Fraudejagers pakken vooral katvangers in plaats van hoofddaders

Alan Kabki promoveerde op beleggingsfraude, faillissementsfraude en bankfraude. Een van zijn weinig geruststellende conclusies: er wordt vooral 'laaghangend fruit' gepakt.

‘Niet alleen in de wetenschappelijke zin, maar ook in de praktijk van opsporing en vervolging is sprake van een kennistekort over fraude,’ schrijft criminoloog Alan Kabki in de inleiding van zijn promotieonderzoek aan de Tilburg University. Begin deze week herhaalde hij deze stelling nog tijdens de verdediging van zijn proefschrift in de aula van de universiteit. Kabki heeft vanuit de Politieacademie 41 fraudezaken onderzocht uit de periode 2002 tot 2012. Zijn kwalitatieve onderzoek spitst zich toe op drie vormen van fraude: beleggingsfraude, faillissementsfraude en bankfraude.

Beleggingsfraude

Voor het achterhalen van de modus operandi van beleggingsfraudeurs pleegde hij dossieronderzoek naar 15 zaken met een totale omvang van minimaal 200 miljoen euro. De 15 zaken zijn helaas geanonimiseerd en de veroordeelde fraudeurs worden geduid aan de hand van bijnamen zoals ‘De Waard’ (vanwege zijn kasteel in Frankrijk) en 'de Snuiver'. De anonimisering is nogal vergaand: namen ontbreken, geen verwijzingen naar geraadpleegde media en overige herleidbare zaken zoals opgelegde straffen zijn slechts categorisch weergegeven. ‘Ik heb veel bronnen kunnen raadplegen, maar de voorwaarde van het College van procureur-generaals was dat de privacy van de daders beschermd zou worden,’ licht Kabki toe aan Follow The Money.

Recidivisten

Het promotieonderzoek krijgt door de anonimisering minder smaak en kraak. Kabki heeft bovendien moeten afzien van daderinterviews, omdat – zo luidt de verantwoording in het door uitgeverij Boom Lemma gepubliceerde onderzoek - het ‘vrijwel onmogelijk was om hiervoor toestemming te krijgen van de Minister van Veiligheid en Justitie.’
'Ik hoop dat de AFM door mijn onderzoek nog eens kritisch kijkt naar hun toezicht'
Verwacht niet de juicy details die in de media kwamen over grote fraudezaken zoals Palm Invest, Easy Life zaak, Caribbean Comfort, Royal Dubai, Golden Sun en het wijnbeleggingsfonds Bordeaux Advisory. Maar Kabki’s onderzoek biedt, meer op macroniveau, interessante inzichten. Zo is hij in de Uittreksels Justitiële Documentatie het criminele verleden nagegaan van de 15 veroordeelde beleggingsfraudeurs. Het blijken recidivisten te zijn: 11 van de 15 fraudeurs had één of meer antecedenten, zes ervan op het gebied van fraude zoals verduistering, valsheid in geschrifte, oplichting, faillissementsfraude en overtredingen van de Wet Toezicht Effectenverkeer en de Wet Toezicht Kredietwezen. De gemiddelde looptijd van de onderzochte piramideconstructies is met een gemiddelde van 36,7 maanden behoorlijk lang. ‘Ze waren níet in het geheim bezig en konden toch jarenlang ongestoord doorgaan,’ zegt Kabki, die een taak ziet weggelegd voor de Autoriteit Financiële Markten (AFM). ‘Ik hoop dat de AFM door mijn onderzoek nog eens kritisch kijkt naar hun toezicht. Ze hebben de kennis in huis om hierop toe te zien, ook als er sprake is van een inleg hoger dan 100 duizend euro [een beleggingsinstelling hoeft dan geen vergunning aan te vragen en geen prospectusverplichting, red.].’

Bankfraude

De belangrijkste ontdekking bij Kabki’s onderzoek naar bankfraude – bankmedewerkers die gelden naar privé wegsluizen – was eigenlijk dat er nauwelijks veroordelingen bleken te zijn. In plaats van de beoogde 15 casussen bleef Kabki steken op 11 zaken. De reden: ze zijn domweg niet voorhanden omdat – zo concludeert Kabki na gesprekken met banken – dat ze ‘uit angst voor imagoschade er alles aan doen om deze voor de buitenwereld te bagatelliseren of te verbergen.’

Faillissementsfraude

Het derde aandachtgebied in het onderzoek betreft faillissementsfraude, een onderwerp dat op Follow The Money ook al meerdere malen belicht is. De modus operandi van failllissementsfraudeurs is vrij simpel: het overnemen van bijna failliete bv’s om die vervolgens volledig kaal te plukken in de zin van: activa liquideren, tegoeden opnemen, courante goederen op krediet bestellen (en die vervolgens snel omzetten in cash) en het bedrijfswagenpark wegschenken of in sommige gevallen het geleasde wagenpark verkopen op de zwarte markt. Een praktijkvoorbeeld is in dit artikel beschreven rondom de veroordeelde ‘faillissements-architect’ Jos Wagemans. Vijftien zaken van faillissementsfraude zijn meegenomen in het onderzoek. Kabki´s dossieronderzoek legde een falen in de opsporing bloot. De promovendus selecteerde zijn hoofdverdachten op basis van de eerste veroordeling door de rechter, maar meerdere malen bleek in hoger beroep dat het slechts een katvanger betrof. Oftewel, iemand die voor een paar honderd of paar duizend euro bereid is om als directeur en/of eigenaar van een malafide vennootschap te fungeren.

De Huurling

De 15 veroordeelde faillissementsfraudeurs waren bovendien – zo blijkt uit de geaggregeerde gegevens - al in totaal 146 (!) keer veroordeeld voor in totaal 225 strafbare feiten. Waarvan 84 veroordelingen fraudegerelateerd. Een katvanger met de bijnaam De Huurling was maar liefst 26 keer veroordeeld voor fraudedelicten vóórdat hij mocht debuteren in Kabki’s proefschrift. Hoe kan het dat de recidive zo hoog is? ‘Dat komt vooral doordat enkel de katvangers worden gepakt. Dat was in 7 van de 15 zaken het geval,’ zegt Kabki. ‘Zij hebben de vennootschappen op naam staan en moeten de klappen opvangen. Bij de echte hoofddaders zal het aantal veroordelingen een stuk lager zijn, want zij nemen niet dat risico.’
‘Het is symptoombestrijding, want een bestuursverbod treft vooral de katvangers'
De kans is wel groot dat de katvangers vanaf volgend jaar juli te maken krijgen met de Wet civielrechtelijk bestuursverbod waarmee zij voor maximaal 5 jaar een civielrechtelijk bestuursverbod kunnen krijgen als ze hebben meegewerkt aan faillissementsfraude. Oftewel, zij mogen geen vennootschappen meer op naam zetten. Kabki is sceptisch. ‘Het is symptoombestrijding, want een bestuursverbod treft vooral de katvangers. Terwijl de aandacht juist gericht moet zijn op de mensen die erboven staan.’

Werk aan de winkel

Het opjagen van de hoofddaders heeft volgens Kabki, die met talloze officieren van justitie en rechercheurs sprak, niet altijd prioriteit. Er wordt vooral ‘laaghangend fruit’ voor de rechter gebracht. Kabki wijt dit aan de afrekencultuur bij het Openbaar Ministerie waar het aantal veroordelingen vaak belangrijker is dan het “gewicht” van een fraudeur. ‘De druk op het OM en FIOD is heel hoog,’ zegt Kabki. ‘En er vinden wisselingen van de wacht plaats. Het hele dossier is dan compleet, maar dan komt er een nieuwe officier van justitie op de zaak en die kiest dan voor de gemakkelijke weg door de moeilijkere strafbare feiten – zoals witwassen en deelname aan een criminele organisatie – niet meer mee te nemen. Ze gaan dan enkel voor valsheid in geschrifte, omdat dat relatief makkelijk te bewijzen is.’
'Ze gaan dan enkel voor valsheid in geschrifte, omdat dat relatief makkelijk te bewijzen is'
Hij concludeert op basis van gesprekken met rechercheurs en officieren van justitie dat vooral de ingewikkelde fraudezaken niet worden opgepakt, afgerond of dat het duurt lang voordat er een veroordeling volgt. Ter illustratie haalt een zaak aan van een fraudeur die in 2013 is veroordeeld tot zes maanden en een boete van 50 duizend euro. Dit terwijl hij 1 miljoen euro schade heeft veroorzaakt en 250 duizend euro zelf zou hebben opgestreken. De veroordeling was bovendien rijkelijk laat: bijna tien jaar daarvoor ving hij al aan met zijn (niet nader gespecificeerde) fraude terwijl een curator zes jaar daarvoor al aangifte deed.

Fraude loont

Een ander punt van aandacht betreft Kabki’s conclusie dat een groot deel van de onderzochte fraudeurs nog geld heeft overgehouden aan de fraude. Dit terwijl de opeenvolgende kabinet-Balkenende IV en de kabinetten-Rutte juist geïnvesteerd hebben in het ketenprogramma Afpakken van crimineel vermogen. Het doel: misdaad mag niet lonen. Desondanks blijft misdaad lonen. Bij de 15 onderzochte beleggingsfraudezaken blijkt volgens Kabki dat bij meer dan de helft - ‘minimaal acht zaken’ - dat de fraudeurs nog geld hebben overgehouden. En dat ergens onder de radar gestald hebben.
ondanks alle inspanningen van de politiek blijft misdaad lonen
Een voorbeeld is de fraudezaak rondom Bordeaux Advisory, een wijnbeleggingsfonds dat jarenlang rendeerde door de inleg van nieuwe beleggers, een klassieke piramidefraude. En niet door substantiële waardestijgingen van kistjes Bordeauxwijnen. De insteller van het fonds, John Taylor, zat bij zijn veroordeling eind 2012 nog te snotteren in de rechtszaal. Dit vanwege zijn deplorabele lifestyle – met een uitkering in een caravan. Maar mogelijk zijn het krokodillentranen, want 6,5 miljoen euro is vooralsnog onvindbaar voor opsporingsdiensten en vage premiejagers.  

Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

Over de auteur

Dennis Mijnheer

Gevolgd door 1283 leden

Ontspoorde bedrijfskundige die alles wil weten van mannen en vrouwen met witte boorden. Tags: fraude, witwassen, omkoping.

Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
Annuleren