© JanJaap Rypkema

De FIOD constateerde al in 2005 wereldwijde miljardenfraude met dividendbelasting

    Eind 2005 was de FIOD, de fiscale opsporingsdienst, al terdege op de hoogte dat een divisie van Fortis zich bezighield met dividendstrippen. Deze handel in aandelen met dividend heeft de belastingdiensten in een reeks landen ernstig gedupeerd; de schade beloopt miljarden euro. De FIOD deelde deze informatie echter niet met zusterdiensten in het buitenland, die daardoor onwetend bleven van het feit dat ook hun systemen gevoelig waren voor deze fraude. Pas in 2013 brak het CumEx-schandaal in Duitsland uit.

    Mei 2006. Op het ministerie van Financiën aan het Korte Voorhout in Den Haag druppelen deze lentedag zo’n 20 belastingambtenaren een zaaltje binnen, allemaal managers en specialisten op het gebied van dividendbelasting. Op de agenda: een presentatie over een grootschalige dividendfraude.

    De presentatie wordt gegeven door een medewerker van de FIOD, de fiscale inlichtingen- en opsporingsdienst van de Belastingdienst. Leden van het team account uit Amsterdam en het team opsporingsinformatie uit Utrecht hebben een Powerpoint-presentatie voorbereid met de titel ‘Global Dividendtax Fraud Investigation’. De presentatie bestaat uit acht slides. Dezelfde presentatie is op 19 december 2005 al eens gegeven voor rechercheurs van de Fiod zelf, in het bijzijn van een paar collega’s van de Belastingdienst. Die vonden de presentatie zo interessant dat ze de Fiod-rechercheur vroegen die voor het ministerie te herhalen.

    De eerste slides bevatten voor de specialisten in de zaal weinig nieuws. De FIOD-medewerker legt uit hoe dividendbelasting werkt. Een beursgenoteerd bedrijf betaalt dividend uit aan zijn aandeelhouders. Die uitbetaling verloopt via een zogeheten custodian bank, die meteen 25 procent belasting over het dividend inhoudt en aan de fiscus afdraagt. De bank maakt ook een dividendnota op. Met deze nota kunnen Nederlandse aandeelhouders bij de Belastingdienst de betaalde dividendbelasting terugvragen.

    Voor buitenlandse aandeelhouders ligt het anders: zij kunnen die belasting alleen terugvorderen wanneer hun overheid via een belastingverdrag met Nederland heeft geregeld dat haar burgers de hier afgedragen dividendbelasting geheel of gedeeltelijk kunnen terugvragen. Aandeelhouders uit landen zonder zo’n belastingverdrag hebben pech: zij kunnen in Nederland geen cent terugvragen.

    De FIOD onderzoekt Fortis GSLA

    Tot zover weinig nieuws. Maar dan vertelt de FIOD-medewerker de belastingambtenaren over het vooronderzoek dat zijn dienst heeft gedaan naar het reilen en zeilen van de afdeling Global Securities Lending and Arbitrage (GSLA) van Fortis Bank.

    GSLA bedacht een truc voor buitenlandse aandeelhouders die hier geen dividendbelasting kunnen terugvragen

    Die afdeling was in de zomer van 2005 uitgebreid in het nieuws geweest. Op 2 juli hadden Het Financieele Dagblad en De Telegraaf bericht dat twee GSLA-directeuren in een rechtszaak tien miljoen euro schadevergoeding eisten van een man die intern over hun handelwijze aan de bel had getrokken. Het ging om bankier Stefan Stanciu, een Fransman met Roemeense wortels; hij had het tweetal intern beschuldigd van internationale fraude bij de handel in aandelen rond de dividenddatum. Daarmee zou de fiscus volgens hem voor tientallen miljoenen zijn benadeeld.

    Naar aanleiding van de rechtszaak meldde De Telegraaf voorts dat de fiscale opsporingsdienst FIOD een onderzoek was begonnen. En de eerste resultaten daarvan deelde de FIOD op deze lentedag met haar collega’s van de Belastingdienst.

    De FIOD-rechercheur vertelt dat Fortis GSLA een truc heeft bedacht voor buitenlandse aandeelhouders die hier geen dividendbelasting kunnen terugvragen. De truc werkt als volgt: Nederlandse aandelen die in handen zijn van een buitenlandse bank of belegger, worden vlak voor de uitbetaling van het dividend tijdelijk bij een Nederlandse rechtspersoon ondergebracht. Die vraagt vervolgens dividendbelasting terug bij de fiscus. De Nederlandse rechtspersoon, vaak een dochter van het buitenlandse bedrijf, geeft de aandelen daarna aan de oorspronkelijke eigenaar terug, houdt een klein bedrag achter als vergoeding en betaalt de rest als ‘dividendvergoeding’ uit aan de buitenlandse rechtspersoon. Een win-win situatie – behalve dan voor de Nederlandse schatkist.

    Deze werkwijze wordt algemeen omschreven met de Engelse term dividend stripping. De truc was al decennia bekend, maar op 27 april 2001 ging met terugwerkende kracht een speciale wet in om die tegen te gaan. Maar de praktijk is weerbarstig.

    ‘Double dipping’

    De FIOD heeft tijdens haar vooronderzoek ontdekt dat het terugvragen van dividendbelasting in verschillende landen het verdienmodel is van Fortis GSLA: het bedrijf haalt zijn meeste winst uit deze handel. Op zich is het inlenen van aandelen een normaal financieel instrument; een bank kan zo een shortpositie in aandelen afdekken. Dan is sprake van een ‘reëel economisch doel’, stelt de FIOD. Maar Fortis GSLA leent de door haar in depot gehouden aandelen aan andere partijen uit ‘om deze extra te laten renderen’. Zo kunnen partijen die geen dividendbelasting mogen terugvragen, dat via een omweg alsnog doen.

    Fortis GSLA handelt bovendien niet alleen met Nederlandse aandelen, maar ook met aandelen van Amerikaanse, Duitse en Zwitserse bedrijven. Duitsland kent een dividendbelasting van 21,1 procent, Zwitserland van 35 procent. De Verenigde Staten hebben in 2005 een dividend tax van 30 procent, die alleen kan worden teruggevraagd door inwoners van de VS. Wat doet Fortis GSLA? Dat leent van niet-Amerikaanse partijen aandelen waarop die tax van 30 procent rust, en leent ze door aan een Amerikaans pensioenfonds dat het volle ingehouden bedrag bij de Amerikaanse belastingdienst kan terugvragen. Vervolgens betaalt dit pensioenfonds 99 procent brutodividend als dividend compensation aan Fortis GSLA. Dat houdt voor zichzelf ook weer een vergoeding in en betaalt het resterende bedrag uit aan de oorspronkelijke eigenaar van de aandelen.

    Bij grote partijen aandelen kan deze handel zeer lucratief zijn. Het is een miljoenenbusiness voor alle betrokken partijen. En de Amerikaanse fiscus is de grote verliezer.

    Uit de presentatie blijkt dat in elk geval de VS, Duitsland en Zwitserland de dupe zijn

    Dat geldt ook de Duitse en Zwitserse belastingdiensten, ontdekte de FIOD. Zij hebben last van een verschijnsel dat double dipping heet, waarbij dividendbelasting tweemaal wordt teruggevraagd; een keer terecht, de tweede keer onrechtmatig. De truc: kort na elkaar worden twee dividendnota’s opgemaakt. Door de eerste nota niet in te trekken, kan tweemaal dividendbelasting worden teruggevraagd. De Duitse en Zwitserse belastingdiensten hebben dat niet door: hun systemen zien niet dat ze in feite tweemaal belasting teruggeven die maar een keer is ingehouden.

    De FIOD-rechercheur vertelt zijn collega’s van de Belastingdienst dat de opsporingsdienst vormen van dividend stripping in zes landen is tegengekomen. Op de slides zijn, op Nederland na, de namen van deze landen weggelakt. Maar uit de presentatie is op te maken dat in elk geval de Verenigde Staten, Duitsland en Zwitserland de dupe zijn. Meer informatie zal uit een ‘full-scale strafrechtelijk onderzoek’ moeten komen, houdt de FIOD-ambtenaar zijn collega’s van de Belastingdienst voor. Op de laatste slide van de presentatie staat dat de FIOD vermoedt dat wereldwijd – zo omvangrijk is fraude blijkbaar – het ‘nadeel’ van dividend stripping ‘enkele miljarden euro’ bedraagt.

    Het rommelt bij Fortis

    Na deze presentatie in mei 2006 wordt het stil. Tot een grootschalig strafrechtelijk onderzoek naar Fortis GSLA komt het niet. Bronnen die bekend zijn met FIOD-onderzoeken, zeggen dat dit erop kan wijzen dat de FIOD fiscale trucs heeft blootgelegd die weliswaar moreel discutabel zijn, maar waarbij de ‘dader’ strafrechtelijk gezien weinig kan worden verweten. En als er al sprake is van strafrechtelijk verwijtbare gedragingen, dan hebben die voor het merendeel plaatsgevonden in de VS, Duitsland en Zwitserland – landen waar de FIOD en het Nederlandse Openbare Ministerie niets te vertellen hebben.

    Maar het afbreken van het onderzoek kan ook te maken hebben met het feit dat de bazen van Fortis GSLA, Frank Vogel en Olaf Ephraim, inmiddels zijn ontslagen, al had dat volgens een woordvoerder niets met het FIOD-onderzoek te maken. In De Telegraaf meldt Fortis dat de twee zijn weggestuurd omdat ze niet aan een reorganisatie wilden meewerken.

    Stanciu vertelt de FIOD begin 2006 hoe GSLA miljoenen verdiende met het strippen van Duitse en Zwitserse aandelen

    FTM schreef al eerder over de rol van de zeer winstgevende Fortis-dochter, die in 2005 onder leiding stond van Frank Vogel. Deze Amsterdammer verdiende aan salaris en bonussen in dat jaar 4,5 miljoen euro, zijn mede-directeur Olaf Ephraim 2,4 miljoen euro. Daarmee behoorden zij tot de best verdienende werknemers van Fortis. Vogels inkomen lag zelfs beduidend hoger dan dat van Fortis-topman Jean-Paul Votron.

    Na de eerste interne presentatie op het FIOD-kantoor aan de Bernadottelaan in Utrecht, heeft de FIOD nieuwe, belastende informatie over Fortis GSLA gekregen. Stefan Stanciu, die het dividendstrippen bij Fortis GSLA intern aan de kaak stelde, is door de bank ontslagen. Op uitnodiging van de FIOD vertelt Stanciu begin 2006 de onderzoekers in geuren en kleuren hoe Fortis GSLA miljoenen verdiende met het strippen van met name Duitse en Zwitserse aandelen.

    Tijdljn

    31 maart 2005: De twee directeuren van het Fortis GSLA, Frank Vogel en Olaf Ephraim, moeten bij Fortis vertrekken. Volgens een woordvoerder heeft hun vertrek niets te maken met het feit dat een interne klokkenluider heeft gemeld dat Fortis GSLA zich bezighoudt met dividendstrippen, de handel in aandelen met dividend waarmee belastingdiensten in binnen- en buitenland worden gedupeerd. Het vertrek van de directeuren zou te maken hebben met een conflict over de positie van GSLA binnen de bank. Dit is ook de lezing die Vogel geeft in een interview op de website van de Global Investor Group.

    2 juli 2005:Het Financieele Dagblad en De Telegraaf maken bekend dat Vogel en Ephraim in een civiele rechtszaak 10 miljoen euro eisen van hun voormalige collega Stefan Stanciu. Hij is de interne klokkenluider die het dividendstrippen binnen Fortis GSLA had aangekaart.

    19 december 2005: Op het kantoor aan de Bernadottelaan in Utrecht houdt een FIOD-medewerker een presentatie over de resultaten van een vooronderzoek dat de fiscale opsporingsdienst heeft gedaan naar de gang van zaken binnen Fortis GSLA.

    Februari 2006: Na zijn ontslag bij Fortis stapt klokkenluider Stefan Stanciu naar de FIOD. Aan rechercheurs vertelt hij uitgebreid hoe het dividendstrippen binnen Fortis GSLA in zijn werk ging.

    Mei 2006: Op verzoek van de Belastingdienst herhaalt een FIOD-medewerker op het ministerie van Financiën de presentatie van december 2005 over het vooronderzoek naar Fortis GSLA. Tot een strafrechtelijk onderzoek naar Fortis GSLA zal het niet komen. Voor zover bekend wordt de informatie die de FIOD en de Belastingdienst over dividendstrippen hebben verzameld, niet gedeeld met zusterdiensten in het buitenland.

    Eind 2011: Een medewerkster van de Duitse belastingdienst ontdekt dat haar dienst al vele jaren voor enorme bedragen is getild door groepen samenwerkende banken en handelaren die ten onrechte dividendbelasting terugvragen. In het najaar van 2013 krijgt de Duitse pers lucht van deze zaak en breekt de zogeheten CumEx-affaire los. In heel Europa blijken belastingdiensten voor tientallen miljarden euro’s te zijn benadeeld.

     

    Lees verder Inklappen

    De klokkenluider

    Stanciu was in 2002 bij Fortis GSLA komen werken als Senior Equity Derivatives Trader. Via zijn internationale netwerk ving Stanciu zorgelijke geluiden op. Vrienden die in Londen bij grote banken werkten, vroegen hem naar de enorme posities die zijn relatief kleine afdeling opbouwde met het lenen van aandelen. Ze wilden weten waarom Fortis bereid was daarvoor prijzen te betalen die boven het marktniveau lagen.

    Wat Stanciu ontdekte, leek als twee druppels water op de vormen van dividendstrippen die de FIOD beschreef

    Stanciu merkte dat zijn baas, Frank Vogel, in een tijdsbestek van enkele dagen miljoenenwinsten voor de bank wist te boeken en begon een eigen onderzoek. Al snel viel hem op dat de handelaren bij het opzetten van deze ‘risicoloze’ transacties de vaste telefoonlijnen van de bank meden. Die gesprekken werden standaard opgenomen, en kennelijk was daar geen behoefte aan: de handelaren gebruikten liever mobiele telefoons. Telkens ging het om omvangrijke transacties, waarbij voor miljarden posities werden ingenomen in aandelen als Deutsche Bank en de Zwitserse farmaceut Novartis.

    Wat Stanciu ontdekte, leek als twee druppels water op de vormen van dividendstrippen die de FIOD in december 2005 en in mei 2006 in een presentatie beschreef.

    Eerdere signalen

    Dacht men op het ministerie aanvankelijk dat de nieuwe wet tegen dividendstrippen van april 2001 deze vorm van fraude onmogelijk had gemaakt, inmiddels wist men beter – zelfs voordat de FIOD alarm sloeg. Op 18 februari 2004 schreef Unit 8/Financiële instellingen van de Belastingdienst een brandbrief aan de Nederlandse Vereniging van Banken. Want al in 2003 was dat team een onderzoek gestart naar dividendstrippen, dat ertoe leidde dat een aantal partijen ‘het recht op verrekening van dividendbelasting onthouden zal worden’. Op zijn Hollands gezegd: de fraudeurs kregen geen cent terug. Maar ondanks deze harde aanpak was het de inspecteur ‘recentelijk’ gebleken dat ‘wederom dergelijke affaires zijn aangeboden en ook zijn uitgevoerd’. Of de NVB zo vriendelijk wilde zijn deze brief onder haar leden te verspreiden. Een kopie van de brief ging naar de Market Maker Association, de Autoriteit Financiële Markten en Euronext.

    De NVB nam de waarschuwing van de Belastingdienst ter harte. Op 4 maart 2004 stuurde zij een brief met een Engelse samenvatting naar haar leden. De NVB stelde dat een fiscaal onderzoek naar dividendstripping voor een bank niet alleen een ‘aanzienlijke extra administratieve last’ zal betekenen, maar afwijzing van de claim op teruggave zal leiden tot ‘een commerciële last op de winst & verlies-rekening van de bank’. Tot slot waarschuwde de NVB: ‘Afgezien van dit financiële risico speelt het risico van reputatieverlies, niet alleen voor de financiële instelling, maar ook voor alle financiële dienstverleners.’ Het is daarom van ‘groot belang’ te voorkomen dat ‘vanwege korte termijn gewin aan de gewraakte transacties wordt deelgenomen’. Aan het slot van de brief riep de NVB haar leden actief op hun deskundigheid in te zetten om dividendstrippen met aandelen te voorkomen.

    ‘Binnenkort’ is deze ellende voorbij

    De oproep van de fiscus, de brandbrief van de NVB en het strafrechtelijk vooronderzoek maken weinig indruk op Fortis GSLA. Na eigen intern onderzoek constateert de GSLA dat er binnen de divisie ‘geen onregelmatigheden’ hebben plaatsgevonden. Ergo, de bank gaat gewoon door met vormen van dividendstrippen.Sterker: de compliance officer, de functionaris die in de gaten moet houden of de bank voldoet aan alle wet- en regelgeving, gaat mee naar klanten om uit te leggen dat de transacties in de haak zijn.

    ‘Binnenkort zal het aantal cum/ex transacties voor het overgrote deel tot het verleden behoren’

    Op 8 maart 2007 stelt een ambtenaar van de Belastingdienst een vertrouwelijk memo op met de titel ‘De verwerking van cum/ex en leentransacties, unsettled shortposities en leentransacties ten aanzien van de dividendbelasting’. De conclusie van dit memo luidt dat dividendstrippen nog steeds mogelijk is, maar dat er licht aan de horizon gloort. Met ingang van 26 maart 2007 wordt namelijk een zogeheten ‘record date’ ingevoerd. De maatregel komt erop neer dat dividend voortaan alleen wordt uitbetaald aan die partij die op de ‘record date’ de bezitter van de aandelen en dus de rechthebbende op het dividend is. ZIjn conclusie: ‘Binnenkort zal het aantal cum/ex transacties voor het overgrote deel tot het verleden behoren.’

    Dat geldt dan hooguit voor cum/ex transacties in Nederland. De handel met buitenlandse aandelen gaat onverdroten voort. En daarbij spelen Nederlandse handelaars als Frank Vogel, banken als ABN Amro en de Rabobank, adviseurs als Clifford Chance en Mazars een belangrijke rol, zoals FTM al eerder schreef. Het beursgenoteerde handelshuis Van der Moolen, dat in september 2009 failliet ging, had zelfs een partner die zich voltijds met dividendstrippen bezighield. De bestuurder van dit partnerbedrijf: Frank Vogel.

    Samenwerking

    In het najaar van 2013 breekt in Duitsland het CumEx-schandaal los. In de media verschijnen berichten dat een medewerkster van de Duitse fiscus eind 2011 heeft ontdekt dat op grote schaal ten onrechte dividend is teruggevraagd. In 2017 berekende de Duitse hoogleraar Christoph Spengel van de universiteit van Mannheim op verzoek van het Duitse weekblad Die Zeit de schade voor de Duitse schatkist door allerlei vormen van dividendfraude; hij kwam uit op minimaal 31,8 miljard euro. Behalve Duitsland zijn ook Denemarken, Oostenrijk, Zwitserland en Noorwegen benadeeld door uiterst zorgvuldig opgezette internationale samenwerkingsverbanden die bij de belastingdiensten daar op grote schaal ten onrechte dividend hebben teruggevraagd.

    Opmerkelijk is dat geen enkele Europese belastingdienst haar buitenlandse collega’s heeft ingelicht over de fraude met dividendbelasting, terwijl op de achtergrond vaak dezelfde groepen en samenwerkingsverbanden een rol speelden. In Nederland beschikten de FIOD en de Belastingdienst al in 2005 over gedetailleerde informatie over de fiscale trucs waarmee via complexe aandelentransacties ten onrechte dividend kon worden teruggevraagd. De FIOD concludeerde nota bene dat die fraude in zeker zes landen voorkwam: Nederland, de VS, Duitsland, Zwitserland en twee niet bij naam genoemde landen.

    Op vragen van FTM zegt de Belastingdienst dat zij wegens haar fiscale geheimhoudingsplicht niet kan zeggen of informatie uit 2005 met het buitenland is gedeeld. ‘Over het algemeen kan worden gezegd dat de Nederlandse Belastingdienst in internationaal verband goed samenwerkt met andere landen. Een van de onderdelen daarvan is het uitwisselen van informatie,’ laat een woordvoerder weten.

    Opmerkelijk is dat geen enkele Europese belastingdienst haar buitenlandse collega’s heeft ingelicht over de fraude

    Maar van door de Nederlandse Belastingdienst ter beschikking gestelde informatie blijkt niets in het Duitse Cum/Ex-dossier, dat voor een groot deel in handen is van het internationale journalistieke samenwerkingsproject The Cumex Files, waarvan FTM deel uitmaakt. De Duitsers deelden vanaf 2011 op hun beurt geen informatie met de Denen, al werden die beroofd door vrijwel dezelfde groepen die ook de Duitse fiscus benadeelden. De Denen waren de eersten die hun collega’s in België inlichtten dat verdachte financiële partijen ook daar actief waren. Dankzij deze tip kon de Belgische fiscus voorkomen dat ruim 788 miljoen euro aan onterecht teruggevraagde dividendbelasting werd uitgekeerd.

    De FIOD en de Belastingdienst hadden de Europese CumEx-affaire zeker niet kunnen voorkomen, maar indien beide diensten in 2006 de gedetailleerde informatie hadden gedeeld waarover ze toen al beschikten, dan hadden buitenlandse diensten eerder kunnen zien hoe fraudegevoelig hun systemen van dividendbelasting waren. Nu kwamen de Duitsers daar pas in het najaar van 2011 achter; de Zwitsers, Denen en Belgen nog later.

    Eind november 2018, kort na de eerste berichten van het internationale samenwerkingsproject The Cumex Files, eiste het Europees Parlement een grondig onderzoek om te achterhalen hoe deze fraude precies heeft kunnen plaatsvinden. Ook wil het Europees Parlement dat wordt gekeken naar de falende samenwerking tussen de Europese belastingdiensten.

    Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

    Over de auteur

    Eric Smit

    Gevolgd door 1600 leden

    Mede-oprichter van FTM. Als voormalig professioneel squasher gewend om klappen te incasseren en uit te delen.

    Volg Eric Smit
    Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
    Annuleren
    Over de auteur

    Siem Eikelenboom

    Gevolgd door 398 leden

    Werkte eerder als onderzoeksjournalist bij Zembla, Nova en het Financieele Dagblad, waar hij meewerkte aan de Panama Papers.

    Volg Siem Eikelenboom
    Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
    Annuleren
    Dit artikel zit in het dossier

    The CumEx Files

    Gevolgd door 2226 leden

    Hoe banken en brokers Europese belastingdiensten voor miljarden beroofden.

    Volg dossier