Beeld door XF&M.

Flexzorg moet gemeente Apeldoorn terugbetalen

3 Connecties

Onderwerpen

Flexzorg Mikail Ünal

Locaties

Apeldoorn
12 Bijdragen

Flexzorg kan voor de helft van de gedeclareerde uren niet bewijzen dat het kwalitatief verantwoorde zorg geleverd heeft, oordeelt de rechtbank Gelderland. Daarom moet het zorgbedrijf geld terugstorten op de rekening van de gemeente Apeldoorn.

Op basis van documenten die Flexzorg indiende, kan de rechtbank Gelderland voor de helft van de gedeclareerde zorg niet vaststellen of het Apeldoornse zorgbedrijf daadwerkelijk kwalitatief verantwoorde zorg heeft verleend. Daarom veroordeelt de rechtbank Flexzorg tot terugbetalen. Flexzorg declareerde in totaal voor 1,2 miljoen euro. Omdat de gemeenten in de regio Apeldoorn eerder al een deel van dat bedrag weigerden te betalen, moet Flexzorg nog 160.000 euro betalen. 

Mikail Ünal, eigenaar van Flexzorg, kan zich niet verenigen met de uitspraak van de rechter. ‘Wij gaan het vonnis uitgebreid bestuderen en na overleg met onze advocaten eventuele actie ondernemen.’ 

Eis van 400.000 euro

Flexzorg had van 2016 tot en met 2018 een contract met de tien gemeenten in de regio Apeldoorn. Het bedrijf leverde huishoudelijke hulp, dagbesteding en begeleiding aan jongeren, volwassenen, ouderen en gezinnen, thuis of in een woning van Flexzorg. Een aantal cliënten huurde hun woning via het zorgbedrijf. Het ging om veelal complexe cliënten met onder andere psychiatrische problemen en verslavingen. 

De gemeente Apeldoorn sprak Flexzorg al snel na het afsluiten van het zorgcontract in 2016 aan op verbeterpunten, naar aanleiding van klachten van cliënten en sociale wijkteams. In mei 2017 werd het contract voor het eerst ontbonden. Flexzorg was het daar niet mee eens en stapte naar de rechter. Flexzorg kreeg gelijk, maar in beroep wonnen de gemeenten alsnog. Hierdoor werd het contract ontbonden. Flexzorg stapte opnieuw naar de rechter om 400.000 euro te eisen. De gemeenten weigerden die te betalen. 

Rechtbank Gelderland stelt de gemeenten nu in het gelijk. De rechtbank vindt dat Flexzorg dit bedrag onvoldoende kan onderbouwen, omdat de administratie niet op orde is. De huidige uitspraak stelt glashelder dat zorginstellingen en zorgverleners verplicht zijn gedetailleerde zorgregistraties bij te houden. Flexzorg bepleitte voor de rechtbank dat het ondoenlijk is om bij te houden welke zorgverlener bij welke cliënt op welke dag op welk uur zorg heeft gekregen. Volgens de rechtbank had Flexzorg op zijn minst met werkroosters moeten werken. Die zijn nooit aan de gemeenten of de rechtbank geleverd. Aan de hand van de documenten die Flexzorg wel indiende, is niet vast te stellen welke medewerker welke zorg heeft verleend. Ook is niet vast te stellen of Flexzorg wel over voldoende medewerkers beschikte om de afgesproken zorg te leveren.

Ongeloofwaardig verweer

De rechtbank noemt het verweer waarmee Flexzorg de uren verantwoordt ongeloofwaardig. In 2016 zou directeur Mikail Ünal zelf 52 weken onafgebroken 65 uur per week hebben gewerkt. Het lijkt erop dat naar een ‘sluitende redenering’ is gerekend, stelt de rechtbank. Daarnaast valt het de rechtbank op dat er drie jaarrekeningen in omloop zijn van het jaar 2017. In de laatste versie over het jaar 2017 vormen externe zorgverleners ineens een grote kostenpost. ‘Flexzorg lijkt te betogen dat de meeste uren zorg zijn verleend door ingeschakelde derden. Dat is ongeloofwaardig, nu deze kostenpost in de laatste versie van de jaarrekening volledig uit de lucht komt vallen,’ oordeelt de rechtbank.

Flexzorg heeft de gemeenten nooit toestemming gevraagd om externen in te zetten, terwijl deze verplichting wel in het contract staat. ‘Als gevolg hiervan konden de gemeenten niet controleren wie feitelijk de zorg heeft verleend en of deze derden aan alle overeengekomen vereisten voldeden.’

Onder deze derden bevond zich onder andere het zorgbedrijf van Flexzorgs boekhouder en XL Zorg, gerund door Ünals vrouw, tevens toezichthouder van Flexzorg. In de uitspraak is te lezen dat zij daarnaast ook allebei als medewerker van Flexzorg zorg hebben verleend, terwijl ze hier niet voor zijn opgeleid.

Zorg declareren die niet heeft plaatsgevonden leidt tot zelfverrijking ten koste van de samenleving

Nathan Stukker, wethouder van de gemeente Apeldoorn, is blij dat de gemeenten in het gelijk zijn gesteld. ‘Zorg declareren die niet heeft plaatsgevonden kan gewoon niet en leidt uiteindelijk tot zelfverrijking ten koste van de samenleving. Het is goed dat ze hier niet mee wegkomen en terug moeten betalen. Terecht dus dat we geen vertrouwen meer hadden in deze organisatie.’

Meer rechtmatigheidsonderzoek

Uit eerder onderzoek van Follow the Money bleek dat Flexzorg niet alleen in Apeldoorn zorg leverde. Ondanks dat Apeldoorn de gemeente Arnhem begin 2018 waarschuwde voor de problemen bij Flexzorg, kon het bedrijf daar tot eind 2019 zorg leveren. Onder andere via Jeugdbescherming Gelderland en Reclassering Nederland plaatste Arnhem cliënten bij Flexzorg. De gemeente Arnhem zegt dat er inmiddels een rechtmatigheidsonderzoek is gestart. ‘Hierbij wordt ook de mogelijkheid van terugvordering onderzocht.’ Overigens wist de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd niet dat Flexzorg ook buiten Apeldoorn zorg leverde. De inspectie heeft nooit onderzoek gedaan naar de kwaliteit van de zorg bij deze aanbieder.

De inspectie heeft de jaarrekeningen van het zorgbedrijf nooit onderzocht. Hieruit blijkt dat er veel winst werd gemaakt. In 2018 maakt Flexzorg op een omzet van 580.000 euro bijna 220.000 euro winst, vóór belasting. Dat is een winstpercentage van 38 procent, terwijl een winstpercentage van rond de 3 procent in de zorg gebruikelijk is. Ook de lage personeelskosten springen in het oog: nog geen 30 procent van de omzet ging naar personeel, terwijl (individuele) begeleiding een arbeidsintensieve zorgvorm is. Een kwart van de personeelskosten ging naar directeur en eigenaar Mikail Ünal. Daarnaast leende hij in 2018 in totaal 590.111 euro, privé en voor zijn holding. Uit gegevens in het kadaster blijkt dat Ünal in ieder geval heeft geïnvesteerd in vastgoed. Van 2017 tot en met 2019 koopt Ünal voor 1,2 miljoen euro vier panden, onder andere bestemd voor kamerverhuur.

De gemeente Apeldoorn deed in 2018 ook aangifte bij de politie, maar het Openbaar Ministerie besloot geen strafrechtelijk onderzoek in stellen. ‘De capaciteit om het onderzoek uit te voeren weegt niet op tegen het te verwachten resultaat,’ was de reactie van het Openbaar Ministerie op vragen van Follow the Money. De woordvoerder van het OM kan op basis van de huidige uitspraak nog niet zeggen of het OM nu alsnog tot vervolging overgaat. 

Lange adem

Ook al duurde deze procedure bijna drie jaar, volgens bestuurskundige Menno Fenger van de Erasmus Universiteit Rotterdam maakt deze uitspraak duidelijk dat een civielrechtelijke procedure in ieder geval sneller werkt dan een bestuursrechtelijke of strafrechtelijke procedure. ‘Het voordeel van een civiele procedure zoals deze is dat de bewijslast minder ingewikkeld is. Zijn de afspraken in de overeenkomst wel of niet nagekomen? Daar gaat het hier om. Een gemeente moet nog steeds een lange adem hebben, maar hoeft via het civiel recht in ieder geval geen opzet te bewijzen, wat vaak lastig is. Daarbij is het wel belangrijk dat gemeenten vooraf de afspraken duidelijk vastleggen.’  

De gemeente Apeldoorn erkent dat de procedure veel tijd en energie heeft gekost. ‘Deze uitspraak sterkt ons in de route we hebben gevolgd. Als uit onderzoek blijkt dat een aanbieder niet rechtmatig heeft gehandeld, is ontbinding mogelijk en kan de aanbieder vervolgens verplicht worden om aan te tonen dat zorg wel geleverd is. Als die daartoe niet in staat is, kunnen wij terugvorderen. Wij zullen in de toekomst op dezelfde manier blijven handelen. Als er sprake is van strafbare feiten, doen we ook zeker aangifte,’ zegt de woordvoerder van de gemeente.

Dennis van Tilborg is advocaat en adviseert gemeenten over de fraude-aanpak in de zorg. In zijn ervaring is de verplichting van een aanbieder om via zijn registratie aan te tonen welke zorg wanneer en door wie is geleverd, vaak een punt van discussie tussen gemeenten en aanbieders. ‘Als de overeenkomst daar niets over bepaalt, stellen aanbieders vaak dat zij niet verplicht zijn een dergelijke registratie bij te houden. In deze zaak denkt de rechtbank daar dus anders over. In zoverre kan deze uitspraak ook voor andere gemeenten behulpzaam zijn.’

Judith Spanjers
Judith Spanjers
Werkte 22 jaar voor Omroep Gelderland. Doet voor FTM onderzoek naar winsten en fraude in de zorg.
Gevolgd door 484 leden
Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
Annuleren