Gemeenten zouden de jeugdzorg goedkoper en beter regelen. Het tegenovergestelde is gebeurd. Wat ging er mis? Lees meer

De gemeenten zouden jeugdzorg dichterbij, efficiënter en uiteindelijk ook goedkoper gaan regelen. Het tegenovergestelde gebeurde: het aantal zorgaanbieders is gestegen van 120 in 2014, naar zo’n 6.000 nu. En inmiddels ontvangt één op de tien Nederlandse kinderen een vorm van jeugdzorg.

 

In de zomer van 2020 was voor veel gemeenten de maat vol. Ze gaven zoveel geld aan jeugdzorg uit, dat zij het financieel niet meer konden bolwerken. Den Haag moet met meer budget over de brug komen, luidde de boodschap.

Maar is geld het enige probleem? Onder de werktitel "Jeugdzorg in het Rood” doet Follow the Money onderzoek naar de geldstromen in de jeugdzorg. In deze gids loodsen we je langs de belangrijkste bevindingen.

75 artikelen

© JanJaap Rijpkema

19 klokkenluiders slaan alarm over misstanden in opvanghuis voor kinderen

Gezinshuizen zijn een snelgroeiend fenomeen in de jeugdzorg. Deskundigen zijn enthousiast over deze kleinschalige woonvorm voor uithuisgeplaatste kinderen. Maar omdat voor de buitenwereld vaak niet zichtbaar is wat zich binnenshuis afspeelt, is gezinshuiszorg ook kwetsbaar. Negentien klokkenluiders trokken bij Follow the Money aan de bel over gezinshuis Villa Maria uit Hoorn, nadat klachten niet leidden tot ingrijpen. Zij laten zien wat de gevolgen kunnen zijn als het toezicht in een gezinshuis tekortschiet.

0:00
Dit stuk in 1 minuut
  • Jeugdhulp in grote instellingen moet zoveel mogelijk veranderen in hulp ‘zo thuis mogelijk’, is sinds 2015 het devies. De laatste jaren daalde het aantal jongeren in gesloten instellingen dan ook. Mede daardoor neemt het aantal uithuisgeplaatste jongeren dat in een gezinshuis woont toe. 
  • Door de kleinschaligheid is voor maar weinig mensen zichtbaar wat zich achter de muren van een gezinshuis afspeelt.
  • Kinderen in een gezinshuis hebben doorgaans een voogd die wettelijk verplicht is voor het belang van het kind op te komen. Daarnaast heeft ieder kind op basis van de jeugdwet recht op toegang tot een onafhankelijke vertrouwenspersoon. Zijn er misstanden? Dan kunnen deze gemeld worden, bijvoorbeeld bij de gemeente of de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ). 
  • Wat er kan gebeuren als deze schakels niet functioneren, laat de zaak rond gezinshuis Villa Maria zien. Follow the Money sprak met negentien betrokkenen over de misstanden die hier al jarenlang plaatsvinden.
  • Dit artikel is het tweede deel in een drieluik over gezinshuiszorg. Eerder verscheen een artikel over het verdienmodel van gezinshuizen.
Lees verder

Twee weken voor kerst belt meervoudig Olympisch kampioen Inge de Bruijn namens Stichting Het Vergeten Kind aan bij gezinshuis Villa Maria in Hoorn. Met een brede glimlach doet gezinshuisouder en directeur Ilène Maria de deur open. ‘Ik heb wat leuks voor de kinderen,’ zegt de oud-topzwemster. Ze mogen samen een dag naar de Winterefteling. De kinderen zijn door het dolle heen, registreert de cameraman van SBS6.

Een dag na kerst is het weer feest. Niemand minder dan Katja Schuurman en zangeres Janne Schra verrassen de gezinshuiskinderen met een funday. De kinderen krijgen verkleedkleding, leren muziek maken en schilderen en de dochter van Katja Schuurman maakt samen met haar vriendinnetje heerlijke smoothies. 

De pr-machine draait afgelopen winter op volle toeren. Ilène Maria haalt als directeur niet alleen BN’ers binnen, ook de lokale raadsleden zijn welkom in het gezinshuis. Fractievoorzitter Kees Maas van de ChristenUnie komt samen met zijn vrouw langs in de nieuwe Hoornse woonzorgvilla. 

Een paar maanden na de promotionele bezoeken verschijnt Ilène Maria zelf op plek vijf van de kieslijst van de lokale ChristenUnie in Hoorn. Ze doet haar verhaal in de regionale krant: ‘God heeft mij drie kinderen geschonken en daarnaast ook nog een boel cadeaukinderen,’ vertelt ze de verslaggever. De ChristenUnie behaalt uiteindelijk één zetel, waardoor er voor de gezinshuisouder geen plek is op het lokale pluche.

Voor de buitenwereld heeft Villa Maria het goed voor elkaar. Maar volgens negentien betrokkenen is dat schone schijn. Follow the Money sprak oud-medewerkers, kinderen, (netwerk)ouders en andere betrokkenen, onafhankelijk van elkaar. Een aantal bronnen wilde anoniem blijven, uit angst voor mogelijke consequenties. De verhalen vertonen opvallende overeenkomsten en worden waar mogelijk ondersteund door mailwisselingen, appverkeer en andere documenten.

Start gezinshuis

Ilène Maria is al pleegmoeder als ze negen jaar geleden besluit gezinshuisouder te worden. In september 2013 start ze als onderaannemer bij jeugdzorgorganisatie Altra waar ze in Amsterdam in een gezinshuis tienermoeders opvangt. 

Vanaf 2015 runt Ilène Maria drie jaar een gezinshuis onder de vleugels van jeugdzorgorganisatie Parlan. In een periode van drie jaar zorgt ze voor in totaal negen kinderen, maximaal drie kinderen tegelijk. De wegen van Parlan en Ilène Maria scheiden zich in 2018 als er een verschil van inzicht is over hoe groot een gezinshuis zou moeten zijn. Parlan wil dat Maria zoveel mogelijk de kleinschaligheid van een gezinssituatie benadert, maar Ilène Maria wil meer kinderen in huis. 

‘Ik had nog maar twee kinderen in huis bij Parlan en kreeg geen garantie op een derde kind. Dat had ik nodig om het financieel te redden,’ zegt Maria. Maar Parlan houdt geen rekening met het verdienmodel van een gezinshuisouder. ‘Een kind moet passen in een huishouden en bij de andere kinderen die er wonen.’ Dit principe werkt twee kanten op. ‘Een gezinshuisouder kan ook kinderen weigeren op te nemen.’

Wat is een gezinshuis?

In een gezinshuis wonen kinderen met problemen die te zwaar zijn voor pleeggezinnen en te licht voor een gesloten instelling. Het idee is dat deze kinderen beter gedijen in een huiselijke woonsituatie. 

Gezinshuizen worden veelal gerund door echtparen. Zij hebben zeven dagen per week, 24 uur per dag de zorg over gemiddeld vier kinderen.

Met de invoering van de jeugdwet in 2015 zet het kabinet zich in om uithuisgeplaatste kinderen zoveel mogelijk onder te brengen in een kleinschalige omgeving. Dichtbij het gezin, in een zo normaal mogelijke situatie, in plaats van in groepen in grootschalige jeugdzorginstellingen. Door dit beleid is het aantal gezinshuizen explosief gegroeid, van (naar schatting) 587 in 2014 naar 1000 in 2020. Zij bieden zorg aan bijna 3700 kinderen.

Steeds meer gezinsouders kiezen er net als Villa Maria voor om hun gezinshuis als zelfstandig ondernemer te runnen. Zij werken volledig zelfstandig of zijn aangesloten bij een franchise-organisatie als Driestroom of Gezinshuis.com. 

Door de grote vraag naar gezinshuisplaatsen breiden de ondernemers hun activiteiten steeds verder uit. Zo ook Villa Maria. In 2018 bedroeg de omzet nog bijna 120.000 euro. In 2021 steeg die naar bijna 770.000 euro. De nettowinst over de afgelopen twee jaar bedroeg zo’n 86.000 euro euro per jaar. Dat blijkt uit de jaarrekeningen die Ilène Maria op verzoek naar Follow the Money heeft gestuurd. 

Inmiddels is, net als bij steeds meer gezinshuizen, bij Villa Maria geen sprake meer van een echte gezinssituatie. Er is dag en nacht personeel aanwezig dat de dagelijkse zorg over de kinderen heeft.

De Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) moet toezicht houden op de kwaliteit van de zorg in gezinshuizen. Gemeenten zijn verantwoordelijk voor het toezicht op de rechtmatige besteding van de zorggelden. 

Vaak bepaalt een voogd waar een kind in zorg gaat. Een gemeente is verplicht om de zorg die jeugdbescherming inzet te betalen.

De voogd is ervoor verantwoordelijk dat een kind de juiste zorg krijgt. Door hoge werkdruk staat de kwaliteit van de voogdij al jaren jaren onder druk. Daarnaast krijgen kinderen door het hoge verloop soms met meerdere voogden in korte tijd te maken. Follow the Money deed vorig jaar uitgebreid onderzoek naar de personeelsproblemen bij de jeugdbescherming.

Lees verder Inklappen

Een eigen gezinshuis en tienermoederhuis

Na de breuk met Parlan gaat Maria zelfstandig verder. Op zoek naar een nieuwe geschikte woning komt Maria uit bij een pand van City Life Church in Den Helder. Op 1 januari 2019 opent het gezinshuis haar deuren. Onder de naam Villa Maria biedt het huis onderdak aan zo’n negen uithuisgeplaatste kinderen in de leeftijd van twee tot en met achttien jaar. 

Ook start Maria een opvanghuis voor tienermoeders, eveneens in Den Helder. Een van de moeders die in dat tienermoederhuis verblijven, is Leanna. Ze is negentien jaar als ze er in de zomer van 2019, een aantal weken voor haar bevalling, komt wonen. 

Ilène Maria zelf komt een paar keer per week langs, vertelt Leanna. Verder wordt het huis gerund door een 21-jarige medewerkster die volgens Leanna ‘nog nooit een baby in haar armen heeft gehad’.

‘Er waren geen traphekjes, geen afdekplaatjes, losse draden en alles rook naar schimmel’

Ze vond het er verschrikkelijk. ‘Ik was net moeder geworden en stond er compleet alleen voor. Mijn dochter ging op een gegeven moment niet slapen en ik kon niet meer opstaan. Ik heb mijn moeder moeten bellen voor hulp, die lieten ze met moeite binnen.’

In diezelfde zomer solliciteert de 53-jarige Marion van Tatenhove op de vacature voor jeugdzorgmedewerker bij Villa Maria. Een droombaan, denkt ze, maar dat blijkt al snel een illusie. 

Als ze aan de slag gaat in het tienermoederhuis schrikt Marion als ze voor de eerste keer binnenkomt. ‘Er waren geen traphekjes, geen afdekplaatjes, losse draden en alles rook naar schimmel. De vloer van de badkamer was spekglad. Ik schaamde me voor de kraamverzorgster. Uiteindelijk heb ik zelf nog twee boxen moeten regelen voor de baby’s.’ Marion klaagt bij Ilène Maria over de situatie, maar die doet daar volgens haar niets mee. ‘Of er werd iets beloofd wat niet werd nagekomen.’

Omdat Leanna zich onveilig voelt in het tienermoederhuis, neemt haar moeder haar, haar vriend en haar baby uiteindelijk een paar dagen in huis. Zij meldt haar zorgen over het verblijf van Leanna in een mail aan de jeugdconsulent van de gemeente Den Helder. 

Omdat het huis van haar moeder te klein is om het gezin langdurig op te vangen, wil Leanna na een paar dagen terug naar het tienermoederhuis. Dan krijgt ze van Villa Maria te horen dat ze er niet terecht kan. Door kortsluiting, volgens Marion.

‘Villa Maria had een vakantiehuisje voor ons gehuurd,’ zegt Leanna, ‘maar daar zijn we niet naartoe gegaan. In plaats daarvan zijn we gevlucht naar Marion. Daar zaten we een aantal weken ondergedoken, letterlijk met de gordijnen dicht.’ Uit angst dat ze terug moeten naar Villa Maria. Leanna schrijft de gemeente een mail waarin ze haar zorgen uit over het tienermoederhuis. ‘Ik voelde mij er ongelukkig en onveilig in alle opzichten,’ schrijft ze aan de jeugdconsulent van de gemeente. 

De jeugdconsulent vraagt twee dagen later om contact. ‘Na het eerste contact heb ik nooit meer wat gehoord van de gemeente,’ vertelt Leanna’s moeder. ‘Ik weet in ieder geval dat het huis vlak erna is gesloten.’ Door lange wachtlijsten op de huurwoningmarkt verhuist Leanna uiteindelijk met haar gezin naar haar vader. ’Ik heb door alle stress niet kunnen genieten van mijn kraamtijd.’ 

Ook Marion dient klachten in over haar werkgever, bij Veilig Thuis en de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ). Tot op de dag van vandaag heeft ook zij daar niets over teruggehoord. 

Ilène Maria zelf ontkent dat het tienermoederhuis gebreken had. ‘Er was vocht in huis, maar dat heeft de eigenaar verholpen. Schimmel heb ik niet gezien.’ Ook dat de tienermoeders het huis van de ene op de andere dag moesten verlaten ontkent ze categorisch.

Met een tandenborstel de badkamer schoonmaken

In het tienermoederhuis logeren in de weekenden ook regelmatig de kinderen van het gezinshuis van Villa Maria. In het gezinshuis zelf wonen negen kinderen. Zij moeten Maria ‘tante Ilène’ noemen en verplicht bidden voor het eten. Dagelijks is er ook verplichte kamertijd, waarbij het verboden is om contact te hebben met andere kinderen. Een stagiaire krijgt in haar eentje de verantwoordelijkheid over negen kinderen zonder dat ze toegang heeft tot hun dossiers. 

‘Je moet terugkeren naar Jezus,’ zei Ilène, ‘het enige geloof’

Eén van de medewerkers die sinds 2013 in het gezinshuis werkt, is ‘ome’ Emiel Woltheus. Wat de precieze relatie is tussen Woltheus en Maria, en hoe zij elkaar hebben leren kennen, is niet duidelijk, maar de twee zijn al jaren onafscheidelijk. ‘Waar Ilène is, is Emiel,’ verklaren meerdere getuigen. In het gezinshuis is hij als gezinshuisouder vooral kok en klusjesman en rijdt hij de gezinshuiskinderen onder andere naar school. Volgens meerdere betrokkenen was hij een periode in de ban van de duivel. ‘Hij vertelde aan tafel waar kinderen bij waren verhalen over de duivel die de macht op aarde zou overnemen en dat we allemaal in de hel zouden belanden,’ herinnert een stagiaire zich. Een van de meisjes die in het huis woonde was moslim en werd naar eigen zeggen door Ilène ‘hulpje van de duivel’ genoemd. ‘Je moet terugkeren naar Jezus,’ zei Ilène, ‘het enige geloof.’ Ook werd haar verteld dat ze te dik was. ‘Terwijl ik juist ondergewicht had.’

Tijdens de wekelijkse ‘schoonmaakdag’ moeten kinderen vanaf tien jaar de badkamer en de wc’s schoonmaken. De kinderen waren er ruim anderhalf uur mee bezig zonder dat Ilène meehielp, vertellen ze. De voegen van de badkamer moeten ze met een tandenborstel schrobben. Volgens Ilène Maria zelf is dit allemaal schromelijk overdreven. ‘Ze moeten het leren voor als ze later zelfstandig gaan wonen. We gingen gewoon gezellig samen met de kinderen een uurtje schoonmaken. Daarna was er als beloning iets lekkers: patat, loempia’s of tosti’s.’

Falende voogden

De zaak rond Villa Maria laat zien dat een onderzoek naar wat zich in een gezinshuis afspeelt al snel in een welles-nietesverhaal kan verzanden. Dit roept de vraag op: wie houdt er toezicht?

Kinderen die in een gezinshuis wonen worden daar vaak geplaatst door hun voogd. Pim van Uchelen, directeur van Partners voor Jeugd, licht de rol van de voogd als volgt toe. ‘De voogd heeft de primaire verantwoordelijkheid voor het kind. Die moet zicht houden op hoe het met een kind gaat en of de veiligheid is geborgd.’

Maar dat toezicht heeft bij Villa Maria gefaald. Hetzelfde meisje dat ‘hulpje van de duivel’ werd genoemd verklaart dat ze weinig aan haar voogd had toen ze die om hulp vroeg. Uit een gespreksverslag in handen van Follow the Money blijkt dat haar vader zich in gesprek met het gezinshuis en de voogden uitspreekt over de zware werkzaamheden die zijn dochter moet verrichten en het feit dat ze het niet over de islam mag hebben. 

De dochter zegt zelf: ‘Ik was bang voor Ilène en voelde me niet veilig bij haar. Als ik daarover met mijn voogd praatte dan vertelde Ilène hem gewoon dat ik mezelf van alles in mijn hoofd haalde. Ik kon het niet bewijzen.’

Sommige kinderen in een paar jaar tijd met wel drie verschillende voogden te maken

De voogd in dit voorbeeld koos ervoor om de gezinshuisouder te geloven en niet het kind dat onder zijn verantwoordelijkheid valt. Waarom dat zo is, blijft gissen. 

Maar zelfs als een voogd wil ingrijpen, betekent dat niet dat hij of zij dat ook altijd kan. De moeder van een ander kind dat ruim een jaar in Villa Maria woonde vertelt: ‘Onze voogd wist wat er aan de hand was, maar kon weinig doen. Je moet bewijs hebben en dat is heel erg lastig.’ 

De jeugdbeschermingsorganisaties waarvoor voogden werken weigeren vanwege privacy om op individuele zaken in te gaan. Wat het toezicht in elk geval niet verbetert, is het hoge personeelsverloop bij jeugdbeschermingsorganisaties. Hierdoor krijgen sommige kinderen in een paar jaar tijd met wel drie verschillende voogden te maken. In Villa Maria komen voogden van De Jeugd- en Gezinsbeschermers (DJGB) en het Leger des Heils over de vloer.

Vertrouwenspersoon als koorddanser

Naast de voogd is de vertrouwenspersoon iemand bij wie een kind dat in een gezinshuis woont terecht zou moeten kunnen met problemen. De jeugdwet bepaalt dat ieder kind recht heeft om te praten met een onafhankelijke vertrouwenspersoon. Stichting Advies- en Klachtenbureau Jeugdzorg (AKJ) is de enige organisatie die via een contract met het ministerie van VWS onafhankelijke vertrouwenspersonen in de jeugdzorg levert. Hun medewerkers komen drie tot vier keer per jaar in bijna elk gezinshuis, zodat kinderen vertrouwelijk hun verhaal kunnen doen. 

Kinderen durven problemen vaak pas bespreekbaar te maken als ze naar een ander gezinshuis zijn gegaan

De twee kinderen die in 2019 en 2020 een jaar bij Villa Maria woonden zeggen nooit van het AKJ te hebben gehoord. Inmiddels komt er bij Villa Maria vier keer per jaar een vertrouwenspersoon van AKJ langs. Maar wat die te horen krijgt, is afhankelijk van wat een kind durft te vertellen. In het AKJ-jaarverslag van 2019 is te lezen dat kinderen vaak problemen pas bespreekbaar durven te maken als ze naar een ander gezinshuis zijn gegaan. De loyaliteit naar gezinshuisouders is sterk. Het AKJ zegt ook wegens privacy geen vragen over individuele gezinshuizen te kunnen beantwoorden.

In het algemeen stelt AKJ niet zelf misstanden aan te pakken. Als het AKJ een misstand signaleert dan stellen zij hier het gezinshuis van op de hoogte en kunnen ze een melding doen bij de IGJ. ‘We maken een melding wanneer een (zelfstandig) gezinshuis een signaal onvoldoende of niet oppakt, zegt Jojet de Graaf, projectleider gezinshuizen. ‘Het AKJ ontvangt geen inhoudelijke terugkoppeling vanuit de inspectie.’ 

Volgens de Graaf balanceren vertrouwenspersonen als een koorddanser om hun werk goed te kunnen doen. ‘Je wilt een goede samenwerking met gezinshuisouders, maar je moet ook kritisch kijken wat er gebeurt. Dat is een enorme spagaat die een vertrouwenspersoon continu voelt. En dit kan voor gezinshuisouders ook lastig zijn.’

Netwerkouders

Liesanne Schoon woont in Nieuwe Niedorp en is moeder van twee kinderen. Als ze ontdekt dat een vriendinnetje van haar dochter uit huis geplaatst is en bij Villa Maria komt te wonen neemt Liesanne contact op met Ilène Maria. ‘Het eerste contact was goed. Ik vroeg of de kinderen een keer bij ons konden spelen en dat vond ze goed.’ 

Samen met Suzan Vermeulen en nog een andere moeder die liever anoniem wil blijven, besluit Liesanne ervoor te zorgen dat de kinderen contact houden met hun vriendjes. Met Ilène komen ze overeen dat de drie om het weekend van vrijdagmiddag tot en met maandagmiddag bij de ouders van hun vriendjes slapen. Ook na school blijven ze elke dag tot vijf uur ’s middags bij de moeders, en ze vieren er vakanties en feestdagen. Zo worden de drie moeders netwerkouder van de drie kinderen. 

‘Ze hebben nooit om een VOG gevraagd. Dat is heel raar. Je wilt toch weten hoe iemand woont?’

‘Het vreemde is dat Ilène Maria of de voogd van de kinderen nooit bij ons thuis zijn geweest,’ zegt Liesanne. ‘Ze hebben nooit om een VOG (Verklaring omtrent het Gedrag) gevraagd. Dat is heel raar. Je wilt toch weten hoe iemand woont?’ Na een aantal maanden maakt Ilène een financiële afspraak met de moeders. Ze krijgen een vergoeding van 10 euro per persoon per dag

Na vier maanden ontstaan de eerste irritaties die zullen uitmonden in een conflict over de gebrekkige communicatie van Ilène Maria. De voogd van de drie kinderen regelt een onlinemeeting waarin Suzan Vermeulen, een van de netwerkmoeders, haar frustraties uit. Vermeulen besluit daarna het contact met Ilène te beperken. 

Het valt de moeders op dat de kinderen regelmatig te grote of te kleine kleding dragen. Ook ontdekken ze dat ze niet op sport zitten, niet naar zwemles gaan, te weinig eten lijken te krijgen en dagelijks verplicht een uur op hun kamer moeten zitten. Verder maken ze zich zorgen over het hoge personeelsverloop bij Villa Maria en de gebrekkige medische verzorging. Zo heeft één van de jongens dringend een beugel nodig. 

Liesanne Schoon besluit namens de moeders een mail te sturen naar de voogd van de drie kinderen, waarin ze haar klachten op een rij zet. Ze krijgt de volgende mail terug:

‘Eigenlijk kan ik hier zelf nu niets mee, want jij bent degene die dit signaleert. Ik heb dit zojuist besproken in mijn team en mijn advies is dat je dit kan melden bij Veilig Thuis. Zodat hier onderzoek naar gedaan kan worden.´

Als Liesanne aandringt, krijgt ze het antwoord dat de voogd ‘uiteraard nog eens kan vragen naar de beugel.’ Liesanne geeft in haar mail duidelijk aan dat ze niet wil dat haar naam richting Villa Maria wordt genoemd ‘vanwege de positie waar wij ons in bevinden als opvangouder’. Uit de mailwisseling blijkt dat de voogd hier geen gehoor aan geeft. Ze vertelt Ilène Maria dat het Liesanne is die zich zorgen maakt, en arrangeert een gesprek.

Geen vergunning

De kinderen zijn op dat moment al verhuisd naar het Gevangenishotel in Hoorn. Een tijdelijke oplossing, want de rietgedekte villa met plaats voor twaalf kinderen die Ilène Maria via haar bedrijf Pison bv kocht, is niet op tijd klaar. 

‘De eigenaren zijn begonnen met verbouwen zonder rekening te houden met de brandveiligheidseisen en zonder de benodigde vergunningen,’ zegt de woordvoerder van de gemeente Hoorn. De bouw wordt stilgelegd, waarna de gemeente de vergunningen alsnog versneld afgeeft. Want: ‘De zorg was namelijk al ingekocht door gemeenten.’

‘Buitenstaanders zijn niet welkom bij Villa Maria,’ verklaren meerdere bronnen

In het Gevangenishotel slapen de twaalf kinderen op een hotelkamer met de deur op slot. ‘Pas ’s ochtends werd die weer opengemaakt,’ verklaren meerdere bronnen. De kinderen krijgen eten van het hotel. ‘Het was een noodoplossing,’ legt Ilène Maria uit, ‘omdat ik al drie extra kinderen had aangenomen. Ik heb dan een leverplicht. De voogden hebben het verblijf in het hotel goedgekeurd.’ Ook kregen volgens haar de oudste kinderen wel een sleutel van de hotelkamer.

Een half jaar lang wonen ze in het hotel. De netwerkouders rijden regelmatig met de kinderen heen en weer naar het hotel. Ze mogen echter geen stap over de drempel zetten. ‘Buitenstaanders zijn niet welkom bij Villa Maria,’ verklaren meerdere bronnen. 

Bijna een jaar nadat de kinderen voor het eerst kwamen logeren, krijgen de netwerkouders uit het niets een mailtje van de voogd:

‘De Jeugd- en Gezinsbeschermers heeft besloten dat de kinderen om het weekend bij hun vader gaan logeren. [...] DJGB heeft daarom besloten de logeerpartijen bij jullie als netwerkfamilies te beëindigen. Wat hebben jullie een ontzettende belangrijke rol vervuld in het leven van deze kinderen en nog steeds! Jullie waren en zijn ontzettend van waarde voor de kinderen! Door jullie warmte en gastvrijheid is het afgelopen zeer moeilijke jaar voor deze kinderen, draagbaar voor hen geworden. Ontzettend dank hiervoor! Dit is van onschatbare waarde geweest!’

Om de netwerkouders te bedanken ‘voor al die mooie momenten en weekenden’ zal Villa Maria hen uitnodigen in hun huis, schrijft de voogd. 

Bijna een jaar later is dat er nog altijd niet van gekomen. Wel ontvingen de netwerkouders een brief van de jurist van Villa Maria over de betalingen. Het gezinshuis berekent een vergoeding voor 119 dagen. De 59 dagen waarop de moeders de kinderen ‘vrijwillig’ hebben opgevangen wil Ilène Maria niet vergoeden. Uiteindelijk krijgen ze een bedrag van 1195 euro betaald dat ze met z’n drieën moeten delen. Villa Maria ontving voor die dagen ruim 30.000 euro van de gemeente.

Villa Maria breidt uit

De nieuwe villa in Hoorn is vorig jaar zomer in gebruik genomen. Beneden wonen de zes jongste kinderen, boven de zes oudste. Per verdieping is er een begeleider, die halverwege de week wordt afgewisseld. Ilène Maria en Emiel slapen ook in de boerderij. Een half jaar na hun verhuizing krijgen de kinderen nog altijd eten vanuit het hotel waar ze woonden. ‘De keuken is helaas nog niet klaar,’ zegt Ilène Maria. 

Als nieuwe medewerker verplichtte Ilène Maria haar naar een systeemtherapeut te gaan

Ondertussen is de volgende uitbreiding alweer een feit. In Zwaag heeft Maria januari dit jaar een nieuw gezinshuis voor vier kinderen geopend. Eén van de eerste medewerksters hield het ondanks haar jaarcontract na vier maanden al voor gezien, vertelt ze Follow the Money. Ook zij verklaart over onvoldoende eten, geen inzage in dossiers en verplichte kamertijd. 

Ze vertelt ook over een nieuwe ontwikkeling. Als nieuwe medewerker verplichtte Ilène Maria haar naar een systeemtherapeut te gaan. Ilène Maria zelf was bij de sessie aanwezig en kreeg het verslag hiervan. Dit beleid geldt voor alle nieuwe medewerkers.

Alle bronnen die Follow the Money heeft gesproken, verbazen zich erover dat Ilène Maria nog steeds actief is en haar werk zelfs kan uitbreiden, ondanks de klachten die de afgelopen jaren zijn ingediend bij De Jeugd- en Gezinsbeschermers, de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd, het AKJ en de gemeente Den Helder. 

Alleen al bij de inspectie kwamen er in 2019 en 2021 in totaal vijf klachten binnen over Villa Maria, vooral over het pand, de brandveiligheid en hygiëne. Deze klachten hebben tot op heden nog niet tot ingrijpen geleid. Maar er is een recente ontwikkeling. Op 30 juni hoorde Follow the Money dat Villa Maria op 20 juni een bezoek heeft gekregen van de inspectie.

Dit artikel is deel van een drieluik over gezinshuiszorg. Deel 1 ging over het verdienmodel van gezinshuizen. Het derde deel van de serie zal gaan over hoe het toezicht op gezinshuizen is georganiseerd.

Wederhoor Gemeenten Den Helder en Hoorn, De Jeugd- en Gezinsbeschermers en Ilène Maria

Gemeenten Den Helder en Hoorn

Uit de jaarrekeningen blijkt dat de zorg die Villa Maria heeft geleverd de afgelopen jaren door negen verschillende gemeenten is gefinancierd. De gemeente Hoorn zegt dat er drie signalen binnen zijn gekomen over Villa Maria, maar dat deze niet tot officiële klachten hebben geleid. De gemeente Den Helder zei aanvankelijk geen klachten te hebben gekregen. Nadat Follow the Money de klachten van Leanna en haar moeder doorstuurde, kan de gemeente na meer dan een maand nog steeds geen antwoord geven op de vraag welke actie er is ondernomen naar aanleiding van deze klachten. 

De Jeugd- en Gezinsbeschermers

De Jeugd- en Gezinsbeschermers wil om privacyredenen niet op de aangekaarte problemen in Villa Maria ingaan. In het algemeen stellen ze wel dat kamertijd, opgelegd aan alle kinderen tegelijk, verboden is. Dat moet namelijk per kind in een zorgplan bepaald worden en een duidelijk doel dienen. Ook noemt de jeugdbeschermingsorganisatie het in algemene zin ‘niet normaal’ dat alle (jonge) kinderen samen badkamers en wc’s moeten poetsen. ‘Een kamer opruimen is wat anders.’ 

Hoe het kan dat de voogd van DJGB de netwerkouders met hun klachten heeft doorverwezen naar Veilig Thuis, kan de directie niet verklaren. ‘Dat is niet de bedoeling. Natuurlijk gaan er soms wel eens dingen fout. Dat mag niet. Maar met 13.000 cliënten zal ik nooit zeggen dat het 13.000 keer goed gaat,’ aldus directeur Van Uchelen.

Ilène Maria 

Follow the Money heeft uitgebreid gesproken met Ilène Maria en Emiel Woltheus en na dit gesprek meerdere vragenlijsten gestuurd. Deze werden op tijd, maar niet volledig beantwoord. Op vragen over onjuistheden en onduidelijkheden bij de beantwoording kwam niet altijd een duidelijke reactie. Na verder doorvragen verweet Pison bv Follow the Money ‘heel eenzijdig een aantal mensen met een persoonlijke wrok aan het woord te laten.’ 

Ilène Maria zegt geen ‘jeugdzorgpiraat’ te zijn. Ze zegt dat er geen regel bestaat dat mensen niet binnen mogen komen in het gezinshuis. ‘Alleen agressieve vaders komen niet binnen. Dat is niet verantwoord voor de veiligheid van onze kinderen. Je moet niet onderschatten hoe vaak wij bedreigd zijn.’

Maria erkent dat de kinderen inderdaad dagelijks kamertijd hebben, maar inmiddels noemt ze dit anders: ‘me time’. ‘Dan hebben ze tijd voor zichzelf om binnen dat uur te douchen en huiswerk te maken.’ 

Het hoge verloop van het personeel verklaart het bedrijf onder andere doordat de medewerkers het werk verkeerd inschatten en onderschatten waardoor ze vroegtijdig uitstromen naar ander werk binnen de jeugdzorg.

Op de samenwerking met de netwerkouders wil Ilène Maria niet ingaan. Daarvoor wijst ze naar de voogden die hier afspraken over hebben gemaakt. ‘Als er iets is dan praten we er met de voogden over. Dan geven we elkaar uitleg, vertellen we onze zienswijzen en praten het uit.’ 

Pison bv stelt altijd in het belang van het welzijn van de cliënten te hebben gehandeld. ‘Ik kan u vertellen hoe geweldig het is om van hun groei en positieve ontwikkeling te genieten. Mogelijk dat u daar in uw verhalen over onze organisatie iets over kunt vermelden. Dat is ons doel, onze missie, de kern van ons gezinshuis. Klaar staan voor degene die ons nodig hebben en een bijdrage te leveren aan hun heden en hun toekomst,’ zegt Ilène Maria.

Lees verder Inklappen