook gelden voor de rapporten van ‘drie onafhankelijke accountantskantoren’ die waarderingen hebben gemaakt van de beheermaatschappij voordat Keizer samen met zijn financieel directeur Jaap de Bruijn de onderhandelingen aanvangt met het bestuur van de vereniging — waarvan hij dus op dat moment zelf adviseur is.

Naast bestuurders van de vereniging, zijn Hillebrandt en Jacobs tijdens de overname ook lid van de raad van commissarissen van de beheermaatschappij ‘de Facultatieve’. De rol van ‘onafhankelijk’ commissaris is voor twee goede bekenden van Keizer: VVD-senator Anne-Wil Duthler en Loek Hermans, op dat moment fractievoorzitter van de VVD in de Eerste Kamer.

Loek Hermans is ook geen onbekende in de wereld van het verassen. ‘Ik ben een groot voorstander van cremeren,’ laat hij ons weten. Dat dit geen lege woorden zijn, blijkt onder andere uit zijn bijbaan bij de Stichting Voorlichtingscentrum Crematoriumbouw, die de spreiding van crematoria in Nederland regelt. Daar is hij is sinds 1986 de voorzitter van. De stichting werd in 1968 door de Koninklijke Vereniging Facultatieve opgericht en zetelt in dezelfde statige kantoorvilla aan de Haagse Van Stolkweg 29 waar ook de directie van de Facultatieve Groep huist. Keizer werd in mei 2008 penningmeester van deze stichting, maar de mannen kennen elkaar al langer. Hermans: ‘Ergens uit de jaren ’90. Er werden overal te veel crematoria gebouwd en wij maakten een spreidingsplan.’

Keizer ook secretaris van liefdadigheidsfonds

Heupprotheses van chirurgisch staal of titanium, implantaten van kobalt-legeringen en gouden kiezen — het zijn slechts enkele van de metalen die crematorium-medewerkers aantreffen in de asresten van de gecremeerde overledenen. Het gaat vaak om hoogwaardige materialen, die veel geld waard zijn. De metalen resten worden uit de as verzameld, gesorteerd en verkocht op de Londense metaalmarkt. Ze worden hergebruikt in onder meer de auto-en vliegtuigindustrie. Kobalt bijvoorbeeld, is een essentieel onderdeel in metaallegeringen voor vliegtuigmotoren en gasturbines. Minder waardevolle metalen, zoals staal, worden verwerkt in onder meer verkeersborden en lantaarnpalen. Het goud uit kiezen wordt behalve in sieraden ook gebruikt voor elektronische schakelingen.

In Nederland komt de opbrengst van deze macabere handel terecht bij het Dr. C.J. Vaillantfonds, het goededoelenfonds van de Landelijk Vereniging van Crematoria. Het fonds is vernoemd naar de eerste persoon die in Nederland officieel is gecremeerd, Christiaan Vaillant. Tijdens zijn leven was Vaillant hoofdbestuurslid van de Vereniging voor Facultatieve Lijkverbranding. Hij werd in 1914 gecremeerd in zijn eigen levenswerk, het crematorium Westerveld in Driehuis.

Sinds de oprichting in 1996 heeft het fonds op deze wijze 14.026.580,51 euro verdiend. Tot januari 2017 heeft het 10.513.503,06 euro gedoneerd aan tientallen goede doelen, waaronder Vrienden van het Wilhelmina kinderziekenhuis, LINDA.Foundation, Stichting Juttersgeluk, Nederlands Uitvaart Museum Tot Zover en Stichting Personal Service Dogs.

Het fonds wordt geleid door het bestuur van de Landelijke Vereniging van Crematoria. Henry Keizer is daarvan secretaris.

Lees verder Inklappen

Sinds 2011 zit Hermans in de ledenraad van de Vereniging. Ook is de vroegere senator nauw betrokken bij beheermaatschappij ‘de Facultatieve’. Hij is er tot eind 2012 vice-voorzitter van de raad van commissarissen, maar dat weet hij zich desgevraagd niet meer zo goed te herinneren: ‘Poeh, dat moet ergens in 2004, 2006 zijn geweest. Naderhand ben ik in de ledenraad gekomen.’ Daarnaast is hij van 2009 tot 2011 bestuurslid van de vereniging, een detail waar we hem aan moeten helpen herinneren als we hem naar zijn betrokkenheid bij ‘de Facultatieve’ vragen. Vragen over de overname van de beheermaatschappij wenst Hermans niet te beantwoorden. Hij verwijst ons door naar de woordvoerder van het bedrijf van Keizer.

Als VVD-senator is ook Anne-Wil Duthler geen onbekende voor Keizer. Bovendien zetelt ze in 2010 met hem in de commissie die het Haagse verkiezingsprogramma van de partij schrijft voor de gemeenteraadsverkiezingen. Duthler beantwoordt geen telefoon en reageert ook niet op voicemail en op sms’jes.

Sigaar uit eigen doos

De vragen die we de bestuurders en commissarissen willen voorleggen, hebben betrekking op enkele passages uit de jaarrekening 2012 van de Facultatieve Groep B.V., het bedrijf dat op 20 december 2012 alle aandelen van B.V. Beheermaatschappij ‘de Facultatieve’ overnam. In de toelichting op de balans die achterin het jaarverslag op pagina 33 staat, worden enkele opmerkelijke financiële feiten vermeld. Zo heeft het bedrijf een deelneming verworven die volgens de accountant van de Groep een zogenoemde ‘nettovermogenswaarde’ heeft van 34 miljoen euro. De acquisitie behelst de overname van de aandelen van B.V. Beheermaatschappij ‘de Facultatieve’. En dan komt het: ‘De aankoopprijs voor deze aandelen bedroeg euro 12.500.000’. De accountant heeft ook een reële waarde aan het overgenomen bedrijf toegekend: 31,5 miljoen euro. ‘De transactie resulteerde derhalve in een negatieve goodwill van euro 19.033.288’. In gewone-mensentaal is deze ‘negatieve goodwill’ het verschil tussen de aankoopprijs en de reële waardering van het bedrijf. Een verschil dat positief uitvalt voor de overnemende partij: Henry Keizer en zijn drie zakenpartners.

30.000 euro, meer niet; het  is minder dan één bruto maandsalaris van één van de mannen

Uit de jaarrekeningen van zowel de groep als de beheermaatschappij blijkt vervolgens dat de overname voor het belangrijkste deel is gefinancierd met het dividend dat aan de vereniging uitgekeerd zou worden. Dat dividend heeft de omvang van 12 miljoen euro, en de overnamesom is dus voor het overgrote deel een sigaar uit eigen doos. De resterende 500.000 euro worden door Keizer c.s. gefinancierd. Daarvan is 470.000 euro een lening aan de Facultatieve Groep en is 30.000 duizend euro de kapitaalstorting van het viertal directieleden. 30.000 euro, meer niet; het  is minder dan één bruto maandsalaris van één van de mannen.

‘Met deze transactie wordt de vereniging zwaar benadeeld,’ zegt analist Roel Gooskens. ‘Dat geld is nu voor het grootste deel in de zakken van Keizer en de zijnen beland. Aannemelijker is dat de vereniging nog voor een veel groter bedrag is bestolen omdat het bedrijf waarschijnlijk veel meer waard is’.

In de jaarrekening van de vereniging van 2012 wordt de verkoop van de aandelen niettemin voorgesteld als een zeer voordelige transactie. De reden is dat de aandelen van de beheermaatschappij door de accountant op 0 euro worden gewaardeerd. Ergo: er is 12,5 miljoen winst geboekt. Dat de vereniging van die 12,5 miljoen euro 12 miljoen zelf heeft gefinancierd met zijn eigen dividend van 12 miljoen, blijft onvermeld. Het opmerkelijke is dat de jaarrekeningen van zowel de vereniging (verkoper), als de B.V. Beheermaatschappij (het onderwerp van de transactie) als de Facultatieve Groep (de koper) van dezelfde handtekening wordt voorzien: die van accountant Marcel de Kimpe van EY.

‘Deze transactie heeft er alle schijn van goed doordacht en voorbereid te zijn, gestart met een hoogst ongebruikelijke presentatie van de verkochte aandelen in de jaarrekening,’ aldus fiscalist Christiaan Vos. ‘Zoiets is eigenlijk alleen maar denkbaar als er samengespannen is.’

Vier specialisten, verschillende disciplines, unanieme afkeuring

Martine Frijlink: Zeg me dat het niet zo is

Zeg me dat het niet zo is...

Een ‘Koninklijke Vereniging’, ooit opgericht door en voor hen die crematie een aantrekkelijker alternatief leek dan de traditionele begrafenis. Een vereniging die haar doelstelling decennia geleden al bereikte en slechts nog een aantal leden van hoge leeftijd heeft, maar wel 100 procent eigenaar is van de ‘operatie’ die initieel instrumenteel was aan het doel en ondertussen, anno 2010, uitgegroeid is tot een internationaal concern met meer dan 100 miljoen omzet.

Wanneer je de stapel jaarstukken voor het eerst doorbladert zijn er, ondanks de zeer onaantrekkelijke opmaak, genoeg sporen die je kunt volgen. Je moet wel volhouden, want er is niet echt geprobeerd de zaak transparanter te maken. Integendeel: alleen al de naamgeving van de drie entiteiten zet je de eerste uren regelmatig op het verkeerde been. Het blijkt ook niet eenvoudig een balanspositie te vinden die bij de andere entiteit eenduidig terug te volgen is. Heel veel dezelfde namen, waarbinnen de naam Keizer wel op bijna alle mogelijke posities een keer of wat opduikt. Heren die elkaar als in een caroussel opvolgen in de verschillende besturen en een RvC die wel heel plotseling haar taken neerlegt. Een ploeg bestuurders die in exact dezelfde samenstelling in een nieuwe onderneming wederom gaat besturen, maar daar ineens ook de 100 procent eigendom heeft verkregen van de gehele operatie die voorheen het bezit was van de vereniging. En hoe kan dat op klaarlichte dag, als er door accountantskantoor EY jarenlang onafhankelijke accountantscontrole is uitgevoerd? De controleverklaringen op de drie relevante entiteiten zijn bovendien voorzien van dezelfde naam en handtekening. Hierdoor kan in ieder geval geen sprake zijn van: miscommunicatie, gebrekkige overdracht of een nieuwe accountant die onervaren is en om de tuin geleid wordt. En dat alles vindt plaats op een heel ongebruikelijke datum voor de overdracht van een aandelenbelang: 20 december 2012.

Zeg me dat het niet zo is...

Maar langzaam maar zeker trekt de mist op en denk ik aan Frank Boeijens liedje ‘Zeg me dat het niet zo is’. De decennialang opgebouwde intellectuele eigendomsrechten (IP) en het bijbehorende begrafenis- en crematieland en -vastgoed is bij de wettelijke eigenaar niet op de balans terug te vinden. De grondslagen van de Koninklijke Vereniging maken dit ook mogelijk. En deze nul-waardering gaat vergezeld van een goedkeurende controleverklaring op basis van de door de vereniging gekozen eigen waarderingsgrondslagen. De laatste jaren is onder het kopje ‘niet uit de balans blijkende rechten’ de toelichting opgenomen dat rekening gehouden moet worden met een veel hogere intrinsieke waarde van het 100 procent belang in de onderneming waar de activiteiten jaren geleden in werden ondergebracht. De jaarrekening van de vereniging vermeldt een bedrag van ruim 20 miljoen euro eind 2011.

Zeg me dat het niet zo is...

Hoe verrast ben ik dan als ik op 20 december 2012 de overdracht van het aandelenbezit vanuit de vereniging, met op dat moment nog ruim 60.000 leden, voor 12,5 miljoen zie passeren naar een nieuw opgerichte BV waar slechts vier — maar wel vier bekende — namen de eigendom verkrijgen. Dat zou betekenen dat de leden van de Koninklijke Vereniging hier hun zegen aan hebben gegeven en de accountant ook. Hierin zou deze ook de noodzakelijke rationalisatie voor de lucky buy en hierbij behorende negatieve goodwill van een kleine 20 miljoen euro gevonden moeten hebben. Maar hoe kan een lucky buy tot stand komen als je al in het bezit bent van de wijsheid dat het belang intrinsiek sowieso al meer dan 20 miljoen aan waarde vertegenwoordigt? Het is ook niet te verwachten dat de florerende business heel grote toekomstige verliezen moet egaliseren, dus waar vindt de accountant zijn rationalisatie voor de 19 miljoen negatieve goodwill die de nieuwco op de balans laat verschijnen? En dan wordt een derde goedkeurende controleverklaring afgegeven bij deze nieuwe entiteit, waarin het aandelenpakket op 20 december 2012 voor ruim 34 miljoen netto vermogenswaarde op de balans verschijnt. Hetzelfde aandelenbezit waar de Koninklijke Vereniging in den beginne 12,5 miljoen voor in de ‘goededoelenpot’ kreeg bijgeschreven. Voor nu is het te vroeg om tot ferme conclusies en oordelen te komen over de kwaliteit van de uitgevoerde accountantscontroles. Wel is het de hoogste tijd voor een groot aantal vragen over de transactie in zijn geheel en de rol van de accountant hierin. Waar ik niet gerust op ben is het feit dat de vereniging, die dan wel ouderwetse en niet up to date grondslagen toepast, juist het actuele voorbeeld laat zien van het belang van de publieke taak van de onafhankelijke accountant — inclusief zijn maatschappelijke relevantie. Want ik kan me voorstellen dat de leden die nog in leven zijn, inmiddels hoogbejaard, niet helemaal op de radar hebben wat de vereniging daadwerkelijk in bezit had. En daarom is er juist de accountant, die up to date en onafhankelijk de belangen van in dit geval de vereniging bewaakt. En dan ligt er de vraag of de leden het bezit wel in de uitverkoop wilden doen.

Martine Frijlink is voormalig bestuurslid en partner bij accountantskantoor KPMG.

Hester Bais: Graaicultuur

Het eerste dat mij opvalt bij het bestuderen van de verschillende jaarrekeningen, is dat deze allemaal dezelfde accountant hebben en dat deze accountant verschillende waarderingen hanteert met betrekking tot de waarde van de over te dragen aandelen.

Als je de publiciteit rond deze aandelenoverdracht bekijkt, lijkt het alsof de vereniging haar focus gaat verleggen naar het goededoelenfonds. Dat goededoelenfonds is eind 2012 echter nog helemaal niet opgericht en het is duidelijk dat dit zogenaamde ‘aanmoedigingsfonds’ is opgericht om de daadwerkelijke bedoeling van de transactie te verhullen. Uit de jaarrekeningen blijkt namelijk dat de verkregen koopsom van de aandelen die de vereniging aan dit fonds schenkt, al bijna net zo groot is als de ingehouden winst in de onderneming die de vereniging overdraagt aan de bestuurders van die onderneming. Zou het dus daadwerkelijk om het goede doel gaan, dan had de onderneming gewoon de winst jaarlijks kunnen uitkeren aan de vereniging.

Het wordt echter nog verwerpelijker nu blijkt dat de ingehouden winst aan de nieuwe aandeelhouders wordt uitgekeerd ter financiering van de aankoop van deze aandelen. De vereniging verkoopt de aandelen tegen een te lage prijs en schenkt daarmee de niet betaalde waarde aan de nieuwe aandeelhouders. Nu de vereniging haar langste tijd lijkt te hebben gehad, zijn de heren klaarblijkelijk van oordeel dat zij persoonlijk recht hebben op de door de vereniging opgerichte onderneming. Het goededoelenfonds heeft inmiddels het geld gekregen en ik verwacht dat de vereniging binnenkort zal worden opgeheven, nu Keizer sinds kort ook bestuurder van de vereniging is. Het lijkt me dat zowel het bestuur van de vereniging als de bestuurders/nieuwe aandeelhouders in kwestie hier niet weg mee kunnen en mogen komen. Dit is geen liefdadigheid, dit is inhaligheid en hebzucht. Een treffend voorbeeld van de graaicultuur.

Hester Bais is advocaat financieel recht.

Roel Gooskens: Regelrechte diefstal

  • In het jaar van de overname (2012) bedroeg de gepubliceerde winst 2.9 mln euro. Deze winst werd gedrukt door buitensporig hoge directiebeloningen van in totaal 1,7 miljoen euro. Indien we 1 miljoen euro voor de vier bestuursleden voor een bedrijf van deze omvang als normaal beschouwen, stijgt de genormaliseerde winst over 2012 met 0,5 miljoen euro (0,75 x 0,7 mln euro) tot 3,4 miljoen euro.
  • De gepubliceerde winst over 2013 van 5,4 mln euro werd voor 1,3 mln positief beïnvloed door de verkoop van de verzekeringsactiviteiten en voor 0,7 mln negatief beïnvloed door de bovenmatige directiebeloning (1 mln voor belasting). De genormaliseerde winst bedroeg over 2013 ongeveer 4,8 mln euro.
  • De gepubliceerde winst over 2014 van 3,5 mln euro werd voor netto 0,8 mln euro negatief beinvloed door bovenmatige directiebeloningen. Derhalve bedroeg de genormaliseerde winst over 2014 ongeveer 4,4 mln euro.
  • Op basis van de waardering van uitvaartondernemingen in de Verenigde Staten (Carriage Services, Services Corp International, Hillenbrand en Matthews International) in de jaren 2012-14 waardeer ik de beheermaatschappij De Facultatieve ten tijde van de management buy out op ongeveer 60 miljoen euro. Deze waardering leunt op sector koers/winstverhoudingen van 16 (2012) 21,9(2013) en 20 (2014). Vervolgens heb ik een korting van 25% toegepast omdat de onderneming niet beursgenoteerd is.
  • De vrije kasstroom over 2013-2015 van ongeveer 16 miljoen euro onderbouwt mijn waardering van 60 miljoen euro.
  • Ten tijde van de management buy-out becijferden de nieuwe eigenaren hun voordeel al op 19 mln euro, zijnde het verschil tussen de verkrijgingsprijs van ruim 500.000 euro en het zichtbare eigen vermogen van 19,5 mln euro. Deze zichtbare eigenvermogenswaarde is geen goede weergave van de ondernemingswaarde omdat zij is gebaseerd op de historische prijzen die zijn betaald voor gebouwen en de grond van de kerkhoven. Gezien het vestzak/broekzak-karakter van deze transactie was een taxatierapport zeker geen overbodige luxe geweest.
  • Ondernemen is risico nemen. Wanneer je deze transactie positief bekijkt, is er echter sprake van risicoloos ondernemen. Kijk je er met een neutrale blik naar, dan is dit regelrechte diefstal.
  • Als de verkoop van BV Beheermaatschappij De Facultatieve op een nette manier had plaatsgevonden, was de opbrengstprijs 60 miljoen euro hoger geweest, welk bedrag aangewend had kunnen worden voor zinnige zaken in plaats van in de zakken te verdwijnen van rücksichtslose zelfverrijkers.  
  • Een en ander is gebaseerd op beperkte informatie. Een boekenonderzoek zou tot hogere of lagere waarden kunnen leiden.

Roel Gooskens is onafhankelijk analist.

Christiaan Vos: Paasei

Een ei is geen ei, twee ei een half ei, drie ei een paasei, moet de heer J.M.H.J. Keizer wel gedacht hebben toen hij in 2012 de aandelen in B.V. Beheermaatschappij ‘de Facultatieve’ liet kopen door de door hem gecontroleerde Facultatieve Groep BV. Bij deze aandelentransactie, een ogenschijnlijke viertrapsraket van zelfverrijking, zie ik ten eerste de schijn van belangenverstrengeling (Keizer was feitelijk tegelijkertijd én koper én adviseur van de verkoper), ten tweede zie ik een opvallend lage koopsom voor de gekochte aandelen, ten derde zie ik dat de koopsom aan de Vereniging betaald is uit meegekochte cash — een sigaar uit eigen doos dus — en ten vierde, zoals het een goed paasei betaamt, zie ik dat de verkochte aandelen in B.V. Beheermaatschappij ‘de Facultatieve’ diep verstopt zaten in de krochten van de jaarrekening van de verkopende vereniging De Facultatieve.

Om met dit laatste te beginnen: in 2011, het jaar vóór verkoop van de desbetreffende aandelen, worden in de jaarrekening van de vereniging de waardevolle aandelen in BV Beheermaatschappij De Facultatieve niet als bezitting op de balans getoond, maar zijn ze weggestopt onder het kopje ‘overige rechten en verplichtingen’ — een plek in de jaarrekening die doorgaans alleen gebruikt wordt om bijvoorbeeld de rechten en plichten uit een huurovereenkomst te benoemen. Onder dat kopje is het taalgebruik ook vaag. Zo wordt niet vermeld dat de vereniging eigenaar is van de aandelen; de informatievoorziening blijft beperkt tot de mededeling dat de Vereniging deze BV heeft opgericht en dat ze het stemrecht op de aandelen heeft. Ook wordt kort benoemd dat de intrinsieke waarde van de aandelen in BV Beheermaatschappij ‘de Facultatieve’ ultimo 2011 20.573.785 euro bedraagt.

Deze intrinsieke waarde hoeft niet gelijk te zijn aan de marktwaarde van de aandelen, maar het is wel de vraag waarom de desbetreffende aandelen dan voor maar 12.500.000 euro zijn verkocht. Eind 2012, net vóór de transactie, bedroeg de intrinsieke waarde van de verkochte aandelen 23.489.843 euro. Het verschil met de veel lagere koopsom van 12.500.000 euro bedraagt dan 10.989.843 euro.

Nu kan het zijn dat de waarde in het economisch verkeer, waar de koopsom op gebaseerd zou moeten zijn, lager is dan de intrinsieke waarde van de beheermaatschappij. Er kan sprake zijn van een waardedrukkende factor. Echter, in het bestuursverslag van de beheermaatschappij over 2012 wordt, hoewel er wat zorgen over de gevolgen van de kredietcrisis worden geuit, met tevredenheid gesproken over de winststijging van 46,1 procent en wordt verder uitsluitend in superlatieven over de toekomstige ontwikkeling van het bedrijf gesproken. Van enige waardedrukkende factor wordt geen melding gemaakt.

Het tegendeel lijkt juist het geval. Want, zo blijkt uit de jaarrekening 2012 van de kopende vennootschap De Facultatieve Groep B.V., het bestuur van deze vennootschap kent juist een waarde toe aan de zojuist gekochte aandelen in de beheermaatschappij die veel hoger is dan de intrinsieke waarde. In de jaarrekening 2012 wordt aan de onderneming van de beheermaatschappij een reële waarde toegekend van 34.120.408 euro, derhalve  21.620.408 euro méér dan de door de kopers betaalde koopsom van 12.500.000 euro.

Een lucky buy? Zou kunnen, maar de vraag is dan wel hoe de vereniging heeft kunnen besluiten de aandelen voor deze lagere prijs te verkopen en of het bestuur en de leden van de vereniging van dit waardeverschil op de hoogte waren. Het verstoppen van dit paasei in de jaarrekening van de vereniging speelt hier mogelijk een belangrijke rol in. Ik vraag me af hoeveel leden hebben geweten dat hun vereniging aandeelhouder was in een B.V. met een intrinsieke waarde van meer dan 23 miljoen euro. En zouden ze die dan voor 12,5 miljoen euro hebben verkocht? Natuurlijk niet.

Deze transactie heeft er alle schijn van goed doordacht en voorbereid te zijn, gestart met een hoogst ongebruikelijke presentatie van de verkochte aandelen in de jaarrekening. Zoiets is eigenlijk alleen maar denkbaar als er samengespannen is. Nu de directie van de verkochte B.V. gelijk is aan de aandeelhouders in de kopende B.V. en de belangrijkste aandeelhouder in de kopende B.V., de heer Keizer, tevens de belangrijkste adviseur van de verkopende vereniging was, is er genoeg aanleiding om kritische vragen over deze transactie te stellen. Ik moedig alle belanghebbenden in dezen hiertoe graag aan. Ook de belastinginspecteur, want als de heren zichzelf inderdaad een voordeel van ruim  21 miljoen euro hebben toegekend, dan vormt dat loon uit dienstbetrekking, belastbaar tegen 52%, te vermeerderen met een boete van 100%. De inspecteur heeft nog de rest van dit jaar de tijd om deze naheffingsaanslag van toch al gauw 22 miljoen euro op te leggen. Wie belt de kliklijn?

Christiaan Vos is fiscalist en heeft meer dan 25 jaar ervaring in de fusie- en overnamepraktijk.

Lees verder Inklappen

Niet te geloven

Ook in het tweede gesprek wil Keizer onder geen beding vertellen wat de hoogte van de overnamesom is geweest. Als hij wordt geconfronteerd met pagina 33 van de jaarrekeningen, waar het precieze bedrag staat en het enorme voordeel dat hem samen met zijn zakenpartners ten deel is gevallen, zwijgt hij secondenlang. ‘Dat verslag ken ik niet. Maar zelfs al zou ik het kennen, dan weet ik niet of ik er contractueel mededelingen over mag doen.’ Accountant Martine Frijlink vreest dat de leden, door de complexiteit van de transactie, niet goed op de hoogte zijn gebracht: ‘Want ik kan me voorstellen dat de leden die nog in leven zijn, inmiddels hoogbejaard, niet helemaal op de radar hebben wat de Vereniging daadwerkelijk in bezit had.’

Het voormalige bestuurslid Cartigny schiet in de lach als hij van ons hoort dat de Beheermaatschappij voor 12,5 miljoen euro is verkocht. ‘Dat bedrijf was ook in mijn tijd al veel meer waard.’ Hij begint nog harder te lachen als hij hoort dat van de koopsom 12 miljoen uit de pot dividenden afkomstig was en dat Keizer de koper is. ‘Dit is niet te geloven. Wie kan hier iets tegen doen?’

Keizer: ‘Ik weet hoe het is geweest, ik weet hoe het is gedaan en ik weet dat de vereniging er blij mee was. Even heel eerlijk: er is hier niemand genaaid, er is niemand tekort gedaan. Iedereen is gewoon hartstikke happy. Ik heb een 100 procent schoon geweten. En omdat ik voorzitter van de VVD ben, worden er mensen bij betrokken die er niets mee hebben te maken. Ik vind dat droevig.’

Lees ook op Follow the Money ook het uitgebreide politieke portret over VVD-partijvoorzitter Henry Keizer die binnen zijn eigen partij op handen wordt gedragen. VVD-voorzitter Henry Keizer: 'zacht van buiten, keihard van binnen'.

Tijdens de speurtocht naar details over de transactie waarmee VVD-voorzitter Henry Keizer ver onder de marktprijs het succesvolle crematieconcern ‘de Facultatieve’ verwierf, sloten deuren en werden telefoons niet meer opgenomen. Hier ons verhaal: 'U hoort van mij'.

 

Over de auteur

Kim van Keken

Gevolgd door 197 leden

Onderzoeker & straatrat. Struint het liefste Nederland door op zoek naar de mooiste verhalen. Controleert ook graag de macht.

Lees meer

Volg deze auteur
Over de auteur

Eric Smit

Gevolgd door 845 leden

Mede-oprichter van FTM. Als voormalig professioneel squasher gewend om klappen te incasseren en uit te delen.

Lees meer

Volg deze auteur
Dit artikel zit in het dossier

De zaak Henry Keizer

Gevolgd door 1725 leden

Voormalig VVD-partijvoorzitter Henry Keizer werd in 2012 voor een schijntje mede-eigenaar van een florerend miljoenenbedrijf....

Lees meer

Volg dossier

Dit artikel krijg je cadeau van Follow the Money.

Diepgravende onderzoeksjournalistiek kost tijd en geld. Steun ons en

word lid
Verbeteringen of aanvullingen?   Tip de auteurs Annuleren