Failliet, of niet

    Steeds meer verzekeringstussenpersonen gaan failliet, maar de consequenties trekken uit de woekerpolisaffaire doen ze ook niet.

    Tot nu toe zijn er dit jaar meer dan 100 assurantiekantoren failliet gegaan. Dat kan natuurlijk. De economie zit niet mee en er zijn grote veranderingen, zoals de toenemende mogelijkheden van het internet. Een tussenpersoon is een ondernemer en moet zich net als elke andere ondernemer aan de omstandigheden zien aan te passen. Elke vorm van een overlevingskans voert terug naar de klant. De klant centraal is nu het motto in verzekeringsland. Dat had natuurlijk altijd al zo moeten zijn.

    "Graaiende assurantiepenose"
    Een tussenpersoon heeft niet alleen met de marktomstandigheden en de klant te maken. De overheid en andere bovenlagen zijn er ook nog. De tussenpersoon Wim Koster spreekt zich uit in het vakblad Assurantie Magazine. Hij heeft zijn omzet zien dalen en zijn winst zien verdampen. Volgens Wim Koster is dit mede te wijten aan de "graaiende assurantiepenose" die wetgever en toezichthouder tot onbegrijpelijke maatregelen heeft gedwongen. Dat heeft de gewone tussenpersoon in een uiterst lastige positie gebracht. "Media, pastor en leraar mogen ons de les lezen, politici en ambtenaren mogen ons wetten en regels voorschrijven, terwijl ook gepensioneerden, consumentenorganisaties, natuurvrienden, dierenbeschermers en zelfs concurrenten eisen aan ons mogen stellen". Een belangrijke negatieve rol daarbij is volgens Koster weggelegd voor het "haute finance-netwerk van beleidsmakers en politici die voor de vorm jagen op door verzekeraars opgejaagde hit- en runkantoren, maar in de praktijk goed georganiseerde assurantiekantoren schofferen en in hun bestaan bedreigen".

     

    Als verzekeraars komen we graag bij de mensen thuis

    Tussenpersoon houdt zich schuil
    De hele wereld heeft een mening over de opleidingseisen en de beloningssystemen van de tussenpersonen. Zeer waarschijnlijk terecht, tussenpersonen hebben er jaren weinig aan gedaan om een betrouwbaar en goed imago in de lucht te houden. Wie de schoen past, trekt deze maar aan. Het beeld van provisiejagers is algemeen en lijkt onbetwist. Zolang provisie niet transparant is en met bonussen kan worden verhoogd wordt dit beeld dan ook terecht bevestigd. Het eind van de provisie als beloning is in zicht. Voor de belangrijkste sparende verzekeringsvormen, de complexe producten, zal zij in 2013 worden afgeschaft.

    Ook in de woekerpolisaffaire heeft de tussenpersoon er tot nu toe weinig aan gedaan een actieve rol te spelen bij de oplossing van het vraagstuk. Men was en is vaak en nog steeds afwachtend. De Adfiz, de vakorganisatie van de tussenpersonen, wordt nu wel actief met de introductie van software waarmee levensverzekeringen op de kostenstructuur kan worden doorgerekend. Nu pas, het begrip woekerpolis bestaat al vanaf 2006.
    De traagheid van reageren van tussenpersonen kan worden verklaard door wederom de provisie. Als een adviseur actief zijn klant uitlegt wat er mis is met een levensverzekering, (ten aanzien van de transparantie van de kosten, de risicopremies, hefboom- en inteereffecten, rendementsopgaven, kortom ten aanzien van de kenmerken van woekerpolissen) dan wil de klant veelal de polis beëindigen, afkopen of premievrij maken. En dan moet de nog niet verdiende provisie worden terugbetaald. Een goed motief om je jarenlang schuil te houden. Dat werkt de verbetering van het imago van de tussenpersoon niet in de hand.

    Brief aan de Tweede Kamer

    Stichtingen zijn met verzekeraars overeenkomsten aangegaan om tot een oplossing van het woekerpolisvraagstuk te komen. Ze blijken een wassen neus. Gebaseerd op de Aanbeveling van maart 2008 van de voormalige Ombudsman Wabeke stellen de mogelijke compensatiebedragen voor de klanten praktisch niets voor. De politiek heeft dit waargenomen en heeft aan de Minister van Financiën om een actievere rol gevraagd. Iemand moet wat doen. Verzekeraars vinden het allemaal wel best, hoe langer het duurt, hoe langer zij de winst kunnen pakken. Tussenpersonen kunnen de provisieterugboekingen niet aan en vechten op vele andere fronten om het bestaan.

    De minister, Jan Kees de Jager, heeft nu een brief aan de Tweede Kamer geschreven en laat een onderzoek naar de best mogelijke oplossingen over aan zijn ambtenaren. Daar is al stevige kritiek op vanuit de zijde van de stichting Woeker Polis Claim. Er is geen aandacht meer voor de zogenaamde extreme gevallen van woekerpolisleed, enzovoort. In de tussentijd tikt de klok maar door en slaat een algemeen gevoel van uitputting toe. We worden woekerpolismoe.


    De woekerpolis is geen ziekte, maar een symptoom. Een product van een financiele industrie waarin de belangen en krachten zo zijn verdeeld dat ook een overheid, toezichthouders en belangenorganisaties er geen grip op kunnen krijgen. De klant is en blijft een speelbal. Het tijdrekken gaat intussen maar door, zolang de echte spelers – de verzekeraars - dat wenselijk achten. Ook de minister verandert dat niet. Fatsoen is geen regel en zeker geen motief. En de assurantiekantoren, zoals die van de heer Koster, vragen zich in tussen af: ga ik nou failliet, of niet?

    Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

    Over de auteur

    René Graafsma

    René is opgegroeid in het assurantievak. De eerste jaren was hij werkzaam in de particuliere praktijk op een kantoor met een...

    Volg René Graafsma
    Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
    Annuleren