© Robin Utrecht / ANP

De schade van ‘Het verraad van Anne Frank’

2 Connecties

Relaties

Proditione Media

Organisaties

NIOD
11 Bijdragen

‘The betrayal of Anne Frank’ was een hype nog voordat er een letter op papier stond. Het plan: met een onderzoeksteam onder leiding van een oud-FBI’er zoeken naar de verrader van de bewoners van het Achterhuis. Proditione Media bv, de productiemaatschappij achter het idee, haalde met luchtfietserij tonnen binnen aan voorschotten van Ambo Anthos en HarperCollins. ‘Ze hadden geen bewijs of expertise, ze schermden alleen met computertechniek.’

‘Een nachtmerrie,’ antwoordt literair agent Paul Sebes op de vraag wat hij vindt van het echec rond het nieuwste boek over Anne Frank. ‘Toen ’s ochtends de aankondiging van het boek op de voorpagina van alle kranten stond, dacht ik: “Shit! Wat heb ik over het hoofd gezien? Dit had ik wel willen hebben!”’

De man die de familie Frank aan de Duitsers had verraden was waarschijnlijk gevonden, claimde het boek, dat verslag deed van de naspeuringen van een cold case team. Het zou gaan om een joodse notaris (*) die de familie zou hebben verraden om zijn eigen leven te redden. Maar het bewijs – door het onderzoeksteam trots ‘met 85 procent zekerheid’ gepresenteerd – bleek flinterdun.

Sebes: ‘Nog diezelfde avond was het boek helemaal onderuit geschoffeld en was ik blij dat ik er niks mee te maken had. Ik zit nu dertig jaar in het boekenvak, maar zoiets heb ik nog nooit gezien. Nog los van de financiële schade is de reputatieschade voor alle betrokken uitgevers en agenten enorm. Voor iedereen die eraan heeft meegewerkt, tot de vertalers en publiciteitsmedewerkers aan toe, is dit heel triest.’

Het echec nam een aanvang in 2017. Drie mannen melden zich dat najaar bij het kantoor van het Anne Frank Fonds in Bazel. Dit fonds, niet te verwarren met de stichting in Amsterdam, beheert de rechten op het dagboek van Anne Frank en het archief van de familie Frank.

Yves Kugelmann, Anne Frank Fonds Bazel

Op de vraag wat ze zouden doen als ze de dader niet konden vinden, hadden ze geen antwoord

De bedenkers van het plan zijn de Nederlandse filmproducenten Thijs Bayens en Pieter van Twisk, en de Amerikaanse oud-FBI-agent Vince Pankoke. Ze zijn verheugd dat ze hun voorstel in Bazel mogen toelichten: het Anne Frank Fonds is voor hen een cruciale partij. Het driemanschap wil toegang tot de archieven van de familie Frank, in verband met een groots project: ze willen de verrader van de onderduikers in het Achterhuis vinden.

En ze hebben nog een wens: wil het fonds, dat de nalatenschap van Anne en de familie vertegenwoordigt, zijn naam verbinden aan hun initiatief? Het bestuur luistert geïnteresseerd naar de pitch. Het moet een zoektocht worden die steunt op de nieuwste computertechnieken, en die vastgelegd wordt op film, leggen de drie uit. De naam van streamingdienst Netflix valt.

Het Anne Frank Fonds staat bekend als een lastige partij. ‘Er zijn historische namen waarbij je als agent of uitgever altijd extra op je hoede moet zijn, vanwege de rechtenhouders en archiefbeheerders,’ vertelt een kenner. ‘Dat geldt voor Anne Frank, maar ook voor Johan Cruijff en Vincent van Gogh. Of de rechtenhouders willen niks, of ze willen een enorm bedrag. Dat snap ik ook wel, die namen zijn zo bekend, dat zijn een soort merknamen geworden. Dan moet je er bovenop zitten, anders gaat Jan en alleman ermee aan de haal.’

Het Zwitserse Anne Frank Fonds heeft niets tegen commerciële onderzoeksprojecten, zegt bestuurder Yves Kugelmann, als het onderzoek maar van academische kwaliteit is. Tijdens het gesprek in Bazel is de sfeer gemoedelijk, een bord broodjes wordt nog maar eens doorgegeven. Maar dat verandert zodra het bestuur de naam van het project wil weten. ‘A Cold Case Diary: Anne Frank,’ antwoordt Bayens. Het wordt stil in het vergaderzaaltje. Waarom die werktitel, vraagt Kugelmann aan het driemanschap

Dat was het moment waarop de façade afbrokkelde, memoreert Kugelmann in een gesprek met Follow the Money. ‘Er viel een stilte. Ze konden niet uitleggen waarom het niet Cold case Prinsengracht of Cold case familie Frank zou kunnen heten. En op de vraag wat ze zouden doen als ze de dader niet konden vinden, hadden ze geen antwoord.’

Miljoenen boeken

En dan was er voormalig FBI’er Pankoke, die aan de Zwitsers wordt gepresenteerd als de leider van het onderzoek: hij spreekt geen Nederlands en was in zijn FBI-tijd gespecialiseerd in Zuid-Amerikaanse drugskartels. Hoe kan deze man zoeken in Nederlandstalige archieven, en zonder enige inhoudelijke kennis over de Holocaust of over Nederland leiding geven aan zo’n team, vraagt het bestuur zich af.

‘Het was ons duidelijk dat het hier om een puur commercieel project ging’

Het Anne Frank Fonds wijst na dit gesprek iedere samenwerking af. Kugelmann: ‘Ze hadden geen bewijs of expertise, ze schermden alleen met computertechniek. Het was ons duidelijk dat het hier om een puur commercieel project ging.’ De drie hebben zelf een heel andere lezing. In het boek dat later zal verschijnen, wekken ze de suggestie dat het Fonds iets te verbergen zou hebben.

Luc Gerrits, die met Bayens en Van Twisk voor dit project het productiebedrijf Proditione Media opzette, ontkent dat het een ‘puur commercieel’ idee was. Gerrits is oud-politieman en tegenwoordig ondernemer in de kledingbranche. Hij deed de financiën van het project. ‘Zo eens in de twee weken kwam ik langs om de administratie te doen,’ zegt hij tegen Follow the Money. ‘Ik heb het nooit het idee gehad dat het doel was om miljoenen boeken te verkopen, of om mensen naar de bioscoop of Netflix te trekken. Het idee was om antwoorden te zoeken voor onduidelijkheden die nog bestonden. En om uit te zoeken hoe het is om te leven als je de buren, de politie en de overheid niet kunt vertrouwen. Dat commerciële belang waar nu zo op gehamerd wordt, was er naar mijn gevoel niet.’

Wie is wie?
  • Anne Frank Fonds, Bazel: beheert de erfenis van de familie Frank en het archief van Otto Frank, Annes vader.
  • Stichting Anne Frank, Amsterdam: de beheerder van het Anne Frank Huis.
  • Gerard Aalders: oud-medewerker van het NIOD, die door Proditione als ‘extern deskundige’ wordt opgevoerd.
  • Thijs Bayens: filmproducent en grootaandeelhouder van Proditione Media.
  • Arnold van den Bergh: de notaris van kunsthandelaar Jacques Goudstikker. Van den Bergh wordt in het boek aangewezen als de verrader van de onderduikers in het Achterhuis.
  • Pim van Collem: eigenaar van een media-distributiebedrijf, en aandeelhouder van Proditione Media.
  • Luc Gerrits: oud-politieman en aandeelhouder van Proditione Media.
  • Yves Kugelmann: bestuurder van het Anne Frank Fonds in Bazel.
  • Vince Pankoke: voormalig FBI-agent, leider van het cold case team.
  • Pieter van Twisk: filmproducent en grootaandeelhouder van Proditione Media.
Lees verder Inklappen

Wieke van der Kley, die in diverse functies van mei 2018 tot juni 2020 bij het project betrokken was, onderschrijft dat. ‘Ik heb het onderzoek altijd als integer ervaren. In mijn ogen is er nooit een heel commerciële mediastrategie geweest. Dat was ook niet het doel. Het ging om een mooi interdisciplinair onderzoek naar de verrader van de onderduikers in het Achterhuis. We vonden het juist belangrijk niet alleen op Anne Frank te focussen.’

Kugelmann gelooft dat niet. Hij wijst erop dat Proditione begin oktober 2017, kort na de afwijzing door het Anne Frank Fonds, met veel bombarie een persbericht over het project rondstuurde. Daarin rept het bedrijf over het plan om met ‘big data’, ‘kunstmatige intelligentie’ en ‘cold case technieken’ op zoek te zullen gaan naar de verrader van Anne Frank.

‘Hoe kun je zoiets aankondigen als je niks hebt?’ zegt Kugelmann aan de telefoon. CNN besteedt ruimschoots aandacht aan het persbericht waarmee de onderzoekers naar buiten treden. ‘Een multidisciplinair cold case onderzoeksteam, twintig man sterk, bestaand uit politieonderzoekers, data-analisten, profilers, historici en criminologen’ onder leiding van oud-FBI'er Pankoke, ronkt de nieuwszender. ‘Ook zijn de experts op zoek naar tips van burgers, en gebruiken ze acteurs om eerder verkregen getuigenverklaringen na te spelen.’

Tegelijk met het artikel van CNN verschijnt op de website van het project een donatieformulier. ‘Your support is vital to help solve the case. To remain independent and impartial, we rely on funding from a wide variety of sources.’ Geïnteresseerden kunnen een bedrag tussen tien en duizend euro doneren; wie meer dan honderd euro geeft, krijgt later gratis toegang tot het eindproduct. Wat dat eindproduct uiteindelijk gaat worden – een boek, podcast of een tentoonstelling – moet nog worden besloten, staat erbij.

Op zoek naar de verrader

Het idee om met nieuwe technieken de verrader van de onderduikers in het Achterhuis op te sporen komt van Bayens, vertelt Gerrits. Bayens betrekt in eerste instantie naast Gerrits twee collega’s uit de tv- en filmwereld bij het project, Pieter van Twisk, die voor hij producent werd chef ‘content’ bij KPN was, en Pim van Collem. De vier richten in februari 2017 een bedrijf op, Proditione Media. Bayens en Van Twisk krijgen ieder 45 procent van de aandelen toebedeeld, Van Collem 7,5 procent en Gerrits 2,5 procent, zo blijkt uit de oprichtingsstatuten.

De vier gaan als eerste op zoek naar een gezicht voor het onderzoeksproject. Gerrits vraagt rond bij oud-collega’s van de politie of iemand een geschikte speurneus kent. ‘Eén van hen had ooit les gehad van Pankoke,’ vertelt Gerrits.

‘Hun plan was vanaf het begin het maken van een documentaire’

Dat het de vier niet zozeer om een boek gaat, maar vooral om een film- en/of tv-productie, en in de verre toekomst wellicht een toneelstuk, blijkt uit de bedrijfsomschrijving: ‘Produceren van films of het doen laten produceren van films, het verkopen of doen laten verkopen van formats, pilots en producties, het produceren ten behoeve van televisie en theater en het produceren ten behoeve van internet producties.’

Dat verklaart de betrokkenheid van Van Collem, zoon van de vermaarde filmjournalist Simon van Collem. Hij is eigenaar van het Zandvoortse bedrijf Dutch Features Global Entertainment, onder andere distributeur van de tv-serie Mocro Maffia. ‘Thijs Bayens is een vriend van mij,’ vertelt hij bij navraag. ‘Ik heb hem vanuit mijn expertise geholpen. Hun plan was vanaf het begin het maken van een documentaire. Ik gaf advies over hoe het distribueren van een film werkt in de VS.’

Kreeg Van Collem alleen voor die adviezen 7,5 procent van het bedrijf? ‘We hebben gekeken of wij distributeur konden worden van het project. Dat was niet het geval. Waarom dat niet zo was, ga ik niet vertellen, dat is niet belangrijk. Inmiddels heb ik nog maar 1 procent van de aandelen, de rest heb ik overgedragen. Van de deals en de subsidies weet ik verder niets, ik heb niet in het team gezeten.’

Een ton subsidie

Het duurt na de oprichting van het bedrijf nog ongeveer een jaar voor de financiering van het project tot stand komt. De crowdfunding die Proditione opzet na het persbericht dat CNN haalde, leverde maar weinig op, zegt Gerrits. ‘We gingen op zoek naar andere kanalen. Subsidies en enkele investeerders.’ Daarmee boeken ze succes. Wie die investeerders zijn, wil Gerrits niet zeggen. Van wie de subsidie komt is wel bekend: de gemeente Amsterdam.

In de subsidieaanvraag staan ronkende teksten over de ‘gelauwerde FBI-agent Vince Pankoke’ die ‘een select gezelschap van politieonderzoekers en vooraanstaande historici’ leidt, ‘en hierbij steun [krijgt] van een groot aantal internationale instellingen en organisaties’.

Onder meer het NIOD, de Nationale Politie en het Anne Frank Huis committeren zich aan de productiemaatschappij en leveren experts die met het team zullen meedenken. Althans, dat schrijft Proditione Media in de subsidieaanvraag voor de gemeente Amsterdam. Lang niet alle in de aanvraag opgevoerde betrokkenen waren zich ervan bewust dat ze, nadat ze met de producent gesproken hadden, in het cold case team bleken te zitten, of dat hun namen werden gebruikt bij het ophalen van geld, aldus het Nieuw Israëlietisch Weekblad. Van Twisk bestrijdt dat in een interview met Trouw.

Maar bij het NIOD en het Anne Frank Huis is het cold case team wel welkom. Pankoke kwam zelfs vriendschappelijk over de vloer bij enkele medewerkers van die instellingen. Dat is niet zo raar, want Pankoke blijkt een heel aardige man, bevestigt Gerard Aalders, voorheen medewerker van het NIOD, tegenwoordig vooral bekend om zijn historische boeken over prins Bernhard. ‘Ik heb een paar keer bier met hem gedronken. Hij was zeer geïnteresseerd in de materie.’

Gerard Aalders, oud-medewerker NIOD

Ik heb een paar stukjes in het boek gelezen, ik had het zo niet opgeschreven

Aalders wordt in het boek opgevoerd als ‘externe deskundige’. Als specialist in de zaak-Goudstikker beschikt Aalders over veel documenten over Arnold van den Bergh, de notaris van kunsthandelaar Jacques Goudstikker. Van den Bergh wordt in het boek aangewezen als de verrader van de onderduikers in het Achterhuis.

Net als veel andere opgevoerde Nederlandse historici nuanceert Aalders zijn betrokkenheid. ‘Ik ken Bayens, ik had er daarom geen probleem mee een van zijn medewerkers toegang te verschaffen tot mijn archief. En ik heb ze gewaarschuwd dat er veel roddel en achterklap staat in de archieven van het Bureau Nationale Veiligheid en van Bijzondere Rechtspleging van kort na de oorlog. Iedereen met een hekel aan zijn buren beschuldigde die ervan NSB’er of verrader te zijn geweest. Dat advies hebben ze in de wind geslagen. Ik heb een paar stukjes in het boek gelezen, ik had het zo niet opgeschreven.’ 

De gemeente gaat akkoord met de aanvraag, en stelt 100 duizend euro beschikbaar. Daarnaast reserveert de gemeente alvast 40 duizend euro voor een tentoonstelling in het Stadsarchief. Het cold case team kan aan de slag. Hun ambitie is om op 4 augustus 2019, 75 jaar nadat de bewoners van het Achterhuis werden afgevoerd en krap twee jaar nadat het project aan de media werd gepresenteerd, met de resultaten naar buiten te komen.

‘Het kon heel groot worden’

De documentaire over de zoektocht zou uit tien delen bestaan. De eerste beelden voor de trailer, waarmee de serie aan de man moest worden gebracht, zijn al in januari 2017 gemaakt. Daarnaast zijn er plannen voor een boek, een podcast en een tentoonstelling – waarvan de rechten afzonderlijk te koop kunnen worden aangeboden. Idealiter gaan de filmrechten naar een grote streamingdienst en de boekrechten naar een grote uitgeverij.

Een boek is een logisch eerste product, dus beginnen de mannen van Proditione daar mee. Nadat het Zwitserse Anne Frank Fonds ze de deur heeft gewezen, gaan ze de Nederlandse uitgeverijen langs. ‘We hebben er serieus naar gekeken, hoewel ze meteen een ton vroegen,’ vertelt een grote uitgever op voorwaarde van anonimiteit. Een ton is uitzonderlijk hoog. Dat soort bedragen besteden Nederlandse uitgevers bijna alleen aan de rechten op internationale mega-bestsellers in meerdere delen, zoals Vijftig tinten Grijs of De zeven zussen.

‘Toen we na de pitch belden met het Anne Frank Fonds bleek dat de onderzoekers hun archief niet in mochten,’ vervolgt de uitgever. ‘Dat er ook geen enkele Nederlandse Anne Frank-deskundige bij betrokken was, terwijl er hier toch genoeg zijn, stoorde ons ook.’

Een andere uitgever – ook die blijft liever anoniem – verwees het plan direct naar de prullenbak. ‘De combinatie “Anne Frank” en “cold case” vond ik nogal ongepast. Ze hadden ook een begeleidende video, en een heel gelikte website. Het plan was het onderzoek te presenteren op de “anniversary” van de arrestatie van de familie Frank. Het maakte een buitengewoon smakeloze indruk.’

Henk ter Borg, in 2018 uitgever non-fictie bij Nieuw-Amsterdam, herinnert zich dat hij het voorstel ‘overdreven, bijna kinderachtig’ vond. ‘Wat moet een FBI’er in dit onderzoek, terwijl er in Nederland zo veel deskundigheid is?’ Maar de opwinding in uitgeversland verbaast hem niet: de FBI, een oud mysterie dat nooit is opgelost, een samenwerkingsverband vol prominente clubs – het zijn aantrekkelijke elementen voor een verhaal.

Oud-uitgever Henk ter Borg

Ze zijn voor een fikse commerciële klapper gegaan. Betreurenswaardig.

Uiteindelijk zijn er toch partijen die happen. Als eerste literair agent Marianne Schönbach. 'Toen Thijs Bayens en Pieter van Twisk mij benaderden over de mogelijkheid om hier een boek van te maken, wist ik gelijk dat het heel groot kon worden,’ vertelde Schönbach in 2018 aan het Boekblad. ‘In het najaar 2017 kreeg dit onderzoek al aandacht van media over de hele wereld, van CNN tot aan Japanse media. Maar toen ik, zoals iedereen die hierbij is betrokken, een geheimhoudingsverklaring had ondertekend – heel pittig in dit geval – en een aantal documenten mocht zien, wist ik het zeker. Dit team haalt totaal nieuwe informatie boven tafel, met een echt andere kijk op de geschiedenis.’

‘Wij stuurden daags voor de boekenbeurs in Londen alle uitgevers die wij wereldwijd kennen een information sheet,’ vervolgt Schönbach. ‘Daar stond alleen maar in dat uitgevers hun interesse kenbaar konden maken. Binnen vijftien minuten hadden we de eerste aanvraag. Ook uit Nederland, en nog dezelfde dag haalde Ambo Anthos – een fantastische uitgeverij voor dit boek – het project met een pre-empt van tafel.’ Meerdere bronnen spreken van een bedrag rond de 150 duizend euro.

Het voorstel krijgt daarna vleugels op de London Book Fair, in het voorjaar van 2018. Geïnteresseerden mogen het voorstel bekijken wanneer ze een geheimhoudingsverklaring tekenen. Zeker 130 mensen wilden weten wat Schönbach in de aanbieding had.

Uiteindelijk doet de Amerikaanse uitgeverij HarperCollins net als Ambo Anthos een knock-out bod, volgens bronnen vier à vijf ton. Hiermee verwerft de uitgeverij de wereldrechten, op Nederland, Servië en Hongarije na, waar uitgevers al eerder de rechten voor hun taalgebied verwierven.

‘Het is een waanzinnig risico geweest,’ zegt de inmiddels gepensioneerde Henk ter Borg van Nieuw-Amsterdam. ‘Voor de literair agent, de club rond Van Twisk en voor de uitgeverijen; ze zijn voor een fikse commerciële klapper gegaan. Betreurenswaardig.’

In de stal van HarperCollins – dat tot de vijf grootste uitgevers in het Engelse taalgebied wordt gerekend – wordt een auteur gevonden die het verhaal van de zoektocht naar de verrader van de onderduikers zal schrijven: Rosemary Sullivan. Deze Canadese auteur heeft weliswaar een rijk oeuvre, maar is niet gespecialiseerd in de Tweede Wereldoorlog. Het auteursrecht komt deels bij haar en deels bij Proditione te liggen. Welk aandeel van de royalties naar Sullivan gaat en welk deel naar Proditione is niet bekend gemaakt. 

‘85 procent zekerheid’ 

Het op papier spectaculair ogende onderzoek levert niet veel op, getuige het eindresultaat. Volgens een betrokkene is er niet zoveel gedaan met ‘big data’. De ‘kunstmatige intelligentie’ was verzorgd door een softwarehuis, Xomnia, dat maar kort betrokken was, aldus deze bron. ‘Het onderzoek was zo grootschalig en zo groot aangekondigd, dat het lastig was om dat waar te maken. Als een wonder hebben ze nog een boekendeal gekregen.’

Volgens Xomnia zelf waren ze gedurende anderhalf jaar betrokken. In 2019 is het project volgens hen overgedragen aan Microsoft, dat documenten doorzoekbaar maakte en in het Engels vertaalde.

Dat de onderzoekers iemand aanwijzen die ‘met 85 procent zekerheid’ de verrader is, vond historisch onderlegd Nederland onbegrijpelijk. ‘Zo werkt het natuurlijk niet,’ zegt historicus Gerard Aalders. ‘Of je weet het voor 99,9 procent zeker, of je schrijft het niet op. Een historisch onderzoek is iets anders dan een politieonderzoek.’

‘Het team beziet de zaak te veel vanuit de hedendaagse logica, in plaats van die van direct na de oorlog’

Van Twisk en Pankoke bestrijden dat nog steeds. In een verklaring die zij donderdagavond op de website van het project hebben gezet, stellen ze dat hun opsporingsbenadering precies is wat deze studie tot een waardevolle aanvulling op bestaand materiaal maakt. ‘Niet [is] gekozen voor een historisch wetenschappelijke benadering, maar een opsporings benadering. Opsporingswerk omvat een grondig en systematisch onderzoek naar iets specifieks. [..] Om het onderzoek langs een wetenschappelijke meetlat te leggen en op die grond te veroordelen is dus onjuist.’

Daarnaast trachten Van Twisk en Pankoke de kritiek te weerleggen op hun interpretatie van de bronnen die ze hebben gebruikt voor de ‘gerede verdenking’ tegen notaris Van den Bergh.

Aalders is niet onder de indruk. ‘Een belangrijk punt in hun verklaring is het ‘anonieme briefje’. Volgens het cold case team is het feit dat de anonieme aanklacht tegen Van den Bergh eind 1945 is geschreven, een goede aanwijzing dat die beschuldiging waarschijnlijk niet is verzonnen. Dat zou anders zijn geweest als het briefje eind jaren vijftig was geschreven, toen iedereen wist wie Anne Frank was. Maar volgens Aalders werden in 1945 juist veel van zulke aanklachten geschreven over veel mensen, voor het merendeel vals. ‘Het team beziet de zaak te veel vanuit de hedendaagse logica, in plaats van die van direct na de oorlog,’ stelt Aalders vast.

Al snel na publicatie van het boek stort het kaartenhuis in elkaar. Historici branden het boek af, en mensen die zijn opgevoerd als ondersteuner van de subsidieaanvraag of als extern expert in het boek, laten weten dat ze niets met het onderzoek te maken hadden of hebben. De directe schade daarvan loopt in de tonnen, vooral voor de uitgevers.

De schade

Proditione heeft nog geen jaarrekeningen over 2019 en 2020 gepubliceerd, dus over hun financiën in die jaren valt weinig te zeggen. Volgens de jaarrekening van 2018 kwam er dat jaar zo’n 5,5 ton euro op de balans bij. ‘Dat was de activatie van de rechten,’ legt Gerrits uit. ‘Een inschatting van ons wat die rechten in eerste instantie waard zouden kunnen zijn.’

Er kwam volgens onze bronnen inderdaad van Ambo Anthos en HarperCollins zo’n 5,5 ton aan voorschotten binnen. Een agent krijgt doorgaans 10 procent van de verkoop van de publicatierechten. Schönbach zou dan rond de 55 duizend euro hebben verdiend aan de voorschotten; dan resteert een half miljoen voor Proditione. ‘Niemand is rijk geworden van dit onderzoek, alles is in het project gaan zitten,’ aldus Van Twisk in Trouw.

Het ziet er niet naar uit dat de uitgevers die voorschotten zullen terug verdienen. Die voorschotten zijn niet-terugvorderbaar, alleen verrekenbaar met de latere opbrengsten voor de auteurs. Het auteursdeel van de opbrengst van een boek begint doorgaans bij 10 procent, en ‘staffelt’ omhoog bij meer verkochte exemplaren. In Nederland geldt meestal dat bij de verkoop van meer dan 100 duizend boeken het auteursdeel tot 17,5 procent stijgt. ‘Het boek heeft één week op de vierde plek gestaan in De Bestseller 60,’ legt Paul Sebes uit. ‘Dan moet je in de huidige markt denken aan 2000 à 3000 boeken in een week.’

Als we uitgaan van 2.500 verkochte boeken, levert dat Ambo Anthos bruto zo’n 26 duizend euro op – ver verwijderd van anderhalve ton. Ambo Anthos heeft besloten het boek niet te zullen herdrukken.

Inmiddels roept de European Jewish Congress HarperCollins publiekelijk op te stoppen met de verkoop

De Engelse versie van het boek haalde Amazons bestseller-lijst. Dat staat volgens Sebes voor vele duizenden verkochte exemplaren, mogelijk zelfs tienduizenden. Maar ook dat is niet genoeg om vier ton te compenseren. Inmiddels roept de European Jewish Congress HarperCollins publiekelijk op te stoppen met de verkoop. De dochter van HarperCollins in Duitsland, een van de grotere boekenmarkten, overweegt het boek niet uit te geven. De publicatie daar stond gepland voor maart.

Waarschijnlijk staat niemand nu te springen om een documentaireserie, dus de filmrechten lijken nog weinig waard. Had het boek wel hout gesneden, dan waren de rechten zeker tonnen waard geweest, denkt een Nederlandse filmproducent. ‘Voor een documentairereeks die je wereldwijd kunt vertonen, is voor Netflix of Amazon Prime een budget van 6 miljoen dollar geen probleem. Gebruikelijk is dat de rechtenhouders 10 procent krijgen van zo’n budget, maar als je echt iets heel bijzonders hebt, is een miljoen niet raar.’

Volgens Yves Kugelmann van het Zwitserse Anne Frank Fonds is de grootste schade immaterieel, en zal het nog jaren kosten om die te herstellen. 'In de internationale pers is het een ramp.’ Zo kopte de Britse krant The Daily Mail: ‘Anne Frank was betrayed by a JEWISH notary’. Volgens Kugelmann zijn de rammelende conclusies van het onderzoeksteam koren op de molen van antisemieten en complotdenkers en ondermijnt de publiciteit die het cold case-team aanvankelijk ten deel viel, het vertrouwen in de media.

Volgens Kugelmann doen de Nederlandse instituten die hun fiat aan het plan gaven, er goed aan eens kritisch naar zichzelf te kijken. ‘Deze onderzoekers hebben gesold met notaris Van den Bergh, Anne Frank, haar familie en de andere onderduikers. Dit is niet hoe je hier op een historische manier, en met respect, mee om kan gaan.’

Met medewerking van Jan Daalder.