Na jaren van bezuinigingen lijkt de krijgsmacht er geld bij te krijgen. Maar wat kan Nederland met 100 miljoen euro aan extra defensiebudget? 'De tijd van de jihadisten met louter kalasjnikovs is voorbij.’

    Één extra JSF? Of zullen we drie Apache helikopters kopen? Daar zou de Nederlandse krijgsmacht aan kunnen denken bij de 100 miljoen euro extra budget die het kabinet ter beschikking wil stellen voor defensie. De regeringspartijen aangevuld met ChristenUnie, SGP en D66 zeggen nu wél meer geld te willen steken in de verdediging van het land. Maar 100 miljoen euro? Dat is volgens defensie-experts een druppel op de gloeiende plaat. Na jaren van bezuinigingen en intensief gebruik van beperkte middelen kan met het beoogde bedrag enig achterstallig onderhoud gepleegd worden, meer niet. En let wel, het bedrag is een vermindering van eerder aangekondigde bezuinigingen. Noem het een trendbreuk. Jarenlang was defensie een sluitpost op de begroting en daar lijkt nu voorzichtig een einde aan te komen. Bezuiniging volgde op bezuiniging. In aanloop naar de vorige verkiezingen wilde PvdA-fractievoorzitter Diederik Samsom nog eens een miljard euro extra korten op defensie, maar nu vindt ook zijn partij dat het dieptepunt bereikt is. Hoe is dat zo gekomen?

    Een onveilige wereld

    In de tussentijd is er veel veranderd. Rusland nam eerst de Krim af van Oekraïne, waarna op 17 juli boven het door conflict geteisterde Oost-Oekraïne vlucht MH17 werd neergeschoten. Met aan boord 196 Nederlanders. Het Midden-Oosten staat in brand, pijnlijk in beeld gebracht toen Jezidi’s op de vlucht voor de Islamitsche Staat (IS) terecht kwamen op de berg Sinjar, waar vrouwen en kinderen als ratten in het nauw omkwamen van de honger, dorst en hitte. De strijders van IS (voorheen ISIS) verspreiden beelden van onthoofde en gekruisigde tegenstanders, burgers en militairen. Deze week volgden de beelden van de moord op de Amerikaanse journalist James Foley, die zijn leven waagde om het verhaal van de oorlog in Syrië in Irak te vertellen. De wereld lijkt an sich niet veel onveiliger geworden, maar een steeds groter deel van de publieke opinie en de politiek onderkent dat de wereld niet meer zo veilig voelt. Veiligheid is niet gratis. Op Bevrijdingsdag mikte minister Jeanine Hennis er al op: een hoger defensiebudget. Met haar speech maakte de minister de geesten rijp, dat het na jaren van bezuinigingen het de hoogste tijd was om weer te investeren in defensie.

    'Het einde van de geschiedenis'

    Na het einde van de Koude Oorlog sneden veel Europese landen in hun defensiebudget. Na het ineenklappen van de Sovjet-Unie was het volgens velen immers vrede voor altijd. De geprezen politicoloog Francis Fukuyama omschreef de tijd die voor ons lag als 'het einde van de geschiedenis'. Vanaf het begin van de jaren negentig zou er geen ideologisch conflict meer zijn, zo beredeneerde en hoopte hij. In dat tijdsgewricht van het vredesdividend daalde het Nederlandse defensiebudget ten opzichte van het Bruto Nationaal Product tot een historisch laag niveau, zo toonde Follow The Money vorig jaar. Onder andere de tanks vlogen eruit, een puur budgettaire keuze. Er zat niet echt een idee achter, behalve dat men na de val van de muur in 1989 tanks niet meer dacht in te hoeven zetten in de Duitse laagvlakte die ons land scheidt van het voormalige Warschaupact. Volgens verschillende experts een eenzijdige denkwijze over de inzetbaarheid van de Leopard tanks, die de Canadezen in Afghanistan met hun slagkracht nog wél van nut bleken te zijn. Nederland verkocht vrijwel al zijn Leopard tanks aan Finland, dat een grens met Rusland heeft die langer is dan de Russische grenzen van alle andere Europese landen bij elkaar.

    ‘Scheefgroei tussen ambities en beschikbaar budget’

    Follow The Money schreef eerder dat torenhoge ambities in combinatie met visieloze bezuinigingen leiden tot een amper inzetbare krijgsmacht. ‘De scheefgroei tussen ambities, beschikbaar budget en de structuur van de krijgsmacht maakt keuzes over de toekomstige Nederlandse krijgsmacht onvermijdelijk,' zo schrijft veiligheidsinstituut Clingendael in het rapport over de toekomst van de Nederlandse krijgsmacht. Keuzes die de opeenvolgende kabinetten niet maken. De omvangrijke ambities en beperkte budgetten zetten het voortzettingsvermogen en de operationele inzetbaarheid van de Nederlandse krijgsmacht onder druk. Nederland bezuinigt met de kaasschaaf. Ons land heeft een multifunctionele krijgsmacht, die op papier nog veel kan, maar slechts weinig dingen héél goed, zeker over een langere periode.

    Amper inzetbare krijgsmacht

    Nederlanders voelen zich in toenemende mate onbehaaglijk bij de conflicten die zich in het buitenland als een heidebrand verspreiden en waarbij ook Nederlandse slachtoffers te betreuren zijn. Veiligheid garanderen kost geld, maar wat hebben we nou echt nodig? Nederland heeft als klein land historisch gezien afwisselend vertrouwd op neutraliteit, zoals in de Eerste en Tweede Wereldoorlog, en op militaire bondgenootschappen, zoals de veiligheidsparaplu die de NAVO vanaf 1948 biedt. Neutraliteit vergt amper investeringen in defensie, terwijl een militair bondgenootschap vraagt om onderling evenredige bijdragen. En daar wringt de schoen. De NAVO-leden hebben afgesproken dat zij ieder 2 procent van hun Bruto Nationaal Product aan defensie uitgeven, maar veel Europese landen redden dit bij lange na niet. Alleen Groot-Brittannië, Frankrijk en Griekenland komen de afspraak na. Nederland betaalt net iets meer dan de helft, als het zou willen voldoen aan de afspraak moet Nederland per jaar 6 miljard euro extra uitgeven aan defensie.

    ‘Honderd miljoen extra is een schijntje’

    ‘Honderd miljoen extra is een schijntje,' reageert defensie-expert Christ Klep op de plannen om het huidige defensiebudget van 7,2 miljard euro te verhogen met 100 miljoen euro. Klep denkt eerder aan een miljard euro. En waar moet dat naar toe? ‘Dan denk ik vooral aan voortzettingsvermogen, dus bijvoorbeeld enkele pantser-infanteriebataljons erbij. In een groot gewelddadig conflict zouden de wel beschikbare eenheden snel slijten. Zonder verversing kun je die eenheden net zo goed niet inzetten. Het afstoten van de tanks was misschien politiek en financieel wel verklaarbaar, maar als je echt slagkracht terug zou willen, passend bij bijvoorbeeld twaalf operationele bataljons, dan denk je in termen van honderdtwintig tanks of meer. Dat is dus al méér dan het aantal tanks dat we enkele jaren geleden afgestoten hebben.’

    'Zonder verversing kun je die eenheden net zo goed niet inzetten'

    Lost het simpelweg aanschaffen van tanks alles op? Volgens Klep is dit niet afdoende: ‘Ook alle bijbehorende infrastructuur, simulatoren, oefeningen, enzovoorts zullen weer moeten worden ingevoerd.’ Het is volgens Klep nooit alleen ‘een kwestie van een paar extra tanks of een paar extra soldaten. De krijgsmacht is een ketenorganisatie: als je ergens iets wijzigt, heeft het gevolgen op veel andere plekken.’ Experts verschillen van mening over de prioriteiten, maar in het algemeen komt het er op neer dat het de Nederlandse krijgsmacht ontbeert aan slagkracht en voortzettingsvermogen. De krijgsmacht is maar kort inzetbaar.

    Kapot bezuinigd?

    Een geheel ander geluid komt van Groen Links fractievoorzitter Bram van Ojik in de Volkskrant. Van Ojik vindt dat defensie helemaal geen geld nodig heeft. Door samenwerking met andere landen zou Nederland zelfs meer kunnen bezuinigen. En volgens Van Ojik hoeft Nederland zich niet te schamen voor de verschillende missies, zoals ‘Mali, Afghanistan, het Grote Merengebied en kleinere bijdragen aan vredesmissies elders’.

    'Defensie heeft helemaal geen extra geld nodig'

    Maar volgens criticasters zijn juist deze missies een teken aan de wand dat het niet goed gaat met defensie. Tot meer dan deze kleine missies is Nederland immers niet in staat. Daarnaast hebben ze een hoge politieke lading. Bijvoorbeeld om goodwill te kweken bij internationale partners, zoals de ‘verkenningsmissie’ in Mali. De missie in Mali zou bovendien zijn ingegeven door de langgekoesterde wens van de PvdA om weer eens 'iets in Afrika' te doen. Het is een compromis met coalitiepartner VVD, dat weinig zou voelen voor de missie. ‘Een beetje propaganda,' noemt  de Groen Links fractievoorzitter het beeld van de krijgsmacht die ‘kapot bezuinigd’ is. Als voorbeeld geeft Van Ojik Duitsland aan dat relatief gezien ongeveer evenveel uitgeeft aan defensie, 1,3 procent. ‘Zo slecht is het niet gesteld,' wil Van Ojik zeggen met deze vergelijking, maar haviken zullen tegenwerpen dat de vergelijking mank gaat. Onze oosterburen zijn sinds de Tweede Wereldoorlog zeer terughoudend met investeren in de krijgsmacht. Dat was ook niet nodig zolang de Amerikanen er zaten. Overigens is er ook in Duitsland veel discussie over het defensiebudget: 'Deutschland spart die Bundeswehr kaputt'. 'Onze tegenstander Poetin kan een wapenwedloop prima gebruiken en is bereid daar heel ver in te gaan,' waarschuwt Van Ojik terecht voor een wapenwedloop. Deze vindt wereldwijd plaats, waaronder in Rusland, maar niet in Europa. Van Ojik vindt dat het Westen in dialoog moet treden met Rusland.

    Wishful thinking

    Maar hoe wenselijk vriendschappelijke samenwerking met Rusland ook is, het is de vraag in hoeverre de wens van Van Ojik realistisch is. ‘In een half jaar tijd is de geschiedenis omgekeerd, van samenwerking naar confrontatie tussen Rusland en het Westen,' schrijft defensie-expert bij Clingendael Dick Zandee op de opiniepagina’s van NRC over de relatie tussen het Westen en Rusland. Volgens Zandee zou de volgende NAVO vergadering van 4 en 5 september daarom zomaar 'de belangrijkste NAVO-top sinds het einde van de Koude Oorlog' kunnen zijn. 'Op de NAVO-top in Wales zal de vraag centraal staan hoe de Noord-Atlantische Verdragsorganisatie strategisch moet reageren op het nieuwe Rusland van Poetin, nu samenwerking met Moskou een doodlopend spoor is gebleken.'

    'Het NAVO-lidmaatschap is geen ‘nice-to-have’ maar noodzaak’

    Na het tragische voorval met de vlucht MH17 zal er bij de NAVO-top speciale aandacht uitgaan naar de inbreng van Nederland. In haar speech op Bevrijdingsdag sprak minister Hennis van defensie alvast mooie woorden over de NAVO. ‘Alweer 65 jaar lang is het NAVO-lidmaatschap de best mogelijke veiligheidsverzekering gebleken. Met wereldwijde dekking. Die samenwerking binnen de NAVO zal er ook in de toekomst toe doen. Het NAVO-lidmaatschap is geen ‘nice-to-have’ maar noodzaak.’ Het gewicht dat de minister toekent aan het lidmaatschap van de NAVO lijkt te getuigen van historisch besef, maar in financiële zin hebben Hennis en haar voorgangers daar geen kracht bij gezet. Integendeel. Ondanks het belang dat Hennis zegt te hechten aan het lidmaatschap betaalt Nederland slechts de helft van de afgesproken contributie. Bezien vanuit deze NAVO-verplichting is Nederland onderverzekerd tegen onheil.

    'De tijd van de jihadisten met louter kalasjnikovs is voorbij’

    Zandee blikt vooruit naar de NAVO-top in Wales. ‘Door bezuinigingen zijn de tanks afgeschaft; artillerie is er nog mondjesmaat. Versterking van de NAVO-verdediging zal deze keuzes ter discussie stellen. Snelle inzetbaarheid blijft essentieel, ook voor missies in conflictgebieden als de Sahel. Maar het is tegelijk wenselijk de slagkracht te vergroten, niet alleen vanwege een hernieuwde confrontatie met Rusland maar ook door het zwaardere geweld dat extremistische groepen gebruiken. Zie de zware wapens waarover de Islamitische Staat (IS) beschikt in Noord-Irak. De tijd van de jihadisten met louter kalasjnikovs is voorbij.’

    Over de auteur

    Krijn Schramade

    Krijn Schramade (1980) krijgt een jaar na de val van Lehman Brothers (2008) de tegenwoordigheid van geest om zijn veilige lev...

    Lees meer

    Volg deze auteur
    Dit artikel zit in het dossier

    Kaalslag bij Defensie

    Sinds het einde van Koude Oorlog heeft Nederland fors gesneden in Defensie. De opeenvolgende kabinetten gebruikten de kaassch...

    Lees meer

    Volg dossier

    Dit artikel krijg je cadeau van Follow the Money.

    Diepgravende onderzoeksjournalistiek kost tijd en geld. Steun ons en

    word lid