Varken in een stal

Varken in een stal
© ANP

Internationale vrijhandelsverdragen

Tegen vrije handel tussen burgers, landen en continenten valt weinig in te brengen. Grote internationale vrijhandelsverdragen als CETA, TTIP en TiSA worden daarom uitonderhandeld. Maar ís bijvoorbeeld de Transatlantic Trade & Investment Partnership (TTIP) wel zo'n 'no brainer' als de voorstanders beweren? Het handels- en investeringsverdrag dat de EU en de VS nu onderhandelen levert, zeggen ze, nieuwe banen op. En het zou het mkb een impuls geven.

Klopt dat? Met vrijhandel heeft TTIP vooralsnog weinig te maken. Achter de gesloten deuren waar de onderhandelingen plaatsvinden, zijn nu lobbygroepen bezig hun belangen veilig te stellen. Er bestaan dan ook grote zorgen dat TTIP niet de belangen van de EU-burgers dient, maar vooral die van grote ondernemingen aan deze en gene zijde van de Atlantische Oceaan.

Die zorgen zijn terecht. Wat zijn bijvoorbeeld de gevolgen voor de kwaliteit van ons voedsel? Ons energiebeleid? Gaat de belastingbetaler straks opdraaien voor claims van Amerikaanse multinationals als we chloorkippen en -eieren uit onze schappen weren? Of als we kerncentrales sluiten?

Internationale vrijhandelsverdragen als TTIP, CETA en TiSA zijn complexe ondoorzichtige dossiers met mogelijk grote gevolgen. We Follow The Money – ook in Brussel.

76 Artikelen

Dierenwelzijn is wisselgeld in handelsverdrag met Amerikanen

3 Connecties

Onderwerpen

TTIP dierenwelzijn

Personen

Lilianne Ploumen
19 Reacties

In handelsverdrag TTIP speelt dierenwelzijn geen principiële rol. Eerder fungeert het als wisselgeld in de onderhandelingen. Dat blijkt uit bronnenonderzoek en gesprekken met zowel voor- als tegenstanders van het verdrag tussen de Europeanen en Amerikanen. De belofte van minister Ploumen van Handel (PvdA) dat onze voedselstandaarden niet omlaag gaan, komt hiermee volledig op losse schroeven te staan.

De onderhandelingen over TTIP, het handelsverdrag tussen de Verenigde Staten en de Europese Unie, gaan het komend half jaar een beslissende fase in. Er moeten nu spijkers met koppen geslagen worden, want daarna staan de Amerikaanse verkiezingen op de agenda en die zouden de hele boel op de lange baan schuiven. Toch is er geen sprake van dat er alleen nog wat puntjes op de ‘i’ gezet hoeven te worden. Sterker nog, over een van de ingewikkeldste en gevoeligste onderwerpen is nog helemaal geen overeenstemming bereikt: de gevolgen van TTIP voor het voedsel op ons bord.

Hoe penibel dit onderwerp ligt, bleek afgelopen jaar met de chloorkip-rel. NGO’s hadden er lucht van gekregen dat de Verenigde Staten via TTIP ook hun met chloor schoongemaakte pluimvee over de Atlantische oceaan wilden krijgen. Een wens die hen duur kwam te staan. Want niet alleen zagen de onderhandelaars zich door de storm van protest genoodzaakt de chloorkip uit te sluiten van de gesprekken, ook kwam het hele verdrag in één keer in een slecht daglicht te staan. Het grote publiek was wakker geschud.

Door de chloorkip-rel kwam het hele verdrag in één keer in een slecht daglicht te staan

Sindsdien wordt keer op keer bezworen dat er in TTIP niet wordt getornd aan onze voedselstandaarden. Zo is uitgesloten dat er wordt gesproken over de toelating van met hormonen behandeld vlees of over de introductie van zuivel die met antibiotica in aanraking is geweest. Ook voor genetisch gemodificeerd voedsel zou in TTIP geen plaats zijn. Minister Ploumen was in december zelfs bereid daar publiekelijk haar handtekening onder te zetten bij het programma Zondag met Lubach.

Minister Ploumen bij Zondag met Lubach

Dat lijkt op het eerste gezicht moeilijk te rijmen met de ambities van de onderhandelaars. Juist de afwijkende voedselregels zorgen voor de hoge kostenposten waar zowel het Amerikaanse als het Europese bedrijfsleven vanaf wil. De Amerikanen houden er namelijk heel andere ideeën over voedsel op na. Volgens hen is een product ‘veilig’ als de consument uiteindelijk niets op het bord krijgt waar nog gevaarlijke stoffen in zitten. De Europeanen willen daarentegen grip hebben op het hele productieproces. Zie daar het verschil van inzicht over de chloorkip.

Er wordt dan ook wel degelijk over veiligheidsstandaarden onderhandeld, maar de inzet is subtieler. Het uitgangspunt is immers dat de standaarden ‘gelijkwaardig’ blijven, wat fundamenteel anders is dan ‘gelijk’. En over wat gelijkwaardig is valt te twisten, precies wat nu achter de schermen bij de onderhandelingen gebeurt.

Maar het wordt pas écht interessant als dat andere aspect van Ploumens belofte tegen het licht gehouden wordt: het overeind blijven van het dierenwelzijnsniveau van onze veeteelt. Met die toezegging bij Lubach begaf ze zich op zeer glad ijs. De Amerikanen willen namelijk dolgraag meer van hun goedkope ei- en vleesproducten op de Europese markt brengen om de concurrentie aan te gaan met onze duurzamere en dus duurdere landbouwproducten. En precies hierin schuilt de bedreiging voor de Nederlandse dierenwelzijnsstandaarden.

Importquota

Immers, uit de TTIP-rapporten van het Landbouw Economisch Instituut (2014) en de Rabobank (2015) blijkt dat vooral onze pluimveesector en de toch al noodlijdende varkenssector het zwaar te verduren krijgen wanneer de Amerikaanse varkens, kippen en eieren door het handelsverdrag meer toegang tot de Europese markt krijgen. Tot nu toe hoefden deze branches weinig concurrentie te dulden dankzij Europese importbeperkingen, waardoor ze zich door de jaren heen konden aanpassen aan de steeds striktere dierenwelzijns- en milieu-eisen. Een miljardenopgave. Om een beeld te geven: volgens de branche van varkenshouders (POV) kost het milieu- en diervriendelijker maken van de sector zo’n 300 miljoen euro per jaar.

Volgens de branche van varkenshouders kost het milieu- en diervriendelijker maken van de sector zo’n 300 miljoen euro per jaar

In de Verenigde Staten woedde de schaalvergroting echter lustig voort in de strijd om de laagste productiekosten. Dus zoveel mogelijk varkens per vierkante meter stal en de kip op de legbatterij. Zo heeft een volgroeid Nederlands vleesvarken nog recht op één vierkante meter leefruimte, waar het Amerikaanse varken op dat vlak überhaupt geen rechten heeft. Er bestaan wel richtlijnen. Daarin is opgenomen dat datzelfde uit de kluiten gewassen varken in Amerika mag rekenen op 0,75 vierkante meter leefruimte.

Mede door dit soort verschillen kan de Amerikaanse pluimvee- en varkenssector tegen maar liefst 15 tot 25 procent lagere kostprijzen produceren dan de Nederlandse. Dat onze markt niet allang wordt overspoeld door Amerikaanse vlees- en eiproducten is dan ook puur te danken aan de importplafonds. De verwachting is echter dat die plafonds inderdaad met TTIP een heel eind verder omhoog worden bijgesteld. Kortom: geduchte concurrentie voor de Nederlandse varkens- en pluimveeboeren.


Lobbyist Frans van Dongen

"Als we hier weer een goed handelsverdrag met Japan voor terugkrijgen, kunnen we alsnog profiteren. We snappen dat vlees dan wisselgeld is binnen TTIP"

Wisselgeld

Opvallend genoeg is de overkoepelende Nederlandse vleesbranche (COV) desondanks voorstander van TTIP. Volgens Frans van Dongen, lobbyist voor COV in Brussel, heeft dat alles te maken met de andere internationale handelsverdragen waarover momenteel óók wordt onderhandeld: ‘We weten dat onze vleesindustrie er niet per se op vooruit gaat met TTIP, maar je moet dit verdrag zien binnen de grote lappendeken aan handelsverdragen. Als we hier weer een goed handelsverdrag met Japan voor terugkrijgen, kunnen we alsnog profiteren. We snappen dat vlees dan wisselgeld is binnen TTIP.’

En dat kan wel degelijk gevolgen hebben voor de dierenwelzijnsstandaarden die wij hier in Nederland hanteren, erkent Van Dongen: ‘Als er meer export van varkensvlees vanuit Amerika wordt toegestaan, bestaat de kans dat ons duurzamer varkensvlees deels wordt weggeconcurreerd.’

Dat gevaar verdwijnt volgens de branche-vertegenwoordiger niet door de dierenwelzijnsafspraken tussen supermarkten en ei- en vleesleveranciers. ’Die afspraken gelden namelijk niet voor het vlees dat op andere manieren in voedsel is verwerkt, zoals in kant- en klaarmaaltijden en snacks’, aldus Van Dongen. ‘Daarvan is dus te verwachten dat door TTIP in ieder geval een deel wordt vervangen door vlees uit de VS, waar het tegen lagere standaarden van dierenwelzijn is geproduceerd.’ Volgens een woordvoerder van Vion, het grootste vleesverwerkingsbedrijf van Nederland, valt momenteel inderdaad slechts de helft van het vlees dat ze verwerken onder bepaalde dierenwelzijnsafspraken.

Level playing field

Kortom: het is niet zozeer dat door het handelsverdrag Nederlandse dierenwelzijnsstandaarden naar omlaag worden bijgesteld; ze worden simpelweg weggeconcurreerd. Per saldo dus wel degelijk een verslechtering van het dierenwelzijn, ondanks de garanties van minister Ploumen. Die zijn er namelijk niet. Dat gaf zelfs Eurocommissaris Cecilia Malmström van Handel laatst toe bij een bezoek aan de Tweede Kamer: ‘Het klopt dat we geen dierenwelzijnseisen stellen binnen TTIP, noch aan enig ander land waar we handel mee drijven.’

Zijn ze bij de overheid dan doof en blind voor de mogelijke gevolgen van de Amerikaanse concurrentie? Natuurlijk niet. Uit documenten verkregen door een beroep op de Wet openbaarheid van bestuur, blijkt dat ambtenaren minister Ploumen er al in 2013 op wijzen dat het ‘een uitdaging’ wordt om een ‘level playing field’ te behouden als de Amerikanen toegang krijgen tot de Europese markt waar ‘nu hogere standaarden’ van dierenwelzijn gelden: ‘In de VS is weinig dierenwelzijnsregelgeving op federaal niveau. Daarnaast is de VS een ontwikkeld land dat zich o.a. op dit punt niet door de EU de les laat lezen of de EU-wetgeving op dit onderwerp over zal nemen.’

Wie ook al een jaar geleden bovenop dit dossier zat, is uitgerekend Europarlementariër Jan Huitema van de pro-TTIP partij VVD. In een blog op boerderij.nl schreef hij eind januari 2015 over de verdragsonderhandelingen: ‘Sommige voorbeelden zijn aansprekend, zoals de chloorkip en hormoonvlees. Over de huisvestingseisen van bijvoorbeeld kalveren, varkens en pluimvee, zoals het verbod op legbatterijen, wordt echter veel te weinig gesproken.’ En iets verder: ‘Wanneer de Europese Commissie niet weet te bewerkstelligen dat Europese standaarden worden gehandhaafd, ontstaat oneerlijke concurrentie voor Europese ondernemers die zich wél aan de strenge dierenwelzijnseisen houden.’

Breekpunt

Huitema heeft dus dondersgoed door dat TTIP onze dierenwelzijnsstandaarden kan wegconcurreren. Maar niet alleen dat, hij verbindt er in de column op boerderij.nl zelfs dure politieke conclusies aan: ‘Wat mij betreft moet dit net zo’n breekpunt worden als de chloorkip.’ En die chloorkip werd uiteindelijk uit TTIP verbannen. De bekende voedselwebsite Foodlog kopte dan ook juichend naar aanleiding van de column: VVD maakt dierenwelzijn breekpunt in vrijhandelsakkoord met de VS.

Maar er is iets opmerkelijks aan de hand met deze bewuste column. Uit nader onderzoek blijkt dat Huitema eerder die maand dezelfde blog al in het Engels op de website van de Brusselse lobbyist Patrick Gibbels plaatste. Dezelfde overpeinzingen, dezelfde duidelijke woorden. Alleen de laatste alinea luidt nét iets anders: ‘Als de Commissie niet weet te bewerkstelligen dat Europese standaarden worden gehandhaafd, moet er afscheid worden genomen van de strikte dierenwelzijnseisen voor Europese boeren, om een gelijk speelveld te kunnen behouden.’ Kortom: niet de onderhandelingen met TTIP vormen het doelwit van het breekpunt, maar de dierenwelzijnseisen zélf. Ook blijkt dat Huitema de column op boerderij.nl een paar dagen na plaatsing nog heeft laten aanpassen. Welke alinea dat betreft en de reden waarom laten zich raden.

In reactie op deze bevindingen laat niet Jan Huitema maar zijn collega Hans van Baalen, voorzitter van de Europese liberale fractie ALDE, weten dat de VVD wel degelijk pal voor de Nederlandse dierenwelzijnsstandaarden staat. Oók als die door toenemende concurrentie dreigen te worden ondermijnd. ‘Wanneer Amerikaanse varkens door TTIP meer toegang tot de Europese markt krijgen, zullen we daartegenover ook hogere importheffingen stellen’, aldus Van Baalen. ‘Zo zal onze varkensindustrie per saldo geen financieel nadeel ondervinden. Daar staan wij voor.’

Vleesbranche-vertegenwoordiger Van Dongen vindt die uitleg echter hoogst opmerkelijk: ‘Het hele idee is dat door TTIP importbelemmeringen worden weggenomen. Het is dan natuurlijk niet mogelijk om heffingen juist te gaan verhógen, zoals Van Baalen stelt. Het enige wat de EU kan, is zeggen dat als de Amerikanen niet aan onze dierenwelzijnseisen voldoen – en daar zúllen ze niet aan voldoen – wij minder tegemoet komen aan hun wens voor meer markttoegang. Dat is allemaal onderdeel van de onderhandelingen.’ En hij voegt er lachend aan toe: ‘Maar ik zal de VVD hier zeker scherp op houden!’


Woordvoerder ministerie Buitenlandse Zaken

"Het is aan voedselproducenten zelf te bezien welke componenten zij vervolgens voor de voedselproducten hanteren"

Het ministerie van Buitenlandse Zaken geeft desgevraagd een vergelijkbare reactie: ‘Afspraken over importquota kunnen de bedreigingen voor bepaalde gevoelige sectoren beperken. Voor de EU vormt dit in de onderhandelingen één van de opties. Het is aan voedselproducenten zelf te bezien welke componenten zij vervolgens voor de voedselproducten hanteren.’

Daarmee blijft dus één belangrijke vraag over. Is het inderdaad reëel te verwachten dat Europese voedingsbedrijven ervoor kiezen de binnenlandse vlees- en eiproducten in hun voedsel te vervangen door Amerikaanse waren, als ze daarmee goedkoper uit zijn? Of kiezen ze tegen de Amerikaanse verwachtingen in alsnog voor het ‘betere’ Europese vlees.

Unilever

De uitgelezen kandidaat om deze vraag te beantwoorden is voedselgigant Unilever, dat dit jaar Shell van de troon stootte als grootste beursbedrijf aan het Damrak en zichzelf graag in de etalage zet als duurzaam en transparant. Maar er is iets vreemds aan de hand als het gaat om Unilever en TTIP. Unilever houdt zich naar de buitenwereld namelijk muisstil over het handelsverdrag. Op geen enkele pagina van zowel de nationale als de internationale website is de term terug te vinden. En in geen enkele publicatie heeft het bedrijf zich erover uitgelaten.

Unilever houdt zich naar de buitenwereld muisstil over het handelsverdrag

Toch is Unilever wel degelijk voorstander van TTIP. Het laat zich immers op nationaal niveau in de onderhandelingen vertegenwoordigen door werkgeversorganisatie VNO-NCW en levensmiddelenbranche FNLI, beiden groot voorstander van TTIP. En op Europees niveau door de grote broers BusinessEurope en FoodDrinkEurope, ook uitgesproken vóór.

Om toch antwoorden te krijgen, legde Follow the Money de afdeling persvoorlichting van Unilever enkele kwesties voor over de mogelijke gevolgen van TTIP voor de samenstelling en beprijzing van hun producten. Ook vroegen we hoe het handelsverdrag zich in de ogen van Unilever verhoudt tot de duurzaamheidsambities van het bedrijf. Unilever kiest er echter voor niet op die vragen in te gaan. Op de aanvullende vraag of dat stilzwijgen niet schuurt met hun streven naar transparantie, wordt door de persvoorlichting simpelweg ontkennend geantwoord.

Oekraïne

Helaas is er inmiddels een ander verdrag dat kan verklappen hoe gevoelig Nederlandse voedingsbedrijven zijn voor lagere dierenwelzijnsstandaarden: het associatieverdrag met Oekraïne. Nu al zien we namelijk dat sinds de tariefmuren met dat land omlaag zijn geschroefd, oost-Europese legbatterijkippen met gemak hun weg naar de EU vinden. Volgens cijfers die 925.nl opdook, kon Oekraïne in 2015 zelfs al zo’n twee miljoen kippen kwijt aan de Nederlandse voedingsindustrie. Zielige kippen, verwerkt in onze soepen en sauzen.

Maar ook bij de totstandkoming van dat verdrag werd deze consequentie door niemand vermeld. Want minister Ploumen heeft blijkbaar goed geluisterd naar voormalig minister Piet Hein Donner en geconcludeerd: Handelsverdragen zijn net als worstjes. Je kunt maar beter niet zien hoe ze gemaakt zijn.


Dit artikel kwam mede tot stand dankzij gesprekken met vertegenwoordigers van land- en tuinbouworganisaties, VNO-NCW, Milieudefensie en het ministerie van Buitenlandse Zaken.

Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

Over de auteur

Lise Witteman

Gevolgd door 420 leden

Onze vrouw in Brussel. Volgt lobby's, legt netwerken bloot en bijt politici, belangenbehartigers en bestuurders in de enkels.

Volg Lise Witteman
Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
Annuleren
Dit artikel zit in het dossier

Internationale vrijhandelsverdragen

Gevolgd door 488 leden

Tegen vrije handel tussen burgers, landen en continenten valt weinig in te brengen. Grote internationale vrijhandelsverdragen...

Volg dossier