© CC0 (Publiek domein)

Geniet, maar swipe met mate

    Één op de vijf fietsongelukken is te wijten aan smartphonegebruik; reden voor Veilig Verkeer Nederland om te pleiten voor een strengere aanpak van appende weggebruikers. Wat Hans Schnitzler betreft mogen we nog wel een stap verder gaan. Wordt het geen tijd voor waarschuwingsplaatjes op onze iPhones?

    De romantiek van het roken is lang vervlogen. Nog niet heel lang geleden begaf men zich weinig bezwaarlijk in huiskamers, treincoupés of cafés die zogezegd blauw stonden. Nu trekt men al van afstand de neus op voor de roker en zijn odeur. Van maatschappelijk geaccepteerd fenomeen is de paffende mens tot de melaatse van zijn tijd geworden. 

    Tot op zekere hoogte geldt hetzelfde voor rijden met een slok op. Enkele decennia geleden werd dit hoogstens gezien als onverstandig of een tikkeltje roekeloos, nu is rijden onder invloed een doodzonde. En wat te denken van de veiligheidsgordel? Ook hiervoor geldt dat het vandaag de dag ondenkbaar is om zonder gebruikmaking ervan de weg op te gaan, terwijl de tijden waarin het de gewoonte was om bij het verlaten van de snelweg de autoriem los te koppelen, niet heel ver achter ons liggen. Deels is dit alles het resultaat van voortschrijdend inzicht, deels het gevolg van culturele of maatschappelijke normen die veranderen. 

    Bestaat er een hedendaags gebruik dat in aanmerking komt om binnen afzienbare tijd uit de gratie te raken? Jazeker. Onlangs pleitte Veilig Verkeer Nederland ervoor om de appende weggebruiker net zo hard te bestraffen als de beschonken bestuurder, want de mythe van de multitaskende mens is zo langzamerhand wel ontmaskerd. Het verdelen van haar aandacht gaat de homo digitalis mobiles zeer slecht af; ze raakt er mentaal uitgeput van en veroorzaakt brokken. Een op de vijf fietsongelukken is gerelateerd aan smartphone-gebruik. Sterker nog, recent onderzoek wijst uit dat de loutere aanwezigheid van een smartphone, zelfs wanneer deze discreet op trilstand staat, al voor afleiding zorgt. Toch schiet het initiatief van Veilig Verkeer Nederland tekort, omdat het voorbijgaat aan de rol die de tech-industrie hierbij speelt. 

    "Waar alcohol- en tabaksconsumptie vooral terugslaat op het lichaam, slaat excessief smartphone-gebruik terug op de geest"

    Digitale suikers

    Dat tabaksfabrikanten en multinationals als Coca-Cola en Nestlé er alles aan doen om de gemiddelde consument aan het nicotine- en suikerinfuus te houden, mag inmiddels bekend heten. Minder bekend is dat de Silicon Valley-industrie zogeheten digitale suikers in haar applicaties stopt die de gemiddelde gebruiker tot een slaaf van zijn gadgets maakt. Daartoe roept men de hulp in van digi-goeroes als Nir Eyal, docent aan Stanford University en schrijver van Hooked, zo’n beetje het handboek van de tech-industrie. Hij heeft zich bekwaamd in tactieken om de gebruiker vast te lijmen aan diens ‘devices’. Dat de voormalig productfilosoof bij Google, Tristan Harris, een eigen beweging is begonnen — Time Well Spent — die een ware kruistocht voert tegen de Californische verslavingsindustrie, mag in dit verband omineus heten.

    Wie denkt dat de uitwerking van een smartphone-verslaving een stuk onschuldiger is dan de gevolgen van kettingroken of alcoholisme, zou wel eens bedrogen uit kunnen komen. Waar bovenmatige alcohol- en tabaksconsumptie vooral terugslaat op het lichaam, slaat excessief smartphone-gebruik terug op de geest. De (wetenschappelijke) bewijzen stapelen zich op dat het voortdurend online zijn en stand-by staan bijwerkingen genereert die de geestelijke gezondheid van de smartphone-mens — ook wel bekend als smombie, een samentrekking van smartphone en zombie — ondermijnt. Sterker nog, naar het zich laat aanzien dreigt onze smartphone-cultuur een hele generatie in een mentale crisis te storten.

    Empathiekloof

    De Amerikaanse auteur en psychologe Jean Twenge, die al jaren onderzoek doet naar generatieverschillen, constateert in een onlangs gepubliceerd stuk in The Atlantic een dramatische achteruitgang van de mentale gezondheid bij de generatie die geboren is tussen 1995 en 2012, een generatie waarvoor zij de term ‘iGen’ gemunt heeft.

    Vooral jongeren gaan gebukt onder een zogeheten ‘empathy gap’

    Uit haar artikel, een voorpublicatie van haar boek met de omvangrijke titel iGen: Why Today’s Super-Connected Kids Are Growing Up Less Rebellious, More Tolerant, Less Happy – and Completely Unprepared for Adulthood – and What That Means for the Rest of Us, blijkt dat deze generatie zich een stuk eenzamer voelt, vaker depressief is en veel vaker zelfmoord pleegt dan de tieners van generatie X. Met name na 2007, het jaar waarin de iPhone werd geïntroduceerd, is de kentering scherp.

    En dan is er nog Sherry Turkle, klinisch psychologe en als hoogleraar verbonden aan het Massachusetts Institute of Technology (MIT), die in haar boek Reclaiming Conversation op basis van vijf jaar onderzoek tot de conclusie komt dat we in tijden van WhatsApp, Snapchat en Facebook de kunst van het gesprek aan het verleren zijn. Dat heeft allerlei consequenties voor onze sociabiliteit en voor ons vermogen tot empathie. Doordat we steeds minder In Real Life met elkaar communiceren, verliezen we letterlijk het zicht op de ander.

    Vooral jongeren hebben hierdoor steeds meer moeite om lichaamstaal en gezichtsuitdrukkingen op waarde te schatten; ze gaan gebukt onder een zogeheten ‘empathy gap’. Kort gezegd komt dit er op neer dat hun inlevingsvermogen afneemt. Zo haalt Turkle leraren aan van een school in de staat New York, die constateren dat hun scholieren hoe langer hoe meer sociaal onderontwikkeld gedrag vertonen. Ze maken geen oogcontact meer, zo vertellen de leraren, en lijken zich niet in andere kinderen te kunnen verplaatsen.

    En nu?

    Er is veel voor te zeggen om, in lijn met de aanbevelingen van Veilig Verkeer Nederland, de gemiddelde weggebruiker tegen zichzelf in bescherming te nemen, desnoods door het plaatsen van smartphone-sloten. Maar wat vooral nodig is, is dat we een industrie ter verantwoording roepen die haar producten willen en wetens zo verslavend mogelijk maakt en daarmee het sociale verkeer ontwricht en het geestelijke klimaat vervuilt. 

    Wat ook hoognodig is, is dat de homo smartphonicus beter voorgelicht wordt. Nu we steeds meer zicht krijgen op de schadelijke bijwerkingen van excessief smartphone-gebruik — in veel opzichten te vergelijken met de destructieve effecten van alcoholmisbruik en tabaksconsumptie — zou het een goed begin zijn om de achterzijde van elke smartphone op te sieren met de welluidende waarschuwing: ‘Dit product is verslavend. Bovenmatig gebruik schaadt de mentale gezondheid’. En zodra de gebruiker zijn schermpje ontgrendeld heeft, verschijnt er een vriendelijke herinnering: ‘Geniet, maar swipe met mate.’

    De inzet van dit alles? De smombie tot de melaatse van de toekomst maken. 

    Over de auteur

    Hans Schnitzler

    Filosoof, publicist, auteur van Het digitale proletariaat (2015) en voormalig columnist voor de Volkskrant.

    Lees meer

    Volg deze columnist

    Dit artikel krijg je cadeau van Follow the Money.

    Diepgravende onderzoeksjournalistiek kost tijd en geld. Steun ons en

    word lid