'Europese economie is structureel ongezond'

    Blackrock topman Larry Fink noemde de Europese economie in zijn interview met Het Financieele Dagblad vanochtend 'structureel ongezond'. Maar in plaats van de juiste conclusies te trekken trekt Fink de inmiddels overbekende neoliberale kaart van structurele hervormingen.

    Als je topman bent van een beleggingsfonds dat maar liefst 4770 miljard dollar onder beheer heeft (waarvan 210 miljard dollar van Nederlandse particulieren), dan tel je mee en wordt er naar je geluisterd. Mede hierom heb ik dat interview met interesse gelezen. Wat was de boodschap van meneer Fink?

    Dubbele boodschap

    Fink gaf eigenlijk een dubbele boodschap af. Enerzijds was hij positief over 'Europa', althans voor dit jaar en misschien wel komend anderhalf jaar. Anderzijds noemde hij de Europese economie 'structureel ongezond'. Hoe vallen die twee uitspraken met elkaar te rijmen? Het optimisme van Fink wordt gevoed door zijn mening dat de Europese banken er veel beter voorstaan dan enkele jaren geleden en door het rigoureuze opkoopprogramma van de ECB, die voor zestig miljard euro per maand staats- en bedrijfsobligaties opkoopt. Het bekende QE (Quantitative Easing) programma. Deze twee factoren zorgen er volgens Fink voor dat de markten voorlopig voldoende vertrouwen hebben in de Europese economie, dat banken weer geld durven uitlenen en dat overheden meer tijd hebben om de - in Fink's ogen noodzakelijke - hervormingen door te voeren. Onzeker wordt het als de ECB stopt met haar opkoopprogramma. Als overheden dan niet de structurele hervormingen hebben doorgevoerd, dan is alles voor niets geweest, aldus Fink.

    Structurele hervormingen

    Fink zit dus op de neoliberale lijn van noodzakelijke structurele hervormingen (lees: lagere lonen en pensioenen, versoepeling arbeidsvoorwaarden en vermindering ontslagbescherming) als oplossing voor de eurocrisis. Maar op die visie is het nodige af te dingen zoals hieronder zal blijken, ze verzuimt bovendien de werkelijke problematiek te benoemen en biedt derhalve een eenzijdige oplossing aan, geen structurele. Het is waar dat binnen de EU minder innovatie plaatsvindt dan in de VS of Azië. Het is ook waar dat een Grieks vertrek uit de eurozone niet rampzalig meer is voor de financiële markten. Om met Fink's woorden te spreken: 'dat [een eventuele Grexit, red.] zie ik meer als een mooi koopmoment, niet als systeemrisico. De verliezen komen niet bij de private sector terecht, dus op welke manier is het een probleem?' Duidelijker had hij het niet kunnen zeggen; alle risico's van een eventueel Grieks vertrek uit de eurozone zijn van de financiële sector verschoven naar de publieke sector, dat wil zeggen naar de Europese belastingbetaler. De Griekse miljardenverliezen komen voor rekening van de Europese belastingbetaler. So far for Fink.
    Op de analyse van Fink kan het nodige afgedongen worden
    Maar op de analyse van Fink kan het nodige afgedongen worden. Om te beginnen zijn claim dat de Europese bankensector er goed voorstaat. Nog vorige week verlaagde kredietbeoordelaar Fitch de kredietwaardigheid van een dozijn grote Spaanse banken. En het valt ook te bezien of dat ECB-opkoop programma wel soelaas biedt voor de reële economie. Intussen plaatsen steeds meer economen vraagtekens daarbij, sterker, zij noemen het 'overbodig' en zelfs 'gevaarlijk'. Het risico bestaat dat het QE programma juist voor nieuwe zeepbellen op de aandelenmarkten zal zorgen. De economische groei of herstel van werkgelegenheid worden er niet mee gediend. Dan zijn claim dat er dus maar één ding opzit om te voorkomen dat de Europese economie 'structureel ongezond' blijft en dat is het doorvoeren van structurele hervormingen. Je kunt je afvragen hoe realistisch het is dat Frankrijk en Italië - de tweede en derde economie van de eurozone - zullen hervormen. Dat hebben ze de afgelopen vijf jaar immers ook niet gedaan en met de totstandkoming van de bankenunie en het opkoopprogramma van de ECB is de noodzaak om te hervormen flink afgenomen. Tel daarbij op dat met name Frankrijk telkens uitstel krijgt van de Europese Commissie om aan de convergentie criteria te voldoen en de cirkel is rond.

    Vertrouwen

    En er speelt nóg een facet bij die 'structurele hervormingen'. Op het moment dat je de inkomens en baanzekerheid van mensen gaat verminderen daalt hun koopkracht respectievelijk hun consumentenvertrouwen. En het is juist dat vertrouwen dat hersteld moet worden. Niet alleen bij de consument, maar óók bij de producent. Het grote probleem - niet alleen in de eurozone, maar de facto wereldwijd - is nu juist, dat het vertrouwen in de economie ontbreekt. Om dat vertrouwen te herstellen moet je juist een beleid voeren dat er op gericht is dat mensen meer overhouden in hun portemonnee, dat hun baanzekerheid wordt geboden en dat ondernemers weer perspectief zien. Maar de enorme schuldenberg, de hoge belastingdruk voor huishoudens en het ontbreken van perspectief voor ondernemers en investeerders staan dat herstel van vertrouwen in de weg.
    De werkelijke oorzaak van de crisis blijft onopgelost
    En ook al lukt het landen als Frankrijk en Italië om te hervormen, dan nog blijft de werkelijke oorzaak van de crisis onopgelost: de structurele verschillen in concurrentievermogen tussen de eurozone landen. Zolang dát niet wordt opgelost, blijft praten over 'crisis-oplossingen' vooral een academische discussie. Slechts wanneer de monetaire flexibiliteit in de eurozone wordt hersteld kan er gebouwd worden aan herstel van vertrouwen. En dan is er ook veel meer maatschappelijk draagvlak voor die hervormingen die nodig zijn om vastgelopen markten te ontsluiten.

    Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

    Over de auteur

    Jean Wanningen

    Gevolgd door 230 leden

    Jean Wanningen (Weert, 1957) is een veelkleurige persoonlijkheid. Ging na ‘verkeerde’ studies bij een gerenommeerde investmen...

    Volg Jean Wanningen
    Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
    Annuleren