Drie misvattingen van het liberalisme

    Het liberalisme leert ons het individu centraal te stellen in ons denken over leven en handelen, inclusief economisch handelen. Hans de Geus verzet zich met kracht tegen deze zienswijze. De gedragswetenschap heeft allang aangetoond dat we veel meer tot samenwerking en gezamenlijkheid geneigd zijn dan liberalen wensen te geloven.

    Vrijheid blijheid, wie wil dat niet? Leven en laten leven. Heerlijk op jezelf, minding your own business. Daar is toch niemand tegen?

    Er is één probleempje. Of eigenlijk zijn er drie probleempjes. Ten eerste wil je helemaal niet op jezelf zijn. Niet écht. Je wilt niet totaal vrij zijn van enig sociaal verband. Ten tweede wil je graag iets bereiken samen, of in samenhang, met anderen. En ten derde wil je niet dat de vrijheid van anderen jou al te zeer in je eigen vrijheid belemmert.

    Dat klinkt redelijk, nietwaar? Onzin, zegt echter de leer van het liberalisme, deze problemen bestaan helemaal niet!

    Problemen op een rij

    Goed, laten we de problemen — die volgens het liberalisme dus geen problemen zijn — eens nalopen. De laatste is de makkelijkste. Gezellig vuurwerk afsteken moet kunnen, vindt onze liberale VVD. Tja, de afweging tussen een lolletje van 15 seconden van de één en het levenslang kapotte oog van de ander is natuurlijk subjectief, maar het zal uit dit voorbeeld duidelijk worden dat niet iedereen vrijer wordt van de vrijheid van een ander individu.


    "Het zal duidelijk worden dat niet iedereen vrijer wordt van de vrijheid van een ander individu"

    Dan het samenleven in een sociaal verband. Toen er nog geen maatschappij was, leefde ieder individu op zichzelf, in oorlog met alle andere individuen, aldus de Britse filosoof Thomas Hobbes (1588-1679). Het liberalisme gaat terug op Hobbes om aan de te tonen dat samenleven níet de natuurlijke staat van de mens is, en een gemeenschap of een overheid dus een noodzakelijk kwaad.

    Inmiddels is breed geaccepteerd dat mensen van nature juist in groepen leven

    Maar Hobbes zat er helemaal naast. Dankzij biologen als onze eigen Frans de Waal, die sociaal gedrag bij apen bestudeert, is inmiddels breed geaccepteerd dat mensen van nature juist in groepen leven, in zekere harmonie. Dat is ook logisch, want alleen door samen te werken kun je als stam overleven. De ‘Hobbesiaanse dwaling’ noemen politicologen deze liberale misvatting.

     

    Tot slot het samenwerken. Gemeenschappelijk iets bereiken kan meerdere vormen aannemen. Een coöperatie of lokale overheid, bijvoorbeeld, waarbij de baten toevallen aan het geheel, of juist het andere uiterste: een private firma waarvan bij het eigendom bij individuele aandeelhouders ligt.

    Tragedie van de meent

    Het moge duidelijk zijn dat liberalen gruwen van de eerste, communale vormen. Ook die opvatting berust op een klassieke aanname, en u raadt het al: ook die aanname is bewezen onjuist. We hebben het hier over een belangrijk begrip dat de ‘tragedie van de meent’ heet. Deze tragedie luidt dat een communaal beheerd stukje landbouwgrond altijd teloor zal gaan omdat het individuele belang er zoveel mogelijk koeien op te laten grazen niet te verenigen is met het collectieve belang het landje puik in orde te houden met voldoende gras voor álle koeien.

    Er zijn allerlei hedendaagse voorbeelden van goed functionerende coöperaties

    Maar wie gelooft in deze onvermijdelijke teloorgang van de meent, in het Engels beter bekend als de 'common,' doet de werkelijkheid geweld aan. Er zijn namelijk allerlei hedendaagse voorbeelden van goed functionerende coöperaties, of van visserijgebieden die, o ironie, pas werden verwoest door overbevissing toen er grote private westerse vissersbedrijven op werden losgelaten die de zee in korte tijd leegschepten.

    Wist u trouwens dat het idee van commoning met een beetje fantasie aan de basis staat van onze moderne democratie met gedeelde macht tussen bestuur en parlement? Dat zit zo: bij de beroemde Magna Carta, die in het Engeland van begin 13e eeuw voor het eerst de macht van de vorst inperkte, was als bijlage de zogenoemde Charter of the Forest gevoegd. Zoals de koning van de absolute macht moest afblijven, moet de adel, zo werd in de Charter of the Forest vastgelegd, met zijn tengels van het bos afblijven zodat het volk er vrijelijk de vruchten van kon blijven plukken.

    Sociale controle werkt

    Wat we hiervan kunnen leren is dat gemeenschappelijk beheer van een productiemiddel op beperkte schaal prima mogelijk is dankzij sociale controle en reciprociteit, eigenschappen die de kern zijn van menselijk samenwerken maar die door het liberalisme worden ontkend. Pas als de schaal te groot wordt, ontstaat er behoefte aan een sterke overheid om free riding te voorkomen.

    Ook vandaag wordt door sommigen de uitweg uit het onvermogen van zowel overheid als bedrijfsleven om aan de belangrijkste uitdagingen het hoofd te bieden, wel gezocht in commoning. Het is natuurlijk de vraag of dit terecht is, maar persoonlijk vind ik het machtig interessant. Het lijkt me bovendien erg gezellig — al mag dat er volgens economen niet toe doen.

    Over de auteur

    Hans de Geus

    Commentator & journalist financiële markten en economie.

    Lees meer

    Volg deze columnist

    Dit artikel krijg je cadeau van Follow the Money.

    Diepgravende onderzoeksjournalistiek kost tijd en geld. Steun ons en

    word lid