Het getouwtrek over schuldverlichting of schuldkwijtschelding voor Griekenland gaat maar door. Intussen zullen de Grieken wel de volgende tranche van de derde ‘bail-out’ ontvangen. Eurogroep-voorzitter Dijsselbloem is optimistisch over een oplossing voor de Grieken. Maar is dat optimisme wel terecht?

    ‘Een majeure doorbraak,’ noemde Eurogroep-voorzitter Jeroen Dijsselbloem vorig jaar zomer de derde bail-out voor Griekenland. Deze euro-deal van 86 miljard kwam er pas na veel gedoe, maar vorige week kreeg Griekenland de tweede tranche toegezegd van ruim 10 miljard euro. Dijsselbloem leek optimistisch gestemd. Hij sprak de hoopvolle woorden: ‘Het programma is weer terug op schema. We boeken vooruitgang.’ Of die hoop van Dijsselbloem terecht is of voorbarig, is de vraag. Voor de aandachtige toeschouwer laten de details een ander beeld zien. Je kunt eigenlijk niet anders concluderen dan dat er rond de deal veel vragen rijzen en dat er veel onduidelijkheden blijven bestaan.

    Waar ging het precies over?

    Vorig jaar zomer werd na 17 uur onderhandelen een akkoord gesloten tussen enerzijds de trojka, bestaande uit de Europese Commissie (EC), de Europese Centrale Bank (ECB) en het Internationaal Monetair Fonds (IMF) en anderzijds Griekenland. Er werd toen besloten om Griekenland voor de derde keer financieel te hulp te schieten, zoals dat eerder in 2010 al was gebeurd met bilaterale leningen ter waarde van ruim 56 miljard en 109 miljard euro uit het noodfonds EFSF (Europese Financiële Stabiliteits Faciliteit), in 2011 gevolgd door nog eens 130 miljard uit datzelfde fonds. Voor de goede orde: aan deze financiering doet een land als het Verenigd Koninkrijk niet mee. Polen, Zweden en Denemarken dragen evenmin iets bij.

    Met of zonder IMF?

    Eén van de eisen — van onder meer Duitsland en Nederland — voor deze lening was dat het IMF betrokken zou worden bij de reddingsoperatie. Zonder deelname van het IMF zou, zo stelden deze landen, er geen geld beschikbaar komen uit de noodfondsen. Tevens verstrekte de Europese Unie een faciliteit van 200 miljard aan het IMF, zoals blijkt uit deze verklaring van de staatshoofden en regeringsleiders van de eurozone op 9 december 2011 (zie punt 14, vierde item). Van deze 200 miljard is 150 miljard verstrekt door de belastingbetalers in de eurozone en 50 miljard door de overige EU-landen.

    Het IMF kreeg Europees belastinggeld om mee te doen aan de redding van Griekenland

    Het IMF kreeg dus Europees belastinggeld om mee te doen aan de redding van Griekenland. Lees: het redden van de crediteuren van Griekenland, namelijk de banken, beleggers, de ECB en het IMF zelf. Dit blijkt bijvoorbeeld uit deze recente studie van de European School of Management and Technology.

    Het triumviraat van de EC, ECB en IMF stelde wel eisen aan Griekenland. Zo moesten talrijke hervormingen worden doorgevoerd en moest er streng worden bezuinigd. Vijf jaar later bleek dat onvoldoende. Sterker nog, de meeste nieuwe wetgeving die is doorgevoerd, is nog niet geïmplementeerd. In 2015 kreeg de trojka er een partij bij: het ESM (Europees Stabiliteits Mechanisme), een permanent ‘noodfonds’ dat sinds 8 oktober 2012 de plaats van het EFSF heeft overgenomen. Dit ESM, ook gevuld met eurozone-belastinggeld, heeft een onbeperkte capaciteit.

    Er kwam echter een barstje in dat triumviraat. Sinds 2013 vraagt het IMF zich openlijk af of het er wel goed aan doet om door te gaan met het verstrekken van leningen aan Griekenland. Het fonds stak de hand in eigen boezem en verklaarde het Griekse drama te hebben onderschat. Ook uitte het Fonds veel kritiek op de EC, onder meer met het verwijt dat de Commissie politiek bedrijft om de euro en de banken te redden. Recent kwam het IMF met zijn landenrapport over Griekenland. Daaruit blijkt onomstotelijk dat het fonds een redding van Griekenland alleen haalbaar achtte als het land een forse en onmiddellijke schuldkwijtschelding zou krijgen. Maar daar wil de eurogroep onder aanvoering van Duitsland, de echte voorzitter, niets van weten.

    Perfecte patstelling

    Tegelijkertijd willen enkele eurozone-landen, met name Duitsland, Nederland en Finland, dat het IMF aan boord blijft. Dat hebben deze landen immers als voorwaarde gesteld voor het lenen van geld aan de Grieken en op basis van die voorwaarde zijn hun respectievelijke parlementen akkoord gegaan. Als de regeringsleiders nu zouden besluiten dat het IMF niet meer mee hoeft te doen, zou alles dus eigenlijk weer langs de parlementen moeten, vanaf de eerste bail-out. Dat willen de regeringsleiders natuurlijk niet, met de kennis van nu.

    Het IMF zegt ‘schuldkwijtschelding’ en de eurozone zegt ‘no way

    En zo is er een perfecte patstelling ontstaan. Want het IMF zegt ‘schuldkwijtschelding’ en de eurozone zegt ‘no way’. In plaats daarvan wil de eurozone wel praten over ‘een vorm van schuldverlichting’ voor de Grieken. Lees: looptijdverlenging van de leningen, renteverlaging van de leningen en minder provisie op de leningen. Overigens gebeurt ook dat al voor de zoveelste keer.

    Om de impasse te doorbreken kwam het IMF recent met een voorstel voor schuldverlichting. Hierin bepleit het Fonds om zowel rentebetalingen als aflossingen op te schorten tot 2040. In dat jaar zal dan de uitgestelde rente voldaan moeten worden, die voor de gelegenheid is verlaagd naar 1,5 procent per jaar. Vervolgens krijgen de Grieken 40 jaar de tijd om de hoofdsom van de leningen af te lossen, dus tot 2080. Let op: ook dit komt neer op een stijging van 43 procent van de Griekse verplichtingen tot 2040 en vanaf dat moment een stijging van 181 procent tot 2080 — ondanks de minimale rente.

    Deze ‘doorschuifoperatie’ moet ervoor zorgen dat de Grieken niet meer dan 15 procent van hun bbp kwijt zijn aan financiële lasten, een hard criterium van het IMF. Hiernaast wil het IMF dat het primaire begrotingsoverschot van Griekenland niet langdurig op 3,5 procent wordt gesteld (wat de EC wil), maar op 1,5 procent. Dat ‘primaire overschot’ is het saldo van de Griekse staatsinkomsten en uitgaven voor rente en aflossing, uitgedrukt als percentage van het bbp (bruto binnenlands product). Men hoeft geen econoom of raketgeleerde te zijn om uit te rekenen dat die 15 procent nooit bereikt gaat worden.

    Vaagheid troef

    Ook dit IMF-voorstel heeft het niet gehaald tijdens de jongste Eurogroep-vergadering, waar het IMF overigens zelf bij was. De uitkomst van dat overleg, dat elf uur duurde, was namelijk dat er pas vanaf medio 2018 sprake kan zijn van ‘enige vorm van schuldverlichting’ (over schuldkwijtschelding wordt niet meer gerept) en over het primaire overschot van 3,5 procent werd gesteld dat dit inderdaad niet decennialang volgehouden kan worden. Overigens: het is zelden voorgekomen dat een land in een IMF-programma überhaupt die 3,5 procent heeft gehaald.

    IMF: de voorstellen van de eurogroep voor Griekenland zijn ‘volstrekt onrealistisch’

    Vaagheid troef dus. Evenmin is de vereiste deelname van het IMF aan de continuering van de betrokkenheid bij de Griekse redding zeker. Ondanks de optimistische woorden van Dijsselbloem gaat het pokerspel tussen Washington en Berlijn gewoon door. In de woorden van het IMF zijn de voorstellen van de eurogroep voor Griekenland ‘volstrekt onrealistisch’. Mogelijke schuldverlichting vanaf medio 2018 — een eis van de Duitse minister van Financiën Schäuble, die dat verkocht als ‘toezegging’ — is volstrekt tegen de wens van het IMF. Het lijkt er veel op dat het dossier-Griekenland over het Brexit-referendum (23 juni aanstaande) moet worden getild, over de Amerikaanse presidentverkiezingen (8 november aanstaande) en zéker over de Duitse verkiezingen in het najaar van 2017. Moeilijke keuzes schuift het Europese politieke bestuur van oudsher het liefst voor zich uit.

    Zes jaar doormodderen onder dit bestuur heeft in deze eurocrisis geen soelaas geboden. Integendeel, de rekening loopt alleen maar verder op. De institutionele structuren van Brussel, Frankfurt en Berlijn zijn volstrekt onbekwaam gebleken in het vinden van een structurele oplossing voor de economische en monetaire problemen waarmee de muntunie kampt. Dat belooft niet veel goeds voor Griekenland. En evenmin voor de eurozone.

    Meer weten?

    Lees over Griekenland en de EU in het Griekenland in Europa dossier van Follow The Money

    Lees verder Inklappen

    Deel dit artikel, je vrienden lezen het dan gratis

    Over de auteur

    Jean Wanningen

    Gevolgd door 231 leden

    Jean Wanningen (Weert, 1957) is een veelkleurige persoonlijkheid. Ging na ‘verkeerde’ studies bij een gerenommeerde investmen...

    Volg Jean Wanningen
    Verbeteringen of aanvullingen?   Stuur een tip
    Annuleren
    Dit artikel zit in het dossier

    Griekenland in Europa

    Gevolgd door 283 leden

    Wat moeten wij - Europa, Nederland - toch met Griekenland? Die vraag komt terug met de regelmaat der seizoenen. Dezelfde vrag...

    Volg dossier