© Martijn Folkers

Groningen

Deze vrouw vecht al decennia tegen de winning van zout

11
Veendam

    Ook jouw gemeente krijgt steeds meer taken en dus meer macht. Daarom gaat FTM lokaal.

    Jakoba Gräper-Niemeijer won de pitch die FTM samen met regionale omroepen van Groningen, Friesland, Drenthe en Overijssel organiseerde. Zij vroeg ons te onderzoeken welke belangen er gemoeid zijn met de winning van zout aan de Gronings-Drentse grens. Wie is deze vrouw? En waarom smaakt het Groningse zout zo bitter?

    ‘Kijk, dit is mijn boom!’ Jakoba Gräper-Niemeijer (72) wijst vanuit de auto naar een van de Amerikaanse eiken die de hoofdweg omzomen. Samen rijden we naar haar huis in Borgercompagnie, een dorp tussen Hoogezand-Sappemeer en Veendam, niet ver van de grens tussen Groningen en Drenthe. Bij de herinrichting van de weg zouden de bomen vervangen worden, vertelt Gräper, maar de bewoners vonden dat maar niets en tekenden bezwaar aan. Een van de bezwaarmakers was Jakoba Gräper. Ze moest niets hebben van die tekentafelplannen en eiste dat de gezonde bomen terug werden geplaatst. 'Dat is natuurlijk duurder, maar uiteindelijk wisten we de gemeente te overtuigen.’

    Daarmee was de activist Gräper geboren. Als ze haar tanden ergens inzet, laat ze niet snel meer los. Mede dankzij die vasthoudendheid won ze de eerste Noord-Oost Pitch, het samenwerkingsverband tussen Follow the Money, RTV Noord, RTV Drenthe, Omrop Fryslân en RTV Oost. Het publiek van de regionale omroepen en Follow the Money kon voorstellen pitchen en stemmen op de favoriete onderwerpen, om zo mee te bepalen welk idee we samen gaan onderzoeken. Gräpers voorstel om onderzoek te doen naar de mogelijke belangenverstrengeling tussen zoutwinningsbedrijf Nedmag en de overheid behaalde niet alleen de meeste stemmen, het bleek ook het best uitgewerkt. Samen met de redacties van deze omroepen besloten we het onderwerp uit te breiden en de zoutwinning in zijn geheel onder de loep te nemen. Immers, ook in Overijssel en Friesland wordt zout gewonnen. Dat zijn de enige plekken in Nederland waar dat gebeurt.  

    Op het eerste gezicht ligt het Groningse Borgercompagnie er idyllisch bij. Het is een typisch veenkoloniaal lintdorp. Langs het kanaal, waarover vroeger de turf naar de stad Groningen werd vervoerd, wisselen deftige boerderijen en kleine arbeidershuisjes elkaar af. De weg langs het kanaal is ook meteen de enige in het dorp. Wie in Borgercompagnie woont, heeft als adres genoeg aan een huisnummer. Uit een enkele brievenbus hangt een touwtje.

    Zo’n 2 kilometer onder de grond gaat het er minder rustig aan toe. Daar gebeurt iets wat veel inwoners direct raakt. Al sinds de jaren ’70 wordt er in dit deel van de Gronings-Drentse grens magnesiumzout gewonnen. Daarbij ontstaan enorme cavernes, die worden volgepompt met water en een laag dieselolie. Het zout is volgens experts van buitengewoon zuivere kwaliteit en wordt onder meer gebruikt in de chemische industrie. Door de jaren heen zijn er door zoutwinning problemen ontstaan, die vergelijkbaar zijn met die van de gaswinning. Voor de betrokken bedrijven staan er grote belangen op het spel. Dat geldt ook voor de bewoners van dit gebied, wier stem tot nu toe maar weinig werd gehoord.

    Verstrengelde geschiedenis

    Aan de overkant van de weg staat een overwoekerd huisje. Het dak lijkt al bijna te bezwijken onder de last van de verwilderde bomen en struiken. Groter kan het contrast met het netjes onderhouden huis van de familie Gräper niet zijn. Onlangs is de voorgevel opnieuw gevoegd. Dat was nodig, want de voegen waren eruit gesprongen. Volgens Gräper het gevolg van bodemdaling door zoutwinning. Dat is niet het enige euvel van het huis. Het verzakt vóór sterker dan achter, waardoor de goten niet meer aflopen en de woning langzaam doormidden breekt.

    In de hal hangt een oude foto van het huis, begin twintigste eeuw. Overgrootvader Niemeijer staat ervoor. Ook toen stonden er al de twee lindebomen in de tuin. Sinds de bouw in 1903 is het pand in familiebezit. Jakoba en haar man Koos wonen er sinds 1966.

    Ook al is het geen gezicht, toch zijn de Gräpers blij met de bouwval aan de overkant. Die ligt namelijk op een strategische plek, precies tussen de eerste zoutwinningslocatie WHC-1 van het bedrijf Nedmag en hun woning. Sloop brengt de tegenstander, waar ze al jarenlang tegen strijden, vol in het vizier.

    Met olie besmeurde vogels

    Toen Shell-Billiton begin jaren ’70 begon met proefboringen in het dorp, zat Jakoba Gräper net namens de PvdA in de gemeenteraad van Veendam. Toen al uitte ze haar twijfels over de veiligheid en mogelijke gevolgen, maar ze vond weinig gehoor. De zoutwinning ging door, ondanks dat dorpsbewoners regelmatig met olie besmeurde vogels zagen en klaagden over geheimzinnige laagfrequente geluiden.

    Hierover trok Gräper zelfs aan de bel bij haar partijgenoot Meiny Epema-Brugman in de Tweede Kamer, op dat moment woordvoerder economische zaken en milieuhygiëne. Ze kreeg een brief terug: men probeert een winningsplan te maken, waardoor er geen schade ontstaat. En in het economisch achtergebleven gebied was elke baan welkom. Daarmee was voor politiek Den Haag de kous af. Het winningsbedrijf toonde zich niet ontvankelijk voor kritiek. Leden van een bewonersgroep noteerden dat men moest uitkijken geen ‘magnesiumzout in de ogen gestrooid te krijgen’.

    In de jaren ’90 beschimmelden de schoenen in de kast. Dat was nog nooit voorgekomen

    Daarna bleef het lange tijd stil. Nedmag haalde het zout uit de grond en Gräper ging verder met haar drukke bestaan als bedrijfsarchivaris en als vrijwilliger bij diverse instellingen. Of het nou ging om peuterspeelzalen oprichten, mooie tuinen openstellen of basisschoolkinderen vervoeren, Gräper was altijd maatschappelijk betrokken en richtte diverse stichtingen op. Vaak vanuit eigen interesse, maar altijd met het oog op het maatschappelijke belang, vertelt ze.

    In de jaren ’90 merkte Gräper dat het ineens vochtig werd in huis. Kastdeuren gingen schreef staan, schoenen beschimmelden in de kast. Dat was nog nooit voorgekomen. De Gräpers begrepen niet goed wat er aan de hand was en lieten een vochtregulerende steen in de buitenmuur aanbrengen. Pas later blijkt dat Nedmag juist in die periode overging op een andere manier van zoutwinnen, met meer bodemdaling tot gevolg.

    Gelijkenissen met nog zo’n Groninger hoofdpijndossier: het gas

     Het verhaal over de zoutwinning doet denken aan het Groninger gasdossier. Groot bedrijf laat bewoners jarenlang in het ongewisse, klachten worden weggewuifd, schade niet vergoed, bewoners worden van het kastje naar de muur gestuurd. De overheid houdt zich op de vlakte, of erger, faciliteert zelfs de ondernemingen en legt de verantwoordelijk voor de schade eenzijdig bij de bewoners.

    Voor hen, die schade ondervinden van de zoutwinning, is het gas een vloek en zegen tegelijk. Door de jarenlange strijd van de Groningers om erkenning en schadeloosstelling reageren instanties inmiddels sneller op klachten. De Onderzoeksraad voor Veiligheid heeft tegenover Gräper bevestigd dat de conclusies uit zowel het rapport ‘Aardbevingsrisico’s in Groningen’ (2015) en het vervolg ‘Stand van zaken opvolging aanbevelingen’ (2017) zeker ook betrekking hebben op het zout. In deze rapporten stond dat de risico’s groot zijn, dat er beter gecommuniceerd moet worden met bewoners en dat de versterking van het veiligheidsbelang hoogste prioriteit moet krijgen. Dat geeft de activisten hoop.

    De schaduwzijde is dat door de recente aardbevingen alle aandacht weer uitgaat naar het gas. Daardoor blijft de zoutwinning het ondergeschoven kindje. De schade is tot nu toe minder zichtbaar en de meeste Nederlanders hebben er geen idee van dat er überhaupt zout wordt gewonnen in Nederland. Zelfs omwonenden zijn niet altijd op de hoogte. En dat terwijl de bodemdaling door zoutwinning aanzienlijk dieper is dan die door het gas. Bovendien, zegt Gräper, is er een groot verschil: ‘Nedmag is een privaat bedrijf, de zoutwinning is niet van nationaal belang.’ Dat geldt ook voor de andere zoutwinningsbedrijven in Nederland: Frisia in Harlingen en Nouryon (voormalig AkzoNobel) in Twente zijn private, buitenlandse bedrijven.

    Een ander probleem is dat instanties naar elkaar wijzen. Het is moeilijk om daadwerkelijk aan te tonen dat schade aan woningen door de zoutwinning is veroorzaakt, en niet door het gas of de waterstand.  

    Lees verder Inklappen

    Ongelijke strijd

    In 2000 was de bodemdaling door zoutwinning in Veendam voor het eerst groot nieuws. Het Dagblad van het Noorden kopte: ‘Veendam zakt door zoutwinning’. Toch keurde de overheid in 2002 een nieuw ontginningsplan goed. Daarover was Jakoba Gräper niet alleen verbaasd, ze was ook verontwaardigd.

    Vanaf dat moment raakt ze weer nauw betrokken bij het zoutdossier. Ze maakt bezwaar tegen de goedkeuring, maar moet afhaken door onvoldoende technisch bewijs. In hetzelfde jaar laat Nedmag een nulmeting uitvoeren van de huizen in de directe omgeving van de winningslocaties. De bewoners zijn in de veronderstelling dat dit het begin is van de beloofde monitoring. Als in 2004 de tegels in hun badkamer barsten beginnen te vertonen, melden de Gräpers voor het eerst schade aan hun woning bij Nedmag. Die claim wordt afgewezen. Net als alle andere claims van dorpsbewoners, maar daar komt Gräper pas in 2009 achter, wanneer een enquête van de dorpsvereniging uitwijst hoe weinig werk Nedmag maakt van de klachten.

    Niet meten betekent niet weten, maar ook niet wíllen weten

    Informatie komt maar sporadisch naar buiten, schaderapporten raken zoek en het beloofde monitorproject is in een la verdwenen. Ook blijkt dat bodemdaling in Noord-Nederland maar mondjesmaat wordt gemeten. Daarbij laten verschillen in meetmethodes ruimte voor interpretatie. Oud-ingenieur van de NAM Adriaan Houtenbos haalt het nieuws met zijn conclusie dat de meetmethode van toezichthouder Staatstoezicht op de Mijnen (SodM) achterhaald is en bodemdaling in heel Noord-Nederland wordt onderschat. Volgens Gräper gebruikt Nedmag dit kennisvacuüm om zijn straatje schoon te vegen. 'Niet meten betekent niet weten, maar ook niet wíllen weten. Er is zo weinig kennis bij de politiek over dit dossier. Dit maakt het voor Nedmag makkelijk hun eigen draai aan het verhaal te geven.’

    De bewonersgroep vertrouwt het niet meer. Vanaf 2010 neemt Gräper samen met dorpsgenoten uit Borgercompagnie en Tripscompagnie deel aan het maandelijkse overleg tussen Nedmag, SodM, de gemeenten, de provincie en het waterschap. ‘Onze insteek was: ze hoeven niet te stoppen met de zoutwinning, maar er moet betere monitoring en schadeafhandeling komen.’ Ook voor de klachten over laagfrequent geluid moet meer aandacht komen, vraagt de actiegroep. De bewoners mogen hun schadeclaims opnieuw indienen. Bovendien geven de betrokken partijen opdracht aan consultancybedrijf Arcadis om onderzoek te doen naar de oorzaak van de schade aan de huizen. Voor de bewoners klinkt dit bijna te mooi om waar te zijn.

    24 brieven van Nedmag

    In 2011 ontvangt Gräper een brief van Nedmag en de Technische commissie bodembeweging: de schade door verzakking aan haar huis is niet veroorzaakt als gevolg van bodemdaling door zoutwinning. De 23 andere indieners vinden eenzelfde brief op de mat. De teleurstelling en boosheid in het dorp zijn groot. Bewoners stoppen met het indienen van schadeclaims, maar het overleg gaat door, in afwachting van het eerder beloofde onderzoek.

    In 2013 verschijnt eindelijk het Arcadis-rapport. Dat bevestigt de conclusie van Nedmag. De oorzaak van de schade ligt niet bij de zoutwinning, maar bij de bewoners zelf. ‘De huizen zijn oud en in de loop der jaren niet naar behoren verbouwd, luidde de conclusie. Ze beweerden dus eigenlijk dat wij de schade zelf hadden veroorzaakt,’ zegt Gräper. Opnieuw ontsteken de bewoners in woede en stappen onmiddellijk uit het overleg. ‘Arcadis had helemaal geen nieuw onderzoek gedaan, maar bestaande rapporten over elkaar heen gelegd. Geen wonder dat je dan tot dezelfde conclusie komt. Dat was het moment dat ons standpunt veranderde: Nedmag moet gewoon stoppen. Al vanaf de eerste proefboringen in de jaren ’70 zijn beloftes niet nagekomen. We hebben er geen vertrouwen meer in.’

    Daarom is Gräper voortdurend aan het werk. De strijd tegen de winning van zout mondt voor de gepensioneerde uit in een fulltime baan. Als ze niet (online) archieven afstruint en aanlegt, is ze op pad om raadsleden, statenleden en gedeputeerden bij te praten en aandacht te vragen voor het onderwerp.

    Zeventigers ondergronds

    ‘Vanaf dat moment in 2013 zijn wij ondergronds gegaan,’ knipoogt Gräper. Wie naar de keurige zeventigers kijkt, kan zich er weinig bij voorstellen. Bespioneren ze met de verrekijker op de vensterbank Nedmag? Zo ver is het nog niet. Wel zijn ze, legt Gräper uit, begonnen met het verzamelen van zoveel mogelijk informatie in ‘een informeel circuit’. ‘Toen ik in het Veenkoloniaal Museum in Veendam werkte hing daar een spreuk van Bilderdijk: ‘In ’t verleden ligt het heden, in het nu wat worden zal.’ Daarom spitten wij ook de archieven door.’

    De bewonersgroep heeft een legertje mensen met specialistische kennis en interesse in het onderwerp om zich heen verzameld. Zo is er iemand die juridische duiding geeft, iemand anders heeft verstand van geografische kaarten, Jakoba doet de politiek en haar man Koos onderhoudt de contacten met SodM en verdiept zich in het bodemonderzoek.

    In 2016 vinden zij in Stichting Stop Zoutwinning een medestrijder. Deze stichting probeert de door Nedmag geplande nieuwe winningslocatie tussen Zuidlaarderveen en Kielwindeweer te voorkomen. Dat is ongeveer 6 kilometer van Gräpers huis vandaan, maar valt onder de gemeente Midden-Groningen, die zich kritisch heeft uitgelaten over de plannen. Tot spijt van Gräper is haar gemeente Veendam minder uitgesproken, omdat die ook andere belangen heeft. Zo levert de Nedmagfabriek de nodige arbeidsplaatsen. Al kun je bij die werkgelegenheidscijfers ook vraagtekens plaatsen, schampert Gräper. ‘De in de jaren ’80 beloofde vierhonderd tot zevenhonderd arbeidsplaatsen zijn er nooit gekomen. Er werken 150 mensen in die fabriek, maar Nedmag heeft het over drie- tot zevenhonderd en de burgemeester had het zelfs over duizend indirecte arbeidsplaatsen.’ Zelf stelt Nedmag goed te zijn voor 750 indirecte banen in Noord-Nederland.

    Niet iedereen in de omgeving is tegen de zoutwinning. Zo zijn er boeren die hun land hebben verhuurd aan Nedmag. Anderen zijn bang om hun baan te verliezen. Sommige inwoners zien liever geen aandacht voor de schade aan woningen in hun gemeente, bezorgd dat hun huizen daardoor in waarde dalen. Dat maakt het niet alleen lastig om de omvang van de schade in kaart te brengen, ook is Gräper al meerdere keren tijdens bijeenkomsten fel aangevallen door dorpsgenoten. Het doet haar ogenschijnlijk niet zoveel. ‘Je moet het je niet persoonlijk aantrekken, dan ga je eraan onderdoor. We kennen hier mensen die al een hartaanval hebben gekregen door alle stress.’

    Verzet tegen de zoutwinning

    Bewonersgroep Borgercompagnie strijdt als informele groepering sinds 2013 tegen zoutwinning in het Groningse dorp Borgercompagnie en komt op voor de belangen van de dorpsbewoners. Zonder rechtsvorm (zoals een stichting) kan de groep sneller en gemakkelijker actievoeren.

    Stichting Stop Zoutwinning is opgericht in 2016 naar aanleiding van plannen van Nedmag om een nieuwe zoutwinningslocatie te openen in de regio tussen het Groningse Kiel-Windeweer en de Drentse dorpen Zuidlaarderveen en Oud Annerveen. Bewoners van deze dorpen hebben de stichting in het leven geroepen om de uitbreiding van zoutwinning in hun regio te voorkomen en om op te komen voor de bewoners van dat gebied. Naar aanleiding van hun protesten en van bezwaren van de gemeente Midden-Groningen heeft SodM in 2018 geadviseerd om geen winningsvergunning af te geven voor het gebied. Stichting Stop Zoutwinning wil ervoor waken dat dit ook in de toekomst zo blijft.

    In Friesland, waar vlakbij Harlingen zout wordt gewonnen door het bedrijf Frisia Zout, is het protest ondanks de schade als gevolg van bodemdaling tot nu toe beperkt gebleven tot individuele burgers en de Waddenvereniging. Follow the Money besteedde hier uitgebreid aandacht aan in het artikel ‘Zout laat Friesland zakken’. Wel zijn er concessies afgedwongen van Frisia. In Overijssel is het maatschappelijk verzet beperkt, maar nemen de zorgen toe nadat enkele jaren geleden vlak over de grens in Duitsland diesel bleek te zijn weggelekt uit een zoutcaverne. In de politiek is het onderwerp regelmatig aan de orde geweest. Zo berichtte RTV Oost onlangs over de zorgen ten aanzien van de veiligheid van de opslag van 250 miljoen liter diesel in een zoutcaverne.

    Lees verder Inklappen

    Impulsief insturen

    Gräper zegt te snappen dat niet iedereen tijd en energie heeft voor de strijd. 'Je moet het maar net leuk vinden om al die instanties achter de broek aan te zitten.’ En dat doet zij. Haar ervaring met vrijwilligerswerk en als bedrijfsarchivaris komen haar nu mooi van pas. Ze weet hoe je instanties moet benaderen, hoe je een WOB-verzoek indient en wanneer het tijd wordt om de media in te schakelen. Gräper zegt niet bang te zijn om voor een grote groep te praten en laat zich niet snel intimideren door gezagsdragers. Ze is vastberaden en oogt energiek en daadkrachtig.

    Het insturen van haar onderzoeksvoorstel voor de pitch die Follow the Money samen met de regionale omroepen organiseerde, deed zij impulsief. Ze had het toevallig ’s ochtends gehoord op de radio. Even later klom ze in de pen en stuurde het voorstel in. Actiegroep Stop Zoutwinning had graag gezien dat zij eerst had overlegd, maar het was haar snel vergeven, vertelt de woordvoerder van de stichting, Jean-Pierre Dessart: ‘Ze zit niet stil, maar ziet kansen en originele invalshoeken. Dat is voor ons uiteindelijk alleen maar goed. We werken intensief samen, de lijntjes zijn kort.’

    De commentaren die lezers plaatsten onder haar pitch op de site van Follow the Money, deden Gräper deugd. ‘Natuurlijk had ik mijn netwerk aangespoord om te stemmen, maar verreweg het grootste deel van de reacties kwam van onbekenden. Dat laat zien hoezeer het onderwerp leeft.’

    Goodwill kopen

    Intussen is de zoutwinning meer onder de aandacht van het grote publiek gekomen. Wrang genoeg was daarvoor eerst wel een ernstig incident nodig. Een maand nadat Gräper in maart 2018 tijdens een vergadering van Provinciale Staten waarschuwde dat er blijkbaar eerst iets gevaarlijks moest gebeuren, ontstond er een scheur in het dak van een van de zoutcavernes even verderop bij de winningsput in Tripscompagnie. Miljoenen liters pekel en dieselolie lekten weg. Nog steeds weet niemand waar dat precies is gebleven en wat de gevolgen voor de ondergrond zullen zijn. Hoe erg ook, de timing had niet beter gekund. 'Nedmag probeerde ons steeds weg te zetten als een stelletje blèrende bejaarden, maar inmiddels is het onderwerp groter. Je kunt ons niet meer zomaar negeren.'

    Nedmag probeerde ons steeds weg te zetten als een stelletje blèrende bejaarden

    Sindsdien is het dossier in een stroomversnelling geraakt. Nedmag moest op last van toezichthouder SodM alle geplande uitbreidingen staken. Het bedrijf zit in zwaar weer, want het kan nu niet genoeg zout uit de grond halen om rendabel te zijn. Voordat Nedmag verder mag exploiteren, moet het eerst een nieuw winningsplan voorleggen aan SodM. De actievoerders zijn er niet gerust op. De onrust in de gemeente Veendam over de delfstofwinning neemt toe. Gräper: ‘Nedmag probeert nu alles om goodwill te kopen. Cultuur- & Congrescentrum van Beresteyn in Veendam heeft sinds kort een Nedmag-zaal en onlangs redde het bedrijf volleybal-eredivisionist Lycurgus met financiële steun van de ondergang. Ook andere sport- en cultuurverenigingen worden gesponsord. Dat beïnvloedt mensen.’

    Later in de middag rijden we langs de twee Nedmag-locaties in Borgercompagnie en Tripscompagnie. Van buiten is er weinig te zien. Wat buizen die uit de grond komen en grote witte opslagcontainers liggen er in het akkerbouwgebied ogenschijnlijk verlaten bij. Vlakbij ligt het groene terrein van Golfclub De Compagnie. Gräper wijst naar het straatnaambord. De locatie ligt aan de Nedmag-weg.

    Hoe het echt zit

    Na deze eerste uitgebreide kennismaking met het gebied en de pitch-winnaar voelen we ons bevestigd in ons oordeel: dit onderwerp verdient het om verder te worden uitgezocht. Jakoba en Koos Gräper, de actieve bewonersgroep en de Stichting Stop Zoutwinning vormen samen een uitstekende bron: ze zijn goed ingevoerd, welbespraakt en beschikken over een omvangrijk archief. Tegelijkertijd geven ze toe dat hun visie gekleurd is, ze hebben een persoonlijk belang en een helder doel voor ogen: de zoutwinning moet stoppen.

    Follow the Money en de samenwerkende omroepen willen uitzoeken hoe het echt zit met zoutwinning in Noord- en Oost-Nederland. Welke kosten en baten zijn gemoeid met zoutwinning, welke belangen hebben (lokale) overheden daarin en hoe is het gesteld met de veiligheid in de gebieden? Naar deze vragen doen we de komende tijd verder onderzoek, samen met de regionale omroepen. Onafhankelijk, maar wel dankbaar voor alle informatie en tips die we krijgen aangereikt.

    Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

    Over de auteur

    Birte Schohaus

    Academia-dissident en Groninger at heart. Schrijft over media, politiek en alles ertussen.

    Volg Birte Schohaus
    Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
    Annuleren
    Dit artikel zit in het dossier

    FTM Lokaal

    Gevolgd door 1014 leden

    Van Noord-Oost Groningen tot Zeeuws-Vlaanderen en van Den Helder tot Maastricht: deze waakhond komt naar je toe.

    Volg dossier