Goldman Sachs gaat ‘back to the future’

    De kwartaalcijfers van Goldman Sachs waren een positieve verrassing. De beruchte zakenbank blijkt met succes een oud verdienmodel nieuw leven te hebben ingeblazen: geld vragen voor traditionele bankiersdiensten. Wordt bankieren weer saai en degelijk?

    Goldman Sachs, de bank die haar klanten voor de crisis nog Muppets noemde, weet u nog? De bank waarvan het bestuur zichzelf de Masters of the Universe vond. De bank die symbool staat voor de enorme arrogantie van zakenbankiers.

    Die bank, die had een paar decennia voor de crisis een heel ander gezicht. Degelijk, prudent, harde jongens maar integer. Hoe kwam dat? Dat lag aan de bestuursstructuur. De bank was toen nog niet beursgenoteerd. Er was nog geen korte termijn aandeelhoudersbelang dat de strategie bepaalde en daarmee de tijdshorizon van het verdienmodel verkortte tot een kwartaal. Goldman Sachs was toen nog een partnerschap, in handen van een kleine groep partners die de aandelen in handen hadden. Aandelen die niet openbaar verkocht konden worden, en waar ze dus mee opgescheept zaten in slechte tijden. Dan kijk je wel uit om te grote risico's te lopen. En met een langzame maar gestaag toenemende omzet en winst groeide de waarde van het kapitaal mee, en daarmee de winstuitkeringen aan de partners. Naast een leuk salaris. De geschiedenis is mooi verteld in het boek The Partnership.

    Winstverdubbelaar

    Het veranderde in het jaar van de afschaffing van de Glass-Steagall wet in 1999, toen er voor het eerst sinds de reactie van de Amerikaanse overheid op de vorige crisis, in 1933, weer een combinatie was toegestaan van zakenbankieren en consumentenbankieren. Een combinatie die Glass-Steagall dus 66 jaar had verboden. Met de afschaffing van die wet werd het mogelijk om niet alleen hypotheken aan consumenten te verkopen of om te handelen in derivaten op basis van hypotheken — de mortgage backed securities, of MBS — maar nu mocht één en dezelfde bank beide activiteiten ontplooien. En aangezien het één het ander mogelijk maakt, was dit een winstverdubbelaar voor banken. Goldman Sachs besloot tot openbare aandelenuitgifte om snel kapitaal te kunnen ophalen voor dit lucratieve spel. Het partnerschap werd verruild voor de beurs. En het lange termijn verdienmodel werd zo langzaam maar zeker verkort. Het ging vooral bestaan uit twee snel verdienende modellen.

    "Het lange termijn verdienmodel werd langzaam maar zeker verkort. Het ging vooral bestaan uit twee snel verdienende modellen"

    Het eerste verdienmodel liep via spreads, het verschil tussen verdiende rente en te betalen rente op spaargeld en korte leningen. Het tweede verdienmodel was de handel voor eigen rekening, de handel in allerlei waardepapieren, waaronder vooral MBS en andere derivaten.

    Het oude verdienmodel

    Maar wat nu? Sinds de crisis behalen banken bij lange na niet meer de winsten van weleer. Het geld gaat naar kapitaalbuffers en compliance. De woekerwinsten uit asset trade zijn grotendeels verleden tijd, terwijl de spreads een lachertje zijn met rentes rond de nul procent. Toch rapporteerde Goldman Sachs zojuist een forse stijging van de kwartaalwinst, van 1,33 miljard dollar naar 2,09 miljard dollar. Ongekend voor een bank anno 2016. Hoe kan dat? Het lijkt erop dat ze nieuw leven hebben geblazen in het oude verdienmodel: fees oftewel tarieven. Gewoon geld verdienen door betaling te vragen voor advies en producten.

    Gewoon geld verdienen door betaling te vragen voor advies en producten

    Is dit wat we moeten willen voor onze banken? Misschien wel. Weet u waarom? Omdat het een transparant verdienmodel is, in tegenstelling tot de handel in allerlei vage securities, waardepapieren, handel waarbij ook nog eens ons spaargeld ingezet wordt. Zolang de consument nog niet toe is aan betalen voor het veilig bewaren van spaargeld door banken in ruil voor het depositogarantiestelsel, kunnen banken een leuke winst uit spreads voorlopig wel vergeten. Kortom, misschien laat Goldman Sachs zien hoe een bank zich weer transparant gedraagt door gewoon geld te verdienen met hard werken door bankiers ten behoeve van de reële economie — de economie van échte goederen en diensten die banen opleveren en waar consumenten direct iets aan hebben. Met concurrerende fees. Niet terug naar het partnerschap. Wel terug bij een beproefd verdienmodel dat robuuster is dan speculatie en geen rem zet op kredietverlening door de smalle marges.

    Een nieuwe weg?

    Zouden de Masters of the Universe hiermee eindelijk hun arrogante houding achter zich laten? Misschien niet, ze halen hun fees tenslotte uit een exclusieve markt voor overnames en aandelenemissies. Maar ook voor mindere goden, zoals Nederlandse banken, valt er te verdienen aan fees. Ze zijn inmiddels verplicht geld te vragen voor hypotheekadvies, maar helaas heeft de toezichthouder daar weinig flexibiliteit in toegelaten. Er is nog heel wat te ontwikkelen, waarbij we misschien een keer uitkomen op fees voor het veilig bewaren van spaargeld.

    Laat banken maar eens lekker gaan innoveren in goed advies en degelijke producten

    Maar dan moeten de banken wel een duidelijke keuze maken voor dat verdienmodel, en niet vast blijven houden aan die paar tientallen basispunten die momenteel met spreads te verdienen zijn, of via allerlei slimme constructies toch weer bezwijken voor de verleidingen van het snelle geld van de asset trade.

    Nee, laat banken maar eens lekker gaan innoveren in goed advies en degelijke producten, en met elkaar gaan concurreren op kwaliteit. Goldman Sachs lijkt die weg te kiezen, en met succes. Wie volgt?

    Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

    Over de auteur

    Irene van Staveren

    Hoogleraar pluralist development economics aan het Institute of Social Studies van de Erasmus Universiteit Rotterdam.

    Volg Irene van Staveren
    Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
    Annuleren