Een stevig debat over voedsel

    Het borrelt binnen de voedingssector. Vrijwel alle belangrijke spelers zijn zich terdege bewust van de levensgrote uitdagingen die raken aan de duurzaamheid, robuustheid en gezondheid van onze voedselvoorziening. Volgens gastauteur Lise Witteman zijn alle ogen nu eerst gericht op de overheid: komt staatssecretaris Dijksma eind deze week met een doorwrochte voedselstrategie?

    Ruim een jaar geleden voorzagen de coalitiepartijen VVD en PvdA al een ‘stevig debat’ over de vraag of de overheid moet komen met een specifieke visie op voedsel. De Wetenschappelijke Raad voor Regeringsbeleid (WRR) had namelijk juist het lijvige rapport ‘Naar een voedselbeleid’ gepubliceerd, waarin de ene na de andere heikele, aan voeding gerelateerde kwestie wordt aangesneden. Er zou een reactie vanuit het kabinet op volgen, zo beloofde staatssecretaris Dijksma de Kamer. En wel aan het begin van 2015. Enkele uitstelbrieven later verwacht nu iedereen dat eind deze week, vlak voor de behandeling van de landbouwbegroting, de brief er ligt en de discussie kan losbarsten. Maar wat mogen we eigenlijk van zo’n kabinetsbrief verwachten? Gesteld dat de staatssecretaris het rapport zo serieus neemt als ze heeft gezegd, moet ze - om maar wat te noemen - een inhoudelijke reactie formuleren op de steeds grotere positie die enkele grote spelers op de zaden-, kunstmest- en pesticidenmarkt innemen; op de macht die supermarkten binnen de voedselketen verwerven door het invoeren van huismerken en eigen kwaliteitsstandaarden; op multinationals die landbouwgronden opkopen om meer grip te krijgen op de wereldwijde voedselvoorziening; op de kwetsbaarheid van de Nederlandse soja-import; op de tegengestelde belangen rond het tegengaan van voedselverspilling en ongezond eten; op de uitzonderingspositie van landbouw binnen het klimaatbeleid; enzovoort, enzovoort. En dan zijn we nog niet eens bij de adviezen van de Raad aangeland.

    Wisselende reacties

    Het hoofdstuk met de adviezen is waar het écht ingewikkeld wordt. Want hoewel de opsomming van voedselvraagstukken door vrijwel iedereen min of meer wordt onderkend, zijn het vooral de aanbevelingen van de WRR die bijvoorbeeld de levensmiddelenindustrie, verenigd in de Federatie Nederlandse Levensmiddelen Industrie (FNLI), de gordijnen in jaagt. Zoals het pleidooi voor een verschuiving van dierlijke naar plantaardige producten. Of het idee voor een vereveningsfonds waarbij ongezond voedsel duurder wordt gemaakt dan gezond voedsel. En wat te denken van meer transparantie wat betreft het gebruik van zout en suiker in voedsel? Of misschien snoeien in het oerwoud aan productkeurmerken? 'Kijk, de voedingswetenschap is een nieuwe wetenschap', legt FNLI-directeur Philip den Ouden zijn weerstand desgevraagd uit. 'Inzichten veranderen continu. Van een aardbei weten we inmiddels misschien van een paar eigenschappen wat ze doen in je lichaam, maar van de rest nog helemaal niets. Alles wordt nu gesimplificeerd en ingedeeld in "gezond" of "ongezond", maar wie weet wat we over vijf jaar over die aardbei weten die we nu op handen dragen. Intussen sluit de industrie trouwens wél het ene na het andere convenant om te doen wat haalbaar is op het gebied van gezondheid en duurzaamheid, maar daar is weinig oog voor.' Eenzelfde redeneerlijn is terug te vinden bij regeringspartij VVD, bij monde van Tweede Kamerlid Bart de Liefde: 'Voeding is te ingewikkeld om sluitende regelgeving te maken zodat je alleen goede voeding promoot en slechte voeding ontmoedigt. Want wat is slecht? Suiker is niet slecht voor je, teveel suiker wel. Het ligt bij suiker, zout en vet dus heel anders dan bij roken, wat sowieso altijd ongezond is. Of draai het eens om: je gaat toch ook niet sporten afraden omdat je er blessures van kunt krijgen?' De Liefde denkt dan ook in heel andere oplossingsrichtingen voor de genoemde problemen: 'Geef bijvoorbeeld economische groei de ruimte en verhoog zo de welvaart. Het is namelijk vaak zo dat wie een goed inkomen heeft, ook bewustere en betere voedingskeuzes maakt.'
    DE WRR PLEIT VOOR HET VERSCHUIVEN VAN DE FOCUS. NIET MÉÉR, MAAR ANDERS
    Daarmee raakt De Liefde onbedoeld een volgend heikel punt uit het rapport. Want de WRR pleit er juist voor dat de focus verschuift van het alsmaar opvoeren van de landbouwproductie, naar vooral een duurzamer en robuuster landbouwbeleid. Niet méér, maar anders. Voer voor boze boeren, zou je verwachten. Maar opmerkelijk genoeg omarmde de Land- en Tuinbouw Organisatie Nederland (LTO) het rapport in een zeer ruimhartig persbericht. 'We kunnen niet langer heen om de vragen op het gebied van volksgezondheid, dierenwelzijn, milieu en landschapsbeheer', zo stelde LTO-voorzitter Albert Jan Maat daarin. 'We zien ook de keerzijde van ons succes.'

    Visie politiek

    Dat de sector zelf eveneens een bewustmakingsproces doormaakt, herkent ook Gerard de Vries, voormalig WRR-lid en initiatiefnemer van het rapport. 'Er heerst een diep gevoeld besef dat als we zo doorgaan, het onherroepelijk fout gaat. Met grote gevolgen voor het klimaat en voor de volksgezondheid, maar óók voor de industrie.' Tegelijk merkte De Vries in de congreszaaltjes waar hij ‘Naar een voedselbeleid’ ten overstaan van de industrie verdedigde dat als het gaat om het vinden van oplossingen 'iedere speler eerst kijkt naar zijn buurman. Wat doet die?' Daarom moet volgens de wetenschapper nu eerst de politiek met een visie op voedsel komen.
    'IEDERE SPELER EERST KIJKT NAAR ZIJN BUURMAN.' DAAROM MOET DE POLITIEK MET EEN VISIE KOMEN
    En zo zijn we weer terug bij de enorme opgave waar staatssecretaris Dijksma zich voor gesteld ziet. Als we mogen afgaan op haar eerdere toezeggingen aan de Kamer, staan in de te verschijnen kabinetsreactie in ieder geval ‘aanvullende voorstellen voor het verminderen van de voedselverspilling’ en gaat ze verder in op de problemen die consumenten ondervinden met keurmerken. Voor het overige verwachten ingewijden dat de staatssecretaris, ingeklemd als zij zit tussen de diametraal tegengestelde ideeën van regeringspartijen VVD en PvdA, vooral met een 'agenda' zal komen op basis waarvan de discussie over een mogelijk toekomstig voedselbeleid kan worden afgetrapt. En wat die agenda ook zal blijken te zijn: het belooft inderdaad een stevig debat te worden. Lise Witteman werkte na haar rechtenstudie en master Journalistiek als financieel en politiek journalist voor onder meer het Financieele Dagblad, NU.nl en Omroep WNL.
    Over de auteur

    Gastauteur

    FTM.nl biedt opiniemakers de gelegenheid om – op uitnodiging – een bijdrage aan maatschappelijke discussies te leveren.

    Lees meer

    Volg deze columnist

    Dit artikel krijg je cadeau van Follow the Money.

    Diepgravende onderzoeksjournalistiek kost tijd en geld. Steun ons en

    word lid