© Cortés

    Zorgverzekeraars als Promovendum en Besured halen de krenten uit de pap en drijven zo de zorgpremies op voor de rest van het volk. Het kan ook anders, schrijft columnist Irene van Staveren. Een voorstel voor een zorgpolis waar iederéén profijt van heeft.

    In mijn vorige column schreef ik over verdeel-en-heers zorgpolissen. Ziektekostenverzekeraars zoals Promovendum en Besured halen de krenten uit de pap door zich te richten op groepen die statistisch gezien de minste zorgkosten maken, zoals hoger opgeleiden en studenten. Ze bieden messcherpe premies voor de basisverzekering, waar velen in de doelgroep zich door laten verleiden.

    Promovendum stelt op de website dat het de snelst groeiende zorgverzekeraar van het land is. De wettelijke acceptatieplicht verbiedt hen anderen te weigeren voor de basisverzekering, maar de gelikte marketing weet de doelgroep geslepen aan te spreken. En vervolgens worden er, geheel binnen de wet, uitsluitend voor deze doelgroep aanvullende verzekeringspakketten aangeboden — tegen even gunstige voorwaarden.

    Voor een betaalbare premie hoeven we niet terug naar een nationale publieke zorgverzekering

    Het probleem hiervan is niet alleen toenemende ongelijkheid, maar ook dat de premies voor alle sociaaleconomisch minder fortuinlijke burgers alleen maar opgedreven worden. Naarmate de cherry-pickende verzekeraars er nog beter in slagen de dubbel-fortuinlijken aan zich te binden, wordende gezamenlijke zorgkosten voor die groep namelijk alleen maar hoger.

    Natuurlijk is deze trend niet in het algemeen belang — niet vanuit rechtvaardigheidsperspectief, en evenmin vanuit het maatschappelijke perspectief. Die laatste vaart er namelijk wel bij de zorgkosten beheersbaar te houden.

    Maar het kan anders. De meeste polissen zijn inclusief en maken gebruik van zogenoemde kruissubsidies. Eigenlijk zijn dit gewoon verzekeringen zoals ze bedoeld zijn: omdat je niet weet wie pech heeft en wie geluk, draagt iedereen bij — zonder aanziens des persoons. Zo kan er uitgekeerd worden aan de pechvogels.  Hoe groter en gevarieerder de groep verzekerden, des te beter dat over het algemeen lukt — en tegen de laagst mogelijke premie. Zolang je maar groepen met zowel laag als hoog risico erbij hebt, kan de premie betaalbaar blijven.

    Toch hoeven we daarvoor niet, zoals de SP bepleit, terug naar een nationale publieke zorgverzekering. De schaal kan best kleiner; het hoeft niet eens per sé een staatsvoorziening te zijn.

    "Het opzetten van een efficiënte inclusieve zorgpolis vergt wél visie"

    Maar het opzetten van een efficiënte inclusieve zorgpolis vergt wél visie. Om de premie zo laag mogelijk te houden, moet er namelijk wel een collectieve wil zijn om onnodige zorgkosten te voorkomen — bijvoorbeeld door het aannemen van een gezonde levensstijl.

    Neem bijvoorbeeld de Rotterdampolis van VGZ, waar 55.000 stadsbewoners aan deelnemen: deze oogt sympathiek, maar is erg duur. Hoewel het eigen risico slechts 50 euro bedraagt, betaal je 160 euro per maand voor de (verplichte) combinatie van basis- en aanvullende verzekering. 

    De polis is daarnaast alleen beschikbaar voor Rotterdamse minima. Daar is weinig inclusiefs aan, want er wordt niet slim gebruik gemaakt van kruissubsidies. VGZ compenseert gewoon het lagere eigen risico met een hogere premie. Daarnaast doet de gemeente er voor de laagste inkomensgroep maandelijks 10 euro per persoon bij. Ordinaire subsidie uit de gemeentekas dus — geen kruissubsidie tussen verschillende risicogroepen. Dat moet beter kunnen.

    Waarom geen trotse Rotterdampolis die álle Rotterdammers met elkaar verbindt — van Kralingen tot Katendrecht en van Hillegersberg tot Hoogvliet? Dat zou kunnen door gebruik te maken van inzichten uit de sociale economie en gedragseconomie. Ten eerste om hogere inkomensgroepen en studenten erbij te halen. Ten tweede om de wisdom of the crowd te benutten. En ten derde om deze stadspolis als hefboom te gebruiken voor verbinding in de stad. 

    Zorgen doe je samen — mét elkaar, in plaats van tegen elkaar

    Een Rotterdamse zorgpolis-app is hiervoor onmisbaar. Denk aan digitale competities tussen groepen op basis van leeftijd of een ander criterium dat dwars door sociale klassen snijdt. Bijvoorbeeld door met een gratis Rotterdamse stappenteller (die alleen stappen binnen de gemeentegrenzen telt) een stappencompetitie te organiseren. Grote kans dat de postbezorger een hogere score haalt dan de havenbaron. Zulke ‘nudges’ hebben bewezen te werken, omdat mensen nu eenmaal van spelletjes houden.

    Of bijvoorbeeld door een stukje software ieder half jaar op willekeurige basis maatjes aan elkaar te laten koppelen — in kleine groepjes, dwars door een aantal bij elkaar liggende rijke en arme wijken heen. De app daagt hen vervolgens uit om elkaar tips te geven en moed in te spreken bij het aanleren en doorzetten van een gezondere leefstijl. Samen een wandelclubje beginnen bijvoorbeeld, of één keer per week samen gezond koken en eten.

    En natuurlijk zijn er de verbindende extra's die iedere Rotterdammer wel graag wil hebben: van kaartjes voor wedstrijden van een van de drie eredivisieclubs in de stad tot gratis themarondleidingen in musea door vrijwilligers (ja, andere Rotterdampolishouders). Een zorgpolis waar je als Rotterdammer graag bij wilt zijn — en niet alleen vanwege de marktconforme premie.

    Ik daag Zorgverzekeraars Nederland, de belangenbehartiger van alle zorgverzekeraars, uit om zulke polissen te ontwikkelen. Al was het maar om een signaal af te geven aan de cherry-pickers onder de polisaanbieders. Zorgen doe je tenslotte samen — mét elkaar, in plaats van tegen elkaar.

    Over de auteur

    Irene van Staveren

    Hoogleraar pluralist development economics aan het Institute of Social Studies van de Erasmus Universiteit Rotterdam.

    Lees meer

    Volg deze columnist
    Dit artikel zit in het dossier

    Wat maakt onze zorg zo duur?

    Gevolgd door 794 leden

    In het dossier 'wat maakt onze zorg zo duur?' doen wij onderzoek naar de zorgkosten. Ieder jaar geven we met z'n allen weer m...

    Lees meer

    Volg dossier

    Dit artikel krijg je cadeau van Follow the Money.

    Diepgravende onderzoeksjournalistiek kost tijd en geld. Steun ons en

    word lid