© ANP / Bart Maat

Alom lof voor minister Edith Schippers, zo rond de laatste Prinsjesdag van haar ambtstermijn als minister van Volksgezondheid. Ze wist ruim tien miljard euro te bezuinigen op de zorg. Maar die kostenbesparing voor het Rijk blijkt een lastenverzwaring waarvoor u pas over een paar jaar de volledige rekening betaalt. Een analyse.

‘Wat een geweldige kans om nou eens te laten zien hoe de Nederlandse gezondheidszorg in ons eigen land stelselmatig wordt onderschat,’ sprak Edith Schippers begin september in de Rode Hoed tijdens haar HJ Schoo-lezing. ‘Wat een kans om te vertellen hoe we er na jaren waarin de uitgaven alleen maar opliepen, nu in slagen de kosten te beheersen.’

Maar die prachtige kans ‘om de mythes te ontkrachten door de feiten te laten spreken’ liet Schippers tijdens de lezing aan zich voorbij gaan — tot grote teleurstelling van de aanwezige zorgredactie van Follow the Money, die al met gescherpte pen klaar zat om het vermeende goede nieuws van kritiek te voorzien.

Ook zonder het thema van de Schoo-lezing te zijn, echoot dit ‘goede nieuws’ volop door in de vaderlandse media. Het gaat goed met de zorg, want minister Schippers heeft de stijgende zorgkosten weten te beteugelen. In de beleidsnota kon worden opgemerkt dat de groei van de zorgkosten dankzij het kabinetsbeleid 'onder controle' is — er komen zelfs 500 miljoen aan bezuinigingen in de langdurige zorg te vervallen. 

Is het nieuwe zorgstelsel zich dan eindelijk aan het bewijzen?

‘De uitgavengroei is structureel met bijna twaalf miljard euro per jaar ingeperkt,’ juichte ING in het twee weken geleden uitgebrachte rapport ‘Snoeien om te Groeien’. De uitgaven zijn eindelijk onder controle, stelt dit rapport. ‘Het kabinet heeft de groei van de zorguitgaven in de vijf jaar na 2010 tot 1,3% per jaar weten terug te brengen. Daarmee heeft Nederland harder op de rem getrapt dan de andere landen.’ ING legt ook uit hoe er op de rem werd getrapt: akkoorden over kostenbeheersing met de sector en budgetplafonds, verhoging van het verplichte eigen risico en eigen betalingen en een besparing op de risicovereveningssubsidie voor zorgverzekeraars. 

De succesvolle bezuinigingsactie nodigt uit tot een nadere beschouwing. Is het nieuwe zorgstelsel zich dan eindelijk aan het bewijzen? En plukken burgers, ziek en gezond, ook de vruchten van die besparingen?

Dure privatisering betaalde zichzelf niet terug

De bezuinigingen in de zorg waren anno 2010 — het jaar waarin er voor het eerst over de grote snoei gepraat werd — hard nodig.  Niet alleen had Nederland in zijn geheel te maken gehad met de economische crisis, directe aanleiding voor een groot pakket aan ‘ombuigingen,’ ook waren de zorgkosten in de jaren daarvoor enorm uit de pan gerezen. Dat is onomstreden. Het nieuwe, verzakelijkte zorgstelsel kent namelijk een aantal dure elementen die in publieke stelsels geen rol spelen. Zoals het DBC-systeem, waarmee zorg in ‘producten’ werd vervat. Dat is duur op zichzelf, maar ook het ‘boter bij de vis’-principe, dat in 2001 al werd geïntroduceerd om de wachtlijsten aan te pakken, maakte de zorg duurder. De prikkel om meer zorg te leveren leidde namelijk tot meer behandelingen. Ook het oprichten van de eigen marktautoriteit Nederlandse Zorgautoriteit — die bovendien toeziet op een heel meet- en controleerapparaat waarmee de markt in bedwang gehouden moet worden — kost geld. Daarnaast zijn er nog de praktische kosten die het stelsel met zich meebrengt, zoals administratieve lasten, noodzakelijke reserves en hogere financieringskosten.

Dat de overheid in theorie zelf niet meer zelf aan de knoppen draait, maar een tussenpersoon in de vorm van de zorgverzekeraar nu ‘geprikkeld’ moet worden om diezelfde knoppen op een maatschappelijk acceptabele manier te bewegen, kost nu eenmaal meer geld. Tussen 2006 en 2010 groeiden de zorguitgaven dan ook veel harder dan in vergelijkbare landen, laat ING zien. 

De investering in dat dure zorgstelsel zou zich dus moeten terugbetalen. In de kwaliteit van de zorg, maar ook in geld: de rechtvaardiging voor alle extra kosten is tot op heden dat concurrerende zorgverzekeraars op termijn zoveel efficiëntie zullen afdwingen in de zorg dat het niet duurder is dan een publiek stelsel. Dat is echter niet gebeurd. De twaalf miljard verdwenen niet doordat concurrerende verzekeraars lagere prijzen wisten te bedingen bij zorgverleners. In plaats daarvan werd het leeuwendeel van de bezuiniging gehaald uit pure overheidsmaatregelen: akkoorden over maximale groei, met budgetplafonds en het besluit om het eigen risico fors te verhogen.

Sigaar uit eigen doos

Van alle Nederlanders samen levert dat eigen risico inmiddels ruim 3,2 miljard euro op. Het steeg van 170 euro in 2011 tot 385 euro dit jaar. Dat mag dan een forse besparing opleveren voor de Rijksbegroting, het is allerminst een bezuiniging voor de burger — de zieke burger welteverstaan. Die betaalt namelijk de rekening na een doktersbezoek. Of de eigen bijdrage aan de gemeente wanneer men hulpbehoevend wordt. Zoals De Groene Amsterdammer vorige week analyseerde in een uitgebreid artikel over de effecten van de bezuinigingen, is dit simpelweg een verschuiving van de kosten. Niks besparing dus.

Maar daarnaast heeft het hoge eigen risico ook daadwerkelijk effect op de zorgkosten: het ‘remeffect,’ hetgeen betekent dat mensen minder zorg gebruiken naarmate het eigen risico hoger is. Het CPB berekende dat bij een eigen risico van 405 euro per verzekerde zo'n 47 euro aan zorgkosten bespaard wordt door dat remeffect. Dat levert met ons eigen risico van 385 euro momenteel circa een half miljard euro op. Geld dat in feite bespaard wordt doordat mensen zorg mijden.

Het eigen risico levert ons momenteel circa een half miljard euro op doordat mensen zorg mijden

Dat is een gevoelig probleem in de politiek. Vorige week nog stelde de ChristenUnie er vragen over naar aanleiding van een onderzoek dat TNS Nipo uitvoerde in opdracht van zorgverzekeraar VGZ. 10 procent van de Nederlanders zou om financiële redenen zorg mijden. Eerder al trokken huisartsen daarover aan de bel. In haar antwoord noemt de minister het onderzoek echter ‘onbetrouwbaar’ en verwijst ze naar een onderzoek van Nivel waartoe zij zelf opdracht gaf; daar staat in dat het om slechts 3 procent zou gaan.

Hoe dan ook: het remeffect is reëel, en dat merkten ook zorgverzekeraars de afgelopen jaren, zo beschreef Follow the Money eind 2014 al. Daarmee betalen burgers ook een deel van de bezuinigingen, maar nu door juist bij de dokter weg te blijven. Of door een doorverwijzing van de huisarts niet op te volgen, zoals volgens het onderzoek van de minister inmiddels zo‘n 27 procent van de patiënten doet. Het is nog maar de vraag of dat uiteindelijk wel een besparing blijkt. Een deel van de klachten zal zonder zorg ook verdwijnen; dat is een echte besparing. Maar het risico is groot dat het deel van de klachten waarmee mensen door blijven lopen, juist verergert en in de toekomst niet alleen alsnog zal leiden tot kosten, maar ook nog eens tot hogere kosten. 

Langetermijneffect 

De bulk van de kostenverlaging die door VWS is behaald, werd met budgetplafonds bereikt. Niet de zorgverzekeraars — die geen baat hebben bij een lagere omzet — maar de minister nam uiteindelijk het initiatief voor deze maatregel, die leidde tot akkoorden met alle deelsectoren binnen de zorg. Waar de groei-afspraken toch overschreden worden, kan de minister alsnog een afschrikwekkende stok tevoorschijn toveren om hard mee te slaan: het Macrobeheersinstrument. Dat is net zo streng als het klinkt: het houdt in dat bijvoorbeeld alle ziekenhuizen een percentage van hun omzet terug moeten betalen als de ziekenhuissector in zijn geheel boven het afgesproken budget uitkomt.

De grootste vraag is of de bezuinigingen niet zullen uitdraaien op het vooruitschuiven van kosten

De budgetplafonds bleken effectief. Daarbij vallen echter twee kanttekeningen te maken: Ten eerste, zoals ook De Groene Amsterdammer opmerkt, hebben de groeibeperkingen — of bezuinigingen — zich vertaald in een verlies van tienduizenden banen. Bezuinigen op arbeidskosten is een van de eerste remedies waar bestuurders van zorginstellingen naar grijpen als ze zelf geconfronteerd worden met terugloop in (de groei van) hun inkomsten. Dat kan de kwaliteit van de zorg raken.

De grootste vraag is echter of de bezuinigingen niet zullen uitdraaien op het vooruitschuiven van kosten. Dat gevaar bestaat namelijk als bezuinigingen leiden tot maatschappelijk onaanvaardbare toestanden, zoals wachtlijsten of een te ernstige terugloop in toegang tot zorg. Wachtlijsten zijn op dit moment een probleem in zowel de langdurige zorg, de ouderenzorg als in de medische zorg en geestelijke gezondheidszorg.

Waar het ene kabinet met te ingrijpende bezuinigingen deze problemen creëert, is het aan een volgend kabinet om die problemen op te lossen als de maatschappij de uit de hand gelopen wachtlijsten bijvoorbeeld niet langer accepteert. En dat kost geld: zo werd tussen 2001 en 2005 flink meer uitgegeven aan de zorg om de wachtlijsten op te lossen die in de magere jaren ’90 waren ontstaan. 

Je kunt natuurlijk altijd proberen het fenomeen wachtlijsten een positief imago te geven. Een aantal economen en CPB-onderzoekers probeerde dit in 2012 al in de Volkskrant toen voorzien werd dat het beleid van minister Schippers tot wachtlijsten zou leiden. ‘Wachtlijsten kunnen enorm helpen bij het bestrijden van de kostenexplosie in de zorg,’ zei hoogleraar gezondheidseconomie Wim Groot destijds. 

Maar of burgers — die parallel aan de stijging van de wachtlijsten flink in hun portemonnee werden geraakt — daar in trappen, valt nog te bezien. Waarschijnlijker is dat er op termijn alsnog extra geld naar de zorg moet als de maatschappij besluit dat de gevolgen van de bezuinigingen van dit kabinet onaanvaardbaar zijn geworden.

Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

Over de auteur

Eelke van Ark

Gevolgd door 923 leden

Eelke vond vanuit de Achterhoek de weg naar Follow the Money. Ze heeft zich vastgebeten in het Nederlandse zorgstelsel.

Volg Eelke van Ark
Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
Annuleren
Dit artikel zit in het dossier

Wat maakt onze zorg zo duur?

Gevolgd door 1493 leden

In het dossier 'wat maakt onze zorg zo duur?' doen wij onderzoek naar de zorgkosten. Ieder jaar geven we met z'n allen weer m...

Volg dossier