Beeld door Wikipedia-gebruiker Jürgen Matern
© CC BY-SA 3.0

Eurobonds hóren bij een muntunie? Onzin!

    De eurolanden moeten gezamenlijke staatsobligaties gaan uitgeven omdat gezamenlijke staatsobligaties horen bij een muntunie. Dat dat echter onzin is, laat de geschiedenis van de Deutschlandbunds, zeg maar de eurobonds in de muntunie die Duitsland is, heel mooi zien.

    De Europese Commissie in Brussel wil de schulden van de eurolanden samenbundelen en de bundeling aan beleggers verkopen als een soort supranationale staatsobligaties. Het is een onderdeel van het grotere plan voor (financiële) hervormingen in de muntunie tot 2025. Eurobonds, wordt dat nieuwe product ook wel genoemd, of ESBies — waar ESB staat voor European Safe Bonds

    Enerzijds zou zo’n bundeling de muntunie verder stutten, bijvoorbeeld omdat er dan ineens meer vraag zou komen naar staatsobligaties van de zwakkere eurolanden. Hun schuldpapier wordt dan immers met een nietje vastgemaakt aan het Duits en Nederlands schuldpapier. Wie de schuldbewijzen van die laatste landen wil hebben – en dat is zo’n beetje elke belegger – zal dan ook de Griekse en de Italiaanse staatsobligaties op de koop toe moeten nemen.

    Heeft u wel eens van Deutschlandbunds gehoord?

    Anderzijds zou die bundeling een potentieel probleem in de toekomst wellicht voorkomen. De angst in Brussel is dat wanneer de ECB één keer stopt met het opkopen van staatsobligaties van de eurolanden, sommige eurolanden in problemen zullen komen. Dat zou kunnen gebeuren doordat de vraag naar staatsobligaties zou dalen of, waarschijnlijker, doordat de rente die beleggers eisen om geld te lenen aan bijvoorbeeld Rome of Lissabon omhoog zou spuiten. De bundels van staatsobligaties die ‘Brussel’ bepleit, zouden dat voorkomen. 

    Waarom we, in mijn ogen, de deur voor ESBies stevig dicht moeten houden, heb ik in een eerdere bijdrage uiteengezet. In dit stuk ga ik het een en ander niet herhalen maar wil ik aan de hand van een relevante en vergelijkbare ervaring in Duitsland laten zien dat het argument dat gezamenlijke staatsobligaties bij een muntunie horen en dus een must zijn in zo’n unie, onzin is.   

    Heeft u wel eens van Deutschlandbunds gehoord? Misschien dat u nu denkt ‘ja, natuurlijk, dat zijn de Duitse staatsobligaties’. Maar dát bedoel ik niet — ik heb het over Deutschlandbunds, iets heel anders.

    Nein, nein, nein!

    De federale regering in Berlijn geeft elk jaar veel Duitse staatsobligaties — ook wel Bunds genoemd — uit. Daarnaast brengen ook de afzonderlijke Duitse Bundesländer echter ook hun eigen schuldpapier op de markt. Een belegger kan dus bijvoorbeeld staatsobligaties van Beieren of Noordrijn-Westfalen kopen. 

    Als Noordrijn-Westfalen niet kan voldoen aan zijn verplichtingen, dan zullen deelstaten als Beieren daarvoor opdraaien

    Soms komt het ook voor dat enkele van deze deelstaten samen de markt op gaan. Zij verkopen dan gezamenlijke schuldbewijzen, die beleggers Jumbo’s noemen. De voornaamste reden is om zo voor een levendige markt te zorgen. Het grote voordeel daarvan is dat beleggers weten dat er altijd wel een koper is mochten ze hun stukken kwijt willen. Die ‘hoge liquiditeit’ zorgt ervoor dat beleggers genoegen nemen met een lagere rente. 

    Deutschlandbunds zijn de staatsobligaties die door de federale overheid en de deelstaten tezamen moeten worden uitgegeven, iets waar veel Bundesländer al heel lang voor vechten. Op het eerste gezicht lijkt er geen verschil te zijn tussen de Deutschlandbunds en de zojuist genoemde Jumbo’s, maar die schijn bedriegt.

    Hét grote verschil is namelijk dat, waar bij Jumbo’s enkele Duitse deelstaten samen obligaties aan beleggers verkopen maar ieder van hen aansprakelijk blijft voor zijn eigen deel van de schuld, bij Deutschlandbunds zou gelden dat alle deelnemende partijen garant staan voor de totale schuld. Als Noordrijn-Westfalen dus om welke reden dan ook niet kan voldoen aan zijn rente- en aflossingsverplichtingen, dan zullen andere deelstaten als Beieren daarvoor opdraaien. 

    Ik gebruik Noordrijn-Westfalen en Beieren niet toevallig als voorbeelden. De eerstgenoemde deelstaat pleit al heel lang voor Deutschlandbunds: met een totale schuld van circa 180 miljard euro is Noordrijn-Westfalen namelijk met grote afstand de meest verschuldigde Duitse deelstaat, een soort Duitse versie van Portugal.

    Solidariteit

    Met de invoering van Deutschlandbunds zou deze deelstaat kunnen profiteren van de uitstekende kredietwaardigheid van de federale regering en enkele andere deelstaten — zoals bijvoorbeeld Beieren. Daardoor zou Noordrijn-Westfalen een lagere rente betalen; beleggers kunnen immers altijd voor hun geld in Berlijn of München aankloppen.

    "Dat eurobonds en andere vormen van financiële solidariteit bij een muntunie horen, is een kulargument"

    Tegen zo’n soort solidariteit zegt onder meer Beieren echter ‘nein danke’ — om begrijpbare redenen. Onder meer Beieren is namelijk bang dat het vroeg of laat via zulke Deutschlandbunds zou opdraaien voor de hoge schulden van veel andere Duitse deelstaten. 

    De roep om Deutschlandbunds is heel oud. Toch zijn die schuldbewijzen, die sterk lijken op een binnenlandse versie van de eurobonds voor Duitsland, er nooit gekomen. Althans, in de praktijk niet. Op papier wel. 

    Op 26 juni 2013 werd namelijk de eerste serie wat men Deutschlandbunds heeft genoemd op de markt gebracht. Maar die term is eigenlijk niet van toepassing: om te beginnen is de daadwerkelijke omvang met 3 miljard euro lachwekkend klein. Ten tweede is er geen sprake van dat de deelstaten garant staan voor elkaars schuld. Iedere deelnemende deelstaat en de federale overheid zijn namelijk aansprakelijk voor hun eigen deel van de schulden.

    Kulargument

    En tot slot, het belangrijkste: 6 van de 16 Bundesländer, doorgaans de relatief rijke en/of weinig verschuldigde deelstaten zoals Beieren, Hessen, Sachsen en Thüringen, wilden er niets van weten en doen dan ook niet mee. Het zijn dus eerder de eerder genoemde Jumbo’s dan Deutschlandbunds. 

    De nadelen van eurobonds overtreffen de voordelen ruimschoots

    Wat heeft dit alles van doen met het voorstel van de Europese Commissie voor (een voorloper van de) eurobonds? Simpel: het argument dat eurobonds en andere vormen van financiële solidariteit bij een muntunie horen, is een kulargument. Duitsland is een politieke en monetaire unie die bovendien ook nog eens een stuk homogener is dat de eurozone, namelijk met wél een gemeenschappelijke historie en, belangrijk, dezelfde financiële normen en waarden. 

    En toch functioneert zo’n unie al heel lang prima zonder gezamenlijk schuldpapier. Wat kunnen we daaruit concluderen: nee, de eurobonds, in welke vorm dan ook, horen niet automatisch bij de Europese muntunie. Zouden ze dat wel doen, dan hadden de Deutschlandbunds namelijk al lang geleden het daglicht gezien.

    Omdat de nadelen verbonden aan die eurobonds de voordelen, zeker voor landen als Duitsland en Nederland, ruimschoots overtreffen, en omdat veel andere eurolanden niet bepaald voor vertrouwen zorgen die nodig is om onze portemonnees samen te voegen, moeten we alles wat naar eurobonds riekt in de kiem smoren — wat voor naam de Europese Commissie ook aan het beestje moge geven.

    Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

    Over de auteur

    Edin Mujagic

    Gevolgd door 812 leden

    Een onafhankelijke macro-econoom, spreker en publicist. Zijn nieuwste boek gaat over de Nederlandse monetaire geschiedenis.

    Volg Edin Mujagic
    Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
    Annuleren